MedicijnMonitor 2018: alle kengetallen over geneesmiddelen
mei11

MedicijnMonitor 2018: alle kengetallen over geneesmiddelen

Recent is de MedicijnMonitor verschenen van de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen. Een fraaie uitgave met zeer veel gegevens, waaruit blijkt dat we het in ons land niet zo slecht doen. Zo toont de monitor aan dat we in Nederland per inwoner veel minder aan geneesmiddelen uitgeven dan gemiddelde in Europa: 376 euro in ons land tegenover gemiddeld 604 euro in vergelijkbare landen. Nieuwe medicijnen zijn in ons land meestal snel beschikbaar, blijkt uit de MedicijnMonitor. Gemiddeld duurt het na de registratie 228 dagen voordat een geneesmiddel wordt vergoed via de zorgverzekering en beschikbaar is. In de meeste Europese landen duurt dat aanzienlijk langer. Het is overigens wel meer dan de het gemiddelde van nog geen 200 dagen twee jaar geleden. Dat heeft een aantal oorzaken, waaronder de beoordeling door het Zorginstituut. Dit zou maximaal negentig dagen moeten duren, maar bij dure medicijnen waarbij de overheid onderhandelt over de prijs, is de wachttijd gemiddeld vijfhonderd dagen. Overigens: maar een klein deel van de patiënten krijgt innovatieve geneesmiddelen: in 2017 was 0,6 procent van de voorgeschreven geneesmiddelen korter dan vijf jaar op de markt. Medicijnen dragen bij aan gezondheidswinst
 In Nederland wordt 71% van alle geregistreerde medicijnen vergoed tegen slechts 50% in veel buurlanden, aldus de monitor. Deze bevat meer positieve berichten. Zoals het feit dat de vijfjaarsoverleving van kanker de afgelopen twintig jaar gestegen van 52 naar 64 procent. En het gegeven dat veel minder mensen aan diabetes overlijden dan vijftien jaar geleden. Aids is inmiddels chronische ziekte. Medicijnen leveren een belangrijke bijdrage aan deze verbeteringen. Gemiddelde prijs is vrijwel constant De monitor toont ook aan dat receptgeneesmiddelen een steeds kleiner deel uitmaken van de totale zorgkosten. De gemiddelde prijs van medicijnen is vrijwel constant gebleven. Dit is o.a. het gevolg van het preferentiebeleid. Nieuwe geneesmiddelen In 2017 liepen er wereldwijd 24.000 klinische onderzoeken naar geneesmiddelen. Er komen veel nieuwe biologische geneesmiddelen en geneesmiddelen op basis van de nieuwste technologieën, zoals immunotherapie en gentherapie. De afgelopen jaren zijn steeds meer nieuwe, hoopgevende medicijnen toegelaten, in 2017 waren dat er 92. Door onnodige regeldruk bij de registratie en vergoeding van een nieuw geneesmiddel te verminderen, kunnen nieuwe geneesmiddelen een jaar eerder op de markt komen. Dit kan een miljoen euro per geneesmiddel besparen, zo stelt de VIG. Nog veel werk te doen
 Gerard Schouw, directeur Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen benadrukt in het voorwoord de positieve berichten en stelt vervolgens: “Toch is er nog veel werk te doen. Daarom geven we niet op totdat we voor ernstige ziektes, zoals Alzheimer of kanker, een effectief medicijn hebben. Ook blijven wij ons inzetten voor de veiligheid van geneesmiddelen. Er worden bijvoorbeeld steeds meer vervalste geneesmiddelen aangeboden,...

Lees Verder
Algoritme kan geneesmiddelenprijs vaststellen
mei09

Algoritme kan geneesmiddelenprijs vaststellen

Farmaceutische bedrijven vragen veel te veel voor hun nieuwe geneesmiddelen tegen kanker, stellen onderzoekers van de Erasmus Universiteit. Zij ontwikkelden een algoritme dat de prijs van innovatieve geneesmiddelen op een zo transparant mogelijke manier vaststelt. Het algoritme neemt de werkelijke kosten van ontwikkeling, productie, verkoop, marketing en een redelijke winstmarge gebaseerd op de klinische meerwaarde van het geneesmiddel mee. Op deze manier komt er een billijke prijs uit voor elk nieuw anti-kanker medicijn. Zo komt dit algoritme bijvoorbeeld tot een aanbevolen prijs van €2.587  per behandeling met het middel enzalutamide tegen prostaatkanker, terwijl de huidige marktprijs in het Verenigd Koninkrijk bijna 12 keer hoger ligt (€30.304), en in de VS zelfs ruim 28 keer hoger (€74.165). Voor het middel Ruxolitnib tegen ziekte myelofibrose vindt het algoritme €14.424 per behandeling een redelijk bedrag. Dit middel kost op dit moment echter €49.965 in het Verenigd Koninkrijk en zelfs €75.249 per behandeling in de Verenigde Staten. Europese wetgeving Voor hoogleraar Carin Uyl-de Groot, een van de onderzoekers, is de conclusie duidelijk: “Door het algoritme te gebruiken weten we nu wat een juiste prijs voor deze medicijnen is. De ontbrekende schakel is echter de wetgeving. Europese overheden zouden door middel van nieuwe EU-wetgeving in staat moeten worden gesteld om dit model toe te kunnen toepassen, want met de huidige wetgeving kan dat nog niet. Hetzelfde geldt overigens voor de Verenigde Staten, ook daar moet wetgeving eerst worden aangepast.” Vrije markt is schadelijk 
 “Het is overduidelijk dat het huidige model van de vrije markt niet geschikt is voor innovatieve geneesmiddelen tegen kanker”, aldus Uyl-de Groot. “Het is zelfs zo dat het schadelijk is voor kankerpatiënten wereldwijd. Met een geschatte groei van 68% in het aantal gevallen van kanker rond 2030 is een revolutie in de prijsstelling van nieuwe kankermedicijnen absolute noodzaak. Door het invoeren van dit nieuwe prijsmodel kunnen we in één klap zowel de toegankelijkheid als de effectiviteit van behandelingen van kanker verbeteren en ook nog eens de economische last van deze ziekte verminderen. En zeker niet alleen in armere landen, ook in West Europa.” Bron: ZN...

Lees Verder
Medicatieveiligheid bij levercirrose
mei02

Medicatieveiligheid bij levercirrose

Stichting Health Base stelt nieuw FTO-materiaal over medicatieveiligheid bij levercirrose gratis beschikbaar voor eerstelijnszorgverleners. Het materiaal is vanuit een subsidie van ZonMw ontwikkeld om de implementatie van de geneesmiddeladviezen bij levercirrose te versterken. Het FTO-materiaal bestaat uit een PowerPoint-presentatie, een document met achtergrondinformatie en een handleiding voor de opschoning van contra-indicaties in het apotheekinformatiesysteem. 
Eerstelijnszorgverleners kunnen het materiaal gratis aanvragen via de website. ZonMw vraagt zorgverleners na afloop een korte evaluatie te geven over het materiaal. Levercirrose leidt tot verminderde uitscheiding van geneesmiddelen met als mogelijk gevolg bijwerkingen. Stichting Health Base, de KNMP en andere partners zetten de ZonMw-subsidie ook in om kennis rondom geneesmiddelen bij levercirrose te vergroten. Dit doen zij door aandacht te besteden aan onderwijs voor studenten farmacie en geneeskunde en door vakbladpublicaties te schrijven. Ook doen de organisaties onderzoek naar de communicatie tussen zorgverleners over de ernst van de cirrose en de ICT-technische implementatie hiervan in de medicatiebewakingssystemen. Let op: de contra-indicaties Leverfunctiestoornis en Levercirrose, gedecompenseerd uit de G-Standaard, zijn per 1 mei 2018 vervallen. Meer informatie over Geneesmiddelen bij levercirrose Bron: ZonMw...

Lees Verder
“Het schrijnende aan dit leed is,  dat het niet nodig is”
mei01

“Het schrijnende aan dit leed is, dat het niet nodig is”

Schrikbarend veel astma- en COPD-patiënten gebruiken hun inhalatiemedicatie verkeerd. Hierdoor heeft het niet de werking die het kan en moet hebben. Tijdens het onlangs gehouden internationale congres over inhalatietechnieken benadrukten diverse inhalatiedeskundigen dat dit onnodig is. Met betere instructies, gedegen training en ehealth-toepassingen zullen patiënten hun inhalator op de juiste gebruiken, waardoor maximaal rendement uit de medicatie wordt gehaald. Meer dan zeventig procent van de ruim één miljoen longpatiënten in Nederland die een pufje gebruikt, puft verkeerd. Met als gevolg onnodige exacerbaties, vaker inzetten van noodmedicatie en ziekenhuisopnames. Het is overigens niet een typisch Nederlandse kwestie; in andere landen is de inhalatieproblematiek minstens zo groot, zo bleek tijdens het tweedagen durende IRW-congres dat midden maart in Groningen plaatsvond. IRW staat voor Inhalation Research Workgroup en bestaat uit een internationaal gezelschap van gerenommeerde inhalatiedeskundigen. “Het schrijnende aan dit leed is, dat het niet nodig is,” vertelt Paul Hagedoorn, inhalatietechnoloog verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. “Het is veelal als gevolg van verkeerd inhaleren, waardoor de medicatie niet op de plek komt waar het zijn werking moet doet. Dat is jammer. Omdat het de kwaliteit van leven van deze longpatiënten bepaalt, maar ook omdat het financieel op de gezondheidszorg drukt én op de samenleving in zijn geheel vanwege arbeidsverzuim. En het is niet nodig. We weten namelijk al heel goed hoe inhalatiemedicatie het beste kan worden gebruikt. Zo weten we hoe optimaal kan worden geïnhaleerd met welk type inhalator. We weten welke inhalator het beste werkt bij welk type patiënt. We krijgen zelfs steeds beter inzichtelijk hoe we patiënten kunnen stimuleren therapietrouw te blijven; ook een serieus probleem rondom inhaleren. En op het gebied van ehealth komen steeds meer toepassingen die ervoor zorgen dat patiënten optimaal inhaleren en therapietrouw blijven. Dat is natuurlijk al heel wat. Zo ver zijn we sinds het gebruik van inhalatoren vijftig jaar geleden nog niet geweest. Maar zolang de slag van weten naar implementatie niet wordt gemaakt, blijft het merendeel van de longpatiënten dat een pufje gebruikt, dit verkeerd doen.” Hagedoorn, die internationaal wordt gezien als een van dé experts in onderzoek, ontwikkeling en toepassing van inhalatietechnologie, was een van de sprekers tijdens het IRW-congres. Aan de rijksuniversiteit van Groningen leidt hij de afdeling inhalatietechnologie; een van de drie toponderzoekscentra wereldwijd op het gebied van inhalatietechnologie. Effectiviteit van inhalatietherapie Tijdens het congres werden diverse onderzoeken naar inhalatieproblematiek besproken. Zo vertelde Mathieu Molimard, hoogleraar farmacologie aan het academisch ziekenhuis in Bordeaux, over een grootschalige Franse observatie-studie uit 2015 naar het gebruik van inhalatoren onder COPD-patiënten; vanwege hoge leeftijd en lage inademingscapaciteit een groep met ernstige inhalatieproblemen. De effectiviteit van inhalatietherapie, zo legde hij uit, wordt bepaald door een...

Lees Verder
Ruim 600 klachten tegen openbare apotheken
mei01

Ruim 600 klachten tegen openbare apotheken

Vorig jaar hebben patiënten 5 geschillen en 609 klachten ingediend tegen openbare apotheken. Tegen de huisartsen waren dit 76 geschillen en 639 klachten. Dit blijkt uit rapportages van de Stichting Klachten en Geschillen Eerstelijnszorg (SKGE) en Quasir. Van de 5 geschillen tussen patiënten en openbare apotheken zijn er 3 in 2017 afgehandeld en 2 waren er eind 2017 nog in behandeling. Bij 2 geschillen werd een verzoek tot schadevergoeding ingediend, maar niet toegewezen. De SKGE heef voor het eerst een claim van een patiënt aan een apotheker deels toegekend. De claim bedroeg ruim € 16.000, waarvan de apotheker € 1.850 moet uitbetalen. Lees het artikel dat wij hierover eerder hebben gepubliceerd. Klachten over diverse onderwerpen
 De binnengekomen klachten hadden vooral betrekking op substitutie, het preferentiebeleid en medische noodzaak (11%). Ook werd veel geklaagd over onbevredigende reacties van apothekers op klachten (10%) en het niet leveren van medicijnen (8,5%). Lessen trekken
 SKGE-directeur Jiske Prinsen is tevreden over de resultaten van het eerste jaar. “We zijn blij dat de meeste openbare apotheken en huisartsen zich bij ons hebben aangesloten en dat de procedures voor klachten en geschillen als gesmeerd lopen. Ons doel is om lessen te trekken uit de klachten en geschillen, zodat apothekers en huisartsen de zorg kunnen verbeteren.” Quasir en SKGE
 Het jaar 2017 was het eerste jaar waarop de verplichtingen vanuit de Wet kwaliteit, klachten en geschillen (Wkkgz) volledig van kracht waren. De KNMP biedt openbare apotheken die zakelijke contributie betalen de mogelijkheid hieraan te voldoen door aan te sluiten bij Quasir en SKGE. Wanneer een patiënt een klacht heeft tegen een openbare apotheek, dan komt deze in eerste instantie terecht bij de KNMP of bij klachtenbemiddelaar Quasir. Mocht de bemiddeling niet slagen en wil de patiënt een schadeclaim indienen, dan wordt de klacht een geschil en kan de patiënt daarvoor terecht bij de SKGE. Bron:...

Lees Verder
Oproep 14 patiëntenorganisaties: niet wisselen van medicatie!
apr26

Oproep 14 patiëntenorganisaties: niet wisselen van medicatie!

Bijna een miljoen mensen met een chronische aandoening wordt jaarlijks zonder medische reden op een ander merk medicijn omgezet. Medicijnwisselingen zorgen voor onnodige gezondheidsklachten en onrust bij patiënten. Een derde van de gebruikers van geneesmiddelen voelt zich zieker of ongezonder na omzetting naar een ander merk. Dat blijkt uit  onderzoek  onder bijna 2.000 patiënten door 14 patiëntenorganisaties, waaronder het Reumafonds, Longfonds, Harteraad en SON. Deze organisaties doen een dringende oproep aan VWS, zorgverzekeraars en apothekers om een einde te maken aan medicijnwisselingen bij bepaalde medicijnen en patiëntengroepen. 
Bijna een miljoen mensen met een chronische aandoening wordt jaarlijks zonder medische reden op een ander merk medicijn omgezet. Het onderzoek wijst uit dat hiervan ongeveer 60% een of meer keer per jaar moet wisselen. Bij bijna 40% is dit 3 keer of vaker per jaar. Grote gevolgen Het wisselen van verschillende merken medicatie is het gevolg van het preferentie- en inkoopbeleid. Daardoor zijn de totale kosten aan medicijnen de afgelopen jaren sterk gedaald. De laatste jaren zijn bij veel medicijnen de prijsverschillen echter zo klein, dat de besparing minimaal is, aldus de patiëntenorganisaties. De gevolgen van deze medicatiewisselingen zijn voor patiënten echter groot. Zij hebben na wisselen meer last van bijwerkingen (40%). Bij bijna driekwart van de respondenten hadden deze bijwerkingen een negatieve invloed op hun emoties en bij 80% op lichamelijke activiteiten. Medische noodzaak Bij het preferentiebeleid is de enige mogelijkheid voor patiënten om toch het oorspronkelijk voorgeschreven merkmedicijn te behouden de vermelding van ‘medische noodzaak’ op het recept. Uit het onderzoek komt naar voren dat dit in de helft van de gevallen niet wordt gehonoreerd door de apotheek. Oproep 14 patiëntenorganisaties Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek willen de 14 patiëntenorganisaties dat bij bepaalde medicijnen en patiëntengroepen niet mag worden gewisseld van medicatie, omdat het risico op schade aan de gezondheid te groot is. Bij alle andere medicijnen mag er slechts één keer onder strenge voorwaarden worden gewisseld. Daarnaast moeten apothekers en zorgverzekeraars de vermelding ‘medische noodzaak’ op een recept honoreren. De organisaties willen hierover met het ministerie van VWS en alle betrokken partijen bindende afspraken maken. Een arts kan, als hij wil dat alleen het voorgeschreven medicijn wordt geleverd, ‘medische noodzaak’ op het recept zetten; wisselen mag dan niet. Gebeurt dat toch, dan kunnen mensen daartegen bezwaar maken. Het Longfonds heeft hiervoor een  stappenplan  met een  voorbeeldbrief. Reactie ZN
 Zorgverzekeraars Nederland wijst in een reactie op deze brief op het feit dat er meerdere oorzaken ten grondslag liggen aan geneesmiddelenwisselingen. Ze pleit voor een aanpak van de echte oorzaken, waaronder het toenemende geneesmiddelentekort. Als voorbeeld noemt ZN het tekort aan een schildkliergeneesmiddel door productieproblemen bij de...

Lees Verder
Ideale patiëntenreis bij medicatiegebruik
apr19

Ideale patiëntenreis bij medicatiegebruik

Wat vinden patiënten belangrijk in de zorg en begeleiding van medicijngebruik? Patiëntenfederatie Nederland onderzocht dit. Het belangrijkste uitgangspunt  is een integraal zorgproces. De wensen en voorkeuren van de patiënt moeten centraal staan en de zorg bij medicijngebruik moet zijn aangepast op de persoonlijke situatie. De patiënt wil dat zorgverleners er rekening mee houden dat hij meerdere aandoeningen kan hebben en verschillende medicijnen gebruikt.  In het rapport Zorg bij medicijngebruik dichtbij mensen staan aanbevelingen hoe de zorg bij medicijngebruik persoonsgerichter kan worden georganiseerd. Het bevat een infographic met het basismodel en de te nemen stappen waaruit de ideale ‘patiëntenreis’, zo men dat noemt, moet bestaan. Op basis van die ideale patiëntreis komt de Patiëntenfederatie tot een aantal aanbevelingen ten aanzien van het persoonsgerichter organiseren van het zorgproces bij medicijngebruik. Deze zijn ondergebracht in zes aandachtspunten. 1. Samen beslissen 
 De patiënt moet betrokken worden bij de keuzes en afspraken in het zorgproces. 2. Persoonsgerichter gebruik van medicijnen organiseren 
 Organiseer het goede gesprek voordat een patiënt start met medicijnen. Neem de tijd voor het gesprek over diagnose, de keuzemomenten voor de behandeling en de uitleg over de behandeling. Neem hierin de wensen en behoeftes van de patiënt mee. 3. Ontwikkel keuzemogelijkheden voor de manier waarop patiënten de medicijnen ontvangen. 4. Ontwikkel keuze in de informatie en instructie over het gebruik van medicijnen 
 Zorg dat er verschillende momenten en manieren zijn, waarop patiënten informatie en instructie kunnen ontvangen over het juist gebruiken van hun medicijnen. 5. Evalueer het medicijngebruik na een afgesproken periode 
 Bespreek met de patiënt hoe hij het gebruik van de medicijnen heeft ervaren, de resultaten, ervaren bijwerkingen en mogelijke problemen. En maak afspraken over het stoppen met medicijnen, het afronden van de behandeling of over het vervolg van de behandeling. 6. Verbeter de samenwerking tussen de verschillende zorgverleners 
 Patiënten verwachten dat alle kennis, die nodig is wanneer zij medicijnen gebruiken, wordt ingezet. Dat vraagt van de betrokken zorgverleners dat zij samenwerken en afspraken maken over wanneer zij elkaars kennis benutten en inzetten. Bron: Patiëntenfederatie Nederland Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Nieuwe dure geneesmiddelen leiden tot hoge kosten
apr18

Nieuwe dure geneesmiddelen leiden tot hoge kosten

De uitgaven aan geneesmiddelen zullen in 2021 bij ongewijzigd beleid oplopen tot bijna € 5,1 miljard per jaar. Dit komt vooral door de instroom van nieuwe, dure geneesmiddelen in het basispakket en een toename daarvan in het ziekenhuis. Wat betreft de uitgaven van hulpmiddelen: deze zijn gestabiliseerd of zelfs gedaald. Dit staat in GIPeilingen; een uitgavenreeks van het Zorginstituut over de ontwikkelingen in het gebruik en de kosten van geneesmiddelen en hulpmiddelen in Nederland. Kosten per gebruiker gelijk gebleven
 De uitgaven voor geneesmiddelen in 2016 zijn gestegen met 2,7%. Het aantal gebruikers van geneesmiddelen is in 2016 ook gestegen, met 2,2% naar 11,5 miljoen gebruikers.  De totale kosten per gebruiker zijn daarom vrijwel gelijk gebleven. De dagelijkse dosis medicijnen die door een gemiddelde gebruiker in 2016 is gebruikt, is wel gestegen met 2,8% naar 784 DDD per gebruiker. Top tien stijgers
  In 2015 is de nieuwe generatie HVC-middelen in het basispakket. De behandeling voor hepatitis C patiënten is enorm verbeterd, de behandelcombinaties met “direct acting antivirals” (DAA) geven weinig bijwerkingen en 90% van de patiënten geneest binnen een aantal maanden. Het betreft dure middelen. In 2016 gebruikten ruim 6.000 patiënten deze middelen en de uitgaven stegen met 39% naar 139 miljoen euro. Daarnaast staan de antistollingsmiddelen rivaroxaban en apixaban ook in 2016 in de top 10 van grootste stijgers. Rivaroxaban en apixaban zijn directe trombineremmer en factor Xa-remmers en worden ook wel niet-vitamine K antagonist orale anticoagulantia (NOAC’s) genoemd. De uitgaven en het aantal gebruikers van deze NOAC’s zijn opnieuw verdubbeld. Deze NOAC’s zijn in 2009 en 2012 op de markt gekomen en blijven stijgen in prijs en volume. De uitgaven in 2016 voor rivaroxaban zijn 27 miljoen euro voor 57.000 gebruikers, de uitgaven voor apixaban zijn 17 miljoen euro voor 31.000 gebruikers. Het nieuwe geneesmiddel nintedanib uit 2015, staat dit jaar direct in de top 10. Nintedanib is een proteinekinaseremmers voor patiënten met kanker. In 2016 is voor 362 patiënten 5,5 miljoen euro uitgegeven. Inzicht per regio
 Nieuw op de GIPdatabank zijn de regionale kaarten per geneesmiddelgroep. Opvallend is dat het aantal gebruikers van ADHD-middelen in Noord-Holland, Zeeland, ZuidOost Brabant, Twente en Limburg ruim onder gemiddeld is. Terwijl de overige regio’s ruim boven gemiddeld scoren. Het aantal gebruikers van pijnstillers is in het zuiden van het land ruim boven gemiddeld is, in de rest van Nederland wordt juist onder gemiddeld gebruikt. Hulpmiddelen
 Ten opzichte van het voorgaande jaar stabiliseren of dalen de uitgaven voor de meeste hulpmiddelen. De daling wordt met name veroorzaakt door de auditieve hulpmiddelen, van € 203 miljoen in 2015 naar € 140 miljoen in 2016, en de verzorgingsmiddelen, van € 501 miljoen naar €452...

Lees Verder
Help uw patiënt te minderen met zout
apr17

Help uw patiënt te minderen met zout

Verlaging van de zoutconsumptie tot maximaal 6 gram per dag kan naar schatting in 10 jaar bijna 150.000 gevallen van nierschade voorkomen. Dat betekent veel gezondheidswinst en zorgverleners kunnen daarbij een rol spelen. De Nierstichting heeft voor zorgverleners een ‘Zoutpakket’ geïntroduceerd. Dit bestaat uit verschillende nieuwe en vernieuwde tools om patiënten te ondersteunen bij het minderen van hun zoutinname. De ongezouten waarheid is dat 85 procent van Nederland meer zout eet dan de aanbevolen maximum hoeveelheid van 6 gram per dag. Het is ook heel lastig om onder de norm te blijven, want 80 procent van het zout dat men eet, zit in gekochte voedingsmiddelen. Dat is extra vervelend omdat mensen met chronische  nierschade, hart- en vaatziekten en diabetes extra gevoelig zijn voor zout. Belang van goede hulp bij zoutreductie
 Zorgverleners spelen een belangrijke rol in de ondersteuning van hun patiënten om te minderen met zout. Met name voor risicogroepen en voor mensen met lagere gezondheidsvaardigheden is goede begeleiding essentieel. De Nierstichting biedt zorgverleners daarom een Zoutpakket aan. Dit bestaat uit verschillende nieuwe en vernieuwde tools en instrumenten om patiënten te ondersteunen. Inhoud Zoutpakket
 De inhoud van het Zoutpakket bestaat uit: Zoutboek (vernieuwd) Zoutfolder (vernieuwd) Zakkaartje Zoutmeter (nieuw) Zoutposter (nieuw) Kruidenwijzer Keuze met of zonder Zoutboek
 Diëtisten in de nefrologie en cardiologie hebben het Zoutpakket gratis toegestuurd gekregen. Andere zorgverleners (zoals overige diëtisten, huisartsen, praktijkondersteuners, praktijkverpleegkundigen, internisten, nefrologen, verpleegkundig specialisten en  nurse practitioners) kunnen het pakket bestellen. Het Zoutpakket kan met of zonder Zoutboek worden aangevraagd. Zonder Zoutboek is het Zoutpakket kosteloos. Met Zoutboek betaalt men de kostprijs van het Zoutboek (€ 40,- inclusief verzendkosten) en worden de overige materialen gratis meegestuurd. Wie van z’n nieren houdt, helpt zijn patiënten minderen met zout.  Vraag het Zoutpakket van de Nierstichting aan via de website van de Nierstichting  of bel 035 – 697 80 00. Bron: Nierstichting Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Column: Gevoelstemperatuur
apr16

Column: Gevoelstemperatuur

Half maart, Groningen en de gevoelstemperatuur is -10 graden Celsius. Het noorden was dit keer niet alleen ver en hoog, maar ook steen en steenkoud. Niet op de universiteit, maar in de lokalen van het plaatselijk Gymnasium oefenden studenten farmacie in workshops hun soft skills en deden zij kennis op over interne drijfveren en externe presentatie. Tijdens onze studie leren we voornamelijk theoretisch, we leren door het vergaren van nieuwe kennis en naarmate we vorderen in de opleiding leren we ook praktisch. We worden geacht onze kennis toe te passen, zodat de patiënt voordeel kan putten uit onze opgedane kennis. Theorie opgedaan uit lesboeken en college dictaten is toetsbaar en het behaalde tentamen cijfer maakt transparant hoe het met de technische, theoretische bagage van de aankomende zorgprofessional gesteld is. Na diplomering zijn we voldoende toegerust om de opgedane kennis in te zetten in het belang van de patiënt. We weten nu hoe we een correcte diagnose moeten stellen en de juiste medicamenteuze therapie moeten toepassen. Dit móet wel leiden tot optimale zorguitkomsten. Maar is al onze vergaarde kennis ook de kennis die de patiënt als waardevol ervaart? Therapietrouw is zelden tot nooit 100% verzekerd, gestelde diagnoses worden steeds vaker in twijfel getrokken en patiënten toetsen de kennis van de zorgprofessional en zoeken eigen antwoorden op het internet. Net zoals bij de temperatuur schijnt er verschil te zijn tussen de meetbare kennis van de zorgprofessional en de geaccepteerde overgedragen kennis. Zoals wind en luchtvochtigheid ons doen denken dat het buiten kouder is dan het feitelijk op de thermometer is, zo spelen ook meerdere bewuste en onbewuste factoren mee als onze patiënten onze kennis, al of niet met internet, wegen om er hun eigen kennis en handelen op af te stemmen. Terwijl de koude wind om het Gymnasium waait, werden de studenten geconfronteerd met de impact die hun denken en presentatie heeft op hun omgeving. En hoe niet bewuste oordelen de eigen keuzes sturen en daarmee een onvermoede impact hebben op de mensen in de omgeving. En dat, hoe je omgeving over je denkt, juist bepaalt wat men doet met de kennis die je met hen deelt. Kennis is niet alleen wát je overdraagt maar ook hòe de ander dit ervaart. En net als bij de temperatuur kan wat als een positieve waarde wordt gemeten door het vriespunt zakken en als een negatief worden ervaren. Bijna alles is te leren, zelfs deze complexe interactie tussen personen. En hoewel de impact groot is, is het nog steeds geen substantieel onderdeel van onze opleidingen. Een groep studenten is zich hiervan, sinds half maart, in ieder geval iets bewuster. Een eerste stap in de goede...

Lees Verder
Pagina 1 van 812345...Minst recente »