Luchtfietsen
dec14

Luchtfietsen

Onlangs was ik aanwezig op het 10 jarig jubileum van het Apotex symposium. Volgens mij één van de leukere symposia. Dit jaar geen presentaties maar een debat aan de hand van een aantal stellingen. Zoals; kan Nederland zonder VWS, zonder zorgverzekeraar of zonder apotheken? Iedereen was in het bezit van een rood (=nee) en groen (=ja) stemkaartje. Ik zou zelf snel klaar geweest zijn met deze stellingen maar presentator Rob Oudkerk wist het geroutineerd te rekken tot de borrel om zes uur. De vraag; kan Nederland zonder apotheken, is misschien interessant genoeg om nog eens terug te halen. Een woud van rode kaartjes in de zaal was het gevolg, het is tenslotte een symposium waarbij de meeste deelnemers stevig hebben geïnvesteerd in een apotheek op een mooie locatie. Oudkerk ging op zoek naar de enkeling die de moed had om een groen kaartje op te steken. Deelnemers die vonden dat het wel zonder apotheken verder kon waren, weinig verassend, vooral te vinden in de hoek van de postorderfarmacie, zoals de nationale en de thuisapotheek. Vooral vanuit die eerste club wordt al jaren lang de ondergang van het traditionele business model voorspelt. Toch vlot het in mijn ogen niet erg met deze revolutie. Internet heeft in veel sectoren het  postorderen stevig op de kaart gezet maar in de farmacie is het marktaandeel nog steeds zeer bescheiden. Ik heb zelfs het idee dat er postorderaars zijn die voornamelijk bestaan bij de gratie van bepaalde zorgverzekeraars die ze (voorlopig) in de lucht houden met exclusieve overeenkomsten. De klanten komen kennelijk niet uit zichzelf massaal aanhollen. Een andere vraag is of de postorderaars wel voldoende marge kunnen maken. Ik heb er zelf wel eens wat rekenwerk aan mogen doen en volgens mij valt het bitter tegen, zeker zolang er geen bezorgkosten betaald worden door de klant. Er is een logistieke wet die zegt; ‘halen is goedkoper dan brengen’. Die rekensom gaat ook hier op. Daarnaast waren er nog een paar deelnemers die om andere redenen wel afscheid van de apotheek wilden nemen. Apothekers die de zorg en de distributie willen ontkoppelen. “Scheiding van zorg en handel!”, riep aanwezig kamerlid E van der Veen die een kans zag om zijn ideologische stokpaard nogmaals te berijden. Waarom in de huidige markt distributie wel handel is en zorg niet, moet E nog maar eens uitleggen. Maar dit terzijde. Deze apothekers wilden wel plaats nemen in een spreekkamer naast die van de huisarts. Mits de farmaceutische zorg dan ook net zo goed betaald zou worden als de zorg van de huisarts en de specialist natuurlijk. Wie dan de gehele distributie, inclusief die leuke ontslagrecepten van het ziekenhuis...

Lees Verder
Kring-apotheek: “We moeten dichter naar de consument”
dec13

Kring-apotheek: “We moeten dichter naar de consument”

Kring-apotheek is marktleider in Nederland. En dat moet beslist zo blijven, stelt directeur Bram Verhoeve. Maar dat gaat niet vanzelf, dat beseft hij zich terdege. Nog beter inspelen op de wensen van de consument, meer efficiency, inzetten op preventie en werken aan alternatieve verdienmodellen zijn daarvoor de be­langrijkste voorwaarden. Een betrekkelijke nieuwkomer in farmaland, zo durft directeur Kring-apotheek Bram Verhoeve zichzelf wel te typeren. Sinds begin 2011 staat hij aan het roer van de Kring-Apotheekketen, maar in de jaren daarvoor werkte hij voornamelijk in de retail, onder andere als general manager van The Body Shop Benelux en Frankrijk, een van de twintig merken van multinational L’Oréal. Pas toen hij werd gevraagd voor de directeursfunctie, begon hij zich serieus te verdiepen in de voor hem nog onbekende wereld van de farmacie. Een wereld die op een aantal punten volstrekt anders is dan de wereld van de luxe merkproducten, constateert hij. “Politiek en regelgeving spelen in de farmacie een veel grotere rol. Op sommige zaken kun je invloed uitoefenen, maar andere zaken worden je opgelegd door de politieke besluitvorming. Het speelveld is daarmee kleiner dan in de marktbranches waar ik vandaan kom, maar dat voegt anderzijds ook een extra dimensie toe aan mijn huidige werk. Ik vind het namelijk interessant om te kijken wat je binnen zo’n afgebakend speelveld nog wel kunt bereiken. Met andere woorden: waar ligt de speelruimte?” Er is nog een opvallend verschil tussen farmacie en retail, stelt Verhoeve. Zo zou de farmacie zich net zoals de laatste nog meer mogen richten op de consument. “Het kan immers juist prettig zijn als iemand je als klant persoonlijk benadert en precies weet wie je bent en wat je nodig hebt.” Verhoeve stipt daarmee meteen een punt aan dat volgens hem van het grootste belang is voor de positionering en toekomst van Kring-apotheek: de klant en zijn behoeften zo goed mogelijk leren kennen. “Dat vormt ook één van de speerpunten van ons beleid. We hebben gezegd: we moeten dichter naar de consument en zoveel mogelijk inspelen op wat hij of zij nodig heeft. Alleen als we daarin slagen, blijven we die koploper en marktleider in de farmacie. En dat is precies wat we willen.” Adviesraad Meer aandacht voor preventie vormt één van de manieren om beter aan te sluiten bij de wensen van de consument, vervolgt Verhoeve. “Afgelopen voorjaar zijn we dan ook een publiekscampagne begonnen waarin we dat communiceren. We hebben de pay-off van Kring-apotheek ook veranderd van ‘Zorg is meer dan medicijnen’ naar ‘Zorg voor je gezondheid’. Daarmee willen we benadrukken dat we het accent meer gaan leggen op preventie en dat de consument dus ook voor advies...

Lees Verder
AIS’en gereed voor nieuwe situatie in 2012?
dec08

AIS’en gereed voor nieuwe situatie in 2012?

Geneesmiddelen verstrekken zonder daarbij farmaceutische zorg te verlenen, is nauwelijks mogelijk. Dat weet elke apotheker. Tot nu toe wordt die zorg echter niet betaald; de ‘beloning’ voor de apotheker zit min of meer bij de prijs van medicatie en hulpmiddelen inbegrepen. Per 1 januari 2012 komt daar eindelijk verandering in: dan worden geneesmiddel en zorgprestatie losgekoppeld. De vraag is: hoe moet dat straks geregistreerd en gedeclareerd worden? En zijn de Apotheker Informatie Systemen (AIS) daar al op aangepast?   Jaap Dik, apotheker én informaticus, juicht deze ontwikkeling toe: “Je zou kunnen zeggen dat de apotheker eindelijk erkenning krijgt. Dat de overheid zich realiseert dat farmacie veel meer is dan alleen ‘doosjes schuiven’.” Jaap is eveneens nauw betrokken bij Microbais, één van de leveranciers van een AIS. Zo heeft hij alle ontwikkelingen van dichtbij gevolgd. Paul Haarbosch, eveneens apotheker én lid van het hoofdbestuur van KNMP met ICT in zijn portefeuille, vindt het belangrijk dat de nieuwe manier van registreren geen verhoogde administratieve last met zich meebrengt: “De AIS’en moeten erin voorzien dat de apotheker niet minutenlang bezig is met het registeren van de verleende zorg, of dat hij aan het einde van de dag al zijn zorghandelingen moet inventariseren.” Zorgprestaties De farmaceutische zorg die apothekers leveren bij de verstrekking van medicijnen, zijn door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beschreven in tien zorgprestaties. Vijf van die prestaties zijn declarabel, maken onderdeel uit van het basiszorgverzekeringspakket, en kunnen dus gecontracteerd worden met de verzekeraar. Dit zijn de terhandstelling, hulpmiddeleninstructie, medicatiereview, opnamebegeleiding en ontslagbegeleiding. Het is overigens niet gezegd dat een verzekeraar deze zorgprestaties per se met de apotheker contracteert. Paul: “Als een verzekeraar de hulpmiddeleninstructie al gecontracteerd heeft bij het ziekenhuis, zal hij die niet ook nog eens bij de apotheker willen inkopen. Dus moet de apotheker ervoor zorgen dat zijn aanbod aantrekkelijk genoeg is ten opzichte van andere zorgaanbieders.” De overige vijf zorgprestaties zijn niet-declarabel. Dan gaat het bijvoorbeeld om bijzondere begeleiding wanneer iemand die medicijnen slikt een verre reis gaat maken of meedoet aan de ramadan en bijkomende handelingen bij de vrije verkoop van OTC-middelen. Paul: “De prijs die apothekers daarvoor vragen van hun cliënten, kunnen zij zelf bepalen.” Dan is er nog een elfde, zogenaamde ‘vrije’ zorgprestatie. Jaap: “Die kan naar eigen inzicht door de zorgaanbieder ingevuld worden. Dan moet de NZa die goedkeuren, waarna de nieuwe zorgprestatie gecontracteerd kan worden met de verzekeraar.” Er kunnen dus oneindig veel ‘elfde zorgprestaties’ bestaan. Huisartsentabel als basis Deze nieuwe werkwijze heeft gevolgen voor de AIS’en. Jaap: “Tot 1 januari wordt iedere handeling die de apotheker doet, vertaald in een opslag op het doosje pillen. In de nieuwe situatie staat de zorg...

Lees Verder

Rob Oudkerk: Soap of puur zorg-realisme?

De hype van dit najaar is natuurlijk de Raad van Com­mis­sa­ris­sen-Cruijff-affaire bij Ajax. Ik doe de gebeurtenissen nauwelijks geweld aan als ik drie uitspraken uit de duizenden licht, waar kemphanen en gezworen vijanden onder het mom van ‘het is in het belang van de club’ elkaar en ons mee doodgooiden. Cruyff, de specialist op voetbalterrein zei meermalen: “Ze (de RvC-bobo’s en andere pakkendragers) zijn nog nooit op De Toekomst geweest. De Toekomst, waar de jeugd van Ajax opgeleid en gescout wordt. Ten Have, de voorzitter van de RvC en hoogleraar veranderingsmanagement zei meermalen: “Cruyff en van Gaal zijn niet elkaars vijanden. Deze twee iconen hebben vrijwel dezelfde visie en moeten samen de club gaan dragen”. Tenslotte zeiden vele bestuurders en managers en evenzovele voetballers in min of meer gelijksoortige woorden: “Er is een groot spanningsveld tussen wat (ex-)voetballers willen met de club –goed voetballen- en wat de bestuurders willen –hogere waarde van de aandelen van de beursgenoteerde onderneming Ajax-”. Het duurde niet eens zo idioot lang voor het kwartje viel bij mij. Dit ging niet over Ajax, maar over ons onderwijs, onze jeugdzorg, onze gezondheidszorg of welke publieke voorziening dan ook. Laten we het grote wantrouwen tussen medisch specialisten en ziekenhuisbestuurders als voorbeeld nemen. Dat wantrouwen werd eind oktober in het artsenblad Medisch Contact in een enquête gekwantificeerd met cijfers die er niet om liegen. De meeste specialisten die ik spreek zeggen steevast: “Die gasten beslissen wel over van alles in ons ziekenhuis, maar ik heb nog nooit iemand van de Raad van Bestuur of de Raad van Toezicht op de polikliniek gezien”. Yes! Dat is precies uitspraak nummer 1 van Cruijff over De Toekomst. Hoe stafbesturen van medici enerzijds en raad-van-bestuur-heren anderzijds met elkaar omgaan doet weer erg denken aan uitspraak 2. Ze zeggen -in genoemde enquête, maar ook naar buiten toe- dat ze het heel vaak met elkaar eens zijn over de visie en missie van het ziekenhuis, maar zodra een van beide partijen het pand heeft verlaten maken ze elkaar uit voor tuig van de bovenste richel, in bewoordingen die zelfs een column onwaardig zijn. Yes! Over 1 ding zijn de zorg-kemphaantjes het meestal roerend eens: er is een grote kloof tussen de professionals die de missie van het ziekenhuis meestal koud laat- het zijn de patiënten waar zij om geven- en de bestuurders, die op proces en inhoud willen sturen, mede door de extreem ver­gro­te externe verantwoordingsdruk van patiënten, overheden, in­spec­tie en zorgverzekeraar. En dat is dan meteen uitspraak num­mer 3 en tevens de belangrijkste conclusie van wat er bij Ajax speelde en zal blijven spelen. En in de zorg. En in het onderwijs. En...

Lees Verder
Actavis: Grenzen tussen de innovatieve en generieke industrie vervagen
dec08

Actavis: Grenzen tussen de innovatieve en generieke industrie vervagen

Actavis is een jong bedrijf met IJslandse roots dat net zo explosief lijkt te groeien als het vulkanische eiland zelf. Vanaf 1999 heeft men over de hele wereld in hoog tempo verschillende generieke bedrijven overgenomen. Zo is Actavis in tien jaar tijd uitgegroeid tot een wereldspeler op de generieke markt. In Zug, waar het hoofdkwartier sinds kort is gevestigd, spreekt FarmaMagazine met de CEO, Claudio Albrecht, en Executive Vice President of Business Development, Wolter Kuizinga over de strategische doelen van Actavis. Beide mannen hebben connecties met Nederland. Kuizinga is Nederlander en van huis uit apotheker en Albrecht was ooit directeur van een farmaceutisch bedrijf in Nederland. Bij de verhuizing van het perifere IJsland naar het centrale Europese vasteland was Amsterdam trouwens de ‘runner up’ bij de keuze voor de beste locatie van het nieuwe hoofdkwartier. Zwitserland ligt nog iets centraler in Europa en heeft het voordeel van een sterke farmaceutische bedrijfstak met een goed aanbod van bijpassende professionals. Verschoven focus Albrecht schetst de trends waar ook de generieke industrie mee te maken heeft; vroeger lag de focus vooral op het product maar door demografische en sociale trends en de medisch  technologische vooruitgang zijn dodelijke ziekten inmiddels chronische ziekten geworden. En in een aantal gevallen neemt de omvang epidemische vormen aan. Hierdoor is de focus verschoven naar disease management. Kosteneffectiviteit en het verhogen van de compliance zijn daarbij de uitdagingen als het gaat om medicatie. De volgende trend zal volgens Albrecht de zeer gerichte en geïndividualiseerde medicatie zijn. Elke patiënt zijn eigen medicijn. Met gebruikmaking van nanotechnologie en biochipimplantaten. Deze technologie is echter nog duur en de betaalbaarheid zal een steeds groter vraagstuk worden. Daarbij ziet Albrecht de grenzen tussen de innovatieve en generieke industrie vervagen. Generieke industrieën zullen steeds meer gaan lijken op de innovators, het ontwikkelen van het eigen merk en onderzoek wordt steeds belangrijker. De innovatieve bedrijven zullen zich steeds vaker op de generieke markt begeven om marktaandeel te kunnen veroveren in de opkomende markten en betaalbare oplossingen aan te kunnen bieden in de ontwikkelde landen. Inspanningen concentreren Net als veel andere bedrijven is Actavis op zoek naar het toevoegen van waarde in de bedrijfskolom. Actavis richt zich hierbij met nadruk op twee groepen; de betalers, meestal verzekeraars of overheidsorganen en de consument. Bij de eerste groep ligt de nadruk op het aanbieden van kosteneffectieve oplossingen en ondersteuning van compliance. Dat laatste bijvoorbeeld door tabletformuleringen en verpakkingen met losse tabletten aan te bieden die aansluiten op unit dose dispensing. Bij de tweede groep, de consument, ligt de nadruk op het versterken van het eigen merk. Niet zozeer via UR geneesmiddelen maar door het sterk uitbreiden van het...

Lees Verder

Alle polyfarmacie patiënten in het farmacotherapeutisch behandelplan!

Apotheker Marianne van den Berg uit Alphen aan den Rijn doet mee aan een proef met het webbased farmacotherapeutisch behandelplan. “Het allermooiste is dat je hiermee een ruggensteun hebt om medicatie reviews heel systematisch uit te voeren.” “We voeren de medicatie check al een aantal jaren op hoog niveau uit en waren geïnteresseerd in een hulpmiddel dat een eind zou maken aan de enorme papiermassa die daarmee gepaard ging.” Daarom stapten Marianne van den Berg van de DagNachtapotheek en haar Alphense collega’s in de ‘Proof of Concept’ met het webbased farmacotherapeutisch behandelplan (W-FBP) van PharmaPartners. Ze gebruiken het farmacotherapeutisch behandelplan bovendien voor de jaarlijkse medicatie check binnen de multidisciplinaire zorgprogramma’s voor diabetes en COPD. Voor apotheker en huisarts Het webbased farmacotherapeutisch behandelplan stelt apotheker en huisarts in staat om gezamenlijk de farmacotherapie van individuele patiënten te verbeteren. De applicatie is systeemonafhankelijk en toegankelijk voor zowel de huisarts als de apotheker. Relevante gegevens uit het huisartsinformatiesysteem en het apotheekinformatiesysteem worden via OZIS elektronisch overgenomen in het webbased farmacotherapeutisch behandelplan. Wijzigingen en nieuwe informatie zijn zichtbaar voor beide zorgverleners. In juli 2010 is een Proof of Concept gestart om inzicht te krijgen in de meerwaarde van de applicatie en de gewenste mate van integratie met het apotheek- en huisartsinformatiesysteem. Nog dit jaar worden de resultaten bekend. Brief met uitleg “Ik ben heel blij met deze oplossing”, aldus Van den Berg. “Alle stappen van de medicatie check die we zijn overeengekomen met de zorgverzekeraar worden ondersteund. “De  apothekers selecteren patiënten met polyfarmacie die voor opname in het farmacotherapeutisch behandelplan in aanmerking komen. “Vervolgens stuur ik een brief naar de patiënten die we willen opnemen, met uitleg over de medicatie review en het webbased farmacotherapeutisch behandelplan. Een paar dagen later bel ik om te horen of ze mee willen doen en om een afspraak te maken. Dat werkt heel goed. Als je zomaar belt, overval je mensen en hebben ze sneller de neiging om nee te zeggen.” Uitgebreid medicatieoverzicht Het invoeren van de patiënt in het farmacotherapeutische behandelplan laat Van den Berg soms aan een assistente over. “Dat scheelt tijd en ik kan er direct mee verder. Ik koppel de indicaties uit het huisartssysteem aan de medicatie en heb alle relevante labwaarden direct onder knop. Zo ontstaat een mooi, uitgebreid medicatieoverzicht dat ik kan doornemen met de patiënt. We bespreken van elk middel systematisch hoe het wordt gebruikt en welke problemen of verwachtingen er bij de patiënt zijn. Medicatie zonder indicatie en indicaties zonder medicatie heb je in het webbased behandelplan heel overzichtelijk bij elkaar. Die bespreek ik meestal ook met de patiënt, soms alleen met de arts, afhankelijk van de situatie.” Plan...

Lees Verder

De therapietrouw verbetert gemiddeld met een factor 2

Uit welk land de patiënt ook komt, therapietrouw is hij niet. Dat bleek uit onderzoek van WHO (World Health Organisation). Van Amerika tot Uganda, van Rusland tot Nederland: de helft van de mensen met een chronische aandoening gebruikt na een jaar zijn medicijnen niet meer, om maar een voorbeeld te noemen. Waar ligt dat nu aan? En, belangrijker: wat kun je eraan doen? In 2005 spraken twee artsen en een apotheker daarover. Ze waren er vrij snel uit: het werd hoog tijd dat therapietrouw ‘2.0’ ging. De apotheker was Sjoerd Komen. De artsen waren Paul de Wit en Jan Veldhuizen. Sjoerd: “We zeiden tegen elkaar: daar moet toch iets aan te doen zijn! Het duurde niet lang voordat een concept vorm kreeg.” Dat concept werd ‘Mijnmedicijncoach’, een digitale interventie die het driemanschap zelf doorontwikkelde binnen een speciaal daarvoor opgerichte firma, genaamd 2Comply. ‘Moet van de dokter’ Er zijn twee oorzaken aan te wijzen die de therapieontrouw van patiënten verklaren: beperkte betrokkenheid bij hun therapie en onwetendheid over de werking van de medicijnen. Sjoerd: “Vraag de gemiddelde patiënt waarom hij medicijnen slikt, en het antwoord is vaak: ‘Omdat het moet van de dokter’. Met andere woorden: het volgen van de therapie is niet iets van hemzelf, maar wordt hem van buitenaf opgelegd. Ze krijgen een briefje van de huisarts, halen hun (herhaal)recept op bij de apotheek, en gaan naar huis. Vervolgens maakt de patiënt een voornamelijk onbewuste afweging: hoe ernstig ervaar ik mijn aandoening? Welke (positieve of negatieve) gevolgen ondervind ik van mijn medicijngebruik? Merk ik er wel iets van als ik mijn medicijnen niet slik?” Als de antwoorden respectievelijk ‘nee’, ‘gering’ en ‘weinig’ zijn, kan de patiënt al snel besluiten om te stoppen met het medicijngebruik. “Als het bijvoorbeeld om hoge bloeddruk gaat, beseft de patiënt blijkbaar niet dat de schadelijke gevolgen op lange termijn groot kunnen zijn, ook al merk je er nu weinig van.” Dus is de vraag: hoe betrek je de patiënt actief bij zijn medicijngebruik en hoe maak je hem bewust van het belang van de therapie? Op basis van die vragen werd Mijnmedicijncoach ontwikkeld. Patiënt empowerment Mijnmedicijncoach is een internetapplicatie, gebaseerd op de drie pijlers waarop ook patiënt empowerment is gebaseerd: informeren, begeleiden en verbinden. Sjoerd: “Wanneer de patiënt inlogt, krijgt hij in een gepersonaliseerde omgeving onafhankelijke informatie over zijn aandoening en (de werking van) zijn eigen medicijnen. Die informatie wordt aangevuld met weblinks naar relevante sites en nieuwsberichten.” In een motivatiemodule leert de patiënt de voor- en nadelen van zijn therapie afwegen. Daarnaast kan hij vragenlijsten invullen waarin hij aangeeft wat hij verwacht van de therapie en hoe hij zijn medicijnen gebruikt. Als...

Lees Verder

Een echte Estse apotheker

Dit is het eenentwintigste artikel in de reeks ‘over de grens’. Oftewel een vogelvlucht over hoe de farmaceutische zorg in het buitenland is geregeld. In deze editie Estland.   Estland, Letland, Litouwen. Zo gaat het rijtje, de Baltische staten van noord naar zuid. We beginnen bovenaan: Estland. Het apothekersvak is hier al eeuwen geworteld. In de hoofdstad Tallinn ligt de oudste, nog functionerende apotheek van Europa: de Stadsraad Apotheek. Deze apotheek werd gevestigd in 1422. Naast medicijnen werden hier ook andere goederen verhandeld. De apotheek zelf is door de jaren heen weinig veranderd maar er worden wel moderne medicijnen verkocht. Middeleeuwse medicijningrediënten als vleermuispoeder en slangenhuid zijn niet meer verkrijgbaar. Ik spreek met een bijzonder behulpzame apotheker: Kaidi Sarv uit Tallinn. Hij staat me zeer uitgebreid te woord.   Kaidi Sarv (40) woont in Tallinn, een stad van ruim 400.000 inwoners. Hij studeerde farmacie aan de Universiteit van Tartin. Hij verdedigde zijn MSc Pharm in 1997. Onderwerp van zijn studie was de wijziging in het gebruik van medicijnen in Estland tijdens de overgangsperiode 1989-1994. Na zijn afstuderen werkte hij 6 jaar bij de Estonian State Agency of Medicines en vanaf 2000 is hij hoofd farmacie bij de Estonian Pharmacists Association. Kaidi: “Ik ben gek op mijn werk. Ik vind het heerlijk en spannend tegelijkertijd.” In 1991 werd Estland onafhankelijk. Wat voor consequenties had dit voor apothekers? Kaidi: “Nog datzelfde jaar werden de eerste particuliere apotheken opgericht en de staat begon apotheken te verkopen aan apothekers die daar werkten. Het aantal apotheken groeide tot einde jaren 90. Toen ontstonden ook de eerste ketens, vooral in de steden. In 2011 telt Estland in totaal 477 apotheken. We hebben nu 0,65 apothekers per 1000 inwoners en dat ligt dicht bij het gemiddelde in de EU van 0,75 apothekers per 1000 inwoners (ter vergelijking; in Nederland is dit 0,17 en in België 1,45). Met maar 800 afgestudeerde apothekers en 580 apothekersassistenten ontstaat er in Letland in de toekomst zeker een tekort. In januari van dit jaar kregen we de Euro. Eerlijk is eerlijk, het is een beetje wennen maar over het algemeen is iedereen tevreden over de invoering. Behalve dan dat we nu Griekenland moeten ondersteunen. Het klinkt onredelijk als je bedenkt dat de pensioenen in Estland €350 zijn en in Griekenland €1000. De gemiddelde salarissen in Griekenland zijn drie tot vier keer zo hoog als in Estland. Maar ja, wat kunnen wij doen?” Hoe worden apotheken in Estland gefinancierd? “Wij hebben nu geen staatsapotheken meer. Dat was in de Sovjetperiode wel zo. De diensten van de apothekers worden gefinancierd door klanten. De prijzen van geneesmiddelen in apotheken worden gereguleerd door de overheid...

Lees Verder
In naam  der liefde
dec06

In naam der liefde

Ik heb een heel leuke dochter. Ze knipt met regelmaat mijn haar en zegt steevast dat een van mijn chronische aandoeningen, lokale kaalheid, nu toch echt minder lijkt te worden. Het is een schat, die dochter van me. Zorgen zit haar in het bloed maar ze liegt natuurlijk of het gedrukt staat. Ze doet dat uit liefde voor mij. Want vergoelijkende liefdesleugentjes van dochters zijn aandoenlijk en onschuldig. Er wordt nog heel wat afgelogen in dit land van Nivea, de Hema, wonderschone wolken partijen. In dit wonderschone land waarin we meer geld uitgeven aan Viagra dan aan onderzoek naar Alzheimer. Heel bijzonder omdat juist de bejaardenberg een behoorlijk probleem is. Al is het maar vanwege het idee dat je er op zondag naar toe moet terwijl je niet de stinkerige pamperfabriek in wilt. Ik weet niet hoe het u is vergaan rondom de Tweede Kamerdebatten over Mauro met zijn mooie bruine ogen. Tegen de tijd dat ik deze column aan u toevertrouw, zijn Ad Koppejan en Kathleen Ferrier hopelijk beide het CDA uitgezet en is Mauro en zijn 2.000 lotgenoten misschien alweer in Angola. Niet omdat ik het leuk vind, sterker nog van mij mogen ze allemaal blijven, maar ik prefereer een zekere mate van consistentie. Laat ik maar met de deur in huis vallen. Bij Tweede Kamerleden is consistentie ver te zoeken, zeker als het om het zorgdossier gaat. De hele tariefkorting bij huisartsen is gewoon een ordinaire financiële taakstelling waarbij wordt geschipperd met gelegenheidsargumenten. Toen het preferentiebeleid werd geïntroduceerd, heb ik vanwege de omvang van het belgedrag heel wat bloemen van de PTT bij VWS, in Wageningen en Eindhoven zien bezorgen. Wat was er een opwinding en aandacht. Mijn idee is dat de zorg kapot wordt getrokken. Niet omdat het goedkoper moet, maar vanwege de morele ejaculatie precox onder de actoren. Met regelmaat beluister ik via een willekeurige intercom een gesprekje. Met het schaamrood op de kaken: het is niet meer en niet minder dan auditieve zorgporno; perversiteit die het farmaceutisch weekblad of het FD niet zullen halen. Nu kunt u mij wat overprikkeld noemen maar de echt pikante details kan ik u niet eens in deze column toevertrouwen. Uw oren zouden er af vallen. Met vrienden heb ik het over konkelevoezelen. Laat ik het daar maar bij laten. Er is een prachtige documentaire over Prins Bernhard gemaakt, wat mij betreft is nu de farmacie aan de beurt. Dat wordt zeker een hit. Tenminste: voor die paar honderd apothekers met enig historisch besef en zelfreflectie. De rest lijdt net als politici aan hardnekkige retrograde amnesie! U zou het niet zeggen maar ik ben erg voor de Tweede...

Lees Verder
De kunst van  het destilleren
dec06

De kunst van het destilleren

De historie van whisky begint eigenlijk lang voor het begin van onze jaartelling. De kunst van het distilleren kwam toen waarschijnlijk via de Arabieren in Europa terecht. De Arabieren stookten van reukwater van bloemen en noem­den dit distillaat al-koh’l, het verfijnde. Aan het begin van de Middel­eeuwen brachten rondreizende monniken de kennis van het distilleren mee naar Ierland. Daar stookten ze van gerst een drank waar ze geneeskrachten aan toedichtten, aqua vitae. In het Keltisch werd dit ‘levenswater’ uisge beatha genoemd. Toen de Britten Ierland veroverden, werd deze naam verbasterd van fuisce tot whiskey. Populair Het waren waarschijnlijk Ierse missionarissen die op hun beurt de distillatietechniek in Schotland introduceerden. Er kan in ieder geval met zekerheid gezegd worden dat er in Schotland sinds 1494 whisky geproduceerd wordt. Het stoken van whisky werd in dat land ontzettend populair, zelfs in de meest onherbergzame gebieden. Whisky werd vooral geproduceerd voor de markt in Schotland, Ierland, Engeland en andere delen van het Britse imperium. In de 19e eeuw namen Ierse kolonisten hun kennis van whiskey stoken mee naar de Verenigde Staten. Nog steeds wordt whiskey daar op zijn Iers gespeld, dus als whiskey in plaats van whisky. Tegenwoordig komen er ook goede whisky’s uit landen als Nieuw-Zeeland en Japan. Proeven, praten, leren Op 16, 17 en 18 november 2012 vindt voor de 9e keer het International Whisky Festival plaats. Hier krijgt u de gelegenheid om kennis te maken met deze verschillende soorten en smaken. U kunt langs stands lopen en whisky proeven, over whisky praten en meer over whisky leren. Het festival vond zeven edities plaats in Leiden, dit jaar zal het voor de tweede keer plaatsvinden in De Grote Kerk in Den Haag. De Grote of St. Jacobskerk behoort, samen met het Binnenhof, tot de oudste gebouwen in de binnenstad van Den Haag. Vanwege het bijzondere karakter van de kerk is het bij uitstek een geschikte locatie voor dit evenement. De Bruichladdies Er zullen tijdens het evenement ‘gidsen’ beschikbaar zijn die u op verzoek in de Grote Kerk rondleiden langs de diverse stands. Deze gidsen genaamd ‘De Bruichladdies’ zijn aanwezig om u van dienst te zijn. Zij zijn zeer goede (amateurs) whiskykenners, die u graag rondleiden en geven u daarbij voorlichting over de vele soorten whisky die te proeven zijn met de specifieke kenmerken. Voorafgaand aan het evenement kunt u ook een korte introductiecursus volgen. U gaat daarna via een aparte ingang de kerk binnen. Bij binnenkomst in de kerk ontvangt u een tastingglas waarmee u langs de stands loopt en daar vele gratis slokjes (in het Schots heten deze drams) whisky kunt proeven. Wilt u ook de wat exclusievere soorten...

Lees Verder
Pagina 1 van 212