Nog steeds forse administratieve druk bij farmacie
Mei28

Nog steeds forse administratieve druk bij farmacie

De administratieve lasten in de farmaceutische zorg nog altijd hoog. Dit blijkt uit de Merkbaarheidsscan van Q-Consult, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS. De Geneesmiddeltekorten, Medische Noodzaak en Bijlage 2 geneesmiddelen gelden als hoogst ervaren administratieve lasten. Staatssecretaris Van Rijn heeft de voortgangsbrief met bijlagen verzonden naar de Tweede Kamer, waarin hij per sector ingaat op de vermindering van de regeldruk. Op veel onderdelen is er aantoonbaar sprake van verbetering op dat gebied. Zo is er in de farmacie ook sprake van verlichting van de administratieve druk, doordat patiëntendossiers niet meer op papier hoeven te worden bewaard, dat mag nu ook digitaal. Dat is uiteraard een voor de hand liggende aanpassing. Knelpunten
 Er zijn nog steeds knelpunten, zo meldt ook Van Rijn in zijn brief. Zo schrijft hij: “Bij de farmaceutische zorg wordt volgens Q-consult de grootste regeldruk (onder andere) gevoeld bij de extra handelingen en administratie bij tekorten/niet leverbare geneesmiddelen en de beoordeling van medische noodzaak. De 0- meting wordt gebruikt voor het bezien wat de meeste overlast veroorzaakt, zodat deze knelpunten in 2017 met prioriteit kunnen worden opgelost. In 2018 zal een 1-meting worden uitgevoerd voor inzicht in het effect van de genomen maatregelen.” Samen aan de slag
 Voor de KNMP onderstreept het rapport de urgentie om met betrokken partijen te komen tot maatregelen die leiden tot minder regeldruk. De KNMP ziet voldoende ruimte tot verbetering en roept partijen op om gezamenlijk aan de slag te gaan om merkbare verbeteringen te realiseren. Zo hebben kort geleden de KNMP en ZN samen  een brief  gestuurd naar het ministerie van VWS omtrent Bijlage 2 geneesmiddelen met het verzoek te komen tot beter uitvoerbare voorwaarden. Ze dringen in de brief erop aan om voorwaarden zonder toegevoegde waarde te laten vervallen. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Verslag van: Week van de Longen 2017
Mei24

Verslag van: Week van de Longen 2017

Tijdens de Week van de Longen, het landelijk congres over longen en longziekten, presenteerden deskundigen de laatste ontwikkelingen op het gebied van longonderzoek en longzorg. Ook tijdens de KNMP-sessie werden onderzoeksresultaten gedeeld, waaronder een studie naar therapietrouw bij adolescenten met astma. De longen stonden in de tweede week van april vier dagen centraal tijdens de Week van de Longen, het landelijk congres over longen en longziekten. Artsen, apothekers, andere zorgverleners, wetenschappers, zorgverzekeraars, patiëntenverenigingen, vertegenwoordigers van belangenorganisaties en longpatiënten presenteerden tijdens dit congres onderzoeksresultaten en laatste ontwikkelingen. Ook de KNMP, de beroeps- en brancheorganisatie voor apothekers, organiseerde een sessie. Zes onderzoekers deelden hun bevindingen aan een goed gevulde zaal belangstellenden. De nieuwe KNMP-richtlijn Astma Elaine Wong-Go, apotheker en KNMP-beleidsmedewerker, beet de spits af met haar onderzoek naar verwachtingen van astmapatiënten bij zorgverlening door de apotheker. In de nieuwe KNMP-richtlijn Astma, die nog in ontwikkeling is, wordt dit patiëntperspectief opgenomen. De belangrijkste conclusie van Wong-Go is dat astmapatiënten bij de eerste medicatie-uitgifte het gebruik van de inhalator willen bespreken met de apotheker en de manier van inhaleren. Ook hebben patiënten behoefte aan informatie over mogelijke bijwerkingen en wisselwerkingen met andere medicatie. Daarnaast, zo zag Wong-Go, is informatie wenselijk over medicatiegebruik bij exacerbaties en de servicemogelijkheden van de apotheek rondom astmazorg. Bij een tweede uitgifte van inhalatiemedicatie, zo bleek, willen patiënten met de apotheker hun ervaringen met de medicatie bespreken. Andere behoefte bij de tweede uitgifte is opnieuw informatie over medicatiegebruik bij exacerbaties. Opvallend, zo gaf Wong-Go aan, kwam uit het onderzoek naar voren dat informatiebehoefte per patiënt verschilt. Ook bleek dat veel patiënten niet weten wat een apotheker doet en waarvoor ze bij hem terechtkunnen. Wong-Go: “Naar aanleiding hiervan zijn we gestart met de ontwikkeling van een zogenaamde patiëntenmenukaart, waarmee de patiënt aangeeft welke informatie en zorg hij wil, zodat de apotheker gericht die zorg kan verlenen. Bovendien kan de apotheker zo zichtbaar maken voor welke zorg de patiënt bij hem terecht kan.” SMARAGD-studie Tijdens de tweede voordracht lichtte Esther Kuipers, apotheker en promovenda aan het Radboudumc, haar zogenaamde SMARAGD-studie toe naar de vraag of interventies van de apotheker effect hebben op verbetering van astmacontrole en therapietrouw. De onderzoeksvraag was toegespitst op de rol van apothekers bij ondersteuning van optimaal gebruik van inhalatiecorticosteroïden (ICS). Kuipers vergeleek een groep astmapatiënten die de gebruikelijke zorg van het apotheekteam kreeg, met een groep die een intakesessie had waar werd ingegaan op onder meer de aandoening, medicatie, bijwerkingen en therapietrouw. De patiënten werd daarnaast gevraagd elke twee weken de zogenaamde CARAT-vragenlijst in te vullen, waardoor de apotheker de symptomen van astma beter kan monitoren. Tijdens de follow-up van zes maanden werd met de interventiegroep de...

Lees Verder
Publiekssite over nieuwe geneesmiddelen gelanceerd
Mei24

Publiekssite over nieuwe geneesmiddelen gelanceerd

De Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen heeft een de nieuwe publiekssite gelanceerd. Ze wil op de site aan bezoekers nieuwe geneesmiddelen en ontdekkingen van haar leden laten zien. De site presenteert alle nieuwe geneesmiddelen en ontdekkingen van de innovatieve farmaceutische industrie in Nederland. Nieuwe medicijnen zorgen ervoor dat mensen langer en gezonder leven, hun vrijheid terugkrijgen, eerder aan het werk kunnen en minder pijn hebben. De bedrijven die deze innovatieve geneesmiddelen uitvinden, dragen bij aan de gezondheid. De Vereniging wil als brancheorganisatie de prestaties van haar leden delen met het grote publiek en dat doet ze door middel van de nieuwe site www.wewordenbeter.nl. Infographics
 De site heeft op dit moment vier hoofdthema’s: Nieuws; Feiten & cijfers; Ziektebeelden; Toen&nu. Feiten & cijfers bevat overzichtelijke infographics over de onderwerpen: Beter Leven, Medicijnen voor morgen en Duurzaam betaalbare zorg. Deze fraaie infographics kunnen worden gedownlowd voor eigen gebruik, bijvoorbeeld voor een presentatie. Ziektebeelden
 Het thema ziektebeelden biedt informatie over 20 redelijk veelvoorkomende ziekten. De tekst is opgebouwd volgens een vast stramien: wat is het; hoe krijg je het; is het te genezen; hoe ziet de behandeling eruit; levensverwachting; ontwikkelingen en tot slot een interview met een patiënt. Tijdlijn
 Toen&nu biedt in een tijdlijn de ontwikkeling van geneesmiddelen door de eeuwen heen. De medische mijlpalen zijn gemarkeerd. De eed van Hippocrates. De zwarte dood. De anatomielessen. De ontdekking van penicilline. De beschrijving van de bloedsomloop. Het belang van de hygiene. De eerste couveuse. Enz. De geboden informatie vormt een historische database en illustreert de waarde van het geneesmiddel voor de gezondheid door de geschiedenis heen.    Bij elk onderwerp is er een doorklik naar een uitgebreide toelichtende tekst. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Publieksfolder over merkloze medicijnen
Mei22

Publieksfolder over merkloze medicijnen

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) heeft een publieksfolder opgesteld over merkloze medicijnen. Daarin staan antwoorden op mogelijke vragen over het gebruik van generieke middelen. Want zeven van de tien medicijnen die mensen op recept ophalen bij de apotheek, zijn merkloos. Het generieke medicijn kan er anders uitzien, dan men gewend is. Of het heeft een andere naam. Dat kan zeker vragen oproepen. De folder begint met een algemene toelichting op een merkloos medicijn. “Het is een soort ‘kopie’ van een merkmedicijn. De stof die ervoor zorgt dat het medicijn werkt, heet de werkzame stof. In het merkloze medicijn zit dezelfde werkzame stof, in dezelfde sterkte. Een merkloos medicijn werkt dus hetzelfde als het merkmedicijn. Wel kan het er anders uitzien, een andere verpakking hebben, of anders smaken. Andere woorden voor merkloze medicijnen zijn ‘generieke medicijnen’, of ‘generieken’” De brochure gaat vervolgens in op de gegarandeerde veiligheid van een middel, waarom de klant een merkloos medicijn krijgt en waarom generieke middelen over het algemeen goedkoper zijn dan merkgeneesmiddelen. Verder komen onderwerpen aan bod als over al of geen verschil in de werking tussen merkloze en merkgeneesmiddelen; wisseling tussen merk en merkloze varianten en wat te doen bij mogelijke bijwerkingen. Begrijpelijke uitleg
 Zoals u kunt lezen in de intro, is de folder opgesteld in korte teksten. Daarnaast staan er veel tekeningen in, waardoor de uitleg voor iedereen goed te begrijpen is. Doel is aan het publiek uit te leggen waarom er vaak wordt gekozen voor generieke middelen en dat deze net zo werkzaam en betrouwbaar zijn als merkmedicijnen. Het CBG ontwikkelde de folder in samenwerking met tien patiëntenorganisaties, waaronder de Consumentenbond en de Patiëntenfederatie Nederland. Gratis beschikbaar 
 Het (CBG) ontwikkelde de folder samen met tien patiëntenorganisaties, waaronder de Consumentenbond en de Patiëntenfederatie Nederland. Apothekers, artsen en patiëntenorganisaties kunnen de folder kosteloos bestellen bij het CBG. De folder is te downloaden via de site van het CBG. Apothekers, artsen en patiëntenorganisaties kunnen de folder kosteloos bestellen bij het CBG, zodat ze deze kunnen uitreiken bij vragen over merkloze medicijnen. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Meeste viagra illegaal verkregen
Mei22

Meeste viagra illegaal verkregen

Gezondheidsorganisaties maken zich zorgen over de populariteit van illegale viagra bij mannen. In ons land gebruiken zeker 150.000 mannen het erectiemiddel, blijkt uit rioolwateranalyses van het RIVM, terwijl maar zo’n 45.000 mannen er een recept voor hebben. Dat zou betekenen dat maar liefst 70 procent van de gebruikte erectiepillen in Nederland illegaal wordt verkregen. Veel mannen schamen zich voor het feit dat ze viagra nodig hebben en ze durven daarvoor vaak niet naar de huisarts. De NOS heeft hier onlangs aandacht aan geschonken. 
De oorzaak van het grote illegale gebruik ligt onder andere in het feit dat een huisarts niet genegen is dit middel voor te schrijven voor recreatief gebruik. Veel mannen willen de pil juist daarvoor gebruiken: pret-in-bed. In principe schrijft de arts alleen bij echte erectiestoornissen een recept uit voor viagra. En dan koopt men het elders. Nep-viagramiddelen zijn ruim in omloop en kunnen op tal van manieren worden verkregen. Daarvan wordt dus veel gebruik gemaakt. De populairste namaak-viagra is Kamagra. Geneesmiddelen uit het illegale circuit kennen uiteraard tal van gezondheidsrisico’s. Niet alleen is de werking onbetrouwbaar, maar ze kunnen ook onzuivere grondstoffen bevatten die kunnen leiden tot gevaarlijke situaties, zeker in combinatie met drank en drugs. Voor en tegen
 Het IVM pleit voor vrije verkoop in de apotheek. Daarmee kan de bestaande illegale verkoop voor een deel worden tegengegaan en dat verkleint de gezondheidsrisico’s door nep-medicatie. Bovendien verlaagt vrije verkoop de drempel voor mannen die niet naar de de huisarts willen om viagra te vragen. Tegelijk biedt verkoop in de apotheek de mogelijkheid voor een goed, vertrouwd advies. Het NHG daarentegen is tegen het verstrekken van erectiepillen zonder doktersvoorschrift door de apotheek. Voor mannen die een hersen- of hartinfarct hebben gehad in de zes maanden voor gebruik, of mannen die bepaalde medicatie gebruiken bij vernauwde kransslagaders, kan een erectiepil namelijk gevaarlijk zijn. Op de site ‘thuisarts.nl’staan nadrukkelijk de bijwerkingen van erectiepillen vermeld en wanneer deze beslist niet mogen worden gebruikt. Echter: de meeste kopers van illegale erectiemiddelen zullen deze waarschuwingen niet lezen. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Hapicom-samenwerking in ontwikkeling
Mei17

Hapicom-samenwerking in ontwikkeling

Optimaal vertrouwen door betrokkenheid en ervaring – “Medewerkers van PharmaPartners komen op locatie kijken om te zien waar wij tegenaan lopen”, vertelt Helga Pruijssers, locatiemanager (voorheen triagist) van de huisartsenpost in Deventer. Ze denkt graag mee over ontwikkelingen in Hapicom die helpen om het werk op de post soepeler te laten verlopen. “Zo creëer je een prettiger systeem voor jezelf.” “Voor huisartsen is Hapicom het meest ideale systeem op de huisartsenpost, vertelt Pruijssers. Dat komt met name doordat zij in de combinatie met Medicom over het volledige patiëntendossier van de eigen huisarts beschikken. Dat maakt een goed onderbouwd medisch advies mogelijk én zorgt voor meer efficiency, constateert Pruijssers. “In Zwolle bleek dat ambulances vaak onnodig op pad worden gestuurd. Er loopt nu een pilot om de samenwerking tussen de huisartsenpost, thuiszorg en de ambulancedienst te verbeteren. Wij hebben dat probleem niet doordat we in het dossier van de eigen huisarts exact zien wat er vooraf is gegaan en welke afspraken zijn gemaakt. “Voor huisartsen is Hapicom het meest ideale systeem op de huisartsenpost”- Helga Pruijssers  Écht luisteren Als oud-triagist en locatiemanager was Pruijssers in 2015 betrokken bij de integratie van de Nederlandse Triage Standaard in Hapicom. “Dan zie je wat er allemaal bij komt kijken om zo’n standaard op een makkelijke, werkbare manier in te passen in de software, vertelt ze. “Het kost tijd, maar levert je ook wat op, namelijk een systeem dat in de praktijk goed werkt.” Ze merkt dat er bij PharmaPartners veel bereidheid is om Hapicom nog beter aan te laten sluiten bij de werkprocessen op de huisartsenpost. “Er zijn de afgelopen periode verschillende medewerkers van PharmaPartners hier geweest om te zien hoe we werken en waar we tegenaan lopen. Ik heb aangegeven dat we heel graag een stevige agendafunctie in Hapicom willen. Toen de UX- designer op de post was, begreep ze al snel wat ik bedoelde. Ze zág hoe het hier werkt en luisterde echt.” Betrokken blijven Inmiddels zijn er grote stappen gezet. PharmaPartners heeft uitgeschreven wat er precies aan functionaliteit nodig is en vervolgens een prototype gebouwd. “Ik word helemaal meegenomen in dat proces, dat is heel fijn. Binnenkort komen de UX-designer en een ontwikkelaar hier om samen met mij door de nieuwe functionaliteit te klikken. Ik heb al een en ander gezien en weet dat ze op het goede spoor zitten.” Vertrouwen De goede en open samenwerking met PharmaPartners geeft Helga Pruijssers veel vertrouwen voor de toekomst. “PharmaPartners doet echt iets met mijn opmerkingen en er wordt resultaat geboekt. Ik adviseer huisartsenposten met een groot aantal huisartsen die Medicom gebruiken nu oprecht om voor Hapicom te kiezen. Voor de huisartsenzorg is...

Lees Verder
Column: Oei, ik groei
Mei16

Column: Oei, ik groei

Een bestseller uit de jaren zeventig waarin onzekere ouders elkaars kind de maat nemen. En zo zijn er al heel wat bloemen in de knop verpest. Ik denk niet dat deze associatie is opgekomen bij VWS met de recente groei van het budget van medisch specialistische zorg met 300 miljoen. Een hele reeks vertegenwoordigers zijn hiermee akkoord gegaan. In mijn opinie zijn het in en in verwende kinderen met de budgetzekerstelling als rammelaar. Het zijn niet mijn cijfers maar algemeen wordt aangenomen dat op basis van het principe ‘aanbod creëert vraag’ er in Nederland zo’n 12 miljard aan zorgstenen te veel zijn. Die vastgoedlasten drukken elk jaar op de begrotingen van de instellingen, en dus op de VWS begroting. Wat nog erger is, ze zijn daarmee een onneembare vesting geworden voor substitutie naar de eerste lijn. De eerste lijn, huisartsen en apothekers, ze worden met deze budgetgroei van medisch specialistische zorg bij hun strot gegrepen. Is er hier sprake van een bonuscultuur voor het onderhandelingsakkoord tussen VWS en de sector van medisch specialistische zorg? Ziekenhuizen zijn volume gedreven tot de dood van de patiënt er op volgt. Het liefst een langdurig traject, waarbij ‘het systeem’ er niet voor terugdeinst dit te doen met 1.400 interventies, die volgens de eigen beroepsgroep niet evidence based zijn. Ik ben geen doemdenker want de brief van de denkers van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving aan het demissionair kabinet laat een heel andere urgentie  zien. Volgens Pauline Meurs is er in dit land een belangrijke issue op het vlak van sociaal-economische gezondheidsverschillen. Ik heb werkelijk nog nooit in een strategisch plan van een ziekenhuis gelezen wat zij daaraan gaan doen. Preventie laat ik voor het gemak maar even buiten beschouwing, want ze weten niet eens hoe ze dat moeten schrijven. Een andere issue is volgens Meurs de menselijke maat in de zorg. Het primaat daarvan ligt in de eerste lijn. Budgetgroei voor medisch specialistische zorg is een karaktermoord voor de eerste lijn. Wie bedenkt zoiets? Wat zich in deze dealingroom van verwende instituties heeft afgespeeld heeft niets met zorg, maar met politiek te maken. De LHV en KNMP moeten toch tandenknarsend hebben toegekeken. Juist huisartsen en apothekers hebben enorme potentie om te voorkomen dat mensen überhaupt in de tweede lijn terechtkomen. Daar hoort een passende progressieve agenda en budget bij. Persoonlijk wens ik alle bestuurders van ziekenhuizen het allerbeste, dat is niet het punt. Maar ik hoop toch van harte dat ze met de budgetverruiming ook de morele verplichting invulling geven die hoort bij… oei, ik groei. Henk Pastoors is directeur van TopSupport Strategie en Informatie. Hij levert als adviseur maatwerk in analyse...

Lees Verder
Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”
Mei16

Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”

Prof. Dr. Bert Leufkens neemt na tien jaar afscheid als voorzitter van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Tal van dossiers kwamen langs zijn bureau. Van de veiligheid van NSAID’s tot Diane 35. “De toekomst is aan de personalised medicines.” Het CBG in Utrecht beoordeelt en bewaakt de werkzaamheid, risico’s en kwaliteit van geneesmiddelen. Naast voorzitter Leufkens bestaat het college uit artsen, apothekers en wetenschappers, benoemd door de minister van VWS. De collegeleden worden ondersteund door ruim driehonderd medewerkers van het Agentschap CBG, onderdeel van het Ministerie van VWS. In de praktijk betekent dat voor de driehonderd medewerkers dat per nieuw geneesmiddel vele meters dossier moeten worden doorgeploegd. In de Europese Unie beoordeelt het CBG samen met de andere nationale geneesmiddelenautoriteiten de nieuwe middelen onder de vlag van de European Medicines Agency (EMA) in Londen. Alle EU-landen kunnen bij het EMA intekenen voor de beoordeling van een dossier voor een nieuw geneesmiddel. Geeft de EMA een klap op een dossier dan kan het op de markt worden gebracht. Of het ook wordt vergoed is een andere tak van sport en daarover gaat het CBG niet. Waarop bent u trots? “De wetenschappelijke verankering van het CBG! Ieder besluit moeten we wetenschappelijk kunnen verantwoorden aan de buitenwereld. Deze academisering van het College is goed gelukt: Nederland hoort inmiddels bij de Europese top-3 van geneesmiddelenautoriteiten. Nederland is heel deskundig op belangrijke terreinen als cardiovasculair, oncologie, biosimilars en diabetes.  Ook is het college een vast onderdeel van de farmaceutische innovatiecyclus geworden. We werken samen met de universiteiten, hebben een open cultuur. Zo leggen we de maatschappij beter uit welke afwegingen we hebben gemaakt en waarom we besluiten over een bepaald geneesmiddel. Voorheen stelde het CBG zich misschien te veel als rigide autoriteit op: dit is het besluit en daar moet je het mee doen. De wereld van de geneesmiddelen bestaat echter niet uit zwart of wit, ik geloof in grijstinten. Ook ben ik blij dat het werk van het CBG niet stopt na de toelating: ook daarna houden we de vinger aan de pols en grijpen in als het nodig is. En ik ben er trots op dat er in het College een vertegenwoordiger van de patiënt zit. Ik heb wel acht jaar moeten knokken om een patiënt in het College te krijgen.” Tien jaar lang zat hij iedere maand gemiddeld een volle week in Londen. Om samen met zijn collega’s uit Europa zich te buigen over de toelating van geneesmiddelen. Dit dossier krijgt wel goedkeuring van ‘Europa’, dit niet. Leufkens is een Europeaan. “De Europese verankering zit in de genen van het CBG. Wat goed is voor Europa, is goed voor...

Lees Verder
Aanvraag mogelijk voor voorwaardelijke toelating basispakket
Mei15

Aanvraag mogelijk voor voorwaardelijke toelating basispakket

Tot en met 29 juni is het mogelijk om dossiers in te dienen die mogelijk in aanmerking komen voor voorwaardelijke toelating tot het basispakket. In aanmerking komen geneeskundige zorg, extramurale geneesmiddelen én extramurale hulpmiddelen. Indiening moet plaatsvinden bij het Zorginstituut, die de voorstellen beoordeelt. ZonMw adviseert het Zorginstituut over de wetenschappelijke kwaliteit en haalbaarheid van het onderzoeksvoorstel. Het Zorginstituut brengt advies uit aan de minister van VWS over de interventie(s). De minister besluit uiteindelijk welke interventies voorwaardelijk worden toegelaten. Maximale duur
 In alle gevallen gaat het dan om potentieel veelbelovende zorgvormen die nog geen deel uitmaken van het basispakket omdat de effectiviteit volgens het wettelijk criterium “de stand van de wetenschap en praktijk” nog niet bewezen is. De maximale duur van voorwaardelijke toelating is in principe 4 jaar. In uitzonderlijke gevallen kan dit worden verlengd tot 7 jaar. Onderzoek De minister van VWS kan besluiten om zorg die nog niet bewezen effectief is, toch tijdelijk toe te laten tot het basispakket. Daaraan wordt de voorwaarde verbonden dat in de periode van tijdelijke toelating onderzoek komt naar de effectiviteit van de zorg en de kosteneffectiviteit. Aan de hand van de verzamelde gegevens tijdens het onderzoek kan, voor afloop van de periode van voorwaardelijke toelating, worden vastgesteld of de zorg voldoet aan ‘de stand van de wetenschap en praktijk’. Meer informatie
 Uiteraard is er een uitgebreide procedure vastgesteld voor het aanvragen van een voorwaardelijke toelating. Tevens is er een lijst van verschillende zorgvormen die op dit moment voorwaardelijk toegelaten tot het basispakket. Zie ook de voortgangsrapportage 2017 voor voorwaardelijke toelating tot het basispakket. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Farmaceutische industrie investeert fors in digitale zorg
Mei12

Farmaceutische industrie investeert fors in digitale zorg

Marktonderzoeker CB Insights heeft een  overzicht uitgebracht van de investeringen van grote bedrijven in digital health. Dit aanbod groeit ongelooflijk snel en het gaat om grote bedragen. In 2015 ging het wereldwijd om meer dan zes miljard dollar. Het betreft niet alleen de bekende wereldwijde investeringsfirma’s, maar ook –of misschien beter gezegd juist- investeringen door de farmaceutische bedrijven. Het moge duidelijk zijn dat de e-health en digitale zorg de top nog lang niet heeft bereikt en dat er de komende jaren nog vele apps en tal van andere digitale oplossingen voor de zorg beschikbaar zullen komen. Het zal gaan om heel verschillende zaken: van telemonitoring bij ziekten tot gezondheidsapps. Meer dan verdubbeling
 Volgens het overzicht van CB Insights was het aantal investeringen in de afgelopen twee jaar gelijk aan die van de vijf jaar daarvoor. Er is dus in feite sprake van meer dan een verdubbeling. Meest actieve investeerders
 De drie meest actieve investeerders in digital health zijn sinds 2009: Merck, GlaxoSmithKline, and Johnson & Johnson. Opvallend is de toename van de investeringsbedragen door de farmaceutische industrie. Zij zien daar een steeds groter belang in. Niet verwonderlijk: het betreft een zorgaanbod dat aanvullend is aan geneesmiddelen. Als top vijf van de farmaceutische investeerders noemt CB Insights: 1. Pfizer, Pfizer Venture Investments 2. Novartis, Novartis Venture Funds 3. Roche, Roche Venture Fund 4. Merck, Merck Capital Ventures, Global Health Innovation Fund 5. Sanofi, Sanofi-Genzyme Ventures Infographic De berichtgeving van CB Insights bevat overzichtelijke infographic die heel duidelijk aantoont hoe snel het aantal overeenkomsten is toegenomen en door welke bedrijven. Hier vindt u ook de top 20 van de farmaceutische investeerders in digitale inzet in de zorg. Tekst: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Pagina 1 van 212