Minder antibioticaprescriptie kinderen met luchtweginfecties
Sep29

Minder antibioticaprescriptie kinderen met luchtweginfecties

Antibiotica worden vaak onnodig voorgeschreven voor kinderen met luchtweginfecties. Antibiotica helpen vaak niet om klachten te verminderen, of er sneller vanaf te komen, terwijl ze wel vervelende bijwerkingen geven en bijdragen aan de ontwikkeling van resistente bacteriën. Een korte online training voor huisartsen in combinatie met een informatieboekje voor ouders vermindert antibioticaprescriptie voor kinderen met luchtweginfecties. Dat is de conclusie van het RAAK-onderzoek.  RAAK staat voor: RAtioneel Antbioticabeleid Kinderen. Dit onderzoek heeft aangetoond dat huisartsen die een korte online scholing volgden en ouders een informatieboekje gaven, minder antibiotica voorschrijven voor kinderen met luchtweginfecties. De huisartsen die de interventies hebben gevolgd, schrijven significant minder antibiotica voor aan kinderen met een luchtweginfectie. Minder bezoek aan huisarts
 Binnen dezelfde ziekte-episode kwamen kinderen uit de interventiegroep minder vaak terug op het spreekuur van de huisarts. Er was geen verschil in aantal consulten voor nieuwe luchtweginfecties of verwijzingen naar het ziekenhuis met de controlegroep gedurende 6 maanden. Ook vond de projectgroep een significante reductie plaats van het totale aantal antibioticaprescripties voor kinderen in een heel jaar na de interventie. Huisartsen en ouders tevreden
 Huisartsen waren zeer tevreden over de scholing. De inhoud was vaak niet nieuw voor hen, desondanks werden ze zich daardoor meer bewust van hun voorschrijfgedrag. Ouders vertelden dat ze al terughoudend waren over antibiotica en dat ze het prettig vonden dat het informatieboekje hun visie bevestigde. Ze vonden uit het boekje vooral de concrete aanwijzingen relevant bij welke klachten of symptomen ze contact moesten opnemen met de huisarts. Dit  gaf hen een zekerder gevoel om te durven afwachten tot hun kind herstelt. Financiering
 Het RAAK-onderzoek is gefinancierd door ZonMw als onderdeel van het ZonMw-programma Priority Medicines Antimicrobiële Resistentie. Dit programma wil een bijdrage leveren aan het beheersen en oplossen van de problematiek van Antimicrobiële resistentie of antibioticaresistentie. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Actie tegen handel in illegale medicijnen
Sep28

Actie tegen handel in illegale medicijnen

Via internet worden veel illegale medicijnen uit het buitenland besteld. Zorgelijk, want het is niet duidelijk welke stoffen er in die medicijnen zitten. Veel medicijnen die online worden aangeboden zijn nep en kunnen de gezondheid zelfs in gevaar brengen. Jaarlijks is er een grootscheepse internationale actie tegen handel in illegale medicijnen: de operatie Pangea. De operatie Pangea wordt gecoördineerd door Interpol. Dit jaar deden er 123 landen aan mee. Doel is om zoveel mogelijk potentieel gevaarlijke geneesmiddelen van de illegale markt te halen. Wereldwijd zijn er tijdens deze actie ruim 25 miljoen (!) medicijnen in beslag genomen. De geschatte waarde daarvan is zo’n 43 miljoen euro. Onderzoek in Nederland
 De Nederlandse douane heeft 10.000 zendingen gecontroleerd en nam 315 pakketjes in beslag met in totaal bijna 50.000 illegale geneesmiddelen. Het ging met name om erectiemiddelen, afslank- en slaapmiddelen, alsmede voedingssupplementen en pijnstillers. Ook wordt tijdens Pangea onderzoek gedaan naar websites. In Nederland onderzocht de Inspectie voor de Gezondheidszorg tien websites die illegaal reclame maken of illegale medicijnen verkopen. Drie zaken zijn voor strafrechtelijk onderzoek overgedragen aan het Openbaar Ministerie (OM). Het ontbreekt de inspectie echter vaak aan mogelijkheden om de eigenaar van een website te achterhalen, omdat deze in het buitenland staat geregistreerd of onder valse naam werkt. Daarom is samenwerking met andere diensten in binnen- en buitenland belangrijk. Voorlichting vanuit overheid Het controleren van de pakketstroom naar Nederland wordt steeds lastiger. Inmiddels worden er naar schatting 225 miljoen pakketten per jaar thuisbezorgd en dat aantal neemt al jaren toe. 
De Nederlandse overheid doet er veel aan om burgers te wijzen op het gevaar van illegale medicijnen. Om mensen te leren hoe ze nepmedicijnen kunnen herkennen, heeft VWS de site echtofnep.nl ontwikkeld, met informatie over zaken waarop mensen moeten letten bij online bestellen van medicatie. Om te laten zien hoe lastig het is, kunnen bezoekers de echt-of-nep-quiz invullen. 
Daarnaast is er de website aanbiedersmedicijnen.nl, met de regels rondom online aanbieden met medicijnen, een overzicht van legale aanbieders en veelgestelde vragen. Tot slot is er de site internetpillen.nl met algemene informatie van de Rijksoverheid over geneesmiddelen per internet. Toename illegaal aanbod Het is echter de vraag of burgers het bestaan kennen van deze informatieve sites en zo ja: of ze zich er iets van aantrekken. In een tijd waarin bestellen per internet gemeengoed is, zal het kopen van geneesmiddelen, voedingssupplementen, afslankmiddelen en erectiepreparaten eerder toe- dan afnemen. Bronnen: IGZ, VWS Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Adviesraad: zelfde eisen voor homeopathische middelen
Sep26

Adviesraad: zelfde eisen voor homeopathische middelen

In Europa is er een stevige markt voor homeopathische geneesmiddelen. In 2015 werd er voor ruim 1 miljard euro verkocht in de Europese Unie en jaarlijks is er sprake van zo’n 6 procent groei. Als het aan de Europese adviesraad van wetenschapsacademies EASAC ligt, komt hier een einde aan. EASAC wil namelijk dat EU-lidstaten homeopathische middelen niet toestaan, zolang de werking en veiligheid daarvan niet zijn aangetoond. EASAC stelt in haar rapport dat homeopathische middelen moeten voldoen aan dezelfde eisen als reguliere geneesmiddelen. Als niet op wetenschappelijke wijze kan worden onderbouwd dat een dergelijk middel werkt, moet er geen registratie worden afgegeven door controle-instanties van de verschillende lidstaten, zoals in ons land door het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Volgens de raad is er in sommige gevallen wellicht sprake van een placebo-effect, maar is er geen enkel wetenschappelijk bewijs dat homeopathische middelen werken voor welke ziekte dan ook. Zelfde regulering 
 Op dit moment hoeven de homeopathische middelen dus niet aan dezelfde eisen te voldoen als reguliere geneesmiddelen. Homeopathische worden alleen gecontroleerd op veiligheid, maar niet op werkzaamheid. Dat is volgens de adviesraad onterecht.  Daarnaast concludeert de adviesraad dat in veel landen de controle op gebruik en promotie van homeopathische middelen te wensen overlaat als zo’n middel eenmaal is geregistreerd. “Er kunnen niet twee vormen van geneesmiddelen bestaan: conventioneel en alternatief. Er zijn geneesmiddelen die adequaat zijn getest en er zijn middelen waarbij dat niet is gebeurd”, aldus de EASAC. ‘Je moet het onder dezelfde regulering brengen als alle andere middelen’, vindt ook hoogleraar interne geneeskunde Jos van der Meer in een artikel in De Volkskrant. ‘Als een middel niet voldoet aan de claim van werkzaamheid, moet het niet worden toegelaten. Ook moet op de etiketten duidelijk staan wat erin zit, net als bij andere geneesmiddelen. Zodat je inzichtelijk maakt dat zo’n middel uit honderd procent water bestaat.” Van der Meer schreef namens de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) mee aan het EASAC-advies aan de Europese Commissie. Mens en dier
 Het rapport van de EASAC beperkt zich tot de klassieke homeopathie, waarbij door grote verdunning er geen werkzame stof meer aanwezig is in de oplossing die de patiënt krijgt. Volgens opsteller Jos van der Meer zou de discussie ook kunnen gaan over andere alternatieve (natuur)geneesmiddelen. Opvallend detail: in het advies wordt ook nadrukkelijk het gebruik van homeopathische middelen bij vee afgewezen. Terwijl in een richtlijn voor de organische landbouw de EU het gebruik van homeopathische middelen expliciet aanmoedigt, om zo het gebruik van antibiotica tegen te gaan. Eenzijdig
 De homeopathische sector noemt in een reactie het advies “eenzijdig”. Homeopathisch arts Frans Kusse en bestuurslid van de Artsen Vereniging...

Lees Verder
Platform Inkoopkracht Dure Geneesmiddelen per 1 oktober aan de slag
Sep25

Platform Inkoopkracht Dure Geneesmiddelen per 1 oktober aan de slag

Per 1 oktober 2017 wordt het Platform Inkoopkracht Dure Geneesmiddelen ingesteld. Het doel is om, in samenwerking met alle betrokken partijen, de inkoop van dure geneesmiddelen te optimaliseren en zo dure geneesmiddelen beter toegankelijk en betaalbaar te maken. Het Platform brengt partijen die betrokken zijn bij de inkoop van dure geneesmiddelen samen. Het bestaat uit vertegenwoordigers van de verschillende betrokken partijen, zoals ziekenhuizen, medische specialisten, apothekers en verzekeraars. Voorzitter van dit Platform is de heer drs. M.J.A.M. (Chiel) Bos. Thema’s
 Het Platform richt zich op de thema’s en bijbehorende knelpunten. Deze zijn de afgelopen periode door de kwartiermaker van het Platform geïdentificeerd in gesprekken met alle bij de inkoop betrokken spelers. Het betreft de volgende thema’s: * vertrouwen tussen spelers * diversiteit in de aanpak van de inkoop van dure geneesmiddelen * omgang met inkoopvoordelen * slagkracht Vanwege de nauwe relatie tussen de inkoop en het gebruik van dure geneesmiddelen, kan het Platform, in het verlengde van het Actieplan gepast gebruik geneesmiddelen, tevens thema’s en knelpunten aanpakken op het gebied van gepast gebruik die binnen organisaties spelen. Samenwerking en informatie-uitwisseling
 Ziekenhuizen en zorgverzekeraars kopen nu vaak afzonderlijk of in kleine samenwerkingsverbanden geneesmiddelen in. Ook is er geen centrale plaats waar kennis en kunde hierover wordt gedeeld. Om de betaalbaarheid en toegankelijkheid van deze onnodig dure geneesmiddelen te waarborgen, moet de inkooppositie van ziekenhuizen en zorgverzekeraars worden versterkt. Daarvoor is betere samenwerking en meer informatie-uitwisseling noodzakelijk. Het Platform Inkoopkracht krijgt daarin een sleutelrol. Optimaliseren inkoop dure geneesmiddelen
 De rol van het Platform is het optimaliseren van de inkoop van dure geneesmiddelen binnen het huidige zorgsysteem. Thema’s en knelpunten die voortkomen uit bestaande initiatieven, zoals de samenwerking op het gebied van de inkoop van dure geneesmiddelen van de Nederlandse Federatie van Universitair medische centra (NFU), de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) en Zorgverzekeraars Nederland (ZN), kunnen in het Platform worden geagendeerd en aangepakt. De eerste bijeenkomst van het Platform vindt in het najaar van dit jaar plaats. Zie de Kamerbrief van minister Schippers hierover Bron: Ministerie van VWS Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Column: “Dat staat toch in de computer?”
Sep21

Column: “Dat staat toch in de computer?”

Als wijkapotheker-farmacotherapeut in de Utrechtse wijk Overvecht voer ik veel polyfarmaciegesprekken. Het huisartsdossier van deze patiënten kenmerkt zich voornamelijk door vele brieven van een heleboel verschillende zorgverleners met daarin weer een enorme bult medicatiewijzigingen. Ondanks verschillende pogingen om de apotheek en huisarts ICT-systemen met elkaar te laten praten zijn er nog vaak discrepanties in de medicatieoverzichten van huisarts, apotheek en ziekenhuis. Het is tot mijn verbazing (en steeds vaker ook irritatie) bijna onmogelijk om de huisarts- en apotheeksystemen met elkaar te laten communiceren. Dagelijks verbaas ik me over de muren die zelfs tussen verschillende zorgverleners met hetzelfde systeem worden opgetrokken, omdat men niet op hetzelfde ‘cluster’ zit. Bizar! Patiënten weten het zelf vaak ook niet meer. ‘Dat staat toch in de computer?’ is een antwoord dat u waarschijnlijk wel herkend. Helaas is dat vaak niet zo. Dossiers doorspitten, (veel) overleggen met andere zorgverleners en uiteindelijk gezamenlijk met arts en patiënt knopen doorhakken is dan vaak de enige oplossing. Onlangs volgde ik de cursus ‘Interprofessioneel samenwerken in de wijk’ met meerdere professionals uit de wijk (wijkverpleegkundige, POH-ouderen, buurtteam, sociaal makelaar (googlet u dat maar eens) en huisarts). Wat vooral leerzaam was, was dat iedereen een andere kijk heeft op de patiënt. Door elkaars vragen te horen en kennis te gebruiken kwamen we vooral bij complexe casussen sneller tot een adequaat beleid. Als belangrijk hulpmiddel voor samenwerking binnen ‘Overvecht Gezond’ gebruiken we het 4D-model*. Dit is een hulpmiddel om de patiënt in kaart te brengen en problemen te kaderen. Het geeft op een visuele manier inzicht in vier levensgebieden: lichaam, geest, maatschappelijk en sociaal, die allemaal invloed hebben op hoe gezond iemand zich voelt. De persoon zelf staat in het midden: hij/zij staat centraal. Met behulp van het 4D model kunnen we als zorgprofessionals optimaal samenwerken, doordat we doelen opstellen, prioriteren en onze inzet op elkaar kunnen afstemmen om vervolgens in één gezamenlijke taal te gebruiken. Alle deelnemers bij de genoemde cursus waren zich bewust van de noodzaak van goede overdracht van informatie, maar discussie ontstond over hoe we dat kunnen bewerkstelligen. Toch bleek iedereen in de praktijk binnen zijn eigen domein zaken vast te leggen en dit zelden te communiceren aan anderen. Mijzelf incluis. Dus na de cursus ging ik enthousiast aan de slag om ook mijn medezorgverleners op de hoogte te stellen van mijn bemoeienis en acties. Maar hoe doe je dat in een oerwoud van buurtteam-schriftjes, thuiszorg-mappen, (gecodeerde) mails van en naar specialist en apotheek? Het enige wat ik kan bedenken, is dat de leveranciers van de verschillende ICT-systemen ook eens naar het 4D-model gaan kijken en de patiënt centraal stellen. Oftewel: ga nou toch eens samenwerken! Misschien...

Lees Verder
Aanpak medicijnen in riool
Sep20

Aanpak medicijnen in riool

Via het toilet belanden duizenden kilo’s resten van medicijnen in het riool. En dit neemt alleen maar toe, vanwege de vergrijzing, zo waarschuwt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Een groot probleem, want slechts 60 tot 70 procent kan door de rioolzuiveringswater worden verwijderd. Het Waterschap Limburg zet zich actief in om deze problematiek aan te pakken. Het Waterschap Limburg heeft  in haar toekomstvisie 2030 het probleem van de medicijnresten een prominente plek gegeven.  De reductie van de medicijnresten wil het waterschap bereiken door een combinatie van maatregelen. Daarbij is overleg met de Belgische en Duitse autoriteiten noodzakelijk. Een aanzienlijk deel van de medicijnresten komt namelijk via Duitsland en België in de Limburgse beken en in de Maas terecht. De gesprekken moeten ertoe leiden dat de buurlanden er voor zorgen dat minder medicijnresten in het water belanden en dat ze tegelijk meer doen om die resten eruit te halen. Innovatieve aanpak Ook heeft het Waterschap een pilot uitgevoerd dat gericht is op het verwijderen van geneesmiddelen. Dit gebeurt via een innovatief technische ontwikkeling door middel van een proces in twee stappen: inonenwisseling gevolgd door geavandeerde oxidatie. Eerst is dat principe uitgetest in een laboratorium. Vervolgens is het op grotere schaal toegepast in een pilot op de rioolwaterzuiveringsinstallatie  Panheel (bekijk de video). En jawel: het blijkt inderdaad technisch mogelijk te zijn om met deze methode een breed scala aan medicijnen effectief te verwijderen. Veel belangstelling
 Dit onderzoek draagt bij aan de kennisopbouw die nodig is om medicijnresten te kunnen verwijderen. Naast deze zogenaamde  end-of-pipe  oplossingen zijn ook maatregelen bij de bron noodzakelijk om de emissie te verminderen, zoals behandeling van ziekenhuisafvalwater en ontwikkeling van voor het milieu minder bezwaarlijke medicijnen. Inmiddels is er veel belangstelling voor de twee-staps verwijderingsaanpak, zowel vanuit Nederland als vanuit  het buitenland. Lees meer over het project  op dewebsite van TKI Watertechnologie. Bron: Waterschapsbedrijf Limburg en De Limburger Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Rechter fluit NZa terug
Sep20

Rechter fluit NZa terug

De Nederlandse Zorgautoriteit moet opnieuw beslissen op het  bezwaar  van een aantal diagnostische centra en laboratoria tegen de tarieven die de NZa voor het jaar 2016 heeft vastgesteld voor röntgen- en MRI-onderzoeken en medisch-microbiologische diagnostiek. Dat heeft het  College van  Beroep  voor het bedrijfsleven (CBb) in  beroep besloten. De diagnostische centra en laboratoria zijn het niet eens met de tarieven omdat deze tenminste 15% lager zijn dan de tarieven die over 2015 zijn vastgesteld. De tarieven voor 2016 zijn gebaseerd op kostprijzen die zorgaanbieders hebben gerapporteerd aan de NZa. Volgens de centra en laboratoria mocht NZa deze kostprijzen niet gebruiken voor verlaging van de tarieven omdat de gegevens grote gebreken vertonen. Kostendekkend of niet?
 Het CBb oordeelt dat de NZa de door de diagnostische centra en laboratoria gezaaide twijfel over de vereiste kostendekkendheid van de tarieven niet heeft kunnen wegnemen. Ofwel: “Het College komt tot het oordeel dat niet is komen vast te staan dat de tarieven die de NZa voor de prestaties heeft vastgesteld redelijkerwijs kostendekkend kunnen worden geacht.” Verschillen
 NZa heeft onder andere onvoldoende rekening gehouden met de verschillen tussen kostprijsgegevens en kostenstructuren van met name de ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra. Het gaat hierbij vooral om de invloed van de door ziekenhuizen waarschijnlijk toegepaste naar-rato-toerekening van diverse prestaties op de aangeleverde kostprijsgegeven. Deze toerekening leidt tot minder hoge kostprijzen voor de betreffende onderzoeken dan in werkelijkheid het geval is. Binnen 4 maanden nieuw besluit
 Zie hier de volledige uitspraak van het CBb. De NZa moet binnen vier maanden een nieuw besluit nemen op de bezwaren met inachtneming van deze uitspraak. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Drijfveren: Normaal is het begin van het einde
Sep19

Drijfveren: Normaal is het begin van het einde

Zomer 2017. Ik heb een afspraak bij DocMorris; de grootste postorderapotheek van Europa. Met gemengde gevoelens, dat wel. Is dit het voorland voor al die hardwerkende apothekers die ik de afgelopen tien jaar heb gesproken? Van de openbare farmacie in de huidige vorm sowieso? Maar zoals vaker is de werkelijkheid genuanceerder dan mijn platte argwaan. Eenmaal binnen in het gigantisch grote, lichte, moderne pand, lees ik op een digibord dat er om 11 uur al 19000 pakketjes zijn afgeleverd. De NPS* staat op 70 en dat is hoog, heel hoog. De ontvangst door Prof. Dr. Christian Franken is bovendien hartelijk: ‘zeg maar Christian’. DocMorris is een Nederlandse postorderapotheek die zich voornamelijk richt op de Duitse markt. De onderneming werd in het jaar 2000 opgericht door de Nederlandse apotheker Jacques Waterval en de Duitse IT-deskundige Ralf Däinghaus. In 2015 betrok DocMorris een nieuw pand in Heerlen op een terrein van 30.000 m². Ze bedienen jaarlijks 4 miljoen klanten per telefoon, mail, web, videobased live chat of via de DocMorris Apotheken App. DocMorris telt 600 medewerkers en heeft een omzet van 331 miljoen euro (2016). Wie is Christian Franken? Christian: “Ik ben apotheker en Chief Pharmaceutical Officer (CPO)bij Doc Morris. Ik ben hier 10 jaar geleden begonnen. Aanvankelijk als beherend apotheker en de laatste vier jaar als CPO. Ik ben verantwoordelijk voor de farmaceutische processen binnen dit bedrijf. Voordat ik bij DocMorris werkte, was ik ziekenhuisapotheker in het academisch ziekenhuis van Düsseldorf.” Het gaat goed met DocMorris. Hoe verklaart u dit succes? “Onze kernactiviteit is het leveren van receptplichtige medicijnen en OTC’s. Cliënten kunnen overal vandaan bestellen en ze hoeven niet naar ons te komen, wij komen naar hen. We hebben contact met elkaar via de mail, telefoon, per post, app of via een beveiligde live chat. Cliënten krijgen goede, hoogwaardige farmaceutische consulten. In de praktijk blijkt dat we vooral een apotheek zijn voor de chronisch zieken, patiënten met diabetes, hoge bloeddruk en reuma. Dat zijn planbare leveringen. Daarnaast hebben we een noodlijn die 24/7 gebeld kan worden. We zien dat cliënten het comfort dat wij bieden op waarde schatten.” Zijn de geneesmiddelen van DocMorris goedkoper? “Het Duitse systeem is anders dan in Nederland. Hier heb je variabele prijzen terwijl de prijzen in Duitsland vast staan. Receptplichtige geneesmiddelen die bij ons worden besteld, zijn in principe niet goedkoper dan bij de apotheek op de hoek maar we mogen sinds oktober 2016 uit onze eigen marge de bonus aan klanten doorgeven. Daardoor hoeven ze inderdaad minder te betalen.” Wat is het voordeel van postorderapotheek ten opzichte van een traditionele apotheek? “Zoals gezegd, het gemak dat cliënten ons overal vandaan kunnen bereiken en hun geneesmiddelen thuisbezorgd krijgen. Een...

Lees Verder
Handen ineen tegen medicijnvervalsing
Sep19

Handen ineen tegen medicijnvervalsing

De Europese Commissie maakt zich zorgen over het risico op medicijnvervalsingen binnen het reguliere distributiekanaal in Europa. Ze heeft daarom een Europese verordening afgekondigd, die inhoudt dat alle EU-landen per 9 februari 2019 een Nationaal Medicijnen Verificatie Systeem (NMVS) moeten inrichten. Producenten, groothandelaren en apothekers moeten de komende anderhalf jaar hun bedrijfsvoering aanpassen aan de nieuwe Europese wet- en regelgeving. Medicijnvervalsingen. Niemand weet hoe vaak het voorkomt, maar dat het gebeurt, dat is zeker. “Er is wel onderzoek gedaan naar de omvang van medicijnvervalsingen,” vertelt Erwin van Malland, projectmanager bij de Stichting Nederlandse Medicijnen Verificatie Organisatie (NMVO), “maar de uitkomsten van die onderzoeken verschillen. Het aantal gevonden vervalste medicijnen in Nederland is overigens beperkt de afgelopen dertig jaar. Men verwijst dan eerder naar andere landen. En ja, daar zien we het vaker.” Vaak of niet, voor de Europese Commissie was het risico op medicijnvervalsingen binnen het reguliere distributiekanaal reden om in 2016 een Europese verordening af te kondigen. “De EU wil met het oog op patiëntveiligheid vervalsingen voorkomen,” legt Van Malland uit. “Als er vervalste medicijnen in omloop zijn, en je weet niet welke bestanddelen er in zitten, dan kunnen patiënten gezondheidsrisico’s lopen. Dat is ongewenst. Ook fabrikant, groothandel en apotheker hebben er belang bij dat we medicijnvervalsingen voorkomen. Een fabrikant wil niet dat er vervalsingen van zijn product op de markt komen. En groothandel en apotheken willen voorkomen dat zij onbedoeld vervalste medicijnen ter hand stellen aan hun patiënten.” 2D-datamatrix Ieder EU-land is volgens de Europese verordening verplicht om per 9 februari 2019 een landelijke database in te richten waarmee medicijnvervalsingen kunnen worden opgespoord en tegengegaan. In Nederland wordt dat straks het Nederlands Medicijnen Verificatie Systeem (NMVS). “Fabrikanten, zowel producenten als handelaren, mogen per 9 februari 2019 alleen nog producten op de markt brengen als er een unieke code op de geneesmiddelenverpakking is afgedrukt, de zogenoemde 2D-datamatrix,” legt Van Malland uit. “Dat is een tweedimensionale barcode, een blokjescode vergelijkbaar met de QR-code die we al kennen. In die 2D-datamatrix staat de productcode, het batchnummer, de houdbaarheidsdatum en een nummer dat uniek is per verpakking van het product. Dat is allemaal verplichte informatie. Daarnaast moet elk doosje verzegeld zijn, zodat duidelijk controleerbaar is dat de verpakking nog niet is aangebroken.” De apotheker is straks wettelijk verplicht om de 2D-datamatrix te scannen bij aflevering aan de patiënt. Die informatie wordt teruggekoppeld aan het NMVS. Van Malland: “Het gaat dan vooral om het unieke nummer. De apotheker vraagt als het ware aan het NMVS: “Ik lees dit unieke nummer af, is dat bekend bij het systeem? En zo ja, is dat nummer actief?” Als het NMVS beide vragen bevestigend beantwoordt, kan...

Lees Verder
Column: Vlinderslag
Sep18

Column: Vlinderslag

Soms maakt iets kleins het verschil. Zo kan een, net iets later, vertrek van huis je in een lange file doen stranden, of de trein doen missen, waardoor een belangrijke afspraak niet doorgaat. Als dat een sollicitatiegesprek was, kan je carrièreverloop er heel anders uit gaan zien. Een andere baan kan er voor zorgen dat je andere mensen ontmoet. Die paar minuten verschil op die specifieke ochtend kunnen zomaar niet alleen een totaal andere zakelijke, maar ook sociale wending aan je leven geven. Een kleine variatie in beginvoorwaarden kan resulteren in zeer grote effecten, in de toekomst en/of op een andere plek. Dit fenomeen wordt het ‘vlindereffect’ genoemd: Een vlinder in Brazilië kan met zijn vleugels maanden later een Tornado in Texas veroorzaken (Edward Lorenz, 1961). Iedere stap die in een chaotische reeks voorvallen plaatsvindt, creëert niet een verwachte lineaire, maar een exponentiële afwijking in de reeks volgende gebeurtenissen. In het sterk gereguleerde zorgsysteem wordt iedere vlinderslag, met de daarop volgende creatieve chaos, in de opvolgende stappen weer keurig in het bekend lineaire pad teruggebracht en worden mogelijke, onverwachte, uitkomsten van die vlinderslag in de kiem gesmoord. De zorg, of het nu gaat om bijvoorbeeld medical devices of dienstverlening, kent vele ‘vlinderslagen’: disruptieve ideeën en initiatieven. Het aantal start-ups op het terrein van gezondheid en zorg is enorm. En toch voelt het gefladder nog steeds slechts als een tijdelijke rimpeling in de constante rivier waarop de zorg zijn diensten en expertise aanbiedt. Daar waar zaken in ons dagelijks leven steeds veranderen, digitaler en groter worden, of dit nu gebeurt door onverwachte, chaotische processen of van te voren lineair zo is gepland en uitgestippeld, daar worstelt de zorg nog steeds met de vraag of en hoe zij deze niet te stoppen (chaotische) veranderingen moet omarmen. Vanuit het oogpunt van veiligheid en kwetsbaarheid is de constante, gereguleerde en gecontroleerde ontwikkeling van zorgaanbod belangrijk. Maar stilstand is ook achteruitgang. Complexiteit van aandoeningen, zorgstelsels die onder druk staan, veranderende kennis en behoefte bij individuen vragen misschien juist in de zorg, om disruptieve veranderingen: onze gezondheid is een te waardevol bezit, om kansen en verbeteringen te laten liggen. De ‘digital health wereld’ is een wereld vol vlinders die, wanneer we de mogelijke chaos die kan ontstaan, durven toe te laten, grote effecten kunnen hebben op onze gezondheid en kwaliteit van leven. En of wij dit, als zorgaanbieders, nu wel of niet verstandig vinden, zeker is dat deze vlinders hun vleugels zullen gaan uitslaan en het verschil zullen gaan maken. Ergens, recentelijk of al iets langer geleden, heeft een vlinder zijn vleugels al uitgeslagen en is er een cascade van gebeurtenissen in gang gezet. Remmen...

Lees Verder
Pagina 2 van 1512345...10...Minst recente »