De strijd om de KNMP
Dec09

De strijd om de KNMP

De een is praktiserend apotheker op een paar honderd meter afstand van het bureau van de KNMP. De ander, ook apotheker, heeft een loopbaan in de internationale farmacie. Rik van der Meer en Sjaak de Vries zijn beiden apotheker en kandidaat om als voorzitter van de KNMP de farmacie uit het slop te halen. De crisis in de farmacie is groot, het vertrouwen van de achterban in de KNMP als organisatie is laag en de financiële pijn die apothekers voelen begint ondraaglijke vormen aan te nemen. Dat er iets moet gebeuren is duidelijk. De districtsbijeenkomsten van de KNMP zijn dan ook nog nooit zo goed bezocht. Overal in het land vertellen Sjaak de Vries en Rik van der Meer waarom zij de beste voorzitter van het hoofdbestuur zouden zijn. Op 18 december wordt bekend gemaakt wie Jan Smits opvolgt, die in deze editie van FarmaMagazine reflecteert op wat er de afgelopen jaren bereikt is. Sjaak de Vries Sjaak de Vries was de afgelopen maanden twee keer verrast: toen hij gevraagd werd om kandidaat voorzitter te worden en toen een tweede kandidaat zich meldde. De komst van Rik van der Meer sterkt hem in zijn gedachte dat de leden van de KNMP zich niet herkennen in het beleid van de organisatie. “Ja, het is crisis. De achterban is ontevreden over de KNMP. Dat wil ik herstellen. Het is van groot belang dat we werken aan het herstel van het vertrouwen, binnen onze eigen achterban en tussen de beroepsgroep en stakeholders als verzekeraars, politiek en VWS. In 170 jaar KNMP is het vaker hommeles geweest. En ook nu komen we er sterker uit: eenheid blijft onze kracht.” Rik van der Meer Structuur KNMP Waar is er volgens De Vries misgegaan? “De zelfstandige apotheker en de ketens herkennen zich niet langer in de KNMP. De structuur van de KNMP moet dan ook veranderen. De beroepszaken moeten los komen van de bedrijfszaken die nu behartigd worden door het bedrijfscollege en de CEO voor de zelfstandigen. Het liefst houd ik de bedrijfszaken binnen de muren van de KNMP, maar als dat niet kan, dan moeten we meer afstand nemen. Kijk naar de federatiestructuur van de KNMG. Met een soort van NHG als de club van de inhoud. Daarnaast is de KNMP er niet in geslaagd de positie van de apotheker bij VWS en politiek helder neer te zetten. We zijn te netjes geweest, hadden sneller en vaker ‘nee’ moeten zeggen als we weer eens gepakt dreigden te worden door zorgverzekeraars of politiek. Ik predik geen revolutie, want je wint de strijd alleen in de wandelgangen. Met mijn bestuurlijke ervaring weet ik daar de weg....

Lees Verder
“Goedkoop als het kan, duur als het moet”
Dec09

“Goedkoop als het kan, duur als het moet”

Het is een zeer bewogen jaar voor Mediq, een van de grootste ketenapotheken in Nederland. Krimpende winsten, medewerkers van het hoofdkantoor die gedwongen ontslagen worden en de overstap van een beursgenoteerd bedrijf naar een partnerschap met een Amerikaanse investeringsmaatschappij. Ondertussen zoekt het bedrijf naar nieuwe wegen om haar inkomsten veilig te stellen. Voor een farmaceutisch bedrijf met groeiambities is het met het huidige beursklimaat behoorlijk lastig om geld op te halen. Aandeelhouders staan minder te springen bij nieuwe, ongewisse avonturen. Bovendien kan het soms prettiger zijn om in de luwte te opereren bij het hervormen van een bedrijf dan als beursgenoteerd fonds dat verplicht is vier keer per jaar kwartaalcijfers te presenteren. Het zijn allemaal redenen waarom Mediq, dat in 1992 als apothekerscoöperatie de overstap maakte naar de beurs, dit jaar besloot om – na twintig jaar – van de beurs af te gaan. In plaats daarvan gaat het bedrijf in zee met de Amerikaanse investeerder Advent. “Dat is een investeringsmaatschappij met kantoren in Europa en Amerika en in totaal 15 miljard euro aan beleggingen,” vertelt Marc van Gelder, bestuursvoorzitter van Mediq. “25 procent daarvan zit in de gezondheidszorg. Dan gaat het over beleggingen in Duitse ziekenhuizen, in Engelse verslavingsklinieken, in generieke fabrikanten in Oost-Europa. Ze zijn kortom gepokt en gemazeld in de Europese zorgsector. Dat is een van de focusgebieden voor hun investeringen.” En Advent gaat dus ook investeren in Mediq. “Onze groeistrategie spreekt hen aan. We willen onze marktpositie voor medische hulpmiddelen uitbreiden, vooral internationaal. En we willen omschakelen naar een nieuw verdienmodel. Vroeger verdienden we vooral op onze marges, maar die tijd is voorbij. We moeten nu op een andere manier voor onze inkomsten zorgen.” Dat nieuwe verdienmodel is gebaseerd op het principe fee for services, oftewel: vergoed worden voor geleverde diensten. Van Gelder geeft een voorbeeld: “Onze groothandel maakt verlies. We leveren momenteel zestig procent van ons geneesmiddelenvolume, vooral de generieke geneesmiddelen, met verlies af. Dat komt doordat Nederland een dumpingland is geworden voor generieke fabrikanten. En doordat zorgverzekeraars in hun apotheekvergoedingen geen rekening hebben gehouden met het logistieke proces daarachter. De groothandel vormt een vergeten schakel in de farmaceutische zorgverlening. Tegelijkertijd is de Nederlandse farmaceutische groothandel een van de meest efficiënte in Europa. Medicijnen worden binnen 24 uur in de apotheek of het ziekenhuis afgeleverd.” Aan de verliezen van de groothandel moet snel een einde komen. Anders zal Mediq ook moeten overwegen dezelfde keuze te maken als collega-farmaceutische groothandel Brocacef. Deze dreigde dit najaar om per 1 november a.s. de levering van zo’n duizend farmaceutische producten te staken. Van Gelder: “We subsidiëren onze groothandelsfunctie nu nog vanuit onze andere activiteiten. De vraag is alleen:...

Lees Verder
Toegevoegde waarde of waardeloze toevoeging?
Dec09

Toegevoegde waarde of waardeloze toevoeging?

De KNMP laat de wereld weten dat het beter benutten van de kennis en kunde van apothekers de Nederlandse zorg een besparing kan opleveren van honderden miljoenen per jaar. Booz & Company heeft dat in opdracht van de KNMP becijferd. Het gaat om medicatiereviews bij ouderen, therapietrouw en begeleiding bij ontslag uit het ziekenhuis. Het IMS komt tot vergelijkbare conclusies in een andere studie die gelijktijdig is uitgekomen. Dit zijn natuurlijk geen schokkende nieuwe feiten maar meer bevestigingen van eerdere onderzoeken, hier of elders in de wereld. Dat apothekers waarde kunnen toevoegen aan de distributie van geneesmiddelen is goed nieuws natuurlijk. Maar jammer genoeg komt deze rapportage, zoals wel vaker, vanuit de omgeving van de beroepsgroep zelf. Wiens brood men eet, wiens woord men spreekt, zullen buitenstaanders geneigd zijn te denken. Mooi dat het in ieder geval tot een aantal Kamervragen heeft geleid maar of dat gaat helpen om het geconstateerde potentieel te ontplooien is zeer de vraag. Want in principe gaat de politiek of VWS daar tegenwoordig niet meer over maar hebben de zorgverzekeraars het voor het zeggen. Het ware daarom beter geweest wanneer verzekeraars zich met vragen hadden gemeld bij de KNMP. Hoe kunnen we samenwerken om deze miljoenen te incasseren? Welke gezamenlijke inspanningen zijn daarvoor nodig? Wanneer kunnen we beginnen? Dat soort vragen lijken mij logisch gelet op de positie en de rol van verzekeraars. Ook verbaasd het mij dat verzekeraars niet vaker zelf opdrachten geven tot zorginhoudelijke onderzoeken. Dat er uit deze hoek weinig enthousiaste reacties over dit soort studies klinken, dat de bijbehorende zorgprestaties niet of nauwelijks worden ingekocht, dat er vanuit de zorginkoop hoek zelden tot nooit positieve signalen over de toegevoegde waarde van apothekers komen, doet mij vermoeden dat verzekeraars er allemaal niet in geloven. Misschien zeggen ze het uit diplomatieke overwegingen niet hardop maar ik vermoed dat er in die kringen velen zijn die de apotheker niet zien als een toegevoegde waarde maar als een waardeloze toevoeging. Misschien zie ik het te negatief maar als dat zo is, kan iemand dan eens uitleggen waarom er door verzekeraars nooit geacteerd wordt op dit soort uitkomsten? Er moet een reden voor zijn. Kloppen de onderzoeken niet? Worden de besparingen in de 2e lijn niet gerealiseerd omdat de specialisten dan wat anders verzinnen om de ziekenhuisomzet op peil te houden? Vallen de besparingen in een verkeerd potje? Is een langer levende patiënt uiteindelijk toch duurder? Zijn artsen en verpleegkundigen meer geschikt om deze taken op zich te nemen? Is er in het verleden al geïnvesteerd in dit soort interventies maar leverde dat niets op? Wat er in ieder geval niet moet gebeuren is dat...

Lees Verder
Geïntegreerde eerstelijns ketenzorg
Dec09

Geïntegreerde eerstelijns ketenzorg

SAL apotheken is sinds de oprichting in 1978 een groep van inhoudelijk zorggemotiveerde apothekers met idealistische veren. Dat imago heeft door de jaren heen stand gehouden, maar in aanpak is er inmiddels veel veranderd. De naam SAL staat al geruime tijd niet meer voor Stichting Apothekers in Loondienst, maar voor Samenwerking, Aandacht en Lage kosten. Daarnaast is SAL onlangs in Zorg Apotheek Nederland b.v. een joint venture aangegaan met 1e lijnsorganisatie Arts en Zorg. “SAL is opgericht in een tijd dat het bij wet verboden was om als apotheker in een andere setting te werken dan in een eigen apotheek of in dienst van een eigenaar apotheker. Wij hadden mede als doelstelling om apothekers te detacheren, veelal bij Stichtingen Gezondheidscentra, ” aldus Peter Wognum, directeur van SAL. “Dat was al vrij snel niet meer nodig omdat de wet gewijzigd werd. SAL had in die periode intussen het eigendom verworven van meerdere apotheken. Na de wetswijziging dat het eigendom van apotheken helemaal werd vrijgegeven, is de term SAL gewijzigd in Stichting SAL Apotheken, groep voor Samenwerking, Aandacht en Lage kosten.” Geïntegreerde eerstelijns ketenzorg “Vijf jaar geleden zijn we gaan samenwerken met de 1e lijnsorganisatie Arts en Zorg. Zij bieden vanuit gezondheidscentra geïntegreerde zorg. In die centra zijn wij de farmacie gaan ontwikkelen. Dit nieuwe initiatief is destijds apart gepositioneerd. Verleden jaar hebben we besloten om die samenwerking voor alle apotheken om te zetten in een joint venture, genaamd Zorgapotheek Nederland b.v. (ZAN) met twee aandeelhouders, enerzijds de oude Stichting SAL Apotheken en anderzijds het bedrijf Arts en Zorg. Met de bewuste gezamenlijke doelstelling om de farmacie verder te ontwikkelen in de geïntegreerde eerstelijns ketenzorg. Arts en Zorg heeft afgelopen oktober de landelijke 1e lijns zorgaanbieder Zorgpunt overgenomen. Dit was een initiatief van ondermeer zorgverzekeraar Menzis.” Farmacotherapeutische adviezen De praktische inhoudelijke samenwerking tussen SAL apotheken en Arts en Zorg in de centra is vergelijkbaar met hoe die in veel reguliere gezondheidscentra is vormgegeven. Wognum: “Dat klopt, net als in veel andere gezondheidscentra weten zorgverleners elkaar goed te vinden en werken ze gezamenlijk aan goede afstemming en verdergaande (keten)zorgprotocolering. Wel zetten we ondermeer stevig in op een goede ICT-ondersteuning en data-analyse, om de kwaliteit inzichtelijk te maken en verbeteringen te kunnen onderbouwen. Dat doen we van meet af aan multidisciplinair en proberen we, vanuit patiëntenperspectief bekeken, het zorgproces zo effectief mogelijk te organiseren. Bij bijvoorbeeld het CVRM-programma (cardiovasculair risicomanagement) start de huisarts het proces met een risico-inschatting vanuit zijn  patiëntenpopulatie. In veel gevallen draait dit om patiënten die veel medicatie gebruiken. De apotheker voert voor deze  populatie een medicatieanalyse dan wel medicatiebeoordeling uit en geeft dit met adviezen terug aan de huisarts....

Lees Verder
Dierengezondheid in de apotheek?
Dec09

Dierengezondheid in de apotheek?

‘Kom Bubbel, we gaan naar de apotheek om vlooiendruppels te halen’, zegt Suus tegen haar hond. Apotheek? Inderdaad. Dieren­verzorgingsproducten zijn voortaan ook in de apotheek te koop. Althans, dat is het streven van leverancier Lindner Medical B.V. Maar past deze verkoop bij het imago van de apotheek? Is de trend gedoemd te mislukken of juist een gat in de markt, voor zowel leveranciers als apothekers. Naast Fons Aarents, apotheker in Apotheek Koop, is Tessa Lindner aandeelhouder van Linder Medical B.V. Dit zelf­standige bedrijf koopt dierenverzorgingsproducten in bij het Duitse Pet-Medical PHA. In 2009 ontstond in ons buurland het idee om deze middelen via de apotheek te verkopen. “Het is een gat in de markt”, vertelt Lindner. “De apotheker kampt met teruglopende verdiensten. Met de verkoop van deze producten kan hij zijn omzet vergroten. Ook willen we de kloof tussen dierenartsen en de detailhandel verkleinen. De dierenarts is vaak aan de prijs. In de dierenspeciaalzaken staan vaak ongeschoolde mensen die een enorm assortiment moeten verkopen en dus niet weten waar ze over praten. Omdat uit onderzoek gebleken is, dat de apotheek bij de consument een uiterst kundige reputatie heeft, hebben wij het idee opgevat de producten via de apotheek te verkopen. Mensen vertrouwen hun gezondheid aan de apotheek toe, waarom ook niet de gezondheid van hun geliefde hond of kat?” In Nederland Samen met apothekers in Duitsland werd het concept ontwikkeld. Dierenartsen en biologen ontwikkelden de producten specifiek voor de apotheek. In november 2010 maakte een breed publiek op de ExpoPharm in München kennis met het concept. “Vanaf dat moment is het snel gegaan. Naast Duitland distribueert het bedrijf haar producten via de apotheek ook in Oostenrijk, Zwitserland, Tsjechië, Slowakije, Slovenië en Engeland. “Nu proberen we in Nederland de distributie op gang te brengen”, aldus Tessa Lindner. De producten die het bedrijf verkoopt via de apotheker zijn dieren­verzorgingsmiddelen, geen medicijnen. De middelen zijn ter ondersteuning en preventie van dieren, vooralsnog van katten en honden. In totaal gaat het om 43 producten. Denk hierbij aan vlooienbanden, vlooiendruppels, multivitaminen, gebits­­verzorgingspoeders, gewrichtsondersteunende producten en diëten. Binnenkort start Lindner Medical B.V. met een assortiment voor paarden. Assistenten De consument ziet de apotheker als betrouwbaar, dus zou hij inderdaad geneigd zijn om voor een vlooienmiddel voor zijn hond naar de apotheek te gaan. Maar de assistenten, hebben die wel kaas gegeten van deze middelen? Lindner: “Zij hebben, door hun opleiding, veel kennis van ingrediënten en stoffen. Ze zijn perfect in staat uitleg te geven over de producten. Het gaat – of je het nu hebt over een mens of dier – altijd om de gezondheid. Maar, als extra aanvulling, trainen we hen uiteraard wel. Ik...

Lees Verder
Mediatieten
Dec09

Mediatieten

Toen ik laatst uit de Bijenkorf liep, ging een groep stoere vrouwen uit de kleren. Niet voor mij natuurlijk want daar heb ik de leeftijd en het uiterlijk niet voor. Ja, ik weet wel dat ik niet meer op Clooney lijk. Ze gingen uit de kleren voor het goede doel: Fair Fashion. In Montevideo deden ze dat nog eens dunnetjes over voor het recht op abortus, terwijl de schijnheilige paus en de nog levende apostelen meekeken. Tinkerbel, een heel leuke dondersteen moet ik bekennen, heeft eerder van haar huiskat een kittig handtasje gemaakt. Ik vond het wel grappig maar nu is ze ook uit de kleren gegaan als protest tegen de prostitutie. Toch is de ene tiet de andere niet. De eigenaressen van de onderhavige exemplaren posten allemaal hun verhaal in de media en doen blijkbaar een appèl op de beeldvorming van een ogenschijnlijk onverschillige doelgroep. Mannen. Ik heb geen hekel aan borsten, in tegendeel. Met mijn postuur heb ik er zelf twee. Maar ze u tonen…  ik doe het u niet aan. Wat zouden we in de zorg moeten doen om uiting te geven aan onze betrokkenheid? Je ziet, om er maar een paar te noemen, Jan Smits, Edith  Schippers, Steven van Eijck, Mark van Gelder en Ab Klink toch niet zomaar uit de kleren gaan? Nee, de zorg lost het op met een door Booz geschreven en ter zake doend rapport over therapietrouw. Of, om maar eens een fout rapport te noemen, de medisch specialisten die met een 32 lijvig pagina’s tellende meerjarenvisie zijn gekomen om hun inkomen te rechtvaardigen. Kortom: er zijn het laatste jaar veel rapporten gepubliceerd die allemaal het beste met zorg voorhebben. De ‘punten’ wijzen allemaal dezelfde kant op: meer zorg voor minder geld. Dat betreft dan steevast een andere partij die de voorwaarden hiertoe moet leveren. Voor veel ‘beslissers’ in de zorg is het huis van VWS zo een soort lustoord geworden waar je onbeperkt je ongenoegen kunt oreren. Ja, ik zal het netjes houden. Probeer het als minister in die opwinding maar eens goed te doen. Edith hoeft van mij zeker niet uit de kleren. Helemaal niemand trouwens. Maar ik zou het geweldig vinden als de komende rapporten zichzelf niet volspuiten met botox. Ga gewoon naakt voor de spiegel staan. Kijk, lach en bid, maar geen bedonder. Een advies: niet doen… die mediatieten. Henk Pastoors is directeur van TopSupport Strategie en Informatie. Hij levert als adviseur maatwerk in analyse en strategie in de farmacie en...

Lees Verder
Onderscheidend vermogen
Dec09

Onderscheidend vermogen

Om maar eens een open deur in te trappen: de tijden zijn voorbij dat een apotheek zich kan vestigen zonder enige vorm van samenwerking of zonder een duidelijk visie over de vestiging. Dit geldt voor nu, maar ook zeker voor de toekomst. Een belangrijk aspect daarbij is het onderscheidend vermogen van de apotheek. Hans Verhoeven, architect bij Meijerink en Verhoeven en lid van Profs4Zorg, heeft hier een zijn eigen visie op: “Een gezondheidscentrum is mijn inziens de meest interessante vorm van samenwerking. Het samenbrengen van de partijen die zich gaan vestigen lijkt heel eenvoudig, maar valt in de praktijk vaak tegen. De start is enthousiast, waarna veel van deze samenwerkingsverbanden gaandeweg het proces worden afgebroken of stilvallen. Naar mijn idee komt dit door onduidelijkheid over de gezamenlijke uitgangspunten en dus het ontbreken van een visie. Veel teleurstellingen kunnen worden voorkomen door aan het begin van het proces onderzoek te doen en de uitgangspunten en visie in een onderzoeksdocument vast te leggen, welke als intentieverklaring gebruikt kan worden.” Programma van eisen Dit onderzoeksdocument zou volgens Verhoeven moeten bestaan uit de vorm van samenwerking, hoe deze samenwerking eruit ziet, hoe ver deze gaat en aangevuld met een programma van eisen. Dit programma van eisen geeft antwoord op de vragen; ‘Waar willen we ons vestigen?’ ‘Aan welke eisen dient deze locatie te voldoen?’ ‘Wat verwachten we van de binnenzijde, zowel kwalitatief als kwantitatief?’ ‘En welke kosten verwachten we, hierbij wordt een onderscheidt gemaakt tussen stichtingskosten en bouwkosten.’ “Dit laatste is natuurlijk ook direct het belangrijkste”, benadrukt Verhoeven, “zeker nu!” Afbreukrisico “De tijden zijn voorbij dat de apotheker als projectontwikkelaar kon optreden. Ook de grote ontwikkelaars en de woningcorporaties trekken zich terug. Toch wil dit niet zeggen dat er geen initiatieven meer zijn. We zien juist een aantal partijen, die, middels lange termijn huurcontracten (15-20 jaar), bereid zijn om in gezondheidscentra te investeren, tegen gunstige tarieven. Te vaak echter wordt dit overgelaten aan ‘toevalligheden’. Stel, er is een ontwikkelende partij, die een gebouw aanbiedt op locatie X. Deze partij heeft meestal nog nooit een gezondheidscentrum gebouwd en weet dus niet welke eisen er gesteld worden. Hij doet een aanbieding voor koop of huur, waarbij de prijs wordt gebaseerd op de inrichting van een standaard kantoorgebouw. Dit is natuurlijk niet representatief voor een gezondheidscentrum. Wanneer er een onderzoeksdocument is samengesteld, is het duidelijk wat je mag verwachten en kan eisen.” Er valt ook wat te eisen, aldus Verhoeven:  “Veel ontwikkelende partijen kunnen immers hun vastgoed moeilijk kwijt en moeten gaan afboeken. Vaak is het onderzoeksdocument er echter niet en heeft dit een groot afbreukrisico tot gevolg, waarbij de financiële pijn groot is.” Twee petten...

Lees Verder
Ziekenhuis Amstelland vergroot medicatieveiligheid
Dec09

Ziekenhuis Amstelland vergroot medicatieveiligheid

Met een gecertificeerd veiligheidsmanagementsysteem reduceert Ziekenhuis Amstelland de kans op vermijdbare schade tijdens de opname. Medicatie­verificatie is een van de speerpunten. Dat brengt het ziekenhuis op orde met elektronisch voorschrijven en toedienregistratie in Klinicom. Op 24 september 2012 ging het systeem live. “In ons project medicatieverificatie is de apotheek betrokken bij het volledige medicatietraject, van opname tot ontslag”, vertelt Margriet Adriaanse, afdelingsmanager Chirurgie/Interne Boven. “De basis is ons apotheekinformatiesysteem Zamicom. Dat wilden we in eerste instantie alleen uitbreiden met elektronisch voor­schrijven in Klinicom, maar tijdens een pilot bleek dat het gelijk­tijdig invoeren van elektronische toedienregistratie essentieel is.” Noodzaak elektronische toedienregistratie Ze legt uit waarom. “De apotheek draaide één keer per dag alle deellijsten uit, vervolgens printte de verpleging vlak voor de deel­ronde de medicatie­wijzigingen ten opzichte van de lijst van de vorige deelronde. Daarbij moet je een tijd ingeven. Mis je vijf minuten, dan is er al een kans dat je een medicatie­wijziging over het hoofd ziet. En omdat de wijzigingen van een hele afdeling zo­maar 40 velletjes kunnen beslaan, merk je het niet als je een pagina te weinig print. Al met al was het naar onze smaak te foutgevoelig.” Snel geleerd Het Amstelland parkeerde de plannen voor de brede uitrol en tuigde een nieuwe pilot op. Deze keer mèt toedienregistratie. Judith Swart, apothekersassistent, zorgcoördinator en functio­neel beheerder Zamicom/Klinicom: “Eerst werkte de verpleging met papieren en elektronische toedienregistratie naast elkaar, maar ze hadden het werken met Klinicom snel onder de knie.” Wensen “Natuurlijk kom je tijdens een pilot in het systeem dingen tegen die je anders wilt”, vervolgt haar collega Nelleke Buur. “Met hulp van de projectmanager van HI-Systems konden we de meeste wensen eenvoudig oplossen. Over echte software-aanpassingen beslist de ge­­bruikers­­­­commissie van HI-Systems. Dat is logisch, er zijn meer gebruikers en wensen. Een aanpassing in de software vereist draagvlak.” Efficiënter en veiliger Margriet: “Met elektronisch voorschrijven en toedienregistratie realiseren we een enorme verbetering, zowel qua efficiëntie als qua medicatieveiligheid. Door het elektronisch voorschrijven zijn de medicatieopdrachten leesbaar en volledig. De toedien­registratie minimaliseert de kans dat patiënten een verkeerd middel krijgen. Het proces heeft sowieso veel minder stappen, je werkt direct uit het EVS van de arts. Alleen al daardoor vermindert de foutkans.” Vanaf iedere werkplek “Klinicom is gekoppeld met SAP, ons ziekenhuis EPD. Alle gegevens staan centraal opgeslagen. De arts kan vanaf iedere werkplek inloggen, heeft inzage in het volledige dossier en kan voorschrijven. Op de afdeling, op de spoedpost en zelfs vanuit huis. Bovendien hoeven we geen gegevens meer mee te verhuizen wanneer een patiënt van afdeling verandert.” De beste zorg “Patiënten zijn zich over het algemeen niet bewust van dit soort processen en dat is...

Lees Verder
Ervaringenplatform met internationale ambities
Dec09

Ervaringenplatform met internationale ambities

Uit een recent onderzoek (aug 2012) van het Nederlandse NIVEL blijkt het internet een belangrijke bron voor mensen die op zoek zijn naar informatie over gezondheid en zorg. Ongeveer 60% wil meer te weten komen over ervaringen van andere mensen in dezelfde situatie. Het onafhankelijke platform mijnmedicijn.nl sluit daar naadloos bij aan. Wendela Wessels is oprichtster van deze website, zij constateerde dat er al veel informatie over gezondheid en zorg te vinden was op internet, maar dat informatie over de werking van medicijnen enorm achter bleef. “Interesse naar meningen van anderen op het internet is al algemeen geaccepteerd in verschillende branches, denk bijvoorbeeld aan gebruikers van huishoudelijke producten of hotelaccommodatie. Maar de patiënt centraal plaatsen in de discussie over zijn medicijnen en inspraak geven over de behandelingsmogelijkheden, is nog onderbelicht.” Wendela Wessels heeft in het verleden een apotheek beheerd en wat haar toen opviel was dat de patiënt in de apotheek informatie krijgt vanuit een zorgverlenersperspectief. Maar daarnaast wil de patiënt antwoord op een heel ander type vragen en is hij op zoek naar praktische informatie die direct op hem van toepassing is. De algemene informatie van de apotheker en bijlsluiter is in veel gevallen niet voldoende. Wendela Wessels: “MijnMedicijn.nl geeft een beeld van onder andere de algehele tevredenheid, de effectiviteit en de bijwerkingen van een bepaald middel in een groep medicijnen. Zo kunnen patiënten elkaar steunen in het gebruik van medicijnen en in een eventuele zoektocht naar een (alternatief) medicijn. Daarnaast geeft het een reëel verwachtingsspartroon rondom hun medicijngebruik.” Bijwerkingen Google is voor het platform heel belangrijk, want de meeste bezoekers komen in veel gevallen binnen via een zoekresultaat op een bepaalde medicijnnaam. Op de website vinden ze dan een onderverdeling tussen ‘ervaringen per medicijn’ en ‘ervaringen per categorie’ “Bezoekers kunnen door in te loggen zelf een mening geven of reageren op een mening van een ander”, aldus Wessels. “Een nieuwe mening of reactie komt in een vrijgiftenproces terecht, onder verantwoordelijkheid van een apotheker. Daar controleren we op technische en op inhoudelijke parameters. Een technische parameter is bijvoorbeeld dat één ontevreden patiënt niet tien keer zijn mening uit. Dat is nu eenmaal niet heel zinvol. Een inhoudelijke parameters is bijvoorbeeld dat er geen mensen worden zwartgemaakt of bijzondere verhalen worden geschreven. Inhoudelijk moet het gaan over iemands medicijngebruik en zijn of haar ervaringen daarmee. Als het daar niet aan voldoet dan komt het niet door het controleproces heen. Mocht een bezoeker aangeven dat hij ernstige bijwerkingen heeft naar aanleiding van het gebruik van een bepaald medicijn dan wordt iemand uitgenodigd via de mail om dit aan te melden bij het Lareb. Wij nemen de meldingen zelf in ontvangst...

Lees Verder
Familiebedrijf Ursapharm wil met nadruk een nichespeler blijven
Dec09

Familiebedrijf Ursapharm wil met nadruk een nichespeler blijven

Het Duitse farmaciebedrijf Ursapharm ziet de nadrukkelijke focus op oogziekten als haar belangrijkste sterkte. Het gepatenteerde doseersysteem dat het bedrijf voor zijn producten heeft ontwikkeld, zorgt voor een sterke marktpositie. Door zijn marktpositie heeft Ursapharm weinig last van de economische crisis. Het lijkt op het oog een gewoon flesje van het type waarmee je neusspray of oogdruppels toedient. Maar bij nadere beschouwing blijkt er aardig wat technisch vernuft aan ten grondslag te liggen. In het flesje huist een systeem met een zuiger, twee afzonderlijk van elkaar werkende kleppen, een dubbelwandige flacon en een gepatenteerd pompsysteem. ‘Het bijzondere van dit systeem is dat het luchtvrij is’, zegt Boris Röder, directeur corporate communicatie van het Duitse farmaceutische bedrijf Ursapharm Arzneimittel GmbH. ‘Als je dit systeem gebruikt, bijvoorbeeld om je ogen te druppelen, komt er een druppel van precies tien milliliter uit. Een flesje bevat inhoud voor 300 van zulke druppels van gelijke grootte. En bij het vrijkomen van zo’n druppel komt geen lucht bij de overige inhoud van het flesje, zodat die altijd steriel blijft. Dit betekent dat we aan de inhoud geen conserveringsmiddel hoeven toe te voegen, en dat die inhoud ondanks het ontbreken daarvan toch een half jaar na opening bruikbaar blijft.’ Dit flesje met het gepatenteerde COMOD-systeem vormde weliswaar niet het uitgangspunt van Ursapharm, maar betekende wel de doorbraak van het bedrijf. ‘Het feit dat we dankzij de toepassing van dit systeem geen conserveringsmiddelen hoeven toe te voegen aan onze producten, is onze belangrijkste claim to fame’, erkent Röder. ‘Conserveringsmiddelen kunnen schadelijk zijn voor de patiënt, dus als je de producten daarvan kunt vrijwaren, komt dat de veiligheid voor onze patiënten ten goede, zonder op enigerlei wijze compromissen te sluiten op het gebied van de kwaliteit van onze producten.’ Familiebedrijf Ursapharm werd in 1974 opgericht als familiebedrijf in Saarbrücken, door vier apothekers die zagen dat behoefte bestond aan specifieke producten voor de oogzorg. Het is een familiebedrijf en inmiddels staat de derde generatie van de familie aan het roer. ‘De Duitse markt maakt nog steeds een kleine vijftig procent van onze totale omzet uit’, zegt Röder, ‘We zijn in eigen land een van de marktleiders op het gebied van producten voor oogheelkunde. Maar we beginnen wel steeds meer actief te worden op de internationale farmaciemarkt. De eerste stappen op dit gebied hebben we twintig jaar geleden gezet en inmiddels zijn we al in ongeveer zeventig landen actief.  Onze marktpositie verschilt van land tot land dan ook nog sterk, want we zijn in een aantal landen nog aan het opbouwen en actie aan het ondernemen om onze producten in de apotheek te krijgen. Andere bedrijven proberen dit uitgangspunt te...

Lees Verder
Pagina 1 van 1012345...10...Minst recente »