Meeste viagra illegaal verkregen
Mei22

Meeste viagra illegaal verkregen

Gezondheidsorganisaties maken zich zorgen over de populariteit van illegale viagra bij mannen. In ons land gebruiken zeker 150.000 mannen het erectiemiddel, blijkt uit rioolwateranalyses van het RIVM, terwijl maar zo’n 45.000 mannen er een recept voor hebben. Dat zou betekenen dat maar liefst 70 procent van de gebruikte erectiepillen in Nederland illegaal wordt verkregen. Veel mannen schamen zich voor het feit dat ze viagra nodig hebben en ze durven daarvoor vaak niet naar de huisarts. De NOS heeft hier onlangs aandacht aan geschonken. 
De oorzaak van het grote illegale gebruik ligt onder andere in het feit dat een huisarts niet genegen is dit middel voor te schrijven voor recreatief gebruik. Veel mannen willen de pil juist daarvoor gebruiken: pret-in-bed. In principe schrijft de arts alleen bij echte erectiestoornissen een recept uit voor viagra. En dan koopt men het elders. Nep-viagramiddelen zijn ruim in omloop en kunnen op tal van manieren worden verkregen. Daarvan wordt dus veel gebruik gemaakt. De populairste namaak-viagra is Kamagra. Geneesmiddelen uit het illegale circuit kennen uiteraard tal van gezondheidsrisico’s. Niet alleen is de werking onbetrouwbaar, maar ze kunnen ook onzuivere grondstoffen bevatten die kunnen leiden tot gevaarlijke situaties, zeker in combinatie met drank en drugs. Voor en tegen
 Het IVM pleit voor vrije verkoop in de apotheek. Daarmee kan de bestaande illegale verkoop voor een deel worden tegengegaan en dat verkleint de gezondheidsrisico’s door nep-medicatie. Bovendien verlaagt vrije verkoop de drempel voor mannen die niet naar de de huisarts willen om viagra te vragen. Tegelijk biedt verkoop in de apotheek de mogelijkheid voor een goed, vertrouwd advies. Het NHG daarentegen is tegen het verstrekken van erectiepillen zonder doktersvoorschrift door de apotheek. Voor mannen die een hersen- of hartinfarct hebben gehad in de zes maanden voor gebruik, of mannen die bepaalde medicatie gebruiken bij vernauwde kransslagaders, kan een erectiepil namelijk gevaarlijk zijn. Op de site ‘thuisarts.nl’staan nadrukkelijk de bijwerkingen van erectiepillen vermeld en wanneer deze beslist niet mogen worden gebruikt. Echter: de meeste kopers van illegale erectiemiddelen zullen deze waarschuwingen niet lezen. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Hapicom-samenwerking in ontwikkeling
Mei17

Hapicom-samenwerking in ontwikkeling

Optimaal vertrouwen door betrokkenheid en ervaring – “Medewerkers van PharmaPartners komen op locatie kijken om te zien waar wij tegenaan lopen”, vertelt Helga Pruijssers, locatiemanager (voorheen triagist) van de huisartsenpost in Deventer. Ze denkt graag mee over ontwikkelingen in Hapicom die helpen om het werk op de post soepeler te laten verlopen. “Zo creëer je een prettiger systeem voor jezelf.” “Voor huisartsen is Hapicom het meest ideale systeem op de huisartsenpost, vertelt Pruijssers. Dat komt met name doordat zij in de combinatie met Medicom over het volledige patiëntendossier van de eigen huisarts beschikken. Dat maakt een goed onderbouwd medisch advies mogelijk én zorgt voor meer efficiency, constateert Pruijssers. “In Zwolle bleek dat ambulances vaak onnodig op pad worden gestuurd. Er loopt nu een pilot om de samenwerking tussen de huisartsenpost, thuiszorg en de ambulancedienst te verbeteren. Wij hebben dat probleem niet doordat we in het dossier van de eigen huisarts exact zien wat er vooraf is gegaan en welke afspraken zijn gemaakt. “Voor huisartsen is Hapicom het meest ideale systeem op de huisartsenpost”- Helga Pruijssers  Écht luisteren Als oud-triagist en locatiemanager was Pruijssers in 2015 betrokken bij de integratie van de Nederlandse Triage Standaard in Hapicom. “Dan zie je wat er allemaal bij komt kijken om zo’n standaard op een makkelijke, werkbare manier in te passen in de software, vertelt ze. “Het kost tijd, maar levert je ook wat op, namelijk een systeem dat in de praktijk goed werkt.” Ze merkt dat er bij PharmaPartners veel bereidheid is om Hapicom nog beter aan te laten sluiten bij de werkprocessen op de huisartsenpost. “Er zijn de afgelopen periode verschillende medewerkers van PharmaPartners hier geweest om te zien hoe we werken en waar we tegenaan lopen. Ik heb aangegeven dat we heel graag een stevige agendafunctie in Hapicom willen. Toen de UX- designer op de post was, begreep ze al snel wat ik bedoelde. Ze zág hoe het hier werkt en luisterde echt.” Betrokken blijven Inmiddels zijn er grote stappen gezet. PharmaPartners heeft uitgeschreven wat er precies aan functionaliteit nodig is en vervolgens een prototype gebouwd. “Ik word helemaal meegenomen in dat proces, dat is heel fijn. Binnenkort komen de UX-designer en een ontwikkelaar hier om samen met mij door de nieuwe functionaliteit te klikken. Ik heb al een en ander gezien en weet dat ze op het goede spoor zitten.” Vertrouwen De goede en open samenwerking met PharmaPartners geeft Helga Pruijssers veel vertrouwen voor de toekomst. “PharmaPartners doet echt iets met mijn opmerkingen en er wordt resultaat geboekt. Ik adviseer huisartsenposten met een groot aantal huisartsen die Medicom gebruiken nu oprecht om voor Hapicom te kiezen. Voor de huisartsenzorg is...

Lees Verder
Column: Oei, ik groei
Mei16

Column: Oei, ik groei

Een bestseller uit de jaren zeventig waarin onzekere ouders elkaars kind de maat nemen. En zo zijn er al heel wat bloemen in de knop verpest. Ik denk niet dat deze associatie is opgekomen bij VWS met de recente groei van het budget van medisch specialistische zorg met 300 miljoen. Een hele reeks vertegenwoordigers zijn hiermee akkoord gegaan. In mijn opinie zijn het in en in verwende kinderen met de budgetzekerstelling als rammelaar. Het zijn niet mijn cijfers maar algemeen wordt aangenomen dat op basis van het principe ‘aanbod creëert vraag’ er in Nederland zo’n 12 miljard aan zorgstenen te veel zijn. Die vastgoedlasten drukken elk jaar op de begrotingen van de instellingen, en dus op de VWS begroting. Wat nog erger is, ze zijn daarmee een onneembare vesting geworden voor substitutie naar de eerste lijn. De eerste lijn, huisartsen en apothekers, ze worden met deze budgetgroei van medisch specialistische zorg bij hun strot gegrepen. Is er hier sprake van een bonuscultuur voor het onderhandelingsakkoord tussen VWS en de sector van medisch specialistische zorg? Ziekenhuizen zijn volume gedreven tot de dood van de patiënt er op volgt. Het liefst een langdurig traject, waarbij ‘het systeem’ er niet voor terugdeinst dit te doen met 1.400 interventies, die volgens de eigen beroepsgroep niet evidence based zijn. Ik ben geen doemdenker want de brief van de denkers van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving aan het demissionair kabinet laat een heel andere urgentie  zien. Volgens Pauline Meurs is er in dit land een belangrijke issue op het vlak van sociaal-economische gezondheidsverschillen. Ik heb werkelijk nog nooit in een strategisch plan van een ziekenhuis gelezen wat zij daaraan gaan doen. Preventie laat ik voor het gemak maar even buiten beschouwing, want ze weten niet eens hoe ze dat moeten schrijven. Een andere issue is volgens Meurs de menselijke maat in de zorg. Het primaat daarvan ligt in de eerste lijn. Budgetgroei voor medisch specialistische zorg is een karaktermoord voor de eerste lijn. Wie bedenkt zoiets? Wat zich in deze dealingroom van verwende instituties heeft afgespeeld heeft niets met zorg, maar met politiek te maken. De LHV en KNMP moeten toch tandenknarsend hebben toegekeken. Juist huisartsen en apothekers hebben enorme potentie om te voorkomen dat mensen überhaupt in de tweede lijn terechtkomen. Daar hoort een passende progressieve agenda en budget bij. Persoonlijk wens ik alle bestuurders van ziekenhuizen het allerbeste, dat is niet het punt. Maar ik hoop toch van harte dat ze met de budgetverruiming ook de morele verplichting invulling geven die hoort bij… oei, ik groei. Henk Pastoors is directeur van TopSupport Strategie en Informatie. Hij levert als adviseur maatwerk in analyse...

Lees Verder
Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”
Mei16

Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”

Prof. Dr. Bert Leufkens neemt na tien jaar afscheid als voorzitter van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Tal van dossiers kwamen langs zijn bureau. Van de veiligheid van NSAID’s tot Diane 35. “De toekomst is aan de personalised medicines.” Het CBG in Utrecht beoordeelt en bewaakt de werkzaamheid, risico’s en kwaliteit van geneesmiddelen. Naast voorzitter Leufkens bestaat het college uit artsen, apothekers en wetenschappers, benoemd door de minister van VWS. De collegeleden worden ondersteund door ruim driehonderd medewerkers van het Agentschap CBG, onderdeel van het Ministerie van VWS. In de praktijk betekent dat voor de driehonderd medewerkers dat per nieuw geneesmiddel vele meters dossier moeten worden doorgeploegd. In de Europese Unie beoordeelt het CBG samen met de andere nationale geneesmiddelenautoriteiten de nieuwe middelen onder de vlag van de European Medicines Agency (EMA) in Londen. Alle EU-landen kunnen bij het EMA intekenen voor de beoordeling van een dossier voor een nieuw geneesmiddel. Geeft de EMA een klap op een dossier dan kan het op de markt worden gebracht. Of het ook wordt vergoed is een andere tak van sport en daarover gaat het CBG niet. Waarop bent u trots? “De wetenschappelijke verankering van het CBG! Ieder besluit moeten we wetenschappelijk kunnen verantwoorden aan de buitenwereld. Deze academisering van het College is goed gelukt: Nederland hoort inmiddels bij de Europese top-3 van geneesmiddelenautoriteiten. Nederland is heel deskundig op belangrijke terreinen als cardiovasculair, oncologie, biosimilars en diabetes.  Ook is het college een vast onderdeel van de farmaceutische innovatiecyclus geworden. We werken samen met de universiteiten, hebben een open cultuur. Zo leggen we de maatschappij beter uit welke afwegingen we hebben gemaakt en waarom we besluiten over een bepaald geneesmiddel. Voorheen stelde het CBG zich misschien te veel als rigide autoriteit op: dit is het besluit en daar moet je het mee doen. De wereld van de geneesmiddelen bestaat echter niet uit zwart of wit, ik geloof in grijstinten. Ook ben ik blij dat het werk van het CBG niet stopt na de toelating: ook daarna houden we de vinger aan de pols en grijpen in als het nodig is. En ik ben er trots op dat er in het College een vertegenwoordiger van de patiënt zit. Ik heb wel acht jaar moeten knokken om een patiënt in het College te krijgen.” Tien jaar lang zat hij iedere maand gemiddeld een volle week in Londen. Om samen met zijn collega’s uit Europa zich te buigen over de toelating van geneesmiddelen. Dit dossier krijgt wel goedkeuring van ‘Europa’, dit niet. Leufkens is een Europeaan. “De Europese verankering zit in de genen van het CBG. Wat goed is voor Europa, is goed voor...

Lees Verder
Aanvraag mogelijk voor voorwaardelijke toelating basispakket
Mei15

Aanvraag mogelijk voor voorwaardelijke toelating basispakket

Tot en met 29 juni is het mogelijk om dossiers in te dienen die mogelijk in aanmerking komen voor voorwaardelijke toelating tot het basispakket. In aanmerking komen geneeskundige zorg, extramurale geneesmiddelen én extramurale hulpmiddelen. Indiening moet plaatsvinden bij het Zorginstituut, die de voorstellen beoordeelt. ZonMw adviseert het Zorginstituut over de wetenschappelijke kwaliteit en haalbaarheid van het onderzoeksvoorstel. Het Zorginstituut brengt advies uit aan de minister van VWS over de interventie(s). De minister besluit uiteindelijk welke interventies voorwaardelijk worden toegelaten. Maximale duur
 In alle gevallen gaat het dan om potentieel veelbelovende zorgvormen die nog geen deel uitmaken van het basispakket omdat de effectiviteit volgens het wettelijk criterium “de stand van de wetenschap en praktijk” nog niet bewezen is. De maximale duur van voorwaardelijke toelating is in principe 4 jaar. In uitzonderlijke gevallen kan dit worden verlengd tot 7 jaar. Onderzoek De minister van VWS kan besluiten om zorg die nog niet bewezen effectief is, toch tijdelijk toe te laten tot het basispakket. Daaraan wordt de voorwaarde verbonden dat in de periode van tijdelijke toelating onderzoek komt naar de effectiviteit van de zorg en de kosteneffectiviteit. Aan de hand van de verzamelde gegevens tijdens het onderzoek kan, voor afloop van de periode van voorwaardelijke toelating, worden vastgesteld of de zorg voldoet aan ‘de stand van de wetenschap en praktijk’. Meer informatie
 Uiteraard is er een uitgebreide procedure vastgesteld voor het aanvragen van een voorwaardelijke toelating. Tevens is er een lijst van verschillende zorgvormen die op dit moment voorwaardelijk toegelaten tot het basispakket. Zie ook de voortgangsrapportage 2017 voor voorwaardelijke toelating tot het basispakket. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Farmaceutische industrie investeert fors in digitale zorg
Mei12

Farmaceutische industrie investeert fors in digitale zorg

Marktonderzoeker CB Insights heeft een  overzicht uitgebracht van de investeringen van grote bedrijven in digital health. Dit aanbod groeit ongelooflijk snel en het gaat om grote bedragen. In 2015 ging het wereldwijd om meer dan zes miljard dollar. Het betreft niet alleen de bekende wereldwijde investeringsfirma’s, maar ook –of misschien beter gezegd juist- investeringen door de farmaceutische bedrijven. Het moge duidelijk zijn dat de e-health en digitale zorg de top nog lang niet heeft bereikt en dat er de komende jaren nog vele apps en tal van andere digitale oplossingen voor de zorg beschikbaar zullen komen. Het zal gaan om heel verschillende zaken: van telemonitoring bij ziekten tot gezondheidsapps. Meer dan verdubbeling
 Volgens het overzicht van CB Insights was het aantal investeringen in de afgelopen twee jaar gelijk aan die van de vijf jaar daarvoor. Er is dus in feite sprake van meer dan een verdubbeling. Meest actieve investeerders
 De drie meest actieve investeerders in digital health zijn sinds 2009: Merck, GlaxoSmithKline, and Johnson & Johnson. Opvallend is de toename van de investeringsbedragen door de farmaceutische industrie. Zij zien daar een steeds groter belang in. Niet verwonderlijk: het betreft een zorgaanbod dat aanvullend is aan geneesmiddelen. Als top vijf van de farmaceutische investeerders noemt CB Insights: 1. Pfizer, Pfizer Venture Investments 2. Novartis, Novartis Venture Funds 3. Roche, Roche Venture Fund 4. Merck, Merck Capital Ventures, Global Health Innovation Fund 5. Sanofi, Sanofi-Genzyme Ventures Infographic De berichtgeving van CB Insights bevat overzichtelijke infographic die heel duidelijk aantoont hoe snel het aantal overeenkomsten is toegenomen en door welke bedrijven. Hier vindt u ook de top 20 van de farmaceutische investeerders in digitale inzet in de zorg. Tekst: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Huisarts Gordon Oron: “Declareren is een makkie in Medicom”
Mei10

Huisarts Gordon Oron: “Declareren is een makkie in Medicom”

Van gebruiksgemak tijdens het consult tot efficiënte ondersteuning van administratieve processen – Huisarts Gordon Oron heeft geen moment spijt van de keuze voor het huisartsinformatiesysteem Medicom. Acht jaar geleden stapte de hagro in één keer over. Naast de probleemloze en uitgebreide samenwerking met de apotheek, levert het veel voordelen op in de praktijk. Van gebruiksgemak tijdens het consult tot efficiënte ondersteuning van administratieve processen. De acht huisartsenpraktijken in Leerdam startten met Medicom omdat ze het receptenverkeer met de apotheek voor eens en altijd goed wilden regelen. Gordon Oron van Huisartsenpraktijk Hurts & Oron was direct enthousiast. “Ik deed de declaraties en statistieken voor de huisartsenpraktijk en dat werd met Medicom een stuk eenvoudiger.” Ook tijdelijke waarnemers waren blij met het nieuwe HIS. “Medicom is makkelijk en overzichtelijk. Je kunt er snel je weg in vinden.” Compleet medicatieoverzicht Na jarenlange ervaring durft Oron wel te zeggen dat de keuze voor Medicom positief heeft uitgepakt. “Het receptenverkeer verloopt altijd goed. We delen de database met de apotheek, waardoor we een compleet medicatieoverzicht hebben. Inclusief medicatie voorgeschreven door specialisten en interacties, contra-indicaties en allergieën die bij de apotheek geregistreerd zijn. Dat komt de medicatiebewaking ten goede.” Tijdens het spreekuur dubbelklikt Oron op de naam van de patiënt om het dossier te openen. Medicom volgt de routine van de huisarts, dus registreren en doorverwijzen zijn een logisch onderdeel van het consult. “Sinds een paar jaar bezoek ik de HIS Demodag. Daar zie ik hoe andere HIS’en werken. De laatste keer werden agenda’s en takenlijsten vergeleken. De Medicom- agenda kwam er echt supergoed uit en de takenlijst doet zeker niet onder voor die in andere systemen.” “Medicom is makkelijk en overzichtelijk. Je kunt er snel je weg in vinden.” Een makkie Nog enthousiaster is Oron over de ondersteuning van doorgaans tijdrovende administratieve klussen. “Declareren is echt een makkie in Medicom. En tariefswijzigingen en nieuwe contracten geven bij ons nooit gedoe. De basis wordt in het systeem gezet door PharmaPartners en clusterspecifieke zaken regel ik als clusterbeheerder. Op 1 januari is het bij ons ‘business as usual’.” Ook het genereren van data voor de praktijkaccreditatie stemt Oron tevreden. “Die eindeloze hoeveelheid data haal ik uit Medicom met de Q- module. Het kan nog wat gebruiksvriendelijker, maar het werkt feilloos.” Of het nu gaat om de implementatie van nieuwe standaarden of de communicatie via het LSP, Medicom loopt bijna altijd voorop, is de ervaring van Oron. “Het ondersteunen van de ontwikkelingen in de zorg vereist samenwerking, ook op het gebied van ICT. Dat begrijpen ze bij Medicom.” Laagdrempelige eHealth PharmaPartners ondersteunt de samenwerking tussen zorgprofessionals onderling én de samenwerking tussen zorgprofessionals en patiënten. In onze participatiesamenleving...

Lees Verder
Wat doen we met lichaamsmateriaal?
Mei04

Wat doen we met lichaamsmateriaal?

Van bijna alle Nederlanders ligt er ergens lichaamsmateriaal opgeslagen, zoals buisjes bloed, verwijderde galstenen of urinemonsters. Het gaat om miljoenen stukjes lichaamsmateriaal. Op dit moment is het wettelijk niet goed geregeld wat daarmee wel/niet mag gebeuren. De Wet Zeggenschap Lichaamsmateriaal brengt daarin verandering en beschermt de burger tegen ongewenst gebruik. De Wet wordt opgesteld, uitgaande van twee belangrijke uitgangspunten, namelijk 1.  De burger heeft zelf zeggenschap over het lichaamsmateriaal 2.  Materiaal mag niet voor iets anders worden gebruikt worden dan waarvoor het afgenomen is. Uitzonderingen
In sommige heel specifieke gevallen is het onmogelijk of onredelijk om per persoon toestemming te vragen. Als er dan tevens sprake is van een ander groot en algemeen belang, kan een uitzondering nodig zijn. In het voorstel zijn drie uitzonderingen op de hoofdregels geformuleerd: 1.  Gebruik voor kwaliteitsbewaking van de gezondheidszorg
 a. bijvoorbeeld het gebruik van bloed voor het afstellen van machines die bloed verwerken b. het trainen van medewerkers die met lichaamsmateriaal moeten omgaan 2. Gebruik voor onderwijs of onderzoeksdoeleinden. Daarbij geldt dat:
 a. Het moet  gaan om onderzoek in algemeen belang b. Met waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet wordt geschaad c. Het moet gaan om een situatie waarin toestemming vragen onmogelijk is of onevenredig veel inspanning kost. 3. In zeer uitzonderlijke gevallen gebruik in strafzaken. Hierbij speelt het medisch beroepsgeheim een rol. In overleg met de KNMG zijn hierover een aantal afspraken opgesteld. Samengevat
 Momenteel is niet goed geregeld wat er wel /niet mag met opgeslagen lichaamsmateriaal. Deze wet Zeggenschap Lichaamsmateriaal stelt daarvoor strikte wettelijke regels op.  Uitgangspunt is bescherming van de burger tegen ongewenst gebruik, door deze zelf zeggenschap over het eigen lichaamsmateriaal te geven. Zie ook het persbericht van het ministerie van VWS. Geef uw mening
 Op dit moment vindt nog een internetconsultatie plaats over het conceptvoorstel. Op alle onderdelen van dit voorstel kunnen belanghebbenden en geïnteresseerden een reactie geven. Dit is mogelijk tot 23 juni a.s. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
7 juni CBG Collegedag met als thema: Dilemma’s
Mei03

7 juni CBG Collegedag met als thema: Dilemma’s

Op woensdag 7 juni vindt de Collegedag 2017 plaats van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Centraal thema op deze bijeenkomst is: dilemma’s. Bij geneesmiddelen ontstaan juist op het snijvlak van regelgeving en wetenschappelijke vernieuwing gemakkelijk dilemma’s en is het vaak lastig om keuzes te maken. Tijdens het ochtendprogramma zijn er plenaire presentaties door de volgende sprekers: Damiaan Denys, psychiater en hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, Yvonne van Rooy, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, en directeur Mirjam Mol van het Pivotpark Collegevoorzitter Bert Leufkens sluit het ochtendprogramma af, met zijn visie op reguleren. Middagprogramma Voor het middagprogramma is er één ronde waarbij de deelnemers kunnen kiezen uit twee lezingen en vier workshops. De lezingen zijn van gezondheidswetenschapper Desirée Hairwassers over  de patiënt als partner en van Peter Borriello, Veterinary Medicines Directorate in  London, over antimicrobiële resistentie. Elke lezing wordt afgesloten met een discussie. Thema’s van de workshops zijn: baten/risico-afweging bij registratie geneesmiddel voor humaan gebruik;  dilemma’s bij off-label gebruik; kunst en gezondheid (met de film ‘de stemmen van Vincent’ als kern) en een workshop over dilemma’s in de spreekkamer, waar iedere arts mee te maken krijgt. Tot slot volgt aan het eind van het middagprogramma een afscheidsreceptie van Bert Leufkens als voorzitter van het College. Programma en inschrijven De CBG Collegedag is op 7 juni in de Media Plaza, Jaarbeurs in Utrecht. Tijd: 9.15 – 18.30 uur.  Op de website van de CBG Collegedag 2017 staat het volledige programma. Hier kunt u zich aanmelden voor de Collegedag en/of de afscheidsreceptie van Bert Leufkens en alvast een keuze maken voor het middagprogramma. Inschrijving is mogelijk tot 31 mei 2017. Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Uniforme prescriptieafspraken: in ieders belang
Apr28

Uniforme prescriptieafspraken: in ieders belang

De KNMP, LHV, NHG en FMS bevestigen in een gezamenlijke brief aan VWS dat zij staan voor uniforme prescriptieafspraken. Zij maken zich ongerust over de kwaliteit van zorg nu blijkt dat sommige verzekeraars eigen aflevertermijnen willen hanteren en daarmee de prescriptieafspraken schenden. De prescriptieafspraken zijn eind november 2016 gemaakt tussen patiënten, artsen, apothekers, verpleegkundigen én zorgverzekeraars. Doel van deze breed gemaakte afspraken is de effectiviteit en veiligheid van medicatie te bewaken en medicijnverspilling te voorkomen. De regeling dient er ook voor om de diversiteit aan regels van de verschillende zorgverzekeraars te harmoniseren. Met de afspraken tussen alle partijen ontstaat er voor de patiënt eenduidigheid en is er niet langer meer sprake meer een andere aanpak per zorgverzekeraar. Afspraken Er zijn onder andere de volgende afspraken gemaakt: * –    Apothekers geven patiënten de geneesmiddelen die ze voor het eerst gebruiken voor maximaal 15 dagen mee. Indien de kleinste afleververpakking meer dan 15 dagen geneesmiddelen bevat, mogen apothekers deze verpakking afleveren. * –    Bij chronisch gebruik geldt een afleverperiode van maximaal 3 maanden. * –    Geneesmiddelen van meer dan 1.000 euro per maand kunnen na de eerste uitgifte voor maximaal een maand worden meegegeven tijdens de instelperiode van 6 maanden. * –    Bij intensieve zorg thuis, bijvoorbeeld in de laatste fase van iemands leven, bepaalt de patiënt (of zijn naasten) met de zorgverlener welke geneesmiddelen wel en niet nodig zijn om maatwerk te realiseren. * –    Bij de aflevertermijnen gelden enkele uitzonderingen, zoals anticonceptiva (360 dagen) en hypnotica/anxiolytica en amfetamine-achtige eetlustremmers (30 dagen). Nu blijkt dat sommige zorgverzekeraars toch afwijken van deze afspraken, trekken KNMP, LHV, NHG en FMS bezorgd aan de bel. Afspraak is afspraak, niet waar. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder