“We stappen er met z’n allen in”

Zorgverlening aan diabetespatiënten werkt het beste vanuit multidisciplinaire samenwerking tussen zorgprofessionals, waaronder ook apothekers. Sommige zorggroepen in Nederland zijn daar al ver mee. Ondertussen wordt ook in het overheidsbeleid deze samenwerking steeds beter gewaarborgd. In Alphen aan de Rijn wachten de apothekers niet op het initiatief van andere zorgverleners, maar nemen ze zelf het heft in handen. De regio kent inmiddels twee diabeteszorggroepen en het bijzondere is dat de apothekers er bij alle twee vanaf het begin bij betrokken zijn, vertelt Marianne van de Berg, apotheker in de DagNachtapotheek in Alphen aan de Rijn. “De meeste diabeteszorggroepen zijn monodisciplinair van opzet, er zijn voornamelijk huisartsen bij aangesloten. Andere zorgverleners, waaronder apothekers, worden dan meestal later uitgenodigd om deel te nemen, maar alle afspraken zijn dan al gemaakt en de zorgplannen vastgesteld. Als apotheker heb je dan minder invloed. Wij hebben gekozen voor de omgekeerde volgorde. Dat zie je ook terug in de organisatie van onze zorggroepen. Die hebben allebei een stichting met in het bestuur een fysiotherapeut, een huisarts en een apotheker. Apothekers zijn daarmee bestuurlijk gelijkwaardig aan de huisartsen. En dat is prettig, zeker wanneer er discussies in de zorggroep ontstaan over wie wat doet. Wie geeft bijvoorbeeld de inhalatie-instructie, de huisarts of de apotheker? Als we daar als zorggroep niet uitkomen, spelen we zo’n vraag door naar het stichtingsbestuur. En die – leert de ervaring – komt er altijd uit. Het bestuur neemt dan een besluit waar de gehele zorggroep zich aan committeert.” De twee diabeteszorggroepen in Alphen aan de Rijn werken met multidisciplinaire zorgplannen. Van de Berg: “We beschrijven daarin hoe we de diabeteszorg organiseren, waarbij we uitgaan van de NDF Zorgstandaard Diabetes en diverse beroepsrichtlijnen. Een goede voorlichting en meer zelfmanagement van de patiënt zijn daarbij belangrijke items. We organiseren bijvoorbeeld groepscursussen voor diabetespatiënten en hun partners, waarbij we hen op een interactieve manier voorlichting geven. We vragen bijvoorbeeld waar volgens hen meer calorieën in zitten: in spaghetti, rijst of aardappels? Het antwoord is rijst, maar de meeste patiënten weten dat niet. Ze vinden ons cursusaanbod geweldig, omdat ze dingen leren die ze niet wisten. Voor ons is dat een eyeopener. Onze reguliere voorlichting vindt blijkbaar vaak niet zijn weg naar de patiënt.” De diabeteszorggroepen werken ook met het individueel zorgplan van de patiënt. “Het heeft geen zin om met een straffe roker af te spreken dat hij in één keer moet stoppen met roken. Het is verstandiger om daarvoor termijnen af te spreken. Door dat samen met de patiënt te doen, maak je hem medeverantwoordelijk en dat motiveert. Het is natuurlijk veel werk om met iedere patiënt een zorgplan op te stellen, maar die...

Lees Verder
Naar de hoeren
Dec09

Naar de hoeren

Het is een prachtige dag als ik ‘s morgens om kwart over negen terugkom van wat ik steevast ‘het pillen ontbijt van Amsterdam’ noem. Ik heb dat overleg een keer per week , ‘s morgens met Ferry Koper. Samen organiseren wij de NieuweZorg bijeenkomsten. Recent nog over populatie bekostiging in de Noeroel Islam Moskee in de Haagse Schilderswijk. Kijk dan heb je het tenminste ergens over. Van het pillen ontbijt naar mijn volgende afspraak loopt ik langs de Ruysdaelkade. Je komt dan langs de hoeren. Dat kan niet anders. Van mijn ouders moet ik een oog voor details meegekregen hebben, of zo u wilt een oog voor treurnis. Er staat een man, een keurige man, naast zijn fiets met kinderzitje. Hij staat zorgvuldig zijn vleeswaren uit te zoeken. U hoort van mij geen oordeel. Dhr Phil, Arie Boomsma en God gaan hier over en dat wil ik graag zo houden. Maar wat mij intrigeert; hij is kaal. Niets bijzonders zult u zeggen. En dat is ook zo. Het euvel komt vaker voor bij mijn soortgenoten. In Amsterdam halen mannen heel veel haar weg. Tenminste dat zie ik op de sportschool. Voor geïnteresseerden; jongens full boyzillian 50 euro, voor de meisjes full brazillian 40 euro. Van onder wil 68 procent helemaal kaal, 22 procent wil een streepje en gekker moet het niet worden anus bleken: 35 euro. Hip joh. Toch is dat jammer want goed beschouwd zijn mensen van nature al zo kaal. Hier en daar een plukje. Andere diersoorten niet. Die hebben een vacht, wij mensen steken daar graag onze handen in om ze te aaien. Daar zijn wij mensen dol op. Bij elkaar doen we dat ook. Tenminste als we verliefd zijn. Gemiddeld een jaar of drie. Daarnaar gaan we trouwen, bijten, sissen en nemen we als sublimatie een kat op schoot. Voor seks de korte route. Het is niet anders: O, o Cherso in de Vinex-wijk. Het is niet mijn verdienste maar ik kan u bekennen dat ik nooit naar de hoeren ben geweest. Ik durf niet en het is mijn ‘ding’ niet als ik me zo mag uitdrukken. Binnenkort moet ik in het kader van de Masterclass Nieuwezorg 3.0 die wij met Ab Klink organiseren een persoonlijkheidsvragenlijst invullen. Ik krijg dan een keurig rapport van Derks & Derks over hoe innovatieproof ik ben. Het zal allemaal wel. Nu ken ik een psycholoog en promovendus in spe, gespecialiseerd in de grootste lastpakken die er zijn: borderliners. Het is een uitgelezen gelegenheid mij ook even wat vragenlijstjes in te laten vullen. Wetenschappelijk op zoek naar weeffouten in mijn karakter. Met uw goedvinden houd ik de uitkomsten voor mezelf....

Lees Verder
“Zelfstandige apothekers moeten niet langer alleen doorworstelen”
Dec09

“Zelfstandige apothekers moeten niet langer alleen doorworstelen”

“We staan op het punt de laatste diensten die nog ontbraken aan ons aanbod richting apothekers te introduceren”. Dat stelt Jan Dirk Jansen, sinds maart 2012 algemeen directeur van Pluripharm. “Onze dienstverlening aan openbare apotheken organiseren wij vanuit drie bedrijfsonderdelen. De groothandel vanuit Pluripharm, onze logistieke services zoals central filling en baxtering vanuit Pluripack en de overige diensten vanuit Pluriplus.” “Pluripharm en Pluripack zijn al uitstekend georganiseerd en gepositioneerd”, benadrukt Dirk-Jan van Baars, directeur Inkoop en Commercie. “Natuurlijk werken we ook hier continu aan verbeteringen maar de apothekers die wij leveren zijn over het algemeen zeer tevreden over de prijs kwaliteit verhouding van Pluripharm en Pluripack. Dat zien we ook aan de stevige groei van het aantal klanten en het aantal central filling en baxtering regels in de afgelopen jaren. Wat wij nog verder wilden uitbreiden was de ondersteuning van het apotheekbedrijf als het gaat om de backoffice, de uitvoering van zorgprojecten, de verkoop van OTC en de onderhandelingen met verzekeraars. Kort gezegd, de activiteiten die onze concurrenten aanbieden via hun formules. Wij hebben hiervoor bijna twee jaar geleden Pluriplus opgericht die een soortgelijke ondersteuning aanbiedt, maar dan zonder branding, zodat de apotheker onder eigen vlag kan blijven werken”. Nexus datawarehouse “En juist op dit bedrijfsonderdeel zijn we nu gas aan het geven”, zegt Rijk Jurg, directeur ICT en Pluriplus. “Het afgelopen jaar is fors geïnvesteerd in Nexus, ons intelligente datawarehouse dat onder andere gevuld wordt vanuit de AIS’en van onze klanten. Met de ingebouwde intelligentie kunnen we voor alle aangesloten apotheken centraal analyses maken op allerlei interessante terreinen, zoals ongewenste geneesmiddelen combinaties, overtollige of ontbrekende medicatie, onjuiste doseringen, gebrekkige therapietrouw of persistentie en doelmatigheid, zoals het substitueren van onnodig dure middelen door meer doelmatige alternatieven in een therapeutische cluster. Deze analyses kan de apotheek in een overzichtelijke rapportvorm via internet opvragen en met de patiënt en arts afhandelen. De afhandelingswijze wordt door de apotheker online in Nexus vastgelegd en vervolgens weer beschikbaar gesteld in prestatierapportages. Het centraal beschikbaar hebben van deze analyses, interventiemogelijkheden en rapportages geeft Pluriplus een sterke onderhandelingspositie naar de industrie en de zorgverzekeraars”. Ondersteunen onderhandelingen met verzekeraars Gaat Pluriplus dan onderhandelen? “Pluriplus wil niet beslissen hoe de onderhandelingen met de verzekeraars ingericht moeten worden of rechtstreeks deelnemen aan de onderhandelingen”, stelt van Baars. “Pluriplus biedt de zelfstandige, onafhankelijke apothekers hiermee een betere uitgangspositie bij de onderhandelingen. Onze ondersteuning bestaat uit Nexus, de financiële analyse van contracten en het leveren van professionals voor het onderhandelen zelf en de juridische en financiële adviezen”. Pluriplus gaat nog een stap verder vult Jansen aan. “Wij hebben lang nagedacht hoe we onze klanten en alle andere zelfstandige apothekers, want dat...

Lees Verder

De gebruiksaanwijzing van de apotheek

De vorige editie van FarmaMagazine spraken we met Lieme Huib Osinga, consultant bij Maarn Consult en Limpens en Partners, over het belang van klanttevredenheidsonderzoeken in de apotheek. Daar middel van klanttevredenheidsonderzoek kom je erachter wat de zogenaamde ‘zorgconsument’ nu precies wil. Deze editie praten we verder met Osinga, maar ditmaal over de daarop volgende stap. Want als je naar aanleiding van klantonderzoek strategische veranderingen wilt doorvoeren dan is een goede interne organisatie een must. Een kwaliteitmanagementsysteem in de apotheek kan daarbij helpen. Osinga vergelijkt het kwaliteitsmanagementsysteem met de gebruiksaanwijzing van de apotheek. “Daarin staat precies beschreven hoe de apotheek functioneert, met welke aanpak en voor welke belanghebbenden. Met een goed kwaliteitssysteem zorg je ervoor dat alle dingen die je doet op papier zijn vastgelegd en dat is nu precies wat ook nodig om als apotheek een HKZ certificaat te behalen. Daarmee kom je als apotheek in aanmerking voor contracten met zorgverzekeraars, want zonder het certificaat kan het zijn dat de zorgverzekeraar andere eisen aan je gaan stellen als apotheker. Vooralsnog zijn er veel apotheken die deze dwang vanuit de zorgverzekeraar als vervelend ervaren, maar steeds meer apotheken draaien het om en gebruiken het kwaliteitsmanagementsysteem als instrument om zichzelf eens goed in de spiegel te bekijken, grondig na te denken over het eigen functioneren en daarnaast in te spelen op kansen in de markt.” Marketinginstrument “Een van de belangrijkste onderdelen van een kwaliteitssysteem is dat de apotheek constant zichzelf verplicht om bij te sturen en zich aan te passen aan veranderingen”, aldus Osinga. “Het juiste moment daarvoor is vooral de terugkerende ‘managementreview’, waarin de apotheker wordt gevraagd om het beleid jaarlijks te herzien. HKZ spreekt over een aantal onderwerpen die de revue dienen te passeren, waaronder ‘de ervaringen van klanten’ in de vorm van een klanttevredenheidsonderzoek. Als blijkt uit het resultaat dat de wachttijden bijvoorbeeld te lang zijn, dan moet de apotheek dit probleem aanpakken en verbeteringen aanbrengen. Het kwaliteitssysteem kan de apotheek op haar beurt weer laten certificeren, in dit geval wordt de apotheek beoordeeld op haar verbetervermogen en één keer per jaar wordt gekeken of de apotheek zich ook daadwerkelijk ‘structureel verbeterd’. Een mooie bijkomstigheid is dat zo’n certificaat ook dient als een indirect marketinginstrument, want daarmee laat je aan de andere spelers in de markt, zoals bijvoorbeeeld de verzorgingshuizen, zien dat de zaken op orde zijn.” Belangengroepen in kaart Naast de jaarlijkse managementreviews is het ook belangrijk dat apotheken lange termijnplannen maken. Hierin moet onder andere de lange termijn missie, -visie en -kernwaarden beschreven worden. Osinga noemt hiervan een voorbeeld: “Een missie kan bijvoorbeeld zijn; ‘Wij zijn een klachtgerichte apotheek waar mensen prettig werken.’ Hieruit kun je...

Lees Verder

Er vallen gaten in de witte jas

We horen de laatste tijd steeds meer alarmerende geluiden over de financiële situatie van de apothekers in de geliberaliseerde markt. Maar hoe zit dat nu precies? We leggen het voor aan Johan Heuker, vennoot en fiscaal jurist bij Noord Negentig en Martin Favié, adviseur voor financiële, bedrijfseconomische en bestuurlijke processen bij de VvAA. Wat kunt u zeggen over de financiële situatie van de gemiddelde apotheek in uw bestand? Heuker: “Het verdienmodel van apothekers is de afgelopen jaren met hele grote stappen achteruit gegaan vanwege het preferentiebeleid. Daarbij is geen of onvoldoende rekening gehouden met de financiële verplichtingen die apothekers in het verleden zijn aangegaan, dan praat ik over 2007, 2008 en 2009. Toen zijn er namelijk voor de goodwill van een apotheek aanzienlijke bedragen betaald. Wanneer het verdienmodel terugloopt, kunt je je afvragen in hoeverre toentertijd een zakelijke prijs is betaald. Daar kopen de apothekers (met name de jonge apothekers) heel weinig voor, omdat zij geconfronteerd worden met een aflossingslast die elke maand doorloopt. Als men dan vervolgens vanuit de politiek gaat stellen dat het verdienmodel voor apothekers beperkter moet worden, dan kun je op je vingers natellen dat dat op een gegeven moment wringt. Het preferentiebeleid en de teruglopende regelvergoedingen maken het heel lastig om voldoende marge te genereren om aan alle verplichtingen te kunnen voldoen.” Favié: “Er zijn dit jaar grotere verschillen tussen de apothekers ontstaan. Er zijn in ieder geval drie problemen duidelijk zichtbaar. Ten eerste is door de vrije tarieven het gemiddelde tarief gedaald. Het aantal voorschriften is wel toegenomen, maar de rekensom ‘voorschriften x tarief’ komt iets lager uit dan vorig jaar. Dus de apothekers moeten meer doen voor minder geld. Daarnaast lopen de kortingen verder terug, maar de apothekers betalen nog steeds een claw back of geven een korting op de declaratie. Ten derde moeten apothekers soms afspraken maken met verzekeraars op prijzen uit het verleden terwijl die producten nu duurder zijn geworden, waardoor de apothekers er geld op toe leggen. Bij elkaar opgeteld betekent dit dat het niet goed gaat in veel apotheken. Vorig jaar hebben wij onder grote druk contracten getekend, zonder dat we de tijd kregen om dit voor 100% goed door te rekenen. Dat moeten wij nooit meer doen, we moeten meer tijd nemen voor contracten en nee tegen zorgverzekeraars zeggen als het gewoon niet kan, omdat het de bedrijfsvoering onder druk zet. De vraag is dan ook of het reëel was dat we binnen twee weken een contract moesten tekenen. Dit moeten we ons dan de volgende keer ook niet meer laten gebeuren. Als de toekomst uitwijst dat de afspraken tot slechte resultaten gaan leiden, dan moeten we...

Lees Verder

Initiatief van bevlogen en betrokken apothekers

Al tien jaar organiseert de Stichting Geluk en Vrijheid een onvergetelijke dag voor chronisch zieke kinderen middels de ‘Vet Cool Man’ Tourrit. De stichting bestaat geheel uit apothekers en apothekers in opleiding en zet zich belangeloos in om een jaarlijkse Vet Cool Man Tourrit voor chronisch zieke kinderen en hun familie (ouders, verzorgers, broertjes en zusjes) te organiseren. Op 16 juni jl. gingen de kinderen weer van start vanuit het testcircuit van de RDW in Lelystad, de uitvalsbasis van de tourrit. We spreken met het bestuur van de tourrit over hun rol binnen de stichting en wat de motivatie is om aan dit evenement mee te werken. Bevlogen Jaarlijks rijden er circa 200 Porsches mee en zijn er meer dan 200 deelnemers aanwezig met hun familie. Rick Henderik is bestuurslid van de VCM Tourrit en sinds april werkzaam bij de Hoogravense apotheek in Utrecht als tweede apotheker. “Je kunt je voorstellen dat de tourrit een hele organisatie is, zoals de selectie van deelnemende kinderen, de coördinatie met ziekenhuizen en ouders/verzorgers, het regelen van Porscherijders en circuit, het waarborgen van de veiligheid, het werven van sponsoren en noem zo maar op. Ik hou me vooral bezig met alle organisatorische werkzaamheden rondom het circuit en fungeer als penningmeester.” Aris Prins is voorzitter Stichting Geluk en Vrijheid en werkzaam als apotheker bij apotheek Monster. Hij is vanaf het eerste moment betrokken bij de Tourrit. Ondanks dat hij laatste jaren de organisatorische werkzaamheden steeds meer overdraagt aan de nieuwe leden, is hij nog altijd even bevlogen over het project. “Als apotheker heb je een unieke mogelijkheid om je door middel van dit initiatief te profileren en je op een andere manier te laten zien. We kunnen onszelf als zorgverlener op de kaart zetten en dat vind ik belangrijk. Van oudsher worden we toch gezien als een obstakel tot het verkrijgen van medicijnen, in tegenstelling tot een bewaker van het dossier met medicatiegegevens. Die laatste rol is nog steeds een rol die in de publieke opinie lastig voor elkaar te krijgen is. Negatieve berichtgeving geeft nu eenmaal sneller door dan positieve berichtgeving. Ik denk dat we in de huidige tijd als apotheker een degelijke meerwaarde kunnen laten zien door middel van zulk soort initiatieven. Onze kijk naar patiënten zal daardoor misschien niet heel veel veranderen, maar we merken andersom, dat de blik van de mensen waarvoor je het organiseert naar ons toe wel verandert. Als je namelijk een kind in de apotheek hebt waarvoor je het evenement organiseert, dan ontstaat er een nieuwe relatie met zo’n familie, waardoor het contact in de apotheek verbetert.” Meerwaarde tijdens studie Ook voor Thijs Rooimans, student farmacie in...

Lees Verder

Samenwerking is de basis voor GlaxoSmithKline

Het oude R+D-model dat gericht is op ontwikkeling van “blockbusters” voldoet niet meer, stelt GlaxoSmithKline. Hiervoor in de plaats heeft het een model ontwikkeld waarin al in een vroeg stadium samenwerking wordt gezocht met de wetenschap en met kleine ontwikkel- en biotechbedrijven. Vorig jaar leidde dit tot de introductie van zeven nieuwe geneesmiddelen voor ziekten waaraan kleinere aantallen mensen lijden. Marcel Joachimsthal, algemeen directeur van GlaxoSmithKline, beseft terdege hoe bijzonder het is dat dit bedrijf in de zo sterk veranderende farmaceutische markt nog steeds groeit. “We zijn groot geworden – wereldwijd een top drie speler – met een beperkter aantal geneesmiddelen voor grote patiëntenpopulaties”, vertelt hij. “Dat geeft je bedrijf kritische massa, maar dat model is inmiddels steeds minder houdbaar aan het worden. De tijd van de ‘blockbusters’ is voorbij en we hebben bovendien te maken met een stringenter vergoedingenbeleid van de overheid. We beseffen niet meer te kunnen overleven door jaarlijks met één in een brede populatie toe te passen nieuw geneesmiddel te komen, en richten ons dus op de ontwikkeling van vijf tot zeven geneesmiddelen per jaar voor kleinere ziektebeelden. Dit vraagt om een ander R+D-model en samenwerking met de academie en small business enterprises. En het feit dat we vorig jaar inderdaad erin geslaagd zijn zeven nieuwe geneesmiddelen te introduceren voor specifieke patiëntengroepen, bewijst dat we hiertoe in staat zijn.” Van intern naar extern GlaxoSmithKline heeft dus de stap gezet van eerst geheel op de eigen interne R&D gefocust zijn via vervolgens het aankopen van onderzoeksbedrijfjes naar nu cocreatie met samenwerkingspartners. Veel minder risicovol dan de oude werkwijze, betoogt Joachimsthal, “omdat je in een vroeger stadium samen met anderen toetst of iets potentieel meerwaarde heeft en je risico’s over meerdere partijen en fasen spreidt”. Hij erkent dat dit enorme gevolgen heeft voor de manier van werken van het bedrijf. “Toch is het noodzakelijk”, stelt hij, “en de bedrijven die deze omslag niet kunnen maken, zullen het heel moeilijk krijgen.” Gezondheidswinst aantonen In de jaren tachtig en negentig was het relatief eenvoudig om een vergoeding en een prijs te krijgen voor een nieuw geneesmiddel, zegt Joachimsthal. “Dat is nu niet meer zo. Het College voor Zorgverzekeringen kijkt naar de therapeutische waarde van een nieuw middel in relatie tot de standard of care, naar de kosteneffectiviteit en naar de budgetimpact op het totale systeem. Dat tweede en derde aspect speelde in het verleden nauwelijks een rol. Dat dit nu wel meetelt, heeft invloed op hoe je als bedrijf onderzoek doet. Het betekent dat je al in een vroeg onderzoeksstadium vaststelt wat de patiënt nodig heeft en de kosteneffectiviteit van je ontwikkeling toetst. We moeten kortom de gezondheidswinst vanuit...

Lees Verder

Een Griekse tragedie

Volgens de Griekse filosoof Aristoteles is het de bedoeling van een tragedie om ‘angst en medelijden’ op te wekken bij het publiek totdat de catharsis wordt bereikt. Het eerste is bij mij zeker gelukt. Het bereiken van een catharsis daarentegen zal er voorlopig niet inzitten; de toestand in Griekenland is een tragedie zonder louterend effect. De schappen in steeds meer apotheken worden met de dag leger. Op het moment is er een tekort aan allerlei farmaceutische artikelen. Niet alleen is er een gebrek aan veel basismedicamenten zoals pijnstillers en zelfs alcohol maar ook insulinepreparaten en medicijnen tegen hart- en vaatziekten en psychische aandoeningen zijn steeds moeilijker te verkrijgen. Over deze en andere problemen een gesprek met Roxani Ossa; een van de 12000 Griekse apothekers. Roxani Ossa is 45 jaar en woont met haar man in de regio Drama in het noorden van Griekenland. Ze studeerde Pharmaceutical Science aan de Universiteit van Patras en haalde in 1995 haar diploma. Samen met drie werknemers runt ze een apotheek in het dorp Mikropoli in Drama. En ze is de trotse eigenaar van de online apotheek: pharmacyonline. Deze apotheek werd in 2005 opgericht en was toentertijd een van de eerste online apotheken in Griekenland. Daarnaast is Roxani Ossa bestuurslid van de Pharmaceutical Association of Drama. Financiering Apotheken in Griekenland worden voornamelijk gefinancierd door zorgverzekeraars. Patiënten betalen – afhankelijk van hun ziekte – een eigen bijdrage voor medicatie. Uitgezonderd diabetespatiënten die niet hoeven te betalen voor hun insuline. OTC-middelen worden niet vergoed. Roxani Ossa: “Op 23 mei heeft de Panhellenic Pharmacists Association besloten om geen medicijnen meer op krediet te verstrekken totdat de nationale zorgverzekeraar (EOPYY) alle reeds uitgegeven recepten heeft vergoed. Dat is een klap voor patiënten die in deze diepe crisis ieder dubbeltje moeten omdraaien. Zij moeten door deze maatregel eerst hun medicijnen volledig betalen en vervolgens hun geld van het EOPYY terugvorderen.” Tekorten In Griekenland is een groot tekort aan verschillende farmaceutische artikelen. De redenen voor de tekorten zijn complex. Een belangrijke oorzaak ligt bij de Griekse regering die de prijzen voor geneesmiddelen bepaalt. Als onderdeel van algehele bezuinigingen heeft de regering de prijzen van medicijnen het afgelopen jaar verlaagd om op deze manier kosten te besparen. Deze maatregel heeft echter geleid tot het ontstaan van een parallelle markt waarbinnen farmaceutische fabrikanten en groothandels hun medicijnen in het buitenland verkopen. Daar liggen de prijzen aanmerkelijk hoger en kan aanzienlijk meer winst worden gemaakt. Soms krijgen ze daar het tienvoudige van de oorspronkelijke prijs. Om deze praktijken een halt toe te roepen, adviseren de apothekers het gezondheidsministerie om een elektronisch registratiesysteem in het leven te roepen waarbij elke geëxporteerde verpakking geregistreerd wordt....

Lees Verder
Rosé – part of the family
Dec09

Rosé – part of the family

Elke zomer hoor ik weer dezelfde vragen, hoe is de rosé dit jaar? Volgens mij is het een écht rosé jaar. Rosé is toch al lang uit? Eigenlijk weet niemand het en drinken wij Nederlanders het ineens weer bij de eerste zonnestralen van het jaar. We denken aan onze zuidelijke vakanties in Frankrijk met gezellige lunches in pittoreske dorpjes. Die zwoele zomeravonden op het terras achter in de tuin en die gezellige picknick met vrienden in het park. De associatie met al het goede des levens komt samen in dat ene glas. Daar waar de zon schijnt wordt rosé gedronken en logisch natuurlijk. Als het acht maanden per jaar 30 + graden is heb je niet altijd zin in een glas rood of wit. Dan wil je ook weleens wat anders. En drink je liever iets verfrissends dan een spontaan verkregen glühwein in de volle zon. We kennen rosé in alle soorten en maten. Van de hele lichte, zalmroze uit de Provence tot aan de donker gekleurde rosé uit Spanje en alles wat daar tussenin zit. En even voor de duidelijkheid; rosé is niet het simpele proces van het mengen van witte- en rode wijn tot de juiste kleur is verkregen. Los van het feit dat dit (op Champagne na) binnen de Europese wetgeving niet is toegestaan heeft het maken van goede rosé heel wat meer voeten in de aarde. Van de keuze van de druivenrassen, het met de juiste druk persen van de druiven, tot aan de lengte en het verloop van de vergisting. Waarna er lang geproefd wordt tot de juiste assemblage. Maar elk jaar hoor ik weer dezelfde vragen. Elk jaar weer die zeurende mensen die het beter weten, want hun subjectief is de waarheid! En elk jaar weer die rammelende kofferbakken vol met flessen vanuit het vakantieadres de grens over. Mensen, ‘rosé is gewoon rosé’. Een wijn met een verhaal, sterker nog gewoon één van drie, geen modeverschijnsel of trendgevoelige wijn. Rosé hoort er volledig bij. Of we het nu in het voor- of naseizoen drinken of als feestelijke bubbel in de winter; she’s part of the family. Elk jaar opnieuw bejubeld door de internationale pers en aanbevolen door onze vinoloog Jens Vergouwen; Château Simone Rosé. De wijn kenmerkt zich door een robijnrode kleur, een geurige neus met veel rijp fruit. In de smaak komt granaatappel naar voren met veel kracht en mineraliteit. Een rosé om bij te eten. Aanbieding: Château Simone Rosé FarmaMagazine prijs € 36,95 FarmaMagazine geeft u de mogelijkheid om de Château Simone Rosé 2010 te bestellen. De wijn wordt in een doos bij u thuis afgeleverd. Dit is een artikel uit...

Lees Verder

De Thuisapotheek bezorgt weer thuis

Rotterdam 30 mei 2012. Met ingang van 1 juni 2012 levert De Thuisapotheek weer geneesmiddelen aan haar klanten uit. De Thuisapotheek had in korte tijd inmiddels ruim 30.000 tevreden klanten. In verband met het faillissement van De Thuisapotheek hebben de leveringen van geneesmiddelen aan deze klanten een aantal weken stilgelegen. Het faillissement is veroorzaakt door verkeerde beleidsbeslissingen van het toenmalige management. Op 26 april jongstleden is De Thuisapotheek overgenomen door twee ondernemers/apothekers, te weten drs. Gerrit Jan Dannijs en drs. Hans Smit. Beiden hebben ruime ervaring (35 respectievelijk 25 jaar) met het ondernemen als apotheker. In het nieuwe beleid van De Thuisapotheek is veel aandacht besteed aan een gestroomlijnde interne organisatie en een optimale klantvriendelijkheid. Extern zal De Thuisapotheek veel tijd besteden aan het onderhoud van de relatie met artsen en apothekers. Dannijs en Smit zijn er van overtuigd dat De Thuisapotheek een belangrijke plaats in gaat nemen in de farmaceutische zorg in Nederland. De Thuisapotheek controleert het geneesmiddelengebruik op bijvoorbeeld dosering en op risico’s met andere geneesmiddelen,ziektebeelden,allergieën en zwangerschap. Indien nodig past De Thuisapotheek het recept aan, dit uiteraard in overleg met de arts. Tevens verzorgt zij de declaraties van geneesmiddelen bij de...

Lees Verder