Zorgpopulisme

In dit nummer vindt u een interview met Edith Schippers. Zij wijst op de explosieve groei van de kosten in de zorg en de consequenties daarvan. Een goed voorbeeld is het rumoer van een aantal weken geleden rond het uitgelekte conceptadvies van het College voor zorgverzekeringen (CVZ). Hierin wordt geadviseerd om te stoppen met het vergoeden van bepaalde medicijnen ter behandeling van de ziekte van Pompe en Fabry omdat ze te duur zijn en te weinig toevoegen. Gemeten naar de heftige reacties, lijkt het of het CVZ een steen in de vijver heeft gegooid. Er staat geen prijs op een mensenleven, is een veelgehoorde reactie.  Dat sommige deskundigen en politici zo reageren, komt vermoedelijk omdat ze het brengen van slecht nieuws liever aan anderen overlaten. We weten allemaal al heel lang dat er prijzen op mensenlevens staan. In Den Haag weten ze hoeveel levens in ontwikkelingslanden je kunt redden met een miljoen euro voor een vaccinatieprogramma. Deze wetenschap wil nog niet zeggen dat het geld er vervolgens ook komt. Kiezers stellen grenzen aan solidariteit. Dichter bij huis werkt het net zo. Er is bekend hoeveel dood en ellende er voorkomen kan worden door het netwerk van ambulanceposten te verdichten of door alle onbewaakte spoorwegovergangen te beveiligen. Ook hier wordt een grens getrokken die gebaseerd is op een kosten baten analyse. Even afgezien van het feit dat deze aanbeveling te rauw en te vroeg op het dak van patiënten is beland, doet het CVZ het werk waarvoor zij door de overheid is opgericht. Keuzes maken op basis van rationele argumenten zoals gewonnen QALY’s (een jaar leven in goede gezondheid) of verloren DALY’s  (verlies aan goede levensjaren) per zorgeuro. Dat politici ook niet rationele elementen, zoals compassie met de minder gelukkige medemens, meenemen in de eindbeslissing is niet verkeerd. Maar de populistische reflex van sommige volksvertegenwoordigers dat alles vergoed moet worden ‘zolang het geld in de medische sector tegen de plinten klotst’, is kortzichtig, misleidend en onverantwoord. Het is bovendien uitstel van executie want de grenzen van de budgetten en de solidariteit zijn al lang in zicht. Dit soort discussies zullen dus steeds vaker voorkomen. De keuze mag niet bij de arts neergelegd worden. Die is de advocaat van de individuele patiënt en geen scherprechter. De protocollen waarin staat wie bepaalde zorg wel ontvangt en wie niet en hoe de vergoedingen eruit zien, moeten uiteindelijk gelegitimeerd worden door onze volksvertegenwoordigers. De informatie van instellingen zoals het CVZ is nodig om goed te kunnen beslissen. In dit geval heeft Schippers groot gelijk door eerst te gaan onderhandelen met de industrie. We hebben er voor gekozen dat nieuwe medicijnen niet door de staat...

Lees Verder
“We moeten de verspilling tegengaan”
Dec09

“We moeten de verspilling tegengaan”

Ze staat aan het eind van haar ambtstermijn als minister van VWS, maar minister Schippers is nog lang niet klaar met de zorg. Al weet ze dat de minister van VWS in het nieuwe Kabinet een enorme klus te wachten staat. Want er zal immens bezuinigd moeten worden. Ja, ze gaat graag op voor een tweede termijn als minister van VWS. En waarom ook niet? ‘Ik heb getekend voor vier jaar, en daarvan is nu pas anderhalf jaar voorbij. Het werk is dus niet af. Bovendien is de gezondheidszorg een van de mooiste onderwerpen om je als politicus mee te mogen bezighouden. Maar goed, laat eerst de kiezer maar spreken op 12 september, dan zien we daarna wel verder.’ Het is duidelijk, Edith Schippers, minister van VWS, is nog niet klaar met de zorg, en dus ook niet met de farmaceutische zorgverlening. Ze is ook tevreden over enkele maatregelen die ze op dat gebied tijdens haar ambtsperiode heeft bereikt. Drie thema’s waren voor haar met name belangrijk. Zoals de budgetoverheveling van dure specialistische middelen naar de ziekenhuizen. Zo zijn per 1 januari 2012 de kosten van de TNF alpharemmers, plusminus vijftienduizend euro per patiënt per jaar, voor rekening gekomen van de ziekenhuizen. En per 1 januari 2013 zullen vermoedelijk ook een aantal dure oncologische geneesmiddelen en groeihormonen door de ziekenhuizen betaald moeten worden. Ook de overschakeling – eveneens per 1 januari 2012 – op een systeem van voorwaardelijke vergoeding voor veelbelovende geneesmiddelen en hulpmiddelen beschouwt Schippers als een succes. Schippers: ‘Dat houdt in dat zodra het geneesmiddel is geregistreerd, je vanuit de basisverzekering een vergoeding kan krijgen als het geneesmiddel veelbelovend is. Het bedrijf heeft dan echter wel de verplichting om alsnog aanvullend onderzoek te doen naar de kosteneffectiviteit en therapeutische meerwaarde van dat middel. Als daaruit blijkt dat de claims overeind blijven, dan kan het in het verzekerde pakket blijven. Zo niet, dan wordt het er weer uitgehaald. Toelating en uitstroom van geneesmiddelen zijn daarbij even belangrijk, want anders hebben we straks een overvloed aan nieuwe geneesmiddelen in de basisverzekering, en loopt de maatregel vast. Dat gaan we dus goed volgen.’ Cultuuromslag Het derde thema vormen de vrije tarieven. ‘We zien dat men in de farmacie meer doet voor dezelfde prijs. Dus in facto zijn de tarieven gedaald. Dat komt ook door de hoge contracteergraad van apothekers met zorgverzekeraars. Dat is altijd zo geweest, en er is ook altijd veel op ingezet. Ter vergelijking, bij de tandartsen ligt die contracteergraad veel lager – ook dat is altijd zo geweest – , en de tarieven daar zijn gestegen. Er bestaat kortom een verband tussen de contracteergraad en de prijsontwikkeling....

Lees Verder
De Zorgstandaard Astma in afrondende fase
Dec09

De Zorgstandaard Astma in afrondende fase

In Nederland lijden meer dan 500.000 mensen aan astma. Deze groep bestaat uit 350.000 volwassenen en 150.000 kinderen. Daarmee is astma een veel voorkomende chronische ziekte en onder kinderen zelfs de meest voorkomende chronische ziekte. Voor het bevorderen van optimale preventie en zorg voor mensen met astma ontwikkelt de Long Alliantie Nederland (LAN) de Zorgstandaard Astma Kinderen & Jongeren en de Zorgstandaard Astma Volwassenen. Daarnaast wordt momenteel hard gewerkt aan het versterken van de astma richtlijnen. In 2011 zijn de voorstellen voor de Zorgstandaard Astma Kinderen en Volwassenen in grote lijnen op papier gezet. In januari 2012 heeft het LAN bestuur het autorisatietraject voor deze Zorgstandaarden gestart. Dit traject bestond uit een ronde van consultatie en een autorisatie ronde. In het kader van deze consultatie vond eind maart van dit jaar een bijeenkomst plaats met alle betrokkenen en er bleek grote steun voor de opgestelde zorgstandaarden. FarmaMagazine spreekt met Agnes Kuijpers, openbaar apotheker bij Apotheek Stad van de Zon in Heerhugowaard en voorzitter van SIG longaandoeningen. SIG longaandoeningen is een Special Interest Group die werkt aan de ontwikkeling van de eerstelijns farmaceutische zorg voor mensen met een longaandoening. “De zorgstandaard is multidisciplinair opgezet. Daardoor waren alle disciplines die zorg verlenen aan mensen met astma vertegenwoordigd. Ik zit namens de apothekers in de werkgroep voor astma bij kinderen & jongeren. De structuur van de zorgstandaard was eigenlijk al vrij snel duidelijk. Maar de daadwerkelijke inhoud was complexer. De KNMP is inmiddels akkoord gegaan met de definitieve versie die nu neergelegd is. Dit geldt ook voor de andere disciplines. Als alles volgens planning verloopt zal de Zorgstandaarden Astma na de zomer, dus op zeer korte termijn, beschikbaar komen.” Actieve patiëntrol “De weg hiernaar toe is heel leerzaam en inspirerend geweest”, aldus Kuijpers. “Vooral omdat in de zorgstandaard de patiënt met astma de centrale rol inneemt. Het uitgangspunt is dat hij binnen zijn mogelijkheden een eigen verantwoordelijkheid heeft bij zijn behandeling en de beschikking heeft over een actueel en individueel zorgplan. De zorgstandaard beschrijf ook de reden hiervoor, namelijk dat een actieve rol bij het eigen zorgproces leidt tot krachtige effecten op de klachtbeleving en op de kwaliteit van leven. De patiënt (kind en ouders) wordt daarom partner in de zorg. Hoewel patiënten met astma centraal staan, is de zorgstandaard ook bedoeld voor zorgverleners en zorginkopers. Het voornaamste doel van de standaard is het bevorderen van optimale zorg bij astma door patiënten en zorgverleners duidelijkheid te geven over wat minimaal mag worden verwacht van een astma-behandeling en de organisatie hier omheen. De standaard vormt ook de basis voor het inkopen van ketenzorg door zorgverzekeraars. Centrale zorgverlener Hoe ziet de zorgstandaard er in...

Lees Verder
“Succes staat of valt met goede logistiek”
Dec09

“Succes staat of valt met goede logistiek”

In de voorgaande edities van FarmaMagazine zijn al een aantal belangrijke aspecten aan bod gekomen met betrekking tot OTC in de apotheek, zoals de vestigingsplaats van de apotheek, samenwerkingen in AHOED-constructies en het te kiezen winkelconcept. Daarnaast is uitgelegd hoe een kwaliteitsmanagementsysteem de apotheker kan helpen om een vertaling te maken van de klantwensen naar praktische veranderingen in de apotheek. “Maar,” benadrukt Wendy Kanters, eigenaar van LogiKa; “het succes hiervan valt of staat met een goede logistiek.” Als eigenaar van LogiKa, onderdeel van Profs4Zorg, een samenwerkingsverband van professionals in de eerstelijns zorg, adviseert Kanters bedrijven om hun logistieke processen te optimaliseren. Heel diverse bedrijven welteverstaan, van transportbedrijven tot apothekers, maar in hun logistieke processen hebben ze veel gemeen; ze hebben bijvoorbeeld allemaal te maken met magazijnindelingen, voorraadoptimalisaties en planningen. De zorgconsument gaat ervan uit dat hij goed en snel geholpen wordt in de apotheek. Daarbij zijn verschillende logistieke aspecten van belang. Kanters: “Assortiments- en voorraadbeheer krijgen vaak de meeste aandacht, ook als het gaat om OTC. Je kunt hele productlijnen op voorraad leggen, maar je kunt er ook voor kiezen om dit te beperken tot de hardlopers waardoor je weer extra ruimte overhoudt voor andere producten of productlijnen. Je wilt wel aantrekkelijke schappen, maar ook een gevarieerd aanbod. Daarnaast is het logistiek gezien beter om ervoor te zorgen dat het aantal leveranciers beperkt blijft.” Met de vraag hoe je hier een goede balans in krijgt houdt Wendy Kanters zich dagelijks bezig. “Logistiek begint eigenlijk al bij de bouw of verbouw van een apotheek. Een architect maakt vaak een prachtig ontwerp, maar het is op zo’n moment ook heel belangrijk om na te denken over hoe de klanten de apotheek binnen komen, hoe ze zich bewegen door de apotheek, waar de voorraadpunten zijn en waar de kasten zich gaan bevinden. Een goede architect houdt hier rekening mee, maar ik heb ook al wel eens meegemaakt dat de tekeningen al klaar waren, het er prachtig uitzag, maar dat in de praktijk de ruimte lastig werkbaar bleek. Als daar niet vanaf de start over nagedacht wordt kan dit het gehele logistiek proces in de war schoppen”. Klantbehoefte Daarnaast moet er ook gekeken worden naar de klantbehoefte op het moment dat hij de apotheek binnenkomt. “De ene klant wil alleen maar zijn herhaalmedicatie hebben en wil weer snel de deur uit. Die heeft dus geen behoefte aan een zorggesprek en al helemaal niet aan een wachtrij “, aldus Kanters. “Maar de andere klant wil juist graag weten hoe hij zijn inhalator goed moet gebruiken en heeft behoefte aan een duidelijke uitleg. Je moet de klanten daarom scheiden naar verschillende ‘zorgprocessen’,” verduidelijkt Kanters, die...

Lees Verder
Chiesi: partnerschap belangrijker dan marktleiderschap
Dec09

Chiesi: partnerschap belangrijker dan marktleiderschap

Het Italiaanse farmaceutische bedrijf Chiesi slaagt erin zijn focus op longziekten vol te houden, omdat het als private onderneming niet afhankelijk is van aandeelhouders die een snellere groei afdwingen. Dus is het in staat om binnen het domein van longziekten ook weesgeneesmiddelen te ontwikkelen en in samenwerking met professionals service- en opleidingsprogramma’s te ontwikkelen. Groot worden door klein te blijven. Misschien is dat wel de meest adequate beschrijving in één zin van de doelstelling van het Italiaanse farmaciebedrijf Chiesi. In tegenstelling tot de meeste andere farmaceuten is het in 1935 opgerichte Chiesi namelijk nog steeds een familiebedrijf. Het sluipt langzaam de top veertig binnen van de grootste farmaceutische bedrijven (bron: fiFacts farminform), maar is wel al actief in 65 landen verdeeld over vijf continenten, en vier onderzoekscentra en drie productiefaciliteiten. De omzet in 2011 van ruim een miljard euro is meer dan een verdubbeling ten opzichte van tien jaar daarvoor. “Wat ons sterk maakt, is onze duidelijke focus op longziekten”, zegt general manager Maurits Huigen van Chiesi Pharmaceuticals bv in Rijswijk. “We richten ons op astma/COPD, allergie, cystic fibrosis en neonatologie. En omdat we geen beursgenoteerde onderneming zijn, slagen we erin deze focus ongehinderd te behouden en onze expertise in deze gebieden verder uit te bouwen. Dit geeft erkenning en acceptatie bij onze partners en dat verklaart de sterke naam die we in de markt hebben opgebouwd. Ook proberen we meer te doen dan alleen geneesmiddelen ontwikkelen en op de markt brengen. We willen de behandelaars toegevoegde waarde bieden in het optimaal diagnosticeren en behandelen van hun patiënten. Hiervoor hebben we in samenwerking met hen een opleidings- en serviceprogramma ontwikkeld om in lijn met hun eigen richtlijnen de zorg te organiseren en te optimaliseren. Ook hier weer speelt het gegeven dat wij geen beursgenoteerd bedrijf zijn ons in de kaart: Chiesi denkt globaal, maar biedt de vestigingen wel de ruimte om lokale expertise te benutten. Die experts zitten in de individuele landen. En die zijn ook wel klaar met alleen maar een productgerichte aanpak van bedrijven, ze verwachten ook partnerschap.” Maatschappelijke rol In Nederland is Chiesi pas sinds vijf jaar actief. Met een groeiratio van 44 procent per jaar heeft het inmiddels de stap gezet naar een middelgroot bedrijf, met een omzet van circa negentien miljoen euro. “Ook in Nederland werken we volgens het model van partnerschap zoals ik dat zojuist beschreef”, zegt Huigen. “We staan heel dicht bij de professionals en stellen ons op als partners in het educatie- en zorgtraject. Zij weten immers welke kennis zij moeten ontwikkelen om stappen te zetten in de patiëntenzorg. Daarom ondersteunen we ook jong talent in researchprogramma’s, ondersteunen we de ontwikkeling...

Lees Verder
Kia Ora*
Dec09

Kia Ora*

Op de basisschool leerde ik dat als je een gat zou graven recht naar beneden, dwars door de aarde, dat je dan in Nieuw Zeeland zou uitkomen. Aldus geschiedde. Het was een stevige klus en eenmaal aangekomen bleek het niet mee te vallen om een apotheker te vinden die wilde meewerken. Totdat ik in contact kwam met een apotheker die zichzelf Mãori apotheker noemt. Maak kennis met: Wiremu Matthews uit Nieuw Zeeland, lid van The Mãori Pharmacists Association Inc (MPA). Mãori’s Nieuw Zeeland telt meer dan 4 miljoen inwoners. 70% van de bevolking is van Europese oorsprong; voornamelijk afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Duitsland en Ierland maar ook uit Zuid-Afrika. Mãori’s maken voor 14,7% deel uit van de bevolking. Het woord Mãori betekent ‘normaal’ of  ‘gewoon persoon’. Volgens hun overlevering zijn ze niet de oorspronkelijke bewoners. Ze kwamen wel enkele eeuwen eerder dan de Europeanen op Nieuw Zeeland. De Mãori’s anno 2012 hebben meer gezondheidsproblemen dan niet-Mãori’s. Er is een hoog percentage alcohol- en drugsmisbruik en veel Mãori’s lijden aan Obesitas. Ook het aantal gevallen van baarmoederhalskanker en diabetes is hoog. Omdat ze minder snel en minder frequent gebruik maken van gezondheidsdiensten worden diagnoses vaak laat gesteld wat invloed heeft op de behandeling. Dit alles heeft zijn weerslag op hogere morbiditeit- en mortaliteitcijfers. Hun levensverwachting ten opzicht van Nieuw Zeelanders met Europese voorouders is laag: Mãori’s leven 69 jaar tegenover niet-Mãori mannen 77.2 jaar. Bij de vrouwen is dit 73.2 jaar tegenover 81.9 jaar. Wiremu: ”Dat is inderdaad de situatie waarin we nu zitten. Dit laat zien hoe belangrijk een organisatie als het MPA is. Wij proberen andere professionals in de gezondheidszorg te overtuigen van de noodzaak om zich te focussen op deze kwetsbare groep. Wij als Mãori apothekers hebben daarin een verantwoordelijkheid en wij proberen op verschillende manieren zoveel mogelijk invloed te krijgen in de farmaceutische sector. Dat doen we onder andere door het geven van voorlichting en advies en het organiseren van netwerkbijeenkomsten, seminars en conferenties.” Positief Ook de economische situatie van veel Mãori’s is niet erg rooskleurig. Over het algemeen hebben ze minder vaak een eigen bedrijf en hun inkomen is lager dan bij de rest van de bevolking. Meer dan 50% van de Mãori’s leven van een minimuminkomen. Veel Mãori’s zijn werkloos en ook het aantal zelfmoorden is hoger dan bij niet-Mãori’s. Maar gelukkig is er ook positief nieuws: licht aan het einde van de tunnel. Wiremu: “Het tij begint langzaamaan te keren. Steeds meer Mãori’s beginnen tot de middenklasse te behoren. Ze hebben een goede opleiding en richten zich meer en meer op het leven dat voor hun ligt in plaats van blijven...

Lees Verder
Elzas, lang zo gek nog niet
Dec09

Elzas, lang zo gek nog niet

Na zeker tien jaar was ik voor een paar dagen terug in die enigszins truttige streek die Elzas heet. Het gebied van de foie gras en Munster kaas. Maar ook van de wat poppenachtige vakhuisjes uit de tijd dat de Elzas nog tot het Duitse rijk behoorde. Elf keer hebben ze er om gevochten, maar uiteindelijk trokken de Franse aan het langste end. De ligging van de Elzas is bijzonder. Beschermd door de Voghesen in het Westen en het zwarte woud in het Oosten maakt dat Colmar wel 300 zonnige dagen per jaar kent. Maar los van deze klimatologische omstandigheden is bovenal het terroir – de bodem – van de Elzas zo bijzonder. Het vooroordeel is groot als we het over deze streek hebben. Lange tijd was Elzas ruim vertegenwoordigd op alle wijnkaarten van de restaurants in Nederland. Maar dat is uitstervende. De Elzas is stoffig en ouderwets geworden. Niet het juiste cadeau waarmee je op een hip feestje verschijnt of waarmee je je schoonouders wilt verwennen. Nee, Elzas is passé. Onder gegaan aan het eigen succes, maar bovenal stil blijven staan. De tijd van dikke, zoete, licht oxidatieve wijnen is voorbij. Geef mij maar een droge Riesling uit Duitsland met mooie zuren, veel sap en verteerbaarheid. Maar ik kan u melden; niet iedereen is stil blijven staan. Na een zoektocht van een aantal dagen hebben we de nieuwe generatie wijnmakers gevonden. Jonge mensen die op een moderne manier ‘schone’ wijnen maken, een opluchting! Wij troffen de moeder van André Rieffel in Mittlebergheim. Na een redelijk cool onthaal mochten wij aan de proeftafel plaatsnemen. Met de eerste wijn hadden we meteen vuurwerk op tafel. Zuivere wijnen met veel smaak. Goede mineraliteit, maar bovenal; Lekker!   Aanbieding: 2007 Riesling ‘Wiebelsberg’ Grand Cru André Rieffel FarmaMagazine prijs € 18,95 FarmaMagazine geeft u de mogelijkheid om de Riesling ‘Wiebelsberg’ 2007 te bestellen. De wijn wordt in een doos bij u thuis afgeleverd. Dit is een artikel uit FarmaMagazine nr. 7 2012 Tekst: Sanne Staal en Jens vergouwen Iedere editie nemen de jonge gepassioneerde vinologen Sanne Staal en Jens Vergouwen van Wijnkoperij De Gouden Ton in ‘s-Hertogenbosch u mee in de wereld van de wijn. U kunt onze vinologen Sanne Staal en Jens Vergouwen ook bezoeken in hun winkel; De Gouden Ton, Hinthamerstraat 102 in ’s-Hertogenbosch.    ...

Lees Verder
Heerlijk nazomeren in stijl
Dec09

Heerlijk nazomeren in stijl

Het lijkt een trend te worden, zie ook het vorig jaar, dat de traditionele zomermaanden juli en augustus ronduit slecht weer bieden en dat in het voor- én najaar de werkelijke zomer verscholen zit. Grote kans dus dat de barbecue in september nog heel wat uren gaat branden in de gemiddelde tuin, park of dakterras. Het Italiaanse merk Boretti kan ervoor zorgen dat dit gezellige samenzijn ook geheel in stijl kan plaatsvinden. Noem de naam Boretti en bij de keuken- en kookliefhebbers gaat het bloed sneller stromen. Begin jaren 90 was het Boretti die de man in de keuken kreeg. Achter het fraaie en robuuste Boretti fornuis welteverstaan. En daar kennen wij het Italiaanse merk van, van die fornuizen. Maar inmiddels heeft Boretti een imposant en compleet assortiment keukenapparatuur opgebouwd en is het Italiaanse merk niet meer weg te denken uit de hoofden én de keuken van de echte kookliefhebber. Maar naast koelkasten, afwasmachines, (stoom)ovens en al het andere keukenapparatuur, levert Boretti ook Outdoor Kitchens, oftewel, luxe barbecues. Het Italiaanse gevoel Wat Boretti als merk onder andere zo sterk maakt, is dat het net even ‘anders’ is. Zo kan alle apparatuur in elke gewenste kleur geleverd worden. En daar is het merk uniek in. Uniek is ook het Boretti belevingscentrum vlakbij Amsterdam. Loop daar binnen en je ziet, voelt èn ruikt direct het Italiaanse gevoel. Niet in de laatste plaats vanwege de kok die alle apparatuur demonstreert, maar ook de bezoeker uitnodigt zelf mee te koken. En als je daar geen zin in hebt dan tovert hij in een mum van tijd een heerlijk Italiaans gerecht op tafel waarvan je kosteloos mag genieten. Outdoor Kitchens Een èchte Boretti, maar dan voor buiten. Dat is de beste omschrijving voor de Boretti Outdoor Kitchens van het merk. Deze zijn de gewone barbecue inmiddels voorbij en bieden het comfort die u ook in uw eigen keuken gewend bent. Boretti heeft inmiddels verschillende maten en uitvoeringen ontwikkeld. Het type ‘Da Vinci’ is een luxe alleskunner. Met drie onafhankelijk van elkaar opererende hoofdbranders van 3.8 kWh, ‘pakt’ hij verschillende soorten gerechten tegelijkertijd. Daarnaast biedt de Da Vinci een infrarood grillspit-brander, een infrarood bodembrander én een zijbrander waarop u bijvoorbeeld sauzen en soepen kunt bereiden. Uw barbecuegereedschap kunt u opbergen in de ruimte achter de twee deuren die eenvoudig te bereiken zijn. Hier is ook de eenvoudig aan- en af te sluiten gasfles veilig op te bergen. De Da Vinci Outdoor Kitchen is standaard leverbaar in zwart of wit, maar is in alle gewenste RAL-kleuren te bestellen. Boretti heeft ook een luxe kolen barbecue, de Nerone. Dit is de absolute top onder de hout- en/of...

Lees Verder
De keukentafel van Schippers
Dec09

De keukentafel van Schippers

Binnen onze sector is het niemand ontgaan. Het gaat al enige jaren achtereen niet de goede kant op met de resultaten van apotheken en groothandels in Nederland. Een neerwaarts trendkanaal waarbij de bodem nog niet gevormd is, zeggen ze dan op de beurs. Helder is wel dat er ondertussen bedrijven in de problemen geraken. Steeds meer geneesmiddelen worden door groothandels en apothekers met verlies geleverd aan hun klanten. Er komt een moment dat dit niet langer gaat. Zit je in beide sectoren tegelijk en heb je daarbij ook nog een relatief kostbare centrale organisatie zoals Mediq, Benu en Alliance, dan komen de klappen nog harder aan. Het resultaat van Mediq apotheken (inclusief de groothandel) daalde in het eerste kwartaal 2012 met maar liefst 68%. Bij de andere ketens zal het vermoedelijk niet veel beter zijn. De zelfstandige apothekers zullen gemiddeld genomen ook rake tikken krijgen, zij het niet van deze omvang. Inmiddels komt onder invloed van de diverse koepels KNMP, Napco, LVG, ASKA en BG Pharma, de publiciteit rond deze slechte resultaten op gang. Brieven, artikelen en rapporten rond dit thema waren o.a. aanleiding tot Kamervragen op het laatste AO Geneesmiddelenbeleid. Daar werd duidelijk dat Schippers niet wil ingrijpen in deze prille vrije markt en werden apothekers verwezen naar de zorgverzekeraars. ZN wil in ruil wel graag een kijkje in de boeken. Onze liberale minister lijkt hierbij niet erg koersvast. Als tandartsen op de vrije markt rond de 10% duurder blijken dan in 2011, wordt er direct gedreigd met ingrijpen via de NZa. Als apothekers tienduizenden euro’s inleveren en daardoor een deel van hen dreigt om te vallen, is dat marktwerking en wordt er verwezen naar de verzekeraar. In deze ‘vrije markt’ mag kennelijk alles zolang het eindresultaat maar een lagere prijs is. Anders zit je zo weer vast aan een budget of tarief van de NZa. Geen wenkend perspectief voor nieuwe toetreders. Ondertussen moeten de zittende ondernemers naar de verzekeraars die vorig jaar riepen; budget 2011 is uitgangspunt voor budget 2012. Wat apothekers en groothandels in 2012 ingeleverd hebben moet aan de andere kant dus als meevaller ingeboekt zijn. Op basis hiervan zou een goed gesprek met de verzekeraars mogelijk moeten zijn. Je zit als apotheekbedrijf dan alleen niet aan het langste eind van de tafel. Ik ben benieuwd. Er zijn verzekeraars die zeggen dat het met een paar honderd apotheken minder ook prima marcheert. Enig begrip voor de demissionaire minister is er natuurlijk wel. Het is duidelijk dat de kostenstijging in de zorg nog verder aan banden gelegd moet worden. Ook de farmaceutische sector ontkomt niet aan Edith’s keukentafel discussie. Een nieuwe ministersploeg mag straks de tanden...

Lees Verder
“Er blijft genoeg werk over voor de eerstelijns openbare apotheker”
Dec09

“Er blijft genoeg werk over voor de eerstelijns openbare apotheker”

De verhouding tussen eerstelijns openbare apotheek en tweedelijns ziekenhuisapotheek is in beweging. Want met het overhevelingsbeleid van de overheid, neemt de poliklinische- en ziekenhuisapotheek steeds meer taken van de eerstelijns openbare apotheker over. Toch hoeven deze niet bang te zijn werk en inkomsten te verliezen, stelt Frans Lindelauf, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA), de eerstelijns openbare apothekers gerust. De scheidslijn tussen eerste- en tweedelijnsapotheek verdwijnt in snel tempo. Die conclusie moet je wel trekken als je goed luistert naar de woorden van Frans Lindelauf, ziekenhuisapotheker in het St Jansdal in Harderwijk en voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA). Tot 2000 was het glashelder wat de taken waren van de eerstelijns openbare apotheker en de tweedelijns ziekenhuisapotheker. De eerste verstrekte de door de huisarts of specialist voorgeschreven medicijnen en de tweede zorgde ervoor dat artsen en verpleegkundigen in het ziekenhuis konden beschikken over de juiste geneesmiddelen in de juiste doseringen. Met de budgetoverheveling van dure geneesmiddelen naar de ziekenhuizen verandert dat allemaal. Zo kwamen per 1 januari 2012 de kosten voor de TNF alpharemmers, ongeveer vijftienduizend euro per patiënt per jaar, voor rekening van de ziekenhuizen. En per 1 januari 2013 zullen vermoedelijk ook een aantal dure oncologische geneesmiddelen en fertiliteitsproducten door het ziekenhuis betaald moeten worden. En daar blijft het niet bij, denkt Lindelauf. “Ik verwacht dat ziekenhuizen in de toekomst voortaan per definitie de kosten moeten dragen van nieuwe dure geneesmiddelen. De minister wil dat de voorschrijvers, dat zijn de medisch specialisten en namens hen de ziekenhuizen, deze middelen gaan betalen omdat ze vindt dat degene die voorschrijft ook verantwoordelijk is voor de kosten.” Lindelauf kan zich wel iets bij deze gedachte voorstellen. Des te meer omdat deze verschuiving, zowel van kosten als van verstrekking van geneesmiddelen, volgens hem de kwaliteit van de farmaceutische zorg ten goede komt. “Naarmate je iets vaker doet, bevordert dat de kwaliteit van jouw handelen. Een chirurg mag daarom alleen een slokdarmoperatie uitvoeren bij een patiënt met slokdarmkanker als hij jaarlijks tenminste twintig van deze operaties doet. Het is daarom vreemd dat we de verstrekking van dure en zeldzame cytostatica verdunnen over de tweeduizend openbare apotheken in Nederland. Sommige openbare apothekers zien nooit een patiënt die dure cytostatica gebruikt, anderen niet vaker dan twee á drie per jaar. Daarmee bouw je geen expertise op. We kunnen de verstrekking daarom beter via de ziekenhuizen laten verlopen, hoewel dat niet voor alle cytostatica nodig is. Tamoxifen bijvoorbeeld wordt vaak voorgeschreven bij patiënten met borstkanker en kent een follow-up therapie van vijf jaar. Dat kan een openbare apotheker uitstekend monitoren. Maar een cytostaticum als Capecitabine (Xeloda®) wordt veel minder vaak voorgeschreven...

Lees Verder