Column: Undercover Prof
Jun16

Column: Undercover Prof

Even iemand anders zijn, kinderen vinden het fantastisch tijdens het spelen, en ‘onder de rivieren’ is carnaval de perfecte uitlaatklep voor volwassenen. In een andere rol bekijk je de wereld anders en reageert de wereld anders op jou. In het programma Undercover Boss, verruilt een directielid van een grote firma zijn maatpak voor een overall en gaat onherkenbaar werken in zijn eigen organisatie. Hij stelt de medewerkers allerlei vragen. Door de openheid waarmee collega’s praten over hun werk krijgt hij zeer veel inzicht over zijn eigen beleid en de ideeën die leven over hoe het beter kan. Een hele simpele manier om te ervaren wat er werkelijk reilt en zeilt binnen het eigen bedrijf. Zonder duur adviesbureau, zonder dikke rapporten en zonder wetenschappelijke onderbouwing. Maar wel heel dicht bij de waarheid en, binnen de opzet van het programma, vaak met het resultaat dat de noodzakelijke veranderingen – om de dienstverlening en de betrokkenheid van de medewerkers te vergroten – worden doorgevoerd. Professor Jany Rademarkers stelt in haar oratie: ‘de aandacht voor zelfmanagement en eigen regie is doorgeschoten in het gezondheidsbeleid’. Met deze oratie aanvaart zij de leerstoel Gezondheidsvaardigheden en patiëntparticipatie aan de faculteit Health, Medicine and Life Sciences van Maastricht University.  Een leerstoel volledig gericht op de verwachtingen en vaardigheden van de patiënt en (hopelijk ook) van de zorgverlener. Er dienen, volgens Rademakers, handvatten ontwikkeld te worden, beleid moet worden aangepast, we moeten de patiënt nog beter gaan begrijpen en daarmee beter inspringen op diens individuele behoeften. Maar kan het niet veel sneller en veel eenvoudiger? Iedere zorgverlener die gedurende zijn leven zelf patiënt wordt, weet al heel erg goed hoe het beter kan. Maar omdat, gelukkig, het merendeel van de zorgverleners deze omgekeerde rol niet zelf ervaren is het format van Undercover Boss misschien wel de oplossing om het gat tussen het management en de werkvloer, tussen de patiënt en de zorgverlener te verkleinen. En ja, ook ik heb als openbaar apotheker voor in de apotheek gezeten om te ‘ervaren’ hoe de patiënt zich bejegend voelt. Maar ik was niet undercover, niet voor mijn patiënten en niet voor mijn team. Ik zag de wereld dus zoals de wereld mij zag, als de verantwoordelijk openbaar apotheker. Met al het sociaal wenselijk gedrag wat daar bij hoort. Willen we er echt achterkomen wat de patiënt ervaart en wenst dan zullen we misschien alle beleidsadviezen, alle cliëntraden, alle klantonderzoeken maar even moeten laten voor wat ze zijn en zelf undercover gaan in ons eigen stelsel. En net zoals het management in Undercover Boss, alle vragen durven stellen en alle antwoorden accepteren om op basis daarvan het beleid echt af te stemmen...

Lees Verder
Administratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en ei
Jun15

Administratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en ei

Tijdens de recente voorjaarsbijeenkomst van Clearing House Apothekers was het thema Verminderen van de regeldruk in de farmacie: lastenverlichting of lastenverschuiving? In het debat hierover mocht iedereen alles zeggen, mits met respect, zei gespreksleider Martin Favié, voorzitter van Bogin. Discussie was er inderdaad volop, met actieve inbreng van de pakweg veertig aanwezigen in de zaal. Het debat over de administratieve lasten in de apotheek, 20 mei bij CHA in Den Haag, werd geïntroduceerd door een kort betoog van de drie gespreksdeelnemers: Jean Hermans (manager beleid en ontwikkeling bij de KNMP), Otto Kampen, (senior zorginkoper bij zorgverzekeraar CZ) en Bart Bruijn (apotheekhoudende huisarts). Hermans verzorgde de aftrap door te stellen dat praten over administratieve lasten altijd leidt tot wij/zij denken. “En dan bedoel ik wij tegen de zorgverzekeraars”, zei hij. “Maar ik vind dat we iets verder moeten kijken: een complexe samenleving vraagt om regels. De burger wil weten of de zorgeuro goed besteed wordt. Dit plaatst niet alleen ons, maar ook de zorgverzekeraars met de rug tegen de muur. Het is een enorm compliment dat 99,85 procent van de declaraties in de apotheek klopt, zoals de Nederlandse Zorgautoriteit enige tijd geleden bekendmaakte, maar de vraag is of dit in verhouding staat tot wat we daarvoor moeten doen. In het antwoord op die vraag is het goed om ons te realiseren dat de uitvraag niet alleen van de zorgverzekeraars komt, maar ook van de overheid, de Inspectie voor de Gezondheidszorg, de NZa en de sector zelf. Iedereen veroorzaakt administratieve lasten en probeert die bij de ander op het bord te schuiven. De pech voor de apotheker is dat die de laatste in de rij is.” Hermans stelde dat een oplossing voor het probleem van de lastendruk alleen in samenwerking te vinden is. De KNMP heeft hierin stappen gezet door samen met de zorgverzekeraars en het ministerie van VWS te beschrijven wat precies de administratieve lasten zijn en op welke plaatsen ingrijpen mogelijk is. Als voorbeeld worden de bijlage 2 middelen genoemd. “Bij deze geneesmiddelen stelt het ministerie nadere voorwaarden aan de vergoeding. Deze voorwaarden zorgen voor veel administratieve lasten bij huisartsen en in apotheken. Uit de gesprekken tussen de KNMP en ZN bleek dat beiden vinden dat deze lijst dringend door VWS moet worden opgeschoond. Dit overleg zal op korte termijn concrete resultaten opleveren.” Hoe kort is kort?, wilde Favié weten. Het concrete antwoord op die vraag bleef helaas uit. Wel werd een paar dagen later bekendgemaakt dat Zorgverzekeraars Nederland met 24 brancheorganisaties van eerstelijns zorgverleners afspraken heeft gemaakt om de administratieve lasten te beperken. De KNMP is een van die 24 organisaties. Kampen zei zich goed te kunnen vinden...

Lees Verder
Column: Standbeeld voor Edith Schippers
Jun15

Column: Standbeeld voor Edith Schippers

Ik moet je wat vertellen, Niels. Over 9 maanden gaat het weer gebeuren! Zet nu maar alvast in je agenda: 15 maart 2017. Tot die tijd moet er nog veel gebeuren. Dat is inderdaad groot nieuws! Gefeliciteerd, Bas! Weet je al wat het gaat worden? Een jongen of een meisje? Of misschien wel beiden? En heb je al een naam? En inderdaad, een volle agenda dus de komende 9 maanden. Ik geloof dat je me weer eens niet begrijpt, Niels. Over 9 maanden zijn de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Dat betekent een nieuw kabinet, een nieuwe minister op VWS en nieuw beleid. Minister Schippers heeft nog 9 maanden de tijd om een aantal zaken te regelen. Zodat ze met opgeheven hoofd, een tevreden gevoel en een glimlach op het gezicht het ministerie van VWS kan verlaten. Nu begrijp ik je wel, Bas. Op die dag wordt dan ook een standbeeld van Schippers op het Alexanderplein in Den Haag onthuld: deze minister heeft de laatste maanden van haar periode de positie van de apotheker als De Farmacospecialist verankerd. Misschien dat ZN-voorman André Rouvoet het beeld kan onthullen. Samen met Ab Klink, zorgman van zorgverzekeraar VGZ en voorganger van Schippers. En dat apothekers, zorgverzekeraars en overheid elkaar dan diep in de ogen kijken: het was moeilijk, maar er was vertrouwen. En dat hebben we toch maar mooi samen gedaan allemaal. Zonder dollen, Niels, alle stakeholders onderschrijven het belang en de meerwaarde van de apotheker. Hoogleraren, huisartsen, belangenorganisaties, patiëntenverenigingen, jonge apothekers, softwarehuizen, ga maar door. Iedereen is klaar voor de implementatie van de apotheker 2.0. Nu is het aan de overheid en de zorgverzekeraars om de toegevoegde waarde van de apotheker ook echt te verankeren in wetgeving en contracten. Ik begrijp je enthousiasme, Bas. Helaas gaat dat de komende negen maanden niet meer gebeuren. De zorgverzekeraars hebben immers net hun strategisch inkoopbeleid vastgesteld voor 2017 en daar staat helaas weinig concreets in over dat de positie van de apotheker eens goed neerzet wordt als onmisbare zorgverlener. Dat wordt dus 2018 op z’n vroegst. En minister Schippers heeft zich gestort op het dossier dure geneesmiddelen. Daarop wil ze winst halen. Bovendien is de zomervakantie al bijna begonnen en gaat ook Schippers campagne voeren. Dan is het ministerie als het ware gesloten. Misschien kunnen we dan al wel een nieuw ontwerp voor een standbeeld van een minister maken die de farmacie tegen die tijd wel op de kaart heeft gezet? Gaan we dat in 2021 onthullen, Niels. Goed plan, Bas. Je kan met zoiets nooit te vroeg beginnen. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur FarmaMagazine Niels van Haarlem, redacteur FarmaMagazine  ...

Lees Verder
Pluripharm neemt Distrimed over van Mediq
Jun14

Pluripharm neemt Distrimed over van Mediq

Pluripharm neemt Distrimed over en versterkt hiermee haar positie in de intramurale markt. Onder de vertrouwde naam Distrimed zal Pluripharm de logistieke dienstverlening voor ziekenhuisapotheken ongewijzigd en met dezelfde medewerkers, service en betrouwbaarheid voortzetten. Met de acquisitie van Distrimed verdubbelt Pluripharm haar jaaromzet naar ongeveer 450 miljoen Euro. Jan Dirk Jansen, algemeen directeur Pluripharm: “Wij zijn blij met deze overname die perfect aansluit bij de ambitie van Pluripharm om haar positie in de farmaceutische markt te verbreden en haar marktaandeel verder te vergroten. Distrimed heeft een zeer goede naam en bewezen track record in dit marktsegment. Pluripharm investeert veel in logistieke concepten, ICT en in de ondersteuning van farmaceutische patiëntenzorg. Dit sluit naadloos aan bij de visie van Distrimed. Wij zien dan ook uit naar een goede samenwerking met de apotheken in de ziekenhuizen. Ziekenhuisapothekers hebben in het ACM onderzoek al aangegeven verheugd te zijn dat Distrimed in de markt actief blijft.” Nicole Schakenraad, binnen Mediq Apotheken Nederland al meer dan 16 jaar verantwoordelijk voor Distrimed, wordt opgenomen in de directie van Pluripharm. Zij draagt, samen met het Distrimed team dat meegaat, zorg voor de continuïteit en uitbouw van de intramurale groothandelsactiviteiten. De verkoop van Distrimed was een ACM voorwaarde voor de goedkeuring voor overname van Mediq Apotheken Nederland door Brocacef Groep. De ACM heeft uitvoerig gekeken naar de kwaliteiten van de Pluripharm organisatie en geoordeeld dat met deze overname een solide en concurrerende combinatie ontstaat waardoor er drie spelers in de intramurale markt actief blijven. Vandaag heeft de ACM haar formele goedkeuring gegeven voor deze transactie, op 16 juni a.s. worden de stukken voor de overdracht getekend. Foto: Jan Dirk Jansen, Algemeen Directeur Pluripharm Groep en Nicole Schakenraad, directeur Distrimed. BRON: Pluripharm  ...

Lees Verder
Brocacef mag onderdelen apotheekketen Mediq overnemen
Jun14

Brocacef mag onderdelen apotheekketen Mediq overnemen

Brocacef Groep N.V. mag onder strikte voorwaarden Mediq Apotheken Nederland en Mediq  Pharma Logistics overnemen. Dat heeft de Autoriteit Consument & Markt besloten. Brocacef en Mediq hebben beide apotheken en groothandels in farmaceutische producten. Brocacef moet wel groothandel Distrimed verkopen. Verder moet de combinatie Brocacef/Mediq in totaal 89 apotheken van de hand doen. Op deze manier blijft er voor ziekenhuizen en consumenten voldoende keuze om geneesmiddelen en andere farmaceutische producten te kopen. Apotheken Er zijn bijna 2000 apotheken in Nederland. Na de overname zou Brocacef ongeveer 600 eigendomsapotheken, franchisenemers en partners hebben. Consumenten kiezen in de regel voor een apotheek in de buurt. Om ervoor te zorgen dat consumenten dichtbij huis voldoende keuze hebben tussen concurrerende apotheken, moet Brocacef/Mediq  afstand doen van 89 apotheken (38 eigendomsapotheken en 51 franchisenemers en partners). Ook zorgverzekeraars hebben belang bij een spreiding van apotheken over verschillende partijen. Zij moeten contracten sluiten voor hun verzekerden, zodat deze dichtbij huis een apotheek kunnen kiezen. Als er te veel gebieden zijn waar slechts één apothekersketen aanwezig is, heeft deze keten een sterkere positie ten opzichte van zorgverzekeraars. Dat kan nadelig zijn voor de consument doordat de prijs hoger wordt. Dit is de tweede reden waarom er apotheken van Brocacef/Mediq overgaan in andere handen. Groothandels in geneesmiddelen Mediq en Brocacef hebben op dit moment elk een groothandel met een vrijwel compleet assortiment aan geneesmiddelen om ziekenhuizen te kunnen bevoorraden. Er zijn in Nederland drie van dergelijke groothandels actief. Na de overname zou het aantal spelers van drie naar twee afnemen. Daarmee zou een belangrijke keuzemogelijkheid voor ziekenhuizen verdwijnen. Om de concurrentie tussen groothandels die leveren aan ziekenhuizen te waarborgen, wordt de groothandel van Mediq (Distrimed) verkocht aan Pluripharm Groep B.V. Pluripharm had al een groothandel, maar die leverde nog niet aan ziekenhuizen. Door deze verkoop blijven er drie groothandels actief en valt er voor ziekenhuizen genoeg te kiezen. Bron: Autoriteit Consument & Markt    ...

Lees Verder
Column: Ik zit op Parship
Jun10

Column: Ik zit op Parship

Ja, ik  moest natuurlijk wel enige gene overwinnen om dit met u te delen. Ik zit op Parship. Niet om een jonge vrouw te scoren, maar voor inspiratie voor deze column. Of dit mijn echte motief is, zult u nooit weten, want in de bonte verzameling van halve en hele onwaarheden draai ik lollig mee in deze kneuzenkermis. En niet zonder succes, want de dames zijn op zoek naar een betrouwbare en krachtige stier. Ik  ben op de site wel 8 jaar jonger en 12 kilo lichter en heb ik de foto van George Clooney geüpload. Mijn probleem is natuurlijk wel hoe ontsnap ik uit de klauwen van mijn eigen leugen. Maar het is natuurlijk wel aan de ander om deze Avatar tot de kern af te pellen. Op datingsites doet iedereen aan de verminking van de werkelijkheid dus ik heb er zelf ook geen probleem mee. Er staan duizenden perfecte profielen. Medisch specialisten moeten tussen hun ‘evidencebeest ’ interventies  door regelmatig hun e-mail op Parship hebben gecheckt en daarmee het verschil tussen correct en up-coding hebben afgekeken. Is er een morele grens? En als iedereen zich presenteert als de ideale partner wat is dan de nullijn en hoe kun je dan nog ijken? De ideale ‘ik’ is offline natuurlijk niet vol te houden. In het geval van de medisch specialist heeft de NZa de rol van het demasque. Ik ben een dromer en ben dus al een paar keer met boter en suiker het schip ingegaan. Hoe is dat te verklaren? Op een datingsite ontbreekt de context. In de discussie over dure medicijnen is dat niet anders. Recent heb ik Henk Eleveld horen zeggen dat de farmaceutisch industrie geen imagoprobleem zou hebben als de farmaceutische industrie drastisch haar prijzen zou verlagen. Dat kan dan wel zo zijn, maar als Menzis geen imagoschade wil oplopen zou het aan alle 8-jarige jongetjes het dure medicijn Straterra moeten verstrekken. Ik vind dat er in beide gevallen sprake is van een soort academische satire met desinteresse voor de context van de ander. Dit is geen marktwerking maar mistwerking. Dat is blijkbaar de norm, maar ook hier is de vraag wat is het ijkpunt? Ik zou heel graag zien dat voordat een ‘duur geneesmiddel‘ op de markt komt er een verkenning van de context komt met alle relevante partijen aan een tafel. Wellicht dat hierdoor de aanleiding en het effectbejag van de sluis van Schippers, het creëren van een eenzijdige perceptie in de media, niet meer nodig is. De discussie rondom dure medicijnen is toch geen datingsite! Lazer toch op. Er is nog veel over te zeggen, maar ik moet nu stoppen. Even...

Lees Verder
Han de Gier: Het geweten van de farmacotherapeutische patiëntenzorg
Jun10

Han de Gier: Het geweten van de farmacotherapeutische patiëntenzorg

De softwaresystemen ondersteunen op het moment de huisartsen en apothekers nog onvoldoende om de farmacotherapeutische zorg op een hoger plan te tillen. “In de huidige automatisering is het gecontroleerd uitschrijven en verwerken van een recept leidend, en niet de behoefte van de patiënt.” Dat moet anders, stelt prof. Han de Gier. Hij pleit voor een multidisciplinair automatiseringssysteem dat uitgaat van de patiënt met een individueel farmacotherapeutisch behandelplan. Een systeem dat rekening houdt met alle problemen en behoeften omtrent medicatie en niet alleen met een receptcontrole. Het geweten van de farmacotherapeutische patiëntenzorg. Zo staat Prof. Han de Gier wel bekend. Als hoogleraar FPZ aan de universiteit in Groningen zet hij zich al decennia in voor een sterke positie van de patiënt in de farmacotherapie. En twee jaar geleden nam hij na 30 jaar afscheid als wetenschappelijk adviseur van stichting Health Base en softwarehuis PharmaPartners. Daar stond hij aan de wieg van de Commentaren Medicatiebewaking, geneesmiddelinformatie in lekentaal, een elektronisch patiëntendossier en het Zorgconcept in Pharmacom. Hoe typeert u de stand van zaken in de farmaceutische zorg? “We hebben veel bereikt. De medicatiebewaking staat op een hoog niveau. Na de invoering van de multidisciplinaire richtlijn polyfarmacie bij ouderen in 2012 had ik nog hogere verwachtingen. De aanbeveling in deze richtlijn richt zich op patiënten die 65 jaar of ouder zijn, vijf of meer geneesmiddelen chronisch gebruiken en minimaal 1 risicofactor hebben. Denk daarbij aan verminderde nierfunctie, verminderde cognitie, verhoogd valrisico en geringe therapietrouw. Dit zou toch de samenwerking tussen apothekers en huisarts moeten verbeteren als het gaat om de farmacotherapie van de (oudere) patiënt en het verminderen van de mogelijke risico’s van polyfarmacie. Medicatiebeoordelingen zijn daarbij leidend. En toen de prestatie medicatiebeoordeling ook nog werd opgenomen in een NZa-beleidsregel over farmaceutische prestaties, zag het er allemaal nog beter uit. De richtlijn en de beleidsregel vullen elkaar immers goed aan. Iedereen, in het veld en de beslissers, vond medicatiebeoordelingen op een eenduidige wijze uitgevoerd – dus te beginnen bij het verhaal van de patiënt en samen met de huisarts –  heel belangrijk. Ook de IGZ is gaan handhaven op naleving van de richtlijn en het uitvoeren van voldoende medicatiebeoordelingen. Dat betekent voor de huisarts in 2016 een aantal van tenminste vijftien en in 2017 tenminste 25, voor apothekers gaat het in die jaren om tenminste 60 en 100 medicatiebeoordelingen. Toch is het allemaal minder gladjes verlopen dan ik had gehoopt.” Waar is het misgegaan dan? “Het is niet misgegaan. Er zijn heel veel goede dingen gebeurd. Zo hebben de betrokken partijen als apotheekformules allemaal een eigen invulling gegeven aan de medicatiebeoordelingen. Service Apotheek heeft ook omvangrijk onderzoek gedaan naar de effecten van...

Lees Verder
Apotheker gaat ‘Zelf aan het Roer’ staan
Jun06

Apotheker gaat ‘Zelf aan het Roer’ staan

De protestbeweging van huisartsen Het Roer Moet Om gaat zich uitbreiden naar andere medisch professionals. Er is een nieuwe lichting roergangers, ondersteund door de VvAA, die de verloren autonomie van de zorgverleners wil terugveroveren. Ze komen tijdens een congres op 22 juni, dat in het teken staat van Zelf aan het Roer, met een manifest. Het succes dat de huisartsen met hun actie oogstten, bleef in andere segmenten van de zorgsector niet onopgemerkt. Op een huisartsencongres vorige maand namen apotheker Aris Prins, fysiotherapeut Marije de Leur en medisch specialist Viola Verhoef symbolisch het stokje over van Lucas Fraza, initiatiefnemer van Het Roer Moet Om. Zij vormen het gezicht van Het Roer Moet OM 2.0 dat tot doel heeft zorgverleners weer verantwoordelijk te maken voor de kwaliteit van zorg. Terug naar waar het echt om draait De VvAA, dienstverlener aan medisch professionals, ondersteunt de nieuwe lichting roergangers. Op de website van de VvAA staan filmpjes waarin enkele ‘roergangers’ vertellen over de transitie die volgens hen nodig is. Apotheker Aris Prins: “Op basis van kwaliteit kunnen we het gewoon niet met elkaar oneens zijn. Je mag ons op onze kwaliteit afrekenen; als de zelf de regie nemen om die kwaliteit te borgen, kunnen we veel grotere stappen maken. Psychiater Cobie Groenendijk: “Het systeem van nu is erg gericht op doen, productie draaien, tijd schrijven. Maar als het gaat om de relatie tussen patiënt en arts, zou er juist veel meer tijd moeten komen voor betekenisgeving.” En fysiotherapeut Marije de Leur: “De afgelopen jaren zijn we enorm verstrikt geraakt in procesmatige zaken en wat dat betreft moet het roer nu echt om. Laten we teruggaan naar waar het echt om draait in ons vak.” https://youtu.be/qj579FB9gw0 Congres Zelf aan het Roer Op 22 juni vindt het VvAA-congres plaats dat in het teken staat van Zelf aan het Roer. Het is een vervolg op het jubileumcongres Tijd voor Ziel in de Zorg. VvAA ziet dat zorgverleners door alle druk van onder andere toezichthouders, beleidsmakers, verzekeraars en wet- en regelgeving, behoefte hebben aan meer autonomie en invloed op het uitoefenen van hun eigen vak. De jonge roergangers geven volgens VvAA een vervolg op de ingezette beweging die gaat over bezield leven en werken. Eigen regie is daarvoor essentieel. Het is tijd voor leiderschap en het baas zijn over eigen kwaliteit. In opmaat naar het VvAA congres, maken de nieuwe roergangers de komende weken hun zorgen manifest en werken zij toe naar een gemeenschappelijk handvest. https://youtu.be/JFvyV_R_jdw Onder redactie van: Kees Kommer  ...

Lees Verder
Drijfveren: Code A49.02
Jun02

Drijfveren: Code A49.02

“De rode draad in mijn leven is dat ik langs een slootje loop en naar de overkant spring waar ik andere zorgverleners uitleg wat apothekers allemaal doen. Tegelijkertijd wil ik heel graag weten wat er aan die overkant gebeurt. Daarna kunnen we samen bekijken of het wenselijk is om een bruggetje te bouwen en gaan we aan de slag”, verklaart dr. Luc(retia) Peeters (63) poëtisch. We hebben afgesproken in Gezondheidscentrum Hoensbroek-Noord waar ze is voor haar wekelijks farmaceutisch overleg met huisarts Hanka Zwanikken. In haar grote HEMA tas zit het omvangrijke Informatorium Medicamentorum en Commentaren Medicatiebewaking: “Gelukkig heb ik het Farmacotherapeutisch Kompas digitaal.” De samenwerking tussen Luc en het academisch gezondheidscentrum is twee jaar geleden begonnen. Luc: “Er is een lijst van 150 patiënten opgesteld door een van de huisartsen met criteria zoals het aantal geneesmiddelen en de leeftijd van de patiënt. Ik bereid de medicatiebeoordelingen voor. Daartoe heb ik inzage in het Huisartsen Informatie Systeem. Per overleg bespreken we vijf of zes patiënten. Verder woon ik iedere week met de huisartsen het MDO bij met de internist, die voorafgaand aan het overleg spreekuur heeft in dit gezondheidscentrum. Tijdens het MDO worden alle patiënten besproken waar vragen over zijn. Je vult elkaar aan met de kennis die je hebt. Samen zorg je zo veel beter voor de patiënt. En ja, ik vind het heel erg leuk om te doen. Heb hier al veel geleerd.” Het heeft zin Hanka en Luc zitten een uur zij aan zij achter de computer en nemen een voor een de patiënten door. Hanka: “Er zijn veel zorgprofessionals die vinden dat overleg tijd kost. Maar onder aan de streep levert deze samenwerking wel degelijk wat op. Dit heeft echt zin. Je wordt ‘gedwongen’ om het medicatiegebruik goed in kaart te brengen; dossiers worden bijgewerkt. Polyfarmacie hoort er gewoon bij. Op deze manier is er duidelijk sprake van toename van kennis waardoor de kwaliteit van zorg voor de patiënt verbetert. Verkeerde combinaties van medicijnen worden voorkomen en geneesmiddelen worden op tijd stopgezet. Ik merk aan mezelf dat ik steeds zekerder word over de zorg die ik lever. En zo samen achter de pc zitten, is heel effectief gebleken. Het moet op persoonlijk vlak natuurlijk ook klikken. Als de een feedback geeft en de ander gaat meteen met de hakken in het zand dan gaat het niet werken.” Laat je pen eens zien Luc studeerde in ‘79 af en runde twintig jaar een eigen apotheek. Ze gaf vijftien jaar les aan huisartsen in opleiding aan de Universiteit van Maastricht. In 2000 promoveerde ze op een longitudinaal onderzoek naar voorschrijfgedrag bij huisartsen. “Voor dit onderzoek heb ik vijf...

Lees Verder
Geneesmiddel of voedingssupplement?
Jun02

Geneesmiddel of voedingssupplement?

Voedingssupplementen als melatonine mogen vanaf een bepaalde dosering niet zomaar als medicijn worden bestempeld. Een Haagse rechter oordeelde dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) in de beoordeling of een product een geneesmiddel is, van geval tot geval alle kenmerken van het product moet meenemen. Zoals de manier waarop het door de consument wordt gebruikt: om de gezondheid te bevorderen of om ziekte of een tekort op te heffen. De rechter in Den Haag heeft deze uitspraak op 1 juni jl. gedaan in de bodemprocedure die de branchevereniging voor Natuur- en Gezondheidsproducten Nederland (NPN) heeft aangespannen tegen IGZ. Nederlanders gebruiken de lichaamseigen stof melatonine om jetlag te bestrijden of om beter in slaap te vallen. ”De uitspraak betekent een bescherming van het aanbod voedingssupplementen voor de consument,” reageert Saskia Geurts, directeur van NPN. Van geval tot geval Tijdens de rechtszaak draaide het vooral om de algemene vraag of je een voedingssupplement vanaf een bepaalde dosering zomaar tot medicijn kan bestempelen. Geurts licht toe: “De uitspraak die gedaan is, geeft aan dat dit niet kan. IGZ mag niet op basis van één criterium een hele categorie voedingssupplementen van de markt weren. De rechter oordeelde dat van geval tot geval en per individueel product aangetoond moet worden of het als geneesmiddel aangemerkt kan worden. Daarbij moeten alle kenmerken van het product worden bekeken, zoals de manier waarop het door de consument wordt gebruikt. De uitspraak van de Haagse rechtbank houdt ruimte voor voedingssupplementen. Dit is belangrijk voor andere supplementen zoals vitamine D en glucosamine.” De uitspraak bekrachtigt dat producten met meer dan 0,3 mg melatonine niet per definitie als medicijn kunnen worden aangemerkt. Uitspraak in bodemprocedure In augustus 2015 bepaalde de Arnhemse rechter in een spoedprocedure dat de maximale dosering van vrij verkochte melatoninesupplementen niet terug gebracht hoefde te worden tot 0,3 mg. De IGZ besloot eerder dat in Nederland alle melatonineproducten vanaf een dosering van 0,3 mg bestempeld moeten worden als medicijn. Brancheorganisatie NPN vond dit zo onbegrijpelijk dat ze een spoedprocedure had aangespannen. De uitspraak daarvan moest in een bodemprocedure bevestigd worden. Onder redactie van: Kees Kommer    ...

Lees Verder