Laaggeletterden naar Apo.nl
Aug28

Laaggeletterden naar Apo.nl

Vanaf 7 september zijn op Apo.nl – de makkelijk te onthouden naam voor Apotheek.nl – 24 iconen opgenomen die voor laaggeletterden lastige begrippen uit de apotheek uitleggen. Apothekersassistenten kunnen de iconen aan de balie inzetten. Bovendien verschijnt een boek met verhalen van moeilijk lezende medicijngebruikers en start in Den Haag een multimediale expositie. Dit valt samen met de start van de campagne ‘Kunt u dat even uitleggen’.   De campagne is ontwikkeld door de KNMP is samenwerking met het expertisecentrum gezondheidsverschillen Pharos, de Stichting Lezen en Schrijven en V&VN. Het doel is een goed medicijngebruik door laaggeletterde patiënten bevorderen. Speciaal voor de doelgroep zijn 24 nieuwe iconen ontwikkeld die lastige begrippen uitleggen als ‘driemaal daags’ en ‘op een lege maag innemen’. Ook zijn er iconen voor de werking van de medicatie. Alle iconen zijn getest door respondenten uit de doelgroep en beschikbaar via Apotheek.nl. Dag van de Apothekersassistent Na een klik op een pictogram start een filmpje met uitleg. Daarnaast is aan veel geneesmiddelpagina’s op Apotheek.nl een ‘uitlegknop’ toegevoegd. Na een klik hierop wordt de belangrijkste informatie over het medicijn voorgelezen. Ook komt er een woordenboek, dat moeilijke woorden als ‘wisselwerkingen’ uitlegt. Apothekersassistenten krijgen op de Dag van de Apothekersassistent, de vierde dinsdag van september, gratis toegang tot de tentoonstelling in het Museum voor Communicatie met de e-learning. Alle assistenten die de tentoonstelling bezoeken, krijgen het boek ‘De apothekersassistent’ cadeau. Kijkje in leven laaggeletterde De verschillende onderdelen van de campagne geven een kijkje in het leven van een laaggeletterde en laten het belang van taalvaardigheid voor juist medicatiegebruik zien. De persoonlijke portretten in het boek ‘Kunt u dat even uitleggen – Verhalen van moeilijk lezende medicijngebruikers’ laten zien hoe het is om niet te beschikken over voldoende taalvaardigheid. Ervaringsdeskundigen vertellen hoe lastig het is om instructies als ‘tweemaal daags één’ te begrijpen, of te onthouden welke naam hun geneesmiddel heeft. Herkennen en coachen Met een speciaal ontwikkelde e-learning in het museum krijgen verpleegkundigen, verzorgenden en apothekersassistenten instrumenten in handen om laaggeletterden te herkennen en hen te coachen bij hun medicijngebruik. Een documentaire geeft een kijkje in de dagelijkse bezigheden van enkele laaggeletterden en laat zien hoe hun medicijngebruik in gevaar komt doordat ze gezondheidsinformatie niet begrijpen. Ook zorgverleners, zoals een apotheker, een huisarts en een wijkverpleegkundige vertellen over hun ervaringen. Een van de radiocommercials die de komende maanden wordt uitgezonden op regionale radiozenders, heet: ´Rectaal inbrengen. Kunt u dat even uitleggen? Veilig medicijngebruik? Vraag het uw apotheker.’ Laaggeletterdheid en medicatiegebruik In Nederland is zo’n 11% van de volwassen bevolking laaggeletterd. Daarnaast heeft 25% moeite met het lezen en begrijpen van schema’s en formulieren of gezondheidsinformatie zoals bijsluiters. Laaggeletterden hebben...

Lees Verder
Trek ANW-tarief gelijk
Aug27

Trek ANW-tarief gelijk

Ook de Tweede Kamerleden Hanke Bruins Slot (CDA) en Pia Dijkstra (D66) hebben nu vragen gesteld aan de minister van VWS over de hoge tarieven in dienstapotheken. Inmiddels pleiten Chris Oomen van zorgverzekeraar DSW, zorgverzekeraar CZ en de KNMP voor een uniform ANW-tarief tijdens de avond-, nacht- en weekenddienst. Bruins Slot en Dijkstra reageren op het bericht in diverse media over het hoge ANW-tarief in de Hoeksche Waard, onder de rook van Rotterdam, waar de prijzen (max. € 80,-) een veelvoud zijn van het tarief in de havenstad (min. € 10,-). ‘Klopt het dat de grote prijsverschillen per receptregel bij dienstapotheken in de nacht en het weekend het gevolg zijn van de wijze van financiering die in 2014 is ingevoerd (het representatiemodel)?’ En: ‘Ziet u het risico dat patiënten zorg zullen mijden vanwege de veel te hoge kosten voor spoedmedicatie, met alle gevolgen van dien?’ Voorts: ‘Deelt u de mening dat patiënten in spoedsituaties geen reële keuze in apotheker hebben, vanwege de spoedsituatie en aangezien de patiënt vaak door de zorgverzekeraar gecontracteerde zorg bij de dienstapotheek in de eigen regio moet afnemen?’ Farmaceutische spoedzorg De Kamerleden wijzen op de kans dat de nachtapotheek in de Hoeksche Waard wordt gesloten, terwijl minister Edith Schippers van VWS nog dit jaar het voornemen heeft uitgesproken om een oplossing te vinden voor de farmaceutische spoedzorg in krimpgebieden. Ze vragen of de minister bereid is om de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) te vragen om samen met zorgverzekeraars tot een landelijke ANW-tarief te komen voor de extra kosten per receptregel bij dienstapotheken in de nacht en in het weekend. Dichtbevolkt helpt dunbevolkt Bestuursvoorzitter Chris Oomen laat via Radio Rijnmond weten dat hij het niet eerlijk vindt dat mensen in dunbevolkte gebieden een hogere rekening krijgen voor een spoedrecept. Nu wordt de kosten van de dienstapotheek gedeeld door het aantal receptregels, terwijl het risico ook landelijk kan worden verrekend met bijvoorbeeld een voor iedereen gelijk ANW-tarief van € 30 per recept. Dan betalen de verzekerden in Rotterdam mee aan de medische spoedzorg in de dunbevolkte Hoeksche Waard. Alternatieven voor klassieke nachtapotheek Ook KNMP alsmede zorgverzekeraar CZ pleiten voor uniforme tarieven, vast te stellen door de NZa. Intussen experimenteert CZ in dunbevolkte gebieden in Zeeland al met alternatieven voor de klassieke nachtapotheek. Het gaat dan om een uitgifteautomaat voor medicijnen of een taxi die de pillen thuis brengt. Dat is goedkoper dan de hele nacht een apotheek openhouden voor drie patiënten. Tekst: Kees Kommer...

Lees Verder
6 euro niet ter discussie
Aug24

6 euro niet ter discussie

Op 19 augustus verzond apotheker Carlo Schneider via een LinkedIn-groep een open brief aan de minister van VWS en de zorgverzekeraars over de 6 euro kwestie. Deze brief is hieronder te lezen. Op 21 augustus liet minister Edith Schippers van VWS echter via de NOS weten dat zij niet van plan is de verplichte advieskosten die apothekers in rekening moeten brengen bij het afhalen van een nieuw medicijn, te schrappen. Terwijl de apotheker vroeger werd betaald uit de winst die werd gemaakt op het geneesmiddel, moet dat nu afgelopen zijn, vindt Schippers. Zij gaat niet terug naar de tijd van ‘doosjes schuiven’ zoals dat volgens haar oneerbiedig werd genoemd. Zij staat wel open voor alternatieven nu blijkt dat de helft van de apothekersassistenten last heeft van agressieve patiënten. ——————————————————– De 6 euro kwestie: een open brief aan het HB, de Minister en de verzekeraars Geachte, U bent allen bekend met de splitsing van de apotheektarieven per 1 januari 2014 in het kader van de transparantie van de zorgkosten. U bent allen bekend met het feit dat een en ander onvoldoende duidelijk rechtstreeks door verzekeraars (en overheid) gecommuniceerd is en wordt aan haar verzekerden. Zoals u ook bekend bent dat tekst- en uitleg over wet-en regelgeving door overheid en verzekeraars tekortschiet en niet tot de taak van zorgverleners behoort. Er is duidelijk geen lering getrokken uit de invoer van het preferentiebeleid. U bent allen bekend dat een en ander heeft geleid tot ongewenste uitwassen in de relatie tussen de apotheker(s)assistente en de cliënt/patiënt. De apotheekteams worden helaas steeds vaker onheus bejegend, steeds vaker op onbeschofte wijze. Dit is dagelijkse kost, niet meer, niet minder. Wij vragen u zich eens voor te stellen hoe het is in deze tijd in de apotheek te werken. Dagelijks verstrekken wij informatie over nieuwe geneesmiddelen. De ene keer is dat weinig, de andere keer des te meer. Wij overleggen met artsen en medisch specialisten en voorkomen op deze manier dagelijks de nodige voorschrijffouten. Ook dat mag bekend worden verondersteld. Wanneer je echter de hele dag door geconfronteerd wordt met bezoekers die bij de deur al roepen ik hoef geen informatie, ik zoek het wel op internet, de arts heeft mij alles al verteld en demonstratief 2 vingers in oren stoppen is dat niet alleen onfatsoenlijk maar ook zeer demotiverend voor het zorginhoudelijke werk dat wij verrichten. Wij verlenen zorg en vragen met fatsoen en respect bejegend te worden. De ongewenste gesprekken aan de balie irriteren mateloos en verpesten de hele werkdag. De hoeveelheid tijd die wij dagelijks kwijt zijn aan tekst en uitleg neemt hand over hand toe. Onlangs ben ik zelf bij elkaar opgeteld,...

Lees Verder
Brocacef vraagt vergunning aan voor overname onderdelen Mediq
Aug21

Brocacef vraagt vergunning aan voor overname onderdelen Mediq

Onder de Concentratiemeldingen bij de Autoriteit Consument & Markt staat dat de Brocacef Groep op 17 augustus 2015 bij ACM een vergunning heeft aangevraagd voor de overname van Mediq Apotheken Nederland, Distrimed en Mediq Pharma Logistics.

 Na de eerste concentratiemelding begin mei jl. besloot de ACM op 23 juli dat de voorgenomen overname van de apotheken en groothandelsactiviteiten van Mediq  door Brocacef nader onderzocht moet worden. Door de concentratie krijgt Brocacef zowel op de detailhandelsmarkt(en) voor openbare apotheken als op de groothandelsmarkt voor levering van farmaceutische producten aan ziekenhuizen mogelijk een sterke positie. 

Concurrentie tussen apotheken beperkt
 Uit het onderzoek dat ACM tussen mei en juli heeft uitgevoerd, bleek dat er een groot aantal gemeenten in Nederland is waar apotheken van Brocacef en/of Mediq na de voorgenomen concentratie een dusdanige positie krijgen dat de concurrentie mogelijk significant kan worden beperkt. In deze gebieden leidt de overname mogelijk tot minder keuze voor de consument omdat ACM aanwijzingen heeft dat deze beperkt bereid is om verder te reizen naar een alternatieve apotheek. Apotheken van Brocacef zouden als gevolg van minder lokale concurrentiedruk mogelijk minder prikkels krijgen om de kwaliteit van hun dienstverlening hoog te houden. Daarbij ziet ACM een risico dat door de concentratie zorgverzekeraars niet meer om de apotheekketen van Brocacef heen kunnen bij het afsluiten van contracten voor de inkoop van apotheekzorg. Dit zou er toe kunnen leiden dat zorgverzekeraars en daardoor ook de consument meer moeten gaan betalen. Eveneens sterke positie ten opzicht van ziekenhuizen Ziekenhuizen hebben een voorkeur om hun producten zoveel mogelijk af te nemen bij één groothandel. Deze groothandel vervult vaak direct ook een belangrijke ondersteunende rol bij bijvoorbeeld voorraadbeheer. Uit het onderzoek van ACM blijkt vooralsnog dat er na de concentratie maar een beperkt aantal groothandels overblijft dat ziekenhuizen het volledige door hen gewenste assortiment kan leveren. Hierdoor krijgt Brocacef mogelijk een sterke positie ten opzichte van de ziekenhuizen. ACM wil nader onderzoeken of deze positie te sterk zal worden en zou kunnen leiden tot minder goede voorwaarden voor ziekenhuizen. Vervolgonderzoek in 13 weken Als gevolg van het besluit van ACM tot nader onderzoek heeft Brocacef een vergunning bij ACM moeten aanvragen voor de totstandbrenging van de overname. Nadat de vergunningaanvraag is ontvangen, heeft ACM dertien weken de tijd voor haar vervolgonderzoek. Tekst: Kees...

Lees Verder
Gesponsord onderzoek minstens zo goed
Aug14

Gesponsord onderzoek minstens zo goed

Het wordt vaak gedacht: studies van geneesmiddelenfabriakanten zijjn inferieur aan onafhankelijk onderzoek. Op 26 augustus a.s. toont Marlies van Lent bij haar promotie aan de Faculteit der Medische Wetenschappen van Radboudumc aan dat dit een vooroordeel is. Fabrikanten en onafhankelijke instanties financieren regelmatig studies naar werkzaamheid en veiligheid van geneesmiddelen. Medisch ethische toetsingscommissies (METC’s) beoordelen de studieprotocollen vooraf, openbare trialregisters bevatten informatie over studiekarakteristieken tijdens de studie en medische tijdschriften publiceren resultaten na afloop. De financieringsbron en de richting van de resultaten kunnen invloed hebben op kritische elementen van een studie. Vaker positief Marlies van Lent onderzocht de correspondentie van METC’s, gegevens uit trialregisters en artikelen over geneesmiddelenstudies met commentaren van externe reviewers. Alle studies bleken vaker positieve dan negatieve resultaten te rapporteren, ongeacht de sponsor. METC’s en reviewers van artikelen hadden vaker commentaar op de methodologie en statistische onderbouwing van niet-industrie studies dan van door de industrie gesponsord onderzoek. Discrepanties tussen informatie in trialregisters en de uiteindelijke publicatie kwamen bij industriegesponsorde studies minder vaak voor. Tekortkomingen niet bevestigd Van Lent concludeert dat er nog veel verbeterd kan worden in de kwaliteit en transparantie van geneesmiddelenstudies, ongeacht de sponsoring. De algemene opvatting dat financiering door farmaceutische bedrijven kan leiden tot ernstige tekortkomingen kon niet worden bevestigd. Marlies van Lent (1987) studeerde Biomedische wetenschappen in Nijmegen en behaalde haar masterdiploma in 2010. Bovenstaand onderzoek voerde zij uit op de afdeling Farmacologie-Toxicologie en het Clinical Research Center Nijmegen van het Radboudumc, binnen het onderzoeksinstituut RIHS. Momenteel is zij werkzaam als onderzoekscoördinator binnen het Hemofilie Behandelcentrum van het Radboudumc. Tekst: Kees Kommer  ...

Lees Verder
Weet jij wat je slikt?
Aug12

Weet jij wat je slikt?

Op veel momenten in het zorgproces ontbreekt het actuele overzicht van medicijnen die patiënten op dat moment daadwerkelijk gebruiken. In het programma ‘Patiëntparticipatie en Medicatieveiligheid’ van Nictiz krijgen patiënten via een app of een website toegang tot hun medicatiedossier zoals deze bekend is bij de ‘eigen’ apotheek. Er zijn acht ‘greenfields’ aangewezen, waarvan drie al online zijn. De participatie van patiënten in hun eigen behandeling wordt steeds belangrijker. Als patiënten meer mogelijkheden krijgen om actief te participeren in hun behandeling, worden zij in staat gesteld om meer regie over hun eigen behandeling  te nemen. In dit programma ‘Weet jij wat je slikt’ ligt de focus op patiëntparticipatie in de behandeling met medicatie. Actievere rol patiënt Om het actueel medicatie overzicht compleet te maken is de patiënt de belangrijkste bron van informatie. Hij is de enige die precies weet welke medicijnen hij daadwerkelijk gebruikt en welk effect de medicatie op hem heeft. Het ligt daarom voor de hand om te stimuleren dat de patiënt een actievere rol neemt in zijn behandeling met medicatie. Voor de patiënt zelf is het fijn als hij het medicijngebruik, de effecten en ervaringen met zijn behandelaar kan delen. Als een behandelaar hier vervolgens iets mee doet kan dit leiden tot een betere behandeling voor de patiënt. Om dit mogelijk te maken begint het bij het beschikbaar stellen van het medicatie-overzicht aan de patiënt. In dit overzicht kan de patiënt aangeven hoe hij de medicatie gebruikt en welke effecten het heeft. Door middel van eHealth kan patiëntparticipatie digitaal vormgegeven worden. Medicatieveiligheid Daarnaast kunnen zij hun ervaringen delen over bijvoorbeeld bijwerkingen, allergieën en het effect van de behandeling. Langs deze (digitale) weg kunnen patiënten hierover communiceren met de apotheek, huisarts en/of specialisten bij wie zij in behandeling zijn. Het actuele en verrijkte medicatiedossier kan leiden tot minder medicatie gerelateerde zorgincidenten en een betere ervaring van kwaliteit van zorg. Redenen hiervoor zijn dat alle zorgprofessionals op de hoogte zijn van het medicatiegebruik van de patiënt, de patiënt beter begrijpt welke medicatie hij slikt en beslissingen door patiënten en zorgprofessionals gezamenlijk genomen kunnen worden. Toegang eigen medicatiedossier In drie van de acht deelnemende regio’s in Nederland hebben patiënten reeds digitaal toegang tot hun eigen medicatiedossier en krijgen zij de mogelijkheid om dit te actualiseren en/of te verrijken met eigen informatie. Deze ‘greenfields’ zijn: HaGaZiekenhuis, Benu-apotheken, ApotheekZorg, Zelfstandige apotheken, POEMA,  St. Antonius Ziekenhuis, 2Comply en Friesland. Nictiz en de deelnemende regio’s onderzoeken hoe de patiënt dit ervaart en wat het effect is op de participatie. De kennis en ervaring die met dit programma wordt opgedaan kan in grootschaliger initiatieven gebruikt worden. Meer informatie over het programma en de greenfields via...

Lees Verder