Drive-in apotheek in Almelo
nov06

Drive-in apotheek in Almelo

De eerste drive-in apotheek in Nederland van Ahold in Tilburg dateert al uit 1994. Daarna zijn er diverse vormen van dienstverlening geweest waarin medicijnen konden worden afgehaald zonder de auto uit te hoeven. Eind oktober opende in Almelo de MediDrive bij Service Apotheek De Kolk. 1994 In de NRC van 29 april 1994 lezen we: Bij de Tilburgse Jan Heijnsapotheek kan de patiënt van nu af 24 uur per dag, ook op zon- en feestdagen, terecht aan een auto-loket. Hij geeft daar, vanuit eigen auto of taxi, zijn recept af en krijgt even later via hetzelfde loket zijn geneesmiddelen of drogisterij-artikelen aangereikt. De Jan Heijnsapotheek is aangesloten bij de Mediveen Groep. Dat is onderdeel van Pragmacare, een dochter van het detailhandelsconcern die activiteiten ontplooit in de gezondheidszorg. Ahold meent met het autoloket de service aan de klant te verbeteren. Tweede-Kamerlid Netelenbos (PvdA) opende de noviteit. 2006 Twaalf jaar later melden apothekers in Bergen op Zoom in HuisartsVandaag een bijzondere vorm van de dienstenapotheek van de gezamenlijke Bergse Apotheken bij het ziekenhuis Lievensberg: een huisarts in de huisartsenpost geeft zijn recept digitaal door aan de apothekersassistente. De patiënt rijdt met de auto langs het loket en krijgt het medicijn bij de drive-in. 2015 De apotheek in het nieuwe medisch centrum De Kolk in Almelo opent eind oktober 2015 een MediDrive. Deze drive-in apotheek heeft sterke gelijkenis met de McDrive van McDonalds. Patiënten krijgen een cijfercode per mail of sms, rijden per auto naar De Kolk en zonder deze te hoeven verlaten, toetsen ze op een paal met een toetsenbord de code in. Vervolgens rijden ze enkele meters verder en krijgen dan bij het buitenloket door een medewerker van de apotheek de geneesmiddelen aangereikt. Bij de MediDrive kunnen medicijnen worden afgehaald waarvoor een herhalingsrecept is gegeven. Bijkomend voordeel is volgens de apotheekeigenaar de privacy die de afhalers van incontinentiematerialen op deze manier krijgen. De apotheek in het medisch centrum krijgt ook de bekende 24 uurskluisjes waarbij patiënten op elk tijdstip met hun code medicijnen kunnen ophalen. Onder redactie van: Kees Kommer  ...

Lees Verder
‘Gezamenlijk duiden’ mag tóch
nov05

‘Gezamenlijk duiden’ mag tóch

De zorgverzekeraars gaan gezamenlijk afspreken welke apotheekbereidingen worden vergoed. Het gaat vooral om eigen bereidingen en doorgeleverde apotheekbereidingen: niet-geregistreerde geneesmiddelen die in één apotheek worden gemaakt en die worden doorgeleverd aan een andere apotheek waar dit geneesmiddel aan de patiënt ter hand wordt gesteld. Hiermee scheppen zorgverzekeraars duidelijkheid over de vergoeding van doorgeleverde medicijnen, zo laat het bestuur van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) weten. “Een pragmatische oplossing die verzekerden duidelijkheid geeft en tegelijk past in de mededingingsregels”, zegt ZN-voorzitter André Rouvoet.  “De afgelopen maanden verkeerden veel verzekerden in onzekerheid over de vergoeding van de medicijnen die voor hen op maat gemaakt worden. Al die verschillende regelingen en voorwaarden van afzonderlijke zorgverzekeraars veroorzaken onduidelijkheid voor onze verzekerden.” Basispakket voor iedereen hetzelfde Eerder dit jaar leek de mededingingswetgeving zo’n gezamenlijk besluit van de zorgverzekeraars te verbieden. Gevolg was dat sommige geneesmiddelen door de ene zorgverzekeraar wel en door de andere niet werden vergoed. Dat druist weer in tegen het principe dat het basispakket voor iedereen hetzelfde moet zijn. Over een oplossing is de afgelopen maanden uitvoerig gesproken door zorgverzekeraars, apothekers, het ministerie van VWS en mededingingsautoriteit. Inmiddels is duidelijk geworden dat ‘gezamenlijk duiden’ tóch mag van de Autoriteit Consument en Markt (ACM), mits het Zorginstituut Nederland aanwezig is bij deze gezamenlijke duiding van de zorgverzekeraars. Deze maand een vergoedingenlijst Nog deze maand wordt de landelijke vergoedingslijst bekend die op 1 januari van kracht wordt. Daarmee komt er een einde aan de onduidelijkheid voor verzekerden. Als deze aanpak werkt, wil ZN ook op andere terreinen ‘gezamenlijk duiden’ gaan inzetten. Onder redactie van: Kees...

Lees Verder
Alleen kosten hulpmiddelen stijgen nog
nov04

Alleen kosten hulpmiddelen stijgen nog

De GIPdatabank is geactualiseerd met de meest recente cijfers over 2014. De uitgaven voor geneesmiddelen in 2014 zijn vrijwel gelijk aan de uitgaven in 2013 en bedragen € 4,3 miljard. Bij de hulpmiddelenzorg stijgen de totale uitgaven met 2,2% naar € 1,5 miljard. In het Genees- en Hulpmiddel Informatie Project (GIP) verzamelt het Zorginstituut Nederland de gegevens over de ontwikkeling van het gebruik van geneesmiddelen en hulpmiddelen. Dit zijn de voornaamste groepen uit de rapportage van GIP. Geneesmiddelen De uitgaven aan allergenen zijn in 2014 met ruim € 12 miljoen gedaald ten opzichte van 2013. Allergeenextracten worden voorgeschreven voor allergische aandoeningen. De daling in de uitgaven wordt veroorzaakt doordat vanaf 2014 slechts een beperkt aantal allergeenextracten geregistreerd zijn. Alleen deze geregistreerde allergeenextracten worden nog vergoed door de zorgverzekeraars. Per 1 januari 2014 worden de fertiliteitshormonen die gebruikt worden bij een IVF-behandeling alleen nog vergoed als onderdeel van de verstrekking medisch specialistische zorg. Het ziekenhuis kan de kosten van deze middelen afzonderlijk declareren bij de zorgverzekeraar. De uitgaven aan deze fertiliteitshormonen waren in 2013 ongeveer € 35 miljoen. Het gaat hier om relatief dure geneesmiddelen, waarvan de kosten jaarlijks meer dan gemiddeld stegen. Verwacht wordt dat ziekenhuizen in staat zijn met de fabrikanten en leveranciers van deze middelen te onderhandelen over lagere inkoopprijzen, waardoor de kostenstijging veel gematigder zal gaan uitpakken. Eind 2013 en begin 2014 is van verschillende geneesmiddelen het patent verlopen. Door het voorschrijven van de goedkopere generieke middelen zijn de uitgaven flink gedaald. Het gaat om de merknamen Coaprovel, Micardis, Seretides, Singulair, Xeloda en Maxalt. De uitgaven verminderden met zo’n 50 procent. De uitgaven aan macrogol combinatiepreparaten nemen in 2014 met 16% af naar € 38 miljoen. Deze daling in de uitgaven wordt veroorzaakt door de verschuiving van het aantal uitgiftes van de spécialités naar het generieke macrogol combinatie poeder. Het aantal uitgiftes van het generieke en goedkopere macrogol combinatie poeder is in 2014 ruim 2 keer zo hoog als het aantal uitgiftes in 2013. De invloed van het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars is hier duidelijk zichtbaar. De grootste stijging in de uitgaven in 2014 is bij het geneesmiddel Colecalciferol. Colecalciferol wordt voorgeschreven aan patiënten met osteoporose en met een tekort aan vitamine D. Eind 2012 verscheen de NHG-standaard Fractuurpreventie. Bij matige fractuurrisico’s wordt aanvulling van in eerste instantie alleen vitamine D3 en zo nodig ook calcium geadviseerd. Door het opvolgen van de NHG-standaard en doordat er in 2012 en 2013 een aantal nieuwe middelen op de markt zijn gekomen, stijgen de uitgaven van colecalcirerol met 60% naar €35 miljoen in 2014. Hulpmiddelen De totale uitgaven voor hulpmiddelenzorg in 2014 bedragen € 1,48 miljard. In vergelijking met...

Lees Verder
Schippers: ‘hard op principe, zacht op proces’
nov03

Schippers: ‘hard op principe, zacht op proces’

“Ik voel mij niet thuis bij een dergelijke benadering, laat staan bij een absolute vorm voor kosteneffectiviteit als basis voor een besluit of een behandeling of een nieuw duur geneesmiddel al dan iet tot het basispakket van de Zorgverzekeringswet behoort,” zo laat minister Edith Schippers de Tweede Kamer weten. Zij schrift in haar reactie op het rapport van het Zorginstituut Nederland over ‘Kosteneffectiviteit in de praktijk’ dat zij ernaar streeft “nieuwe geneesmiddelen en innovatieve behandelingen beschikbaar te maken voor de patiënt tegen een maatschappelijk aanvaardbare prijs en binnen houdbare zorguitgaven, ook op de lange termijn.” Niet één afkappunt In dat rapport van 1 juli jl. wijst het Zorginstituut op de problemen om goed inzicht te krijgen in de kosteneffectiviteit; het hanteert een breder palet aan referentiewaarden in plaats van één afkappunt en stelt uitdrukkelijk dat kosteneffectiviteit een relatief criterium is dat afgewogen moet worden tegen andere criteria, bijvoorbeeld omdat sprake is van een zeldzame aandoening of een weesgeneesmiddel, of omdat een bepaalde aandoening risico’s voor de volksgezondheid met zich brengt. In dit verband geeft kosteneffectiviteit van een medische behandeling aan wat de kosten en effecten van de ene behandeling zijn ten opzichte van de kosten en effecten van een alternatieve behandeling. Bij nieuwe dure geneesmiddelen of andere dure innovaties is er niet altijd een goede alternatieve behandeling om hetzelfde behandelresultaat te behalen. De kosteneffectiviteit wordt dan vastgesteld ten opzichte van de huidige standaardtherapie. Doelmatigheidsonderzoek De centrale boodschap van het rapport aan de zorg en de samenleving is volgens Schippers ‘hard op principe, zacht op proces’. Ze onderschrijft dat het inderdaad gewenst is om meer inzicht te krijgen in kosteneffectiviteit, met name bij zorg waarvoor alternatieve behandelingen bestaan. Niet om op basis daarvan automatisch beslissingen te nemen over het pakket, maar vanwege de signalerende functie van een dergelijk inzicht voor de verantwoordelijke partijen. Ze wijst op de rol van de overheid daarin, waarbij ze het ZonMw-programma DoelmatigheidsOnderzoek noemt dat in de vervolgperiode 2016 tot en met 2018 nog eens met 37 miljoen euro wordt ondersteund. Afwegingskader Hiernaast is het bij het pakketbeheer van de extramurale geneesmiddelen sinds 2005 verplicht om gegevens over kosteneffectiviteit van innovatieve geneesmiddelen aan te leveren bij het Zorginstituut. De uitkomsten van dit onderzoek naar kosteneffectiviteit hebben volgens Edith Schippers in bepaalde gevallen geleid tot het treffen van extra waarborgen voor gepast gebruik en prijsonderhandelingen. De komende maanden zal het Zorginstituut nader uitwerken hoe het specifiek bij pakketbeheer met kosteneffectiviteit wil omgaan. Samen met veldpartijen zal het Zorginstituut een afwegingskader uitwerken waarin de verschillende criteria in onderlinge afweging tot hun recht kunnen komen. Maatschappelijk debat Het is volgens de minister nu nog te vroeg voor het wettelijk...

Lees Verder
Max € 45 bij spoedzorg
okt30

Max € 45 bij spoedzorg

In 2016 zullen circa zestien apotheken subsidie ontvangen op de terhandstelling bij farmaceutische spoedzorg. Daarmee komt het maximum tarief voor ANZ-zorg op € 45. Afgelopen voorjaar bleken grote uitschieters voor te komen in de tarifering van de farmaceutische spoedzorg: tussen grofweg € 15 in steden en € 95 in dunbevolkte gebieden of op de eilanden. Minister Edith Schippers schrijft in haar brief van 28 oktober 2016 over spoedzorg aan de Tweede Kamer dat er signalen zijn dat patiënten wachten op de reguliere openingstijden om het hogere tarief van dienstapotheken te omzeilen. ‘Dat is op zich niet erg als het starten van de farmaceutische behandeling ook kan wachten. Deze zorg moet echter beschikbaar zijn als de farmaceutische zorg direct nodig is. Daarvoor is het nodig dat de spoedzorg toegankelijk blijft. De dienstverlening in deze gebieden buiten de reguliere openingstijden mag niet in een negatieve spiraal komen. Doordat minder mensen gebruik maken van de dienstapotheek als gevolg van de hoge tarieven, moeten de tarieven omhoog waardoor weer minder mensen er gebruik van maken,’ aldus de Kamerbrief. Subsidie voor zestien apotheken In overleg met de Nederlandse Zorgautoriteit en veldpartijen is nu door VWS een oplossing uitgewerkt waarmee te hoge eigen betalingen aan farmaceutische spoedzorg moeten worden voorkomen. De oplossing voor 2016 zal zijn dat apotheken met een hoog tarief door VWS een subsidie ontvangen. Schippers vervolgt: ‘Het gaat dan om die apotheken die een tarief voor ANZ-zorg boven de € 45 per terhandstelling vragen. Hiermee komen de tarieven grofweg tussen de € 15 en € 45 per terhandstelling te liggen (in plaats van grofweg tussen de € 15 en € 95). De omvang van de subsidie is afhankelijk van het aantal receptregels en het tarief wat gesteld is. Op basis van cijfers van de zorgverzekeraars zullen circa zestien apotheken subsidie ontvangen in 2016. Met het instellen van de maatregel wordt gerealiseerd dat patiënten in 2016 maximaal € 45 per terhandstelling betalen buiten de reguliere openingstijden.’ Doelmatiger inrichten van spoedzorg De brief besluit als volgt: ‘Vanaf 2017 zal een structurele oplossing worden geïmplementeerd. De mogelijkheden hiervoor worden momenteel bezien. Daarnaast zullen verzekeraars samen met de apotheekhoudenden de komende jaren verder werken aan een doelmatigere inrichting van de farmaceutische spoedzorg, waardoor de tarieven omlaag gaan.’ Onder redactie van: Kees Kommer...

Lees Verder
Apotheek Smilde : Drentse Eendracht
okt28

Apotheek Smilde : Drentse Eendracht

Smilde, dorp in Drenthe, gelegen aan beide zijden van de Drentsche Hoofdvaart. Hier ligt een gezondheidscentrum waarin verschillende disciplines zijn gevestigd zoals Apotheek Smilde. De inrichting van de apotheek is modern. Een geneesmiddelenrobot staat gereed om te beginnen met stickeren en afleveren. De balie in de apotheek bestaat uit drie ronde tafels waar patiënten met veel privacy geholpen kunnen worden. In de grote teamkamer staan de resten van het ontbijt op tafel. Het ziet er gezellig uit. Een voor een komen de teamleden binnendruppelen. Barry Swets is apotheker: “Het leek mij een goed idee om de drijfveren van het hele team te beschrijven. Want wij doen het hier samen.” Aldus geschiedde. Het genoegen van een dorp. Miranda Wissink is apothekersassistente en werkt 25 jaar bij Apotheek Smilde. “Het is een veelzijdig beroep waarin je patiënten van dienst kunt zijn door goede en deskundige uitleg te geven over medicatie. Het is mooi als je mensen ziet opknappen. Ik woon al jaren in dit dorp en de gemoedelijke sfeer vind ik prettig. Met de komst van de nieuwe Zorgverzekeringswet in 2006 is ons werk veranderd. We hebben enerzijds meer verantwoordelijkheid gekregen, anderzijds zijn er ook meer ontplooiingsmogelijkheden. Als team zijn we goed op elkaar ingespeeld. We hebben respect voor elkaar, zijn eerlijk en open. En we hebben ook veel lol samen.” Afwisseling. Marieke de Roos: “Ik wist niet wat ik wilde worden, uit een beroepskeuzetest kwam apothekersassistente naar voren. Ik werk hier nu drie jaar en heb nog geen dag spijt gehad. Met name de afwisseling maakt het interessant. We hebben iedere morgen overleg en delen de dag in drieën: bestellingen afhandelen, recepten aanschrijven en verwerken en balie-werkzaamheden. Dat wisselen we af. Ik vind het erg belangrijk dat iedereen zich goed voelt in het team. Het bepaalt voor een groot deel hoe je functioneert.” Samen het verschil maken. “Wij zijn een team waarin iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt”, aldus apotheker Barry Swets. “Dan kun je er ook optimaal zijn voor de patiënten. We proberen iedereen de ruimte te geven om zichzelf zo goed mogelijk te ontwikkelen. Er zijn korte lijnen, zaken worden gemakkelijk bespreekbaar gemaakt. We hebben niet veel toeters en bellen nodig om elkaar te vinden. Die prachtige geneesmiddelenrobot die daar staat? Uiteindelijk blijft het mensenwerk. Hij doet het goed omdat iedereen weet hoe hij er mee om moet gaan.” Op mijn plek. “Die is voor mij”, dacht Jaline Nanninga toen ze een jaar geleden de vacature voor de specialisatie tot openbaar apotheker zag. “Ik help ‘s morgens met het klaarmaken van medicatie en sta eveneens aan de balie. ‘s Middags kijk ik recepten na of ik werk voor mijn opleiding....

Lees Verder
De meerwaarde van de partner met een totaalportfolio
okt27

De meerwaarde van de partner met een totaalportfolio

-Dit artikel is tot stand gekomen i.s.m. Baxter-  Als je bedrijfsnaam de status van werkwoord bereikt heeft dan is dat bijzonder, het woord Baxteren is bekend en wordt begrepen binnen de farmacie. Maar Baxter heeft als producent en leverancier binnen de healthcare industry voor ziekenhuisapothekers – en voor veel andere ziekenhuisprofessionals – veel meer te bieden. Medical director Dr Raymund Zinck geeft zijn visie: “Het feit dat we een uitgebreid productportfolio bieden, stelt ons in staat een partner te zijn voor ziekenhuizen, de farmaceutische groothandel en een groot aantal klanten in kwaliteitsverbetering en kostenbeheersing.” Als ziekenhuisapotheker zal Baxter geen onbekende naam voor u zijn. U kent ons niet alleen van de infuuszakken en andere farmaceutische oplossingen, maar ook van geneesmiddeldistributiesystemen en klinische voeding. Baxter levert producten en diensten die op veel ziekenhuis­afdelingen gebruikt worden. Baxter heeft contact met veel professionals in de zorg, o.a. de  anesthesist en de chirurg op de OK, met de nefroloog voor chronische dialyse, met internisten op de IC en met de oncoloog. Baxter heeft in de bijna negentig jaar dat het wereldwijd nu bestaat een enorme ontwikkeling doorgemaakt, waarbij innovatie altijd het kernwoord is geweest. Op veel van de genoemde aandachtsgebieden was Baxter de eerste aanbieder die een therapie introduceerde die patiëntenzorg mogelijk maakte of aanzienlijk verbeterde. De ziekenhuisapotheker faciliteren Baxter werkt samen met veel professionals in de zorg. De kwaliteits- en veiligheidseisen worden steeds strenger, terwijl de zorg tegelijkertijd geconfronteerd wordt met een forse kostenreductie. Dit zijn ontwikkelingen die vragen om partners die de professionals in het ziekenhuis kunnen ondersteunen om aan alle gestelde eisen te kunnen blijven voldoen en optimale patiëntenzorg te bieden. Baxter is zo’n partner, en wil de ziekenhuisapothekers optimaal faciliteren in hun werk. Als producent en leverancier zijn wij gehouden aan internationale richtlijnen op het gebied van productie,  kwaliteit en veiligheid. De kennis die we daarmee opbouwen, vertalen we naar onze gebruikers. We doen dit bijvoorbeeld middels de levering van ready to use producten. Voor klinische voeding bijvoorbeeld kunnen we alle macro en  micronutriënten leveren in twee of drie compartimenten zakken die nodig zijn. Maar we leveren ook een compounding machine die de ziekenhuisapotheker in staat stelt zelf een klinische voeding te maken  voor de patiënten voor wie een product op maat vereist is. Logistieke concepten spelen een belangrijke rol, om de voorraad binnen de ziekenhuisapotheek zo laag mogelijk te kunnen houden. Ook het bekende Baxteringsysteem is erop gericht de geneesmiddelendistributie voor de ziekenhuisapotheker veiliger te maken en de logistiek zo efficiënt mogelijk. Gerichte, geaccrediteerde trainingen Producten en diensten leveren is niet voldoende. Tenminste, niet voor een bedrijf dat zich opstelt als partner van de gebruikers ervan. Vooral als...

Lees Verder
Nieuwe aangrijpingspunten voor cholesterolverlaging
okt26

Nieuwe aangrijpingspunten voor cholesterolverlaging

Hart- en vaatziekten (HVZ) veroorzaken grofweg een derde van de totale sterfte in ons land en zijn verantwoordelijk voor ruim 9% van alle kosten in de gezondheidszorg. Veel Nederlanders hebben risicofactoren voor hart- en vaatziekten: roken, een verhoogde bloeddruk, overgewicht of een verhoogd cholesterol. Een stijging van 10% van het totaal cholesterol gaat gepaard met 20% meer kans op HVZ. Dit artikel beschrijft het huidige aanbod in cholesterolverlagende medicatie en de meest recente ontwikkelingen op dit gebied. Het lipidenspectrum is een van de factoren aan de hand waarvan de huisarts het risicoprofiel vaststelt bij cardiovasculair risicomanagement. Met dit risicoprofiel schat de arts het absolute risico op sterfte aan HVZ binnen 10 jaar. Of een cholesterolverlager wel of niet is geïndiceerd is behalve van het tienjaarsrisico afhankelijk van de hoogte van het LDL-C, de familie-anamnese, de BMI en de nierfunctie. Is het tienjaarsrisico lager dan 10% dan is medicamenteuze behandeling van een licht tot matig verhoogd cholesterol meestal niet zinvol. Is farmacotherapie wel aangewezen, dan is op basis van kosteneffectiviteit simvastatine 40mg de eerste keus. Van bijna alle statines is aangetoond dat zij niet alleen het cholesterol verlagen, maar ook daadwerkelijk het risico op HVZ verminderen. Elke millimol daling van het LDL-C reduceert het relatieve risico op ziekte of sterfte aan HVZ met 20%. Om dat effect te bereiken is een jarenlange behandeling nodig. Het is een taak van de apotheek om de patiënt voor te lichten over de noodzakelijke therapietrouw. Bijwerkingen Bereikt de patiënt met simvastatine 40mg de streefwaarde voor het LDL-C van 2,5 mmol/l niet, dan is de volgende stap switchen naar atorvastatine 20-40mg of rosuvastatine 10-20mg, afhankelijk van de hoogte van het LDL-C. Lagere doseringen hebben geen voordelen boven simvastatine 40mg. Daalt het cholesterol nog niet onder de 2,5 mmol/l, dan kan de dosering worden verhoogd naar maximaal 80mg atorvastatine of 40mg rosuvastatine. Is het tienjaarsrisico op HVZ groter dan 20% en bereikt de patiënt met deze dosering en leefstijlaanpassingen nog niet de streefwaarde, dan kan de arts andere cholesterolverlagers overwegen: acipimox, ezetimibe, een fibraat, een galzuurbindend hars of omega-3-vetzuren. Van combinaties van een statine met deze middelen is niet aangetoond dat het LDL-C daalt dan met alleen een statine. De NHG-standaard adviseert dan ook terughoudend te zijn met het voorschrijven van deze middelen. Bij therapieresistente hypercholesterolemie ligt een taak voor de apotheek. Is de patiënt therapietrouw en of is hij gestopt met het statine vanwege bijwerkingen? Probeer hierover in gesprek te gaan met de patiënt. Spierklachten zijn weliswaar een veelvoorkomende bijwerking – 5 tot 18% van de gebruikers heeft hier last van – maar komen ook zonder statinegebruik vaak voor. Misschien zijn milde spierklachten toch acceptabel...

Lees Verder
Even scannen… en zeker weten dat het wel het echte geneesmiddel is
okt23

Even scannen… en zeker weten dat het wel het echte geneesmiddel is

Hoewel nationaal en internationaal activiteiten worden ontplooid om handel in nepgeneesmiddelen tegen te gaan, is de handel hierin nog steeds bloeiend. Een nieuwe toepassing is erop gericht het probleem definitief op te lossen. De ontwikkelaar licht toe. Je staat in de winkel en bent acuut verliefd op dat leuke petje. Het is duur, maar het is wel van een merk waarmee je graag gezien wilt worden. Maar is het echt? Je scant de matrixcode via de app die je hiervoor op je smartphone hebt en de uitslag is positief: geproduceerd in de fabriek van het bewuste merk, op die en die datum. En toch blijkt dat petje hartstikke nep te zijn. De fabrikant verdient er niets aan en jij hebt veel te veel betaald. Hoe kan dit? “Dit kan omdat je je hebt laten misleiden door die matrixcode”, zegt Ok van Megchelen. “Degene die dit nep-petje heeft gemaakt, heeft die matrixcode verwijderd uit een product dat écht van die dure fabrikant is, duizenden malen gekopieerd en in goed nagemaakte petjes verwerkt, die hij overal in de wereld verkoopt. Je scant met die app alleen wat er op die papieren matrixcode staat. Maar als je pech hebt, word je daar niets wijzer van.” Geneesmiddelen namaken Stel nu eens dat het niet om een petje gaat, maar om een geneesmiddel. “In geld uitgedrukt is dit mondiaal een miljardenprobleem”, zegt Van Megchelen. “Lees maar het rapport Pirates of the 21st century van Ernst & Young uit 2009. Recentere cijfers van de International Chamber of commerce laten zien dat hierin 1,7 triljoen dollar omgaat. Op patentgeneesmiddelen zit een fikse marge, dus het is interessant om die na te maken. Maar degene die ze voorschrijft of die ze gebruikt, heeft geen zekerheid. Ze weten niet of er dezelfde werkzame stof in zit en in dezelfde dosering, of er geen vulstoffen zijn toegevoegd of weggelaten, of het wel of niet bijwerkingen geeft die bij het echte product niet of veel minder aan de orde zijn.” De omvang van het probleem is in cijfers minder groot dan bij mode en luxegoederen, erkent Van Megchelen. “Maar bij geneesmiddelen zijn de juistheid en betrouwbaarheid wel vele malen belangrijker dan bij die andere twee categorieën”, zegt hij. “Vorig jaar was ik betrokken bij een openbare consultatie van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen, dat bezig was met de ontwikkeling van een QR-codebeleid. Ook daar werd erkend dat het probleem van namaakgeneesmiddelen écht speelt.” Check via internet Van Megchelen is zich vanuit zijn bedrijf Tagologic gaan bezighouden met deze materie. Hij bedacht met partners een oplossing waarin internet een doorslaggevende rol speelt om te kunnen achterhalen of een product echt...

Lees Verder

Column Maayke Fluitman: Don’t try this at home…

Experimenten met ontploffende chemicaliën, motorrijders die over brandende auto’s heen springen, we zien het vaak op tv. Hoewel gezond verstand ons meestal helpt om te realiseren dat we dit echt niet zelf moeten uitproberen volgt toch vaak nog de waarschuwing: Don’t try this at home. De lijst met mogelijke letsels, soms zelfs dodelijk, is eindeloos. Gelukkig houden de meesten van ons zich dan ook aan dit gegeven advies en genieten we van de stunten die anderen uitvoeren. Beter is het om je bezig te houden een veiligere activiteit als bijvoorbeeld tennis, voetbal, golf. Sporten: een gezonde, geaccepteerde bezigheid. Als je helemaal niets aan sport doet ben je zelfs ‘ongezond’ bezig. Althans, dat dacht ik. Tot mijn verbazing heeft Consument en Veiligheid, op verzoek van het ministerie van VWS, becijfert dat sportblessure jaarlijks bijna 600 miljoen kost en 1,7 miljoen verzuimde werkdagen. En dat is nog niet alles, Consument en Veiligheid waarschuwt zelfs dat het aantal blessures alleen nog maar zal gaan toenemen. Nog even en na iedere voetbalwedstrijd volgt de waarschuwing: Don’t try this at home. Waarschijnlijk zal het zo ver wel niet komen maar er wordt wel nagedacht over hoe al die blessures voorkomen moeten worden. Daar zal zeker een goed advies over opgesteld worden. Adviseren daar zijn we in de zorg heel goed in. Advies geven is één van onze kerntaken, ondersteund door onderzoek, dus goed onderbouwd en daarom moet het opgevolgd worden. Wij weten wat goed voor u is! Maar, slaan we niet door met al onze opgestelde en afvinkbare adviezen? Moeten we als professionals niet meer op zoek naar de dialoog met de zorgvrager? Moeten we, juist omdat we professionals zijn, het geldende advies soms niet laten voor wat het is en op basis van individuele behoeften en omstandigheden ook advies kunnen geven dat niet gestandaardiseerd is maar wel de juiste oplossing voor die persoon is? We kunnen ons wel helemaal suf rekenen op sportblessures, specialistische begeleiding, de impact van zorgaanbieders op de kwaliteit van leven en ga zo maar door. Maar hoe meer onderzoeken en resultaten, hoe langer de afvinklijstjes en hoe onwerkelijker en tegenstrijdiger de adviezen worden. Steeds vaker realiseer ik me dat de combinatie van expertise, gezond verstand en daadwerkelijke, echte dialoog met de patiënt leidt tot verbetering van zorgaanbod en meer innovatieve ontwikkelingen. Als we van tevoren hadden doorgerekend wat de werkelijke, maandelijkse kosten van mobiele telefonie echt zouden zijn en zou het advies van de overheid geweest zijn: ‘investeer hier nooit in’. Op basis van dat advies zouden we nog allemaal vast zitten aan de vaste lijn. En toch: iedereen heeft een mobiele telefoon, niemand zou meer zonder kunnen. Wij...

Lees Verder
Pagina 3 van 1612345...10...Minst recente »