Vraag nu subsidie spoedzorg aan
Dec07

Vraag nu subsidie spoedzorg aan

Spoedzorg_Voor 15 december a.s. moet de subsidie op farmaceutische ANZ-dienstverlening in 2016 zijn aangevraagd. Voor apotheken die een tarief van meer dan € 45,- inclusief BTW per terhandstelling in de avond, nacht en op zondag moeten hanteren, kan de subsidie-aanvraag bij het ministerie van VWS worden ingediend. Uit eerdere berichten op FarmaMagazine bleek dat de tarieven in Nederland voor farmaceutische spoedzorg tussen de € 20 in stedelijke gebieden en € 100 in dunbevolkte en krimpgebieden alsmede op de eilanden liggen (Zie FarmaMagazine op 27 augustus jl.). Minister Edith Schippers van VWS vindt dit onwenselijk, schreef een maximum bedrag van € 45,- voor en stelde een subsidie in het vooruitzicht (Zie FarmaMagazine op 30 oktober jl.). Deze subsidie wordt ingesteld voor een jaar. Voor 2017 wordt een structurele oplossing nagestreefd. Uitbetaling in februari De apotheken die dit aangaat, leveren zelf een begroting in van de grootte van de subsidie. Voor bedragen boven € 25.000,- incl BTW moet de aanvraag voor 15 december 2015 worden aangevraagd. Als de subsidie onder de € 25.000,- uitkomt, kan in het eerste kwartaal van 2017 de aanvraag worden ingediend. Er wordt gestreefd naar een uitbetaling voor medio februari 2016. Achteraf, in 2017, corrigeert het ministerie van VWS het subsidiebedrag met het daadwerkelijk gerealiseerde aantal receptregels en tarieven op basis van cijfers van Vektis, het databureau van de zorgverzekeraars. Onder redactie van: Kees...

Lees Verder
Apotheek heeft rol in uitgifte biosimilar insulines
Dec03

Apotheek heeft rol in uitgifte biosimilar insulines

Sinds de toelating op de markt van biosimilars wordt  een discussie gevoerd over de effectiviteit, de ‘uitwisselbaarheid’ en de veiligheid ervan. Omdat nu patenten van veel gebruikte insulines verlopen, heeft de Nederlandse Diabetes Federatie (NDF) een standpunt ingenomen over biosimilars op het terrein van de insuline. Er blijkt een belangrijke rol weggelegd voor apotheken.     De NDF heeft eerst uitleg over biosimilars. Een ‘biosimilar’ geneesmiddel is een biologisch bereid geneesmiddel dat soortgelijk is aan een biologisch geneesmiddel waarvoor eerder een handelsvergunning is afgegeven (het innovator product of het ‘biologisch referentiegeneesmiddel’). Het werkzame bestanddeel van een biosimilar geneesmiddel is soortgelijk aan het werkzame bestanddeel van het innovator product, maar is niet identiek. De fabrikant van een biosimilar heeft geen toegang tot de cellijnen van het levende organisme die zijn gebruikt bij de productie van het innovator product, en ook niet tot diens productieprocessen. Daardoor kan een andere fabrikant wel een soortgelijk, maar nooit een identiek product produceren. Verschillen in productie kunnen ervoor zorgen dat het lichaam van de patiënt anders reageert op een andere biological (innovator product of biosimilar). Andere procedure voor toelating    De gezondheidszorg gebruikt al langere tijd generieke geneesmiddelen, zo vervolgt NDF. Omdat het bij generieken gaat om een precieze kopie van de werkzame stof van het referentiegeneesmiddel, kunnen fabrikanten verwijzen naar het toelatingsdossier van het synthetisch bereide referentiegeneesmiddel. Bij biosimilars  is de gelijkwaardigheid met het originele (biologische) geneesmiddel niet volledig vast te stellen. Biosimilars worden via een aangepaste procedure tot de markt toegelaten. Deze procedure is niet identiek aan de procedure die wordt gehanteerd ten behoeve van generieke geneesmiddelen. Er is wettelijk geregeld welk onderzoek moet worden uitgevoerd om aan te tonen dat het biosimilar geneesmiddel net zo veilig en effectief is als het innovator product. Opkomst biosimilar insulines De komende jaren verlopen de patenten van een aantal veelgebruikte insulines. Patenten voor Lantus (Sanofi-Aventis’ basale insuline glargine),  Humalog (Eli Lilly’s snelwerkende insuline lispro), Novolog (Novo Nordisk’s snel werkende  insuline aspart) en andere insulines zijn recent verstreken of verstrijken binnenkort. Dit zet de deur open voor andere bedrijven om biolosimilar insulines voor goedkeuring aan de autoriteiten voor te leggen. In relatie tot het verlopen van patenten vindt de NDF het belangrijk om een standpunt in te nemen omtrent biosimilars specifiek voor insuline. Onderdelen van het standpunt van NDF 1. Er zijn op dit moment geen overtuigende wetenschappelijke argumenten ten voor- of nadele van het gebruik van originele, biologisch bereide insulines of biosimilars. Indien vergelijkende studies non inferiority aantonen is er in principe sprake van uitwisselbaarheid. Dat geldt zowel bij aanvang van de therapie als in een situatie waarin wordt overwogen de patiënt om te zetten naar een...

Lees Verder
Nieuw vrijgifte laboratorium voor Aurobindo
Nov30

Nieuw vrijgifte laboratorium voor Aurobindo

Op dit moment bouwt Aurobindo nieuwe productielocaties en R&D centers. Een investering met als achterliggend doel de ontwikkeling van nieuwe producten voor de Europese markt. Door de opening van nieuwe productielocaties wordt de huidige capaciteit uitgebreid met bijna 1 miljard eenheden per maand. Deze zullen tegemoetkomen aan uitgebreide activiteiten op het gebied van apotheken, Full label, Tender, Hospital en OTC in Europa. Om in de toekomst de nieuwe stroom van producten aan te kunnen, is er onlangs een nieuw vrijgifte laboratorium geopend op Malta. Met succes zijn alle vergunningen door de autoriteiten verkregen. Op locatie bevinden zich chemie en microbiologische laboratoria voor steriele en niet- steriele producten. Met deze nieuwe aanwinst kan Aurobindo circa 20.000 – 25.000 batches per jaar testen, dat maakt het één van de grootste generieke vrijgifte laboratoria in Europa. Het is voor Aurobindo vanzelfsprekend dat de locaties waar de geneesmiddelen geproduceerd en getest worden, voldoen aan de hoogste officiële kwaliteitsnormen en relevante Europese wet- en regelgeving. Ter plaatse worden strenge procedures gevolgd, om de kwaliteit te kunnen waarborgen.  ...

Lees Verder
CHA Najaarsbijeenkomst: Apotheker kiest steeds minder voor eigen bereiding
Nov20

CHA Najaarsbijeenkomst: Apotheker kiest steeds minder voor eigen bereiding

In de week dat het RIVM een inventarisatie uitbrengt over collegiale levering door apothekers, gaat de Najaarsbijeenkomst van Clearing House Apothekers (CHA) in Den Haag over de (doorgeleverde) bereidingen. Zijn bereidingen nog wel een essentieel onderdeel van het apothekersvak?Het is in het kantoor van CHA een levendige bijeenkomst waar met de smartphone op stellingen kan worden gestemd. Het panel staat onder leiding van Martin Favié, voorzitter van BOGIN, Biosimilars en generieke geneesmiddelenindustrie Nederland. De panelleden zijn Henk Eleveld van zorgverzekeraar Menzis, Hans Waals van apotheek de Magistrale Bereider, partner van het farmaceutische bedrijf Fagron, en Paul Lebbink van de Transvaal apotheek in Den Haag. Het is in het kantoor van CHA een levendige bijeenkomst waar met de smartphone op stellingen kan worden gestemd. Het panel staat onder leiding van Martin Favié, voorzitter van BOGIN, Biosimilars en generieke geneesmiddelenindustrie Nederland. De panelleden zijn Henk Eleveld van zorgverzekeraar Menzis, Hans Waals van apotheek de Magistrale Bereider, partner van het farmaceutische bedrijf Fagron, en Paul Lebbink van de Transvaal apotheek in Den Haag. Strikte voorwaarden Uit een inventarisatie van het RIVM blijkt dat een aantal producten dat collegiaal wordt geleverd geen meerwaarde heeft ten opzichte van geregistreerde producten. Sinds 2007 is het aandeel van dit type producten afgenomen van 52 naar 33 procent. Dat komt doordat vanaf dat jaar een aantal strikte voorwaarden gelden voor de collegiale leveringen van apotheekbereidingen. Deze voorwaarden zijn in het belang van patiënten bepaald door de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) met het ministerie van VWS. Zo mag het middel alleen worden verstrekt als er geen geregistreerd alternatief voor bestaat, of als voldoende is bewezen dat de patiënten niet gebaat zijn bij de geregistreerde alternatieven. Deels gestaakt Tegenwoordig wordt hiervoor steeds vaker een product afgeleverd dat in een andere apotheek bereid is. Deze zogeheten collegiale levering is volgens de wet niet toegestaan. Het gaat hier immers niet om een rechtstreekse verstrekking aan eigen patiënten van een apotheek. Een deel van de apothekers heeft de collegiale leveringen van eigen bereidingen gestaakt omdat ze niet aan de voorwaarden van de IGZ konden voldoen. Andere apothekers hebben, conform de restricties, onder andere ‘productiedossiers’ samengesteld om aan te tonen dat ze aan de voorwaarden voldoen. Een tussenfase? Door het panel wordt geconcludeerd dat er in wezen sprake is van een gedoogsituatie, vergelijkbaar met de coffeeshops. Als alleen op kleine schaal voor de eigen patiënten mag worden bereid, dan worden de doorleveringen gedoogd. En alleen zo lang gangbare geregistreerde medicijnen geen oplossing bieden. Tegelijk innoveert de apotheek richting patiëntenzorg op maat. Wellicht vormt de huidige regelgeving een tussenfase, al is het goed dat apothekers minder zelf zijn gaan bereiden. STELLING: Apotheekbereidingen zijn...

Lees Verder
Zorgplatform OZOverbindzorg: Kennis delen, met de patiënt aan de knoppen
Nov19

Zorgplatform OZOverbindzorg: Kennis delen, met de patiënt aan de knoppen

In oktober 2014 wonnen de Apothekers van Salland in de gemeente Raalte de KNMP Zorginnovatieprijs met het online zorgplatform OZOverbindzorg. “We krijgen nu vragen via de mail die je op een geschikt moment beantwoordt, we weten wie de mantelzorgers van kwetsbare ouderen zijn, wie thuiszorg levert en met welke problemen een cliënt worstelt.” Apotheker Dirk Jan Seckel van de Service Apotheek Raalte is een enthousiast pleitbezorger van het door de huisartsen geïnitieerde online zorgplatform. Daarin participeren inmiddels alle zorgverleners rond ouderen en hulpbehoevenden, maar ook de gemeente Raalte en specialisten uit de twee naburige ziekenhuizen. Met een relatief simpele tool, onafhankelijk van de bekende IT-systemen, wordt de verbinding tussen alle zorgverleners rondom de patiënt gelegd. Zo is de communicatie effectief geregeld en ontstaat een virtueel verzorgingshuis voor ouderen en hulpbehoevenden die thuis kunnen blijven wonen. Veilig medicijngebruik Het initiatief is door de KNMP is een perspectief gezet. “Het kabinet wil dat ouderen steeds langer thuis blijven wonen. Voor veilige zorg, dichtbij huis is het van cruciaal belang dat huisartsen, wijkverpleegkundigen, apothekers en andere eerstelijns zorgaanbieders nauw samenwerken. Dat gebeurt in Raalte bij het virtuele verzorgingshuis waarin ouderen, mantelzorgers en zorgaanbieders met elkaar en laagdrempelig communiceren.” Volgens de persverklaring bij de prijsuitreiking bevordert dit een veilig medicijngebruik door senioren: “De apothekers ontvangen de prijs voor hun bijdrage aan het zorgplatform.” De communicatie ontbreekt Samen met Cindy Hobert, die Ozoverbindzorg leidt, somt Dirk Jan Seckel een paar voorbeelden op waarmee zorgverleners dagelijks worden geconfronteerd. Een vrouw die op de dagbesteding als heel vrolijk bekend staat, maar in haar medicatielijst staan diverse antidepressiva. De verzorgende aan huis die moeite heeft om een vrouw aantrekkelijk aan te kleden, terwijl haar dochter als mantelzorgster er niet van op de hoogte is. De huisarts die niet weet welke thuiszorgorganisatie hij moet bellen voor zijn patiënt en een zorgverlener die niet over een actueel medicatie-overzicht kan beschikken. Het zijn voorbeelden waarin de communicatie wordt gemist om de zorg effectief en efficiënt in te richten. Dat geldt in sterke mate bij steeds langer thuis wonende ouderen: als iedere zorgverlener vanuit zijn eigen IT-systeem blijft denken en werken, is communiceren en samenwerken moeilijk. Dan is echte multidisciplinaire samenwerking vanuit een netwerk met een zorgleefplan waarin de patiënt centraal staat, nog ver weg. Naar een virtueel verzorgingshuis Een simpele en effectieve oplossing komt nu uit Luttenberg. Het knusse ‘bejaardenhuis’ Maria-oord in het Sallandse heuveldorp kon niet mee in de nieuwe eisen die aan intramurale zorg voor ouderen worden gesteld. De ruimtes waren niet geschikt voor de ‘zwaardere zorgpakketten’ met verpleeghuisindicatie. De laatste zestien bewoners zijn inmiddels naar Raalte verhuisd. Maria-oord bood in het dorp zekerheid voor de oude dag,...

Lees Verder
Column Henk Pastoors: De Heer is mijn Herder… de Apotheker mijn Gids
Nov19

Column Henk Pastoors: De Heer is mijn Herder… de Apotheker mijn Gids

De tijd dat onze natie God-vrezend was dateert godzijdank alweer van even geleden. Het geloof in eigentijds leiderschap, autoriteit en maatschappelijke relevantie is echter van alle tijden, maar anno 2015 in de openbare farmacie van Maastricht tot Den Helder voelbaar. Met het zogenoemde Piggelmee-initiatief van zeven huisartsen slaat het roer definitief om. Het actuele sentiment tegen zorgverzekeraars wordt hierin perfect – maar ook constructief – uitgenut, waarbij de openbare farmacie langs de kant wat beteuterd staat te kijken. Het verlangen naar ook zo’n klinkend resultaat moet binnen de KNMP groot zijn en heeft inmiddels tot opvolging geleid. Er is echter één belangrijk verschil tussen apothekers en huisartsen. De huisartsen framen hun boodschap gewoon beter. ‘Huisartsen vormen slechts 4% van de zorgkosten en door hun belangrijke poortwachtersfunctie weten zij een enorme stapeling van zorgkosten in de verdere keten te voorkomen.’ Om dat te geloven heeft de LHV geen preekstoel nodig. Ze is het zelf. Dit geloof is maatschappelijk aanvaard en wordt door ons devoot beleden. Kom met zo’n helder verhaal maar eens aan bij apothekers.  Een ander verschil is dat de LHV wel over een afdeling communicatie beschikt. Alle media-aandacht gaat in de kern steevast feitelijk over de portemonnee van de huisarts, maar wordt in de onderbouwing altijd vanuit het belang van de patiënt gecommuniceerd. Lijkt ONVZ wel over de vermeende vrije artsen keuze. Ook helemaal niet waar, maar briljant gevonden. Recent nog heeft de KNMP de media opgezocht over de kosten van het substitutiebeleid. De kosten voor de apotheker welteverstaan! Dat staat best wel stoer voor de eigen parochie. Zonder enige twijfel is het een terecht punt, maar er is geen verzekeraar, geen politicus, geen patiënt die hiervan zo geëmotioneerd raakt dat het hem of haar aanzet om met de collectebus in ‘deze gemeente’ rond te gaan. De KNMP had kunnen framen dat de uitleg van het substitutiebeleid aan de balie het oplossen van de problemen van zorgverzekeraars is, en dat daarmee primaire taken en dienstverlening in de apotheek in het gedrang komen. Dat moet tussen de oren komen. Er is nog veel te doen in de openbare farmacie. Wat te denken van patiëntveiligheid, medicatiecheck, therapietrouw, doelmatig afleveren, gidsfunctie, gezondheidswinst, waarde-creatie, de menselijke maat, etc., etc… Als de openbare farmacie dat geloofwaardig gaat onderbouwen ga ik zeker weer naar mijn kerk en is  ‘De Heer mijn Herder… en de Apotheker weer mijn Gids…’  ...

Lees Verder
Bogin-Nieuwe Zorg-Apotex symposium: Van erkenning naar vertrouwen
Nov17

Bogin-Nieuwe Zorg-Apotex symposium: Van erkenning naar vertrouwen

Apothekers zijn zorgverleners en verdienen erkenning voor het vak, voor de rol, voor het specialisme en voor wat apothekers allemaal voor patiënten doen. Ook moeten zorgverleners, zorgverzekeraars en patiënten lijstjes met verplichtingen inruilen voor vertrouwen in elkaar. Dat –en meer- bleek tijdens het symposium van Bogin-Nieuwe Zorg-Apotex medio november in Haarlem. Een greep uit wat er deze middag zoal aan bod kwam bij de sprekers. De apotheker is (ook) zorgverlener Wat is de apotheker nu eigenlijk: zorgverlener, dienstverlener, ondernemer? Volgens Veronique Esman, directeur curatieve zorg van het Ministerie van VWS is de apotheker niet alleen dienstverlener door medicatie te verstrekken, maar ook zorgverlener en een belangrijke schakel naar de patiënt en andere zorgverleners. Het woordje ook, daar gaat het om. De sector zelf ziet zich toch vooral als zorgverlener. Punt. Dat onderstreepte Gerben- Klein Nulent weer eens. “De apotheker adviseert huisartsen en begeleidt patiënten. Als apothekers dit goed doen en de therapietrouw stijgt, dan is rol van de apotheker geborgd. Die rol moet wel nog een betere invulling krijgen. VWS gelooft ook in die rol.” Het roer gaat om. Bijna Natuurlijk werd er met enige afgunst gekeken naar wat de huisartsen in korte tijd voor elkaar hebben gekregen. Dat roer gaat ook om in de farmacie, zo laat KNMP-voorzitter Gerben Klein Nulent weten. Zijn wensenlijstje voor de toekomst: “De samenwerking  met artsen moet top zijn. Ook moeten we af van de bijwerkingen van het preferentiebeleid. Nu zijn 500 medicijnen niet verkrijgbaar. Daar moeten we iets aan doen. Het roer gaat ook bij ons om, maar het is nog niet zover. Er is goede wil. De KNMP heeft een rapport met 25 knelpunten. Wij zijn er klaar voor. Zo hebben we een goede meeting met Andre Rouvoet van Zorgverzekeraars Nederland gehad. Overigens, ook bij huisartsen is het roer nog niet om, hoor.” Weg met dat eigen risico! Zorgverzekeraars Menzis en Achmea halen de medicatiebeoordeling uit het eigen risico. Waarbij Menzis erop vertrouwt dat apothekers de medicatiereview gebruiken bij patiënten die het nodig hebben. Dat smaakt naar meer. Kan de hele farmaceutische zorg niet uit dat eigen risico? Net als de huisartsenzorg? Dat gaat niet zomaar gebeuren, vertelde Arnold Moerkamp, opperbaas van Zorginstituut Nederland. En zeker niet deze regeerperiode. Maar kunnen dan misschien generieke geneesmiddelen uit het basispakket? Moerkamp: “Het is niet ondenkbaar dat de patiënt in de toekomst zelf gaat betalen voor goedkopere generieke geneesmiddelen.” Het gaat niet over geld De veranderingen in de farmacie en in de eerst lijn zijn niet ingegeven door geld, zo laat Veronique Esman van VWS weten. Echt niet. “Wel zijn we dankbaar dat farmacie veel financiële middelen heeft  vrijgespeeld. Het kon kennelijk, dat inleveren....

Lees Verder
Apotheek Medisi in Den Haag gedwongen te sluiten
Nov13

Apotheek Medisi in Den Haag gedwongen te sluiten

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) publiceert vandaag dat zij op 9 november jl. de apotheek Medisi in Den Haag bevolen heeft om met onmiddellijke ingang te sluiten. Er mogen geen geneesmiddelen meer ter hand worden gesteld totdat de tekortkomingen zijn weggenomen. Aanleiding voor dit bevel onder artikel 8 vierde lid van de Kwaliteitswet zorginstellingen, is de constatering van de IGZ dat de gevestigde apotheker niet meer werkzaam is in deze apotheek. De inspectie vindt dit een direct en ernstig risico voor de patiëntveiligheid. Zorgwekkend Tijdens bezoeken op 3 en 5 november deed de inspectie een aantal zorgwekkende constateringen. De gevestigde apotheker was niet aanwezig voor het deskundig toezicht op de werkzaamheden en ook waren geen bekwame apotheekmedewerkers aanwezig. Hierdoor wordt aan bepaalde voorwaarden voor verantwoorde farmaceutische zorg – zoals 2e controle voor terhandstelling, dagelijkse eindcontrole door apotheker op recepten, beoordelen medicatiebewakingsignalen, actueel houden van patiëntendossiers – niet voldaan. Geen structurele oplossing Op diverse websites is de vacature van apotheker voor Medisi actueel. Uit het bevel van de Inspectie blijkt dat de beheerder van deze onafhankelijke apotheek wel pogingen heeft ondernomen om in de vacature te voorzien, maar dat dit volgens de IGZ nog geen structurele oplossing is voor de afwezigheid van de apotheker. Dit bevel geldt voor zeven dagen. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kan dit bevel verlengen. De apotheek mag weer open op het moment dat de apotheek, naar het oordeel van de Inspectie, weer voldoet aan de voorwaarden voor verantwoorde zorg. Het Bevel ex artikel 8 vierde lid van de Kwaliteitswet zorginstellingen is hier in te zien. Onder redactie van: Kees Kommer...

Lees Verder
Dianda Veldman, directeur NPCF: ‘Ieder jaar een medicijn-APK’
Nov13

Dianda Veldman, directeur NPCF: ‘Ieder jaar een medicijn-APK’

Er gaat nog te veel mis in de zorg. Volgens Patiëntenfederatie NPCF krijgt bijna de helft van de patiënten een foute diagnose of bijna verkeerde geneesmiddelen. Tijd dat de zorg klantgericht gaat werken, stelt Dianda Veldman, de nieuwe directeur van de patiëntenfederatie. Ook apothekers die een magere 7,3 krijgen van de patiënt. Bij bijna de helft van de patiënten wordt een foute diagnose gesteld of bijna verkeerde geneesmiddelen gegeven, blijkt uit onderzoek van de NPCF. “Er gaat nog te veel mis. Ik ben verbijsterd over deze cijfers”, stelt NPCF-directeur Dianda Veldman. Zij is per 1 september de nieuwe directeur (zie onderaan dit artikel). “Bij de bijna fouten is het de patiënt die de fout voorkomt. Ze zijn een extra paar ogen en oren voor de zorgaanbieder. Daarvan kunnen en moeten zorgverleners gebruikmaken. Dat gebeurt nu te weinig. 83% van de patiënten helpt graag mee om fouten te voorkomen. Maar het moet niet zo zijn dat patiënten het werk van zorgprofessionals doen.” De NPCF doet regelmatig onderzoek. Zo meet de organisatie de waardering van zorgaanbieders. Op www.zorgkaartnederland.nl geven patiënten reviews. De openbaar apotheker scoort een 7,3. Dat steekt schril af tegen de 8,3 voor de huisarts en de 9,5 voor de ziekenhuisapothekers. U bent nieuw in de sector. Wat is u opgevallen? “De zorg is laat met klantgericht denken en werken. Zorgaanbieders nemen contact met ons op na een negatieve recensie op zorgkaart. Hoe we dat in ons hoofd halen! Terwijl sectoren als horeca en reizen juist blij zijn met iedere feedback. Een slechte recensie stimuleert je om beter je best te doen. Ook vindt de zorg het lastig om patiënten en patiëntenorganisaties mee te laten praten over transparantie en kwaliteit van zorg. De beroepsgroepen zijn ook gesloten.” Wat moet er veranderen aan die attitude? “Zorgaanbieders zijn gemotiveerd en deskundig op een specifiek vlakgebied. Ze hebben de neiging om weliswaar hardop te spreken over het centraal stellen van de patiënt, maar vinden tegelijkertijd dat de patiënt in de weg staat. Ik vergelijk de zorg wel eens met een koekjesfabriek: op de lopende band staat een patiënt die bij iedere stap een andere zorgaanbieder tegenkomt die iets specifieks doet. Maar loopt aan het einde wel het goede koekje van de band? Met andere woorden: is de patiënt nu echt geholpen? Het ontbreekt aan het totale overzicht hoe het met de patiënt gaat. Wij willen dat zorgaanbieder en patiënt meer met elkaar in gesprek gaan over wat nu echt goed is voor de patiënt. Niet behandelen of nu geen medicatie, dat kan ook een uitkomst van dat gesprek zijn. Stel als patiënt altijd drie vragen: wat zijn mijn mogelijkheden? Wat zijn de...

Lees Verder
Farmaceutische zorg in de huisartsenpraktijk
Nov13

Farmaceutische zorg in de huisartsenpraktijk

KNMP Zorginnovatieprijs najaar 2015: Tijdens het KNMP congres op 6 oktober jongstleden kregen de Samenwerkende Apotheken Alphen e.o. de Zorginnovatieprijs najaar 2015 voor hun vernieuwende samenwerking met de huisartsen in Huisartsenpraktijk Prelude. Iedere morgen is er een apotheker in het centrum voor farmaceutische consulten en collegiaal advies. Huisarts Carolien de Boer en apotheker Toine Seesing zijn enthousiast. Het idee ontstond ruim een jaar geleden. In Alphen aan den Rijn was geen plek meer voor de kleine apotheek in Huisartsenpraktijk Prelude. De huisartsen konden de ruimte die de apotheek innam goed gebruiken, maar het verdwijnen van de apotheek mocht niet ten koste gaan van de kwaliteit van de zorg. Geïnspireerd door het Point-onderzoek van apotheker-onderzoeker Anne Leendertse, besloten huisartsen en apothekers de zorgfunctie van de apotheker wel binnen de muren van het centrum te houden. Sinds juli kunnen patiënten iedere morgen terecht bij apothekers Toine Seesing of Maartje van Leeuwen. “En het leuke is dat het gesprek hier altijd over de inhoud gaat en nooit over geld.” Polyfarmacie Natuurlijk moesten de patiënten er even aan wennen dat ze in het centrum alleen voor een gesprek terecht kunnen bij de apotheker en dat ze hun geneesmiddelen verderop moeten halen. “Maar als je het uitlegt, vinden ze het logisch”, vertelt huisarts Carolien de Boer. “Ik verwijs nu bijvoorbeeld mensen met polyfarmacie door, wanneer er farmacotherapeutische vragen zijn die ik niet kan oplossen.” Soms kunnen patiënten direct doorlopen en als de apotheker bezet is, wordt er door de doktersassistenten een afspraak in de Medicom-agenda gezet. “Als medebehandelaar binnen de huisartsenpraktijk heb ik juridisch de bevoegdheid om het huisartsdossier in Medicom in te zien. Dat helpt bij het analyseren van problemen en het geven van een goed advies”, aldus Seesing. “In de samenwerking met Pharmacom en Medicom is al veel mogelijk, maar nu heb ik onder andere toegang tot de indicatie en specialistenbrieven. Bovendien heb ik hier meer rust en tijd om met patiënten in gesprek te gaan dan in Apotheek De Herenhof, waar ik beherend apotheker ben en meer ballen in de lucht moet houden.” Kwaliteitswinst De apothekers zijn in juli gestart met het verwerken van herhaalaanvragen in samenwerking met de doktersassistenten. De Boer: “Daardoor wordt er anders naar aanvragen gekeken. De apotheker kan beoordelen of er sprake is van een interactie tussen medicijnen. Bovendien wordt er beter gekeken of een controle bij de huisarts wenselijk is en of de bloeddruk, schildklier- of nierfunctie gecheckt moet worden. Dat zijn zaken die er eerder in de drukte aan de balie of telefoon wel eens bij inschoten. Doordat de apothekers nu meekijken, worden de assistenten hier beter in getraind. Los van de herhaalaanvragen die nu...

Lees Verder
Pagina 2 van 1612345...10...Minst recente »