Gezocht: Dappere dokters en apothekers
sep13

Gezocht: Dappere dokters en apothekers

De maatschappij heeft behoefte aan dappere dokters en dappere apothekers. Dappere zorgverleners die gaan voor optimale zorg en niet voor het maximale. De beweging gaat voor patiëntgerichtheid, effectiviteit, veiligheid én doelmatigheid. En is kritisch op het eigen handelen: moet ik niet stoppen met de behandeling? Hoe initiatiefnemer van de Dappere Dokters huisarts Bart Meijman een einde wil maken aan overbehandeling, overdiagnostiek, verspilling en futiele zorg. Ze noemen zich dappere dokters. Maar het zouden net zo goed dappere fysiotherapeuten of dappere apothekers kunnen zijn. Voor een dappere zorgverlener is de persoon van de patiënt belangrijker dan de indicatie. De dappere zorgverlener gaat op zoek naar de gunstigste zorg voor de patiënt, gaat in gesprek met de patiënt over wat nu de optimale zorg is. Het zijn zorgverleners met betrokkenheid, die open staan voor de eigen verantwoordelijkheid van die patiënt. Dappere zorgverleners zijn geen solisten, maar zoeken juist de samenwerking met andere zorgverleners op. Met als doel vergroten van de patiëntgerichtheid, effectiviteit, veiligheid én doelmatigheid. De dappere zorgverlener is kritisch op zichzelf: zijn mijn standpunten nog de juiste, doet mijn beroepsgroep de goede dingen en hoe gaan we om met onze maatschappelijke verantwoordelijkheden? En de zorgverlener met lef laat zich aanspreken op zijn professionaliteit en durft ook anderen aan te spreken. Bovenstaande een utopie? Niet voor de grondlegger van de beweging Optimale zorg, dappere dokters, huisarts Bart Meijman. Hij was ook voorzitter van de huisartsenkring Amsterdam. Hij kwam in het geweer tegen de doorgeschoten behandeling die slecht zijn voor de patiënt en de kosten in de zorg opdrijven. Nog meer regelgeving en nog meer bezuinigingen, dat is verkeerde weg, volgens Meijman. Sinds 2010 organiseert de voormalig voorzitter van Artsen Zonder Grenzen een reeks van debatten over de veranderingen in de zorg. Het was verkiezingstijd en de politiek toonde interesse. In korte tijd waren Ab Klink (voormalig minister van VWS en nu lid van de raad van bestuur van zorgverzekeraar VGZ), Marcel Levi (internist en topman van het Academisch Medisch Centrum) en Henriette van der Horst (hoogleraar huisartsgeneeskunde aan de VUmc) betrokken bij het initiatief. Hoe kunnen we zorgen voor zuinige en zinnige zorg? Wat is de kern van het probleem in de zorg? “Perverse prikkels leiden tot overbehandeling, overdiagnostiek, verspilling en futiele zorg. De zorg staat er bol van. Met als gevolg dat patiënten onnodige behandelingen krijgen met alle gevolgen van dien. In de zorg gaat vaak veel geld naar high tech, die niets toevoegt aan het welzijn van de patiënt. Tegelijkertijd bezuinigen we om financiële redenen op goede zorg voor kwetsbare ouderen bijvoorbeeld in verpleeghuizen. Ook richten we ons te veel op het behalen van het maximum terwijl het moet...

Lees Verder
Geneesmiddelentekorten: KNMP-voostel krijgt steun van ZN en VWS
sep06

Geneesmiddelentekorten: KNMP-voostel krijgt steun van ZN en VWS

In een uitzending van Nieuwsuur op 5 september j.l. pleit directeur Léon Tinke van de KNMP voor vergoeding van meer dan één aangewezen geneesmiddel door zorgverzekeraars. Dit om de oplopende hoeveelheid geneesmiddeltekorten tegen te gaan. ‘Er zijn vaak eveneens goedkope vergelijkbare geneesmiddelen, die net een paar cent duurder zijn. In het geval van voorraadproblemen is er dan meer keuze.’ Door Tinke is de berekening gemaakt dat de maatregel 15 miljoen euro kost, afgezet tegen de 4 miljard euro die jaarlijks aan geneesmiddelen worden uitgegeven. Uit de uitzending blijkt dat het voorstel van de KNMP om het preferentiebeleid te versoepelen ook voor ZN (Zorgverzekeraars Nederland) een agendapunt is. ‘We zullen gezamenlijk moeten kijken naar goede oplossingen’, stelt directeur Petra van Holst. Directeur Gerard Schouw van Nefarma ziet ook wat er aan de hand is: ‘Wanneer je als apotheker maar één geneesmiddel in de la hebt liggen en dat middel is op, dan moet je nee verkopen aan de patiënt. Als je een paar alternatieven hebt, hoeft dat minder vaak.’ Het voorstel wordt ingediend in de werkgroep die onder regie van het ministerie van VWS zoekt naar een oplossing voor de geneesmiddelentekorten. VWS wil ook graag verder praten over het plan. Cijfers van KNMP Farmanco leren dat de geneesmiddelentekorten naar verwachting in 2016 wederom zullen toenemen. In 2015 waren het er 625, maar in de eerste helft van dit jaar zijn er al 369 definitieve en tijdelijke tekorten genoteerd. Indien deze trend zich voortzet, gaat de teller over dit jaar richting de 750.    ...

Lees Verder
Brocacef sleept ACM voor de rechter
jul26

Brocacef sleept ACM voor de rechter

Brocacef sleept de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor de rechter. De apothekenorganisatie is het niet eens met voorwaarden die de ACM stelt rondom de overname van Mediq Apotheken Nederland. Zo wil Brocacef de apotheken die het bedrijf verplicht is af te stoten behouden als klant voor de groothandel. Vorige maand heeft de ACM na anderhalf jaar onderzoek goedkeuring verleend aan Brocacef Groep voor deze overname. Daarmee ontstaat de grootste apothekenorganisatie in het land. De overname vond plaats onder strenge voorwaarden. Zo moet Brocacef afscheid nemen van 89 apotheken. Dan gaat het om zowel franchisenemers en partners als eigendomsapotheken. Een andere ingrijpende maatregel is het zogenaamde groothandelsverbod. Dit verbod houdt in dat de groothandel Brocacef de apotheken die het al moet afstoten ook niet meer mag beleveren. Brocacef is het niet eens met deze voorwaarde van de ACM. De gevolgen van deze maatregel zijn namelijk groot. Het aantal groothandels waaruit deze afgestoten apotheken kunnen kiezen wordt door het verbod kleiner. Dit heeft een negatieve invloed op de onderhandelings- en concurrentiepositie van de apotheek. Gevolg voor de patiënten zijn er ook: de kosten voor geneesmiddelen kunnen stijgen. Ook zouden geneesmiddelen niet altijd meer beschikbaar zijn, zo stelt Brocacef. Gebrekkig onderzoek Vandaag heeft Brocacef relaties geïnformeerd dat het beroep aantekent tegen dit groothandelsverbod. CEO Peter de Jong: “Wij volgen daarbij een juridische procedure via een kort geding waarbij we op korte termijn, naar verwachting voor 1 oktober duidelijkheid hopen te krijgen over de houdbaarheid van het groothandelsverbod.” In de brief beticht Brocacef de ACM van gebrekkig onderzoek. Ook is het besluit in de ogen van Brocacef in strijd met eerdere zaken die de ACM heeft onderzocht. Dan gaat het over de fusie tussen de apotheken van LLoyds en Escura waarbij de ACM niet dergelijke eisen stelde. Brocacef vraagt daarnaast in een bodemprocedure aan de bestuursrechter het groothandelsverbod ongeldig te verklaren. Deze procedure kan nog wel even duren zo leert de ervaring. Daarom vraagt Brocacef in een zogenaamde voorlopige voorziening het besluit op te schorten waardoor Brocacef tot het definitieve besluit de klanten kan behouden. Tekst: Niels van Haarlem  ...

Lees Verder
Gevraagd: leiderschap
jul14

Gevraagd: leiderschap

Het is zover, Bas. Een groot stuk cultureel erfgoed gaat verloren.  Na 117 jaar komt er in 2016 een einde aan de Onderlinge Pharmaceutische Groothandel. Wat in 1899 door 91 apothekers werd opgezet als OPG, gegroeid is onder de naam Mediq verdwijnt definitief uit het straatbeeld. Ik word daar toch wel een beetje emotioneel van. Mijn vader van 88 jaar ook. Die was in de jaren 50 al klant. Word wakker, Niels! Ik kan er geen traan om laten. Toen OPG naar de beurs ging, de naam veranderde in Mediq – weet je nog, uw apotheek met IQ- , verhuisde van een anoniem bedrijventerrein naar een megalomaan gebouw aan de snelweg, met een retailer als hoogste baas, toen wist ik het al. En toen investeringsmaatschappij Advent het voor het zeggen kreeg, de CEO zich liet chauffeuren was dat alleen maar een bevestiging: apothekers en groothandel horen niet thuis in een organisatie die alleen maar global en big denkt. Dan mogen we blij zijn dat de apotheken en groothandel van marktleider Mediq zijn overgenomen door Brocacef en verder gaan onder de naam BENU, Bas. Met 500 apotheken, 5.000 medewerkers en landelijke dekking is een nieuwe marktleider geboren. De koning is dood. Lang leve de koning! Ik ben dan ook heel benieuwd hoe het koningskoppel Peter de Jong en Bart Tolhuisen invulling gaan geven aan hun leiderschap in de farmaceutische zorg. In het interview in deze editie vertellen ze over de apothekers als zorgverlener. Laten we hopen dat Brocacef met BENU wel volle kracht de positie van de apotheker vorm gaat geven, Niels. Met die distributie zit het wel goed daar. De uitdaging is hoe BENU invulling gaat geven aan de rol van apothekers als zorgverlener. Dat zijn ze als marktleider ook verplicht. Met 500 apotheken heb je iets in de melk te brokkelen. En sta je sterk naar de zorgverzekeraar. 500 apotheken, terwijl op 600 was gerekend, Bas. De waakhonden ACM en Nza hebben kost wat kost willen voorkomen dat er een te machtige speler in de farmaceutische zorg zou ontstaan. Want een farmaceutische organisatie van formaat, die het verschil kan maken, met countervailing power, stel je voor, dat doe je die arme zorgverzekeraars toch niet aan! Na 18 maanden overleg moeten 89 apotheken de deur uit. De ACM heeft echt alles op alles gezet om maar te voorkomen dat apothekers te veel macht zouden krijgen. Waarmee weer eens bewezen wordt dat de zorg geen echte markt is, maar een compleet gereguleerde markt. Waar de overheid dicteert en waar Minister Edith Schippers altijd meekijkt over de schouders van de waakhonden. Zo, dat wilde ik even gezegd hebben, Niels. Dat lucht...

Lees Verder
Katja van Geffen: Aandacht voor het tweede-uitgiftegesprek
jul13

Katja van Geffen: Aandacht voor het tweede-uitgiftegesprek

Groen, groener, groenst. Bussum op een zonnige vrijdagmiddag in juni doet zijn naam eer aan. De naam van dit groene dorp op de Gooise heide is namelijk afgeleid van Bos-hem wat ‘huis in het bos’ betekent. Het is de thuishaven van de Nierstichting waar Katja van Geffen Manager Zorg & Innovatie werkzaam is. Katja: “Apothekers kunnen op verschillende plekken werkzaam zijn en ik vind het belangrijk om de rol van de apothekers overal te promoten. Ik werk op het snijvlak van maatschappelijke problematiek en inhoud, kennis en beleid. Daarbij is het voor mij essentieel om zorg vanuit patiëntenperspectief te benaderen. Na haar studie farmacie ging Katja in 1990 aan de slag als klinisch onderzoeker bij GlaxoSmithKline (GSK). Katja: “Je werkt met verschillende afdelingen samen aan een gezamenlijk doel. Dit hogere doel is de ontwikkeling van een nieuw medicijn. Ik hield me bezig met nieuwe medicijnen voor astma en COPD en heb 9 jaar met plezier bij GSK gewerkt.” De interpretatie van bijwerkingen Na GSK volgt in 1999 de overstap naar de Universiteit Utrecht waar Katja haar carrière vervolgt als hoofd Wetenschapswinkel Geneesmiddelen, onderdeel van de farmacieopleiding. Katja: “De Wetenschapswinkel ondersteunde maatschappelijke organisaties met onderzoek. We hebben destijds een aantal zaken op de kaart gezet zoals het feit dat patiënten toen nog geen bijwerkingen van geneesmiddelen mochten melden. We hebben onderzoek gedaan voor de Epilepsievereniging en daaruit bleek dat patiënten andere bijwerkingen van belang vinden dan zorgverleners. Artsen en apothekers letten bijvoorbeeld meer op afwijkende bloedwaardes terwijl patiënten huiduitslag of vermoeidheid een ingrijpendere bijwerking vinden. Bijwerkingen worden door professionals anders geïnterpreteerd dan door patiënten.” Tweede-uitgiftegesprek “Tijdens het werk in de Wetenschapswinkel ben ik gepromoveerd op het gebruik van antidepressiva”, vervolgt Katja. “Een van de opvallendste bevindingen tijdens dit onderzoek was dat 28% van de patiënten die een behandeling voorgeschreven krijgen, hun recept niet, of slechts één keer afhalen en daarna stoppen. Bij navraag bleek dat veel patiënten eigenlijk liever geen pil wilden of zichzelf niet depressief vonden. Anderen schrokken van de bijwerkingen. Er gaat in de communicatie tussen arts en patiënt blijkbaar toch iets mis.” Volgens Katja is er ook in de openbare apotheek veel te winnen als het gaat over begeleiding van patiënten. “Het tweede-uitgiftegesprek is in dit kader wellicht belangrijker dan een eerste-uitgiftegesprek. De apotheker moet tijdens dit gesprek vragen hoe het geneesmiddel bevalt, wat de bijwerkingen zijn. Hier kan hij vervolgens op inspelen en zijn toegevoegde waarde als apotheker laten zien. Over de betaling van begeleiding van medicijngebruik moet je afspraken maken met de ziektekostenverzekering maar je moet je niet laten weerhouden om te laten zien wat je waard bent als apotheker.” Voorkomen is beter dan genezen...

Lees Verder
Column: De rekening
jul11

Column: De rekening

Jongstleden zaterdag was ik bij de begrafenis van de vader van mijn beste vrienden uit Zeeland. Aangezien ze daar blijkbaar nog niet zijn opgedroogd van de overstroming van 1953, heerst er daar nog een stevig Godsbeeld. De dienst vond plaats in Serooskerke en de dominee had een gezicht alsof hij nog deze ochtend met tegenzin uit het geboortekanaal was geperst. Mijn buurvrouw fluisterde mij nog toe dat het hier ‘een vrije gemeente’ betrof.  God houdt van al zijn schapen, predikte de dominee. Ja, ja, als je maar geen homoseksueel of transgender bent of nog erger, uit de kerk getreden. Maar eerlijk is eerlijk een samenkomst vol gezang raakt mij toch. Of het nu Frans Bouwer is of Psalm 24, diep vanbinnen wil je er misschien toch bijhoren. De begrafenisondernemer heeft ongetwijfeld een eigen kijk op de realiteit. Met het aantal permanentjes en watergolfjes zit zo’n ondernemer ongetwijfeld in een groeimarkt. Voor Jan Hoedemakers, de overledene, is zelfs een heel nieuwe zonneweide in gebruik genomen.  Gezelschap zal daar niet lang op zich laten wachten.  Toch is het mooi zo’n dienst. Op de bodem van geboorte en dood liggen immers existentiële vragen.  We beginnen benauwd en het laatste stukje is doorgaans geen kwestie van opgelucht ademhalen. We beginnen met een Pamper en met een beetje pech eindig je ook zo. Daar tussenin heet het ‘leven’ wat we op basis van filosofische deugden betekenis proberen te geven. Het paradigma van deze tijd is de zalig verklaarde ‘marktwerking in de zorg’. Ik heb hier principieel veel moeite mee, zeker als deze door neoliberalen wordt  gepredikt in termen van : ‘dat het alsmaar goedkoper moet’. Wie ‘markt’ alleen maar kan duiden in termen van geld, leeft in grote armoede en negeert hiermee de betekenis van filosofen als Kant, Socrates en Levitan. Nu kunnen we God wel massaal de rug toekeren, maar wat is anno 2016 de basis voor ons handelen? Mijn opvatting is dat wij in de zorg op de automatische piloot meegaan in het marktdenken. Als gevolg daarvan is de zorg gefragmenteerd en meer op de markt en met zichzelf bezig, dan op het individu en sterk veranderende maatschappelijk verwachtingen gericht. Jan Hoedemakers is dood en is begraven. Maar een andere generatie is opgestaan. Hun bijbel is ‘eigen regie’. De zorg zal het nog merken dat ze inmiddels met dat hippe marktdenken maatschappelijke weerzin oproept. Ook de openbare farmacie zal zichzelf opnieuw moet uitvinden. Ik sluit niet uit dat openbare farmacie in haar huidige vorm de V&D van de toekomst zal zijn. Voor nu zit de  samenkomst in de kerk er op en de dominee kan het niet laten, en gaf aan de...

Lees Verder
De zware bevalling van BENU 2.0
jul11

De zware bevalling van BENU 2.0

Partner voor de zorgconsument. Dat is de ambitie van Brocacef met de apotheken van BENU nu de overname van de apotheken en groothandel van Mediq rond is. Eindelijk rond, want het duurde anderhalf jaar voordat de ACM onder strenge voorwaarden – als afstoten van 89 apotheken – goedkeuring gaf. De nieuwe markleider met 502 apotheken beraadt zich op een juridisch gevecht met diezelfde ACM. Peter de Jong en Bart Tolhuisen blikken terug en kijken vooruit. CEO Peter de Jong van de Brocacef Groep waaronder BENU valt kan nu wel weer nuchter terugkijken op een periode vol met overleggen, afstemmen, passen en meten. Eigenlijk kijkt hij liever vooruit. Naar de komst van de 2800 medewerkers van Mediq. Die maken de komende weken de overstap van het markante pand aan de A2 in Utrecht naar het pand aan het water in Maarsen. Om de nieuwkomers welkom te heten heeft Brocacef flink geïnvesteerd in de huisvesting. De forse verbouwing is nog maar net afgerond. Hier en daar ruikt het zelfs nog naar verf. Niet iedereen overleeft de overname. Voor enkele tientallen op het hoofdkantoor valt het doek. Een sociaal plan moet deze medewerkers op weg helpen naar ander werk. Eindelijk kan hij dan samen met de 5.000 medewerkers beginnen met het bouwen aan ‘BENU 2.0’. Maar wat was de overname van Mediq Apotheken en groothandel een bevalling. Begin vorig jaar voorspelde De Jong nog dat de goedkeuring in juni zou komen. En BENU zou dan met zo’n 600 apotheken met afstand de grootste apothekenorganisatie zijn. Het werd inderdaad juni, maar wel een jaar later dan verwacht. 18 maanden hebben de Autoriteit Consument & Markt (ACM), de NZa en de Europese Commissie nodig gehad om het licht op groen te zetten voor de overname door Brocacef van Mediq. En het zijn geen 600 apotheken geworden die de naam van BENU gaan dragen, maar 502 want van de ACM moet er afscheid worden genomen van 89 apotheken. Ook moest ziekenhuisgroothandel Distrimed de deur uit. Distrimed wordt overgenomen door Pluripharm. Complex De overname was complex. ACM wilde voorkomen dat Brocacef een te sterke positie zou krijgen in plaatsen met meerdere apotheken van BENU. Consumenten, zorgverzekeraars en ziekenhuizen moeten iets te kiezen hebben, zo redeneert de waakhond. Bij Brocacef vechten twee emoties om voorrang: het gevoel dat de ACM wel erg moeilijk deed en de blijdschap dat nu eindelijk begonnen kan worden met de integratie van wat de beste apothekenorganisatie van het land moet worden. “Ja, we zijn er heel blij mee”, vertelt Peter de Jong in zijn nieuwe kamer. Directeur retail Bart Tolhuisen straalt ook. “Dolblij dat we na 18 maanden eindelijk aan de slag...

Lees Verder
Personalized Medicine
jun22
Lees Verder
Drijfveren: Op de keper beschouwd
jun20

Drijfveren: Op de keper beschouwd

Dr. Ad van Dooren is sinds vorig jaar met pensioen, of zoals ze dat in deze kringen zo mooi zeggen: ‘met emeritaat’, Latijns voor ‘uitgediend’. Van uitgediend zijn, is echter geen sprake. Ad van Dooren is nog lang niet toe aan tuinieren of een treintje op zolder. Hij heeft het drukker dan ooit. Hij is nog steeds betrokken bij de Hogeschool Utrecht en vervult verschillende bestuurs- en adviesfuncties. In het verleden heeft hij veel wetenschappelijk farmaceutisch onderzoek gedaan op het gebied van zorginnovaties en hij is expert in het monitoren van klinisch onderzoek. En zoals dat gaat: zodra je geen broodheer meer hebt om te dienen, kun je vrijuit spreken. En dat doet hij. Wil je me in vogelvlucht meenemen door je werkverleden? Ad: “Na mijn afstuderen in 1976 heb ik tien jaar gewerkt als onderzoeker bij Philips Duphar. In die tijd heb ik ook mijn proefschrift geschreven, over thermische analyse van geneesmiddelen. Daarna heb ik gewerkt op de marketing- en salesafdeling van NPBI, een producent van steriele vloeistoffen voor ziekenhuizen. Hartstikke leuk maar ik miste het internationale component. Dat gemis heb ik ingelost bij andere bedrijven waar ik veel gereisd heb. Als je het over ‘drijfveren’ hebt dan is het wel een van mijn drijfveren om te kijken hoe mensen uit verschillende culturen reageren, interpreteren en beoordelen. In 2002 koos ik ervoor mijn kennis en ervaring te delen met studenten op de Hogeschool Utrecht.” Onderwijs, dat is heel iets anders “Ik had in mijn studententijd ook lesgegeven, dus ik wist dat ik dat leuk vond. Ik ben gaan werken als docent aan de nieuwe opleiding Farmakunde. Farmakunde is een samentrekking tussen farmacie en bedrijfskunde, gericht op het managen van processen en projecten. Een farmakundige is een hbo’er die tussen de apotheker en de mensen op de vloer staat. De meeste afgestudeerden komen terecht in de farmaceutische industrie en bij openbare apotheken.” In 2011 werd je lector Innovatie Zorgprocessen in de Farmacie. Waarom werd dit lectoraat in het leven geroepen? “Naar aanleiding van de Lissabonagenda in 2000 werd gezegd dat EU-lidstaten meer moesten investeren in onderzoek en ontwikkeling om een dynamische kenniseconomie te worden. Dit heeft geleid tot de instelling van lectoraten bij hogescholen, met ook dit lectoraat als resultaat. We betrekken studenten bij onderzoek naar aanleiding van vragen uit het werkveld. Hierdoor leren ze wat onderzoek is en hoe je problemen gefundeerd aanpakt. Hoe zit het bijvoorbeeld met therapietrouw? Wat voor middelen kun je patiënten aanreiken en hoe verifieer je of deze middelen inderdaad werken? Onderzoek wordt gedaan door studenten maar ook door docenten. Zo wordt er optimaal gebruik gemaakt van, en geïnvesteerd in kennis.” Hoe ziet het...

Lees Verder
Bouwstenen voor het farmaceutisch informatiesysteem
jun17

Bouwstenen voor het farmaceutisch informatiesysteem

Hoe zien de apotheekprocessen er in 2020 uit? En welke ICT hoort daarbij? Over die vragen ging PharmaPartners Farmacie in gesprek met zelfstandige apothekers en vertegenwoordigers van apotheekketens. Samen brachten ze zeven hoofdprocessen en de daarvoor benodigde functionaliteit in kaart. Daarmee legden ze de basis voor de doorontwikkeling van het apotheekinformatiesysteem, die in nauwe samenwerking met gebruikers vorm krijgt. Tijdens iedere innovatiedag vlogen de meningen en ideeën over tafel, vertelt Edwin van Aalten, zelf apotheker en sinds dit jaar productmanager van Pharmacom. “En steevast, na een uurtje, kwamen de deelnemers tot de conclusie dat zij redelijk op één lijn zaten. In zeven bijeenkomsten zijn zeven processen doorgelicht, variërend van terhandstelling, medicatiebewaking, zorgverlening en de geld- en goederenbeweging tot het clusterbeheer dat we binnen onze Pharmacom-Medicom samenwerkingsverbanden kennen.” De processen zijn vervolgens gevisualiseerd en gekoppeld aan benodigde functionaliteit. Het resultaat is voorgelegd tijdens een bijeenkomst met alle deelnemers uit de sessies, samen met de vraag welke twee innovaties als eerste moeten worden opgepakt. “Als je snel tot innovatie van het systeem wil komen, moet je de ontwikkeling opknippen in kleine, overzichtelijke stukjes, die binnen drie maanden klaar kunnen zijn en direct meerwaarde bieden in de apotheek”, verduidelijkt Sander de Jong, managing director van PharmaPartners Farmacie. Met deze innovatiemethode wordt een ‘minimal viable product’ gecreëerd, dat precies aansluit bij de behoefte van de gebruikers. Ontvlechten zorg en logistiek Van Aalten schetst een aantal uitkomsten van de Pharmacom innovatiedagen . “Als je kijkt naar het terhandstellingsproces, dan is de overtuiging dat medicatiebewaking ook buiten de context van het recept zal plaatsvinden. Bijvoorbeeld naar aanleiding van een nieuw binnengekomen labwaarde of een contra-indicatie die is toegevoegd door de huisarts. Door de bewaking los te trekken van de terhandstelling, kun je de signalen neerleggen bij de persoon die deze het best kan afhandelen. De apotheker kan via een dashboard  inzage krijgen in de relevante signalen, op basis van instellingen die hij of zij zelf heeft bepaald.” De Jong: “De apotheker is de farmaceutisch zorgverlener en dossierhouder van zijn patiënten. Daar geloven we in. Op het moment dat er iets verandert in de context van de patiënt, krijg je een signaal op het dashboard en houd je het behandelplan opnieuw tegen het licht.” Dit is in lijn met de gedachte dat de begeleiding van chronisch geneesmiddelgebruik in de toekomst gebaseerd is op medicatie-afspraken in plaats van verstrekkingen, zoals wordt uitgewerkt in het project ‘Bouwstenen van het medicatieproces’ van de KNMP, het NHG en Z-Index. De ontvlechting van zorg en logistiek wordt hierdoor steeds meer realiteit. Communicatiewensen Unaniem was ook de wens om de mogelijkheden voor communicatie met andere zorgaanbieders rondom de patiënt uit te breiden....

Lees Verder