Farmabuddy: farmaceutische zorg op maat in de laatste levensfase
apr11

Farmabuddy: farmaceutische zorg op maat in de laatste levensfase

Na het overlijden van een patiënt blijven er regelmatig ongebruikte genees- en hulpmiddelen over die worden weggegooid. In het project ’ Pilot Farmabuddy: Farmaceutische zorg in de palliatieve en terminale fase’ biedt het apotheekteam zorg op maat aan de patiënt in de laatste levensfase. Dit door een vast aanspreekpunt in de apotheek aan te wijzen, de zogeheten farmabuddy. Doordat de geleverde zorg beter past bij de situatie van de patiënt, ontvangt de patiënt betere farmaceutische zorg en blijven minder ongebruikte medicijnen over na overlijden. Het project is uitgevoerd door SIR Institute for Pharmacy Practice and Policy, academische apotheek Stevenshof en diverse deelnemende apotheken. In de periode van maart 2016 t/m november 2017 hebben 32 apotheekteams trainingen gevolgd en de farmabuddy geïmplementeerd in hun apotheek. De resultaten zijn gebundeld in het eindrapport ‘Farmabuddy project 2016-2017’ Resultaten 
 Uit de eindrapportage van het farmabuddy project blijkt dat de farmabuddy-zorg door patiënten, mantelzorgers, huisartsen, thuiszorgmedewerkers, apothekers en de farmabuddy’s goed wordt gewaardeerd. Door het tijdig stoppen van medicatie, het afleveren van aangepaste hoeveelheden genees- en hulpmiddelen en het optimaliseren van de farmacotherapie wordt verspilling verminderd. Daarnaast ervaren patiënten en mantelzorgers de zorgverlening van de buddy als zeer prettig bij het oplossen van (acute) zorgproblemen. Dankzij het project is op verschillende plekken de samenwerking tussen apothekers, huisartsen en thuiszorgmedewerkers (verder) verbeterd. Financiële tegemoetkomen van VWS
 Minister Bruins geeft in een brief aan de Tweede Kamer aan dat hij de ontwikkeling van apotheker richting farmaceutisch zorgverlener ondersteunt. Hij is erg tevreden met de resultaten van het farmabuddy project. Het werken als farmabuddy noemt hij een mooi voorbeeld van hoe het apotheekteam zijn zorgverlenende functie kan uitbreiden en inzetten voor het verbeteren van de zorg in de eerste lijn. Bruins zie graag dat op meerdere plaatsen in Nederland farmabuddy’s worden opgeleid en ingezet. Hij heeft daarom besloten om apotheekteams die de opleiding tot farmabuddy willen volgen, via de StipCO-financiering (Stimuleringsprogramma Competentieontwikkeling Openbaar apothekers) vanuit het ministerie van VWS een tegemoetkoming te geven. De eerste trainingen zijn reeds gestart. Structurele financiering is punt van aandacht
Daarnaast gaat SIR Institute for Pharmacy Practice and Police verder met onderzoek en projecten op dit thema. De eindrapportage en implementatiemogelijkheden worden in de stuurgroep Nationaal Programma Palliatieve Zorg besproken. Een punt van aandacht in alle vervolgactiviteiten is de financiering van de buddy op het moment dat de trainingen zijn afgelopen. Inzet van een farmabuddy vergt namelijk meer tijd in de apotheek dan bij een gemiddelde patiënt. Bron: Brief minister Bruins en rapport Farmabuddy project 2016-2017 Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Zorgaanbod van apotheken onvoldoende bekend
apr10

Zorgaanbod van apotheken onvoldoende bekend

Een groot deel van de Nederlanders is niet goed op de hoogte van het zorgaanbod van de apotheek. Degenen die dit wel weten, kiezen hun apotheek vaker op basis van diensten en service die de apotheek aanbiedt. Dit blijkt uit onderzoek van het Nivel. Apothekers doen er goed aan meer bekendheid te geven aan hun totale zorgaanbod. Soms zijn mensen niet goed op de hoogte, omdat ze geen behoefte hebben aan de intensievere zorgdiensten die de apotheek biedt, zoals een medicijnkluisje of een herinnering voor het ophalen van medicijnen. Wel vinden burgers het belangrijk dat hun apotheek een breed scala aan zorgactiviteiten ontplooit. Minister Bruno Bruins heeft begin april een brief gestuurd aan de Tweede Kamer met het rapport ‘Farmaceutische zorg in de eerste lijn: ervaringen en meningen van burgers’. Wanneer apothekers meer bekendheid geven aan hun totale zorgaanbod, dan weten burgers voor welke zorg ze terecht kunnen bij de apotheek. Dat is meer dan alleen het ophalen van geneesmiddelen. Keuze apotheek op basis van praktische overwegingen
 Mensen kiezen hun apotheek op basis van praktische overwegingen, zoals de afstand tot de woning of tot de huisartspraktijk. Deze overwegingen zijn belangrijker dan zorggerelateerde overwegingen. Eenmaal gekozen, blijft men de apotheek trouw: 9 van de 10 burgers gaan altijd naar dezelfde apotheek. Voor patiënten met een chronische aandoening moeten apotheken dus continue zorg kunnen leveren. De apotheek weet welke medicijnen de patiënt gebruikt en wanneer deze nieuwe medicijnen nodig heeft. Zo kunnen zij de patiënt begeleiden in het medicatiegebruik. Medicijnen makkelijker ophalen Met name mensen tot 40 jaar zien wel graag meer mogelijkheden om hun geneesmiddelen op te halen. Apotheken kunnen hierop inspelen door het verruimen van de wijze waarop geneesmiddelen aangeboden worden, bijvoorbeeld in de vorm van een kluis, bezorgdiensten of ruimere openingstijden. Apotheek en huisartspraktijk: zorgteam rondom geneesmiddelen
 Er liggen voor apotheken ook kansen in het versterken van de samenwerking met de huisarts. Veel patiënten zien graag dat apotheker en huisarts als team samenwerken in de zorgverlening rondom geneesmiddelen. Ze zien de huisarts als vraagbaak bij problemen over geneesmiddelen en noemen als belangrijke taken van de apotheek: medicatiebewaking en het geven van informatie. Veel mensen willen graag dat apotheek en huisartspraktijk overleggen over de medicatie van hun patiënten. Bron: Nivel Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Onderzoek naar doorgebruik van medicatie in het ziekenhuis
apr09

Onderzoek naar doorgebruik van medicatie in het ziekenhuis

De thuismedicatie blijven gebruiken tijdens een ziekenhuisopname leidt tot hogere patiënttevredenheid en een geschatte kostenbesparing van zo’n 15 miljoen euro per jaar. Het vereist echter wel een verandering in de ziekenhuisorganisatie. Dit blijkt uit het rapport ‘Doorgebruik van medicatie in het ziekenhuis’ dat is verschenen na onderzoek van het Radboudumc met zes andere Nederlandse ziekenhuizen. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van VWS en was onderdeel van het programma ‘Aanpak verspilling in de zorg’. Tevreden patiënten
 Van de ondervraagde patiënten (517 deelnemers uit verschillende ziekenhuizen) bleek 83 procent erg tevreden over deze aanpak. Zij ervaren over het algemeen meer eigen regie en zijn minder bang voor medicatiefouten, zo blijkt uit de onderzoeksresultaten. Verplaatsing van werkzaamheden
 Verpleegkundigen en medisch specialisten zijn door deze werkwijze minder tijd kwijt per patiënt; apothekersassistenten en logistiek medewerkers krijgen het juist drukker. Bij verpleegkundigen zit de tijdswinst vooral in het bestellen van de medicatie. Het uitzetten van de thuismedicatie levert hen een kleine tijdsbesparing op. Het meegeven en regelen van medicijngebruik na ontslag kost hen juist meer tijd. Volgens de onderzoekers komt dit omdat dit voor hen nog geen routinehandeling is. Goede resultaten
 De resultaten laten zien dat implementatie van doorgebruik van thuismedicatie in het ziekenhuis leidt tot een afname in kosten gerelateerd aan spillage, tot een doelmatigere inzet van middelen en capaciteit en het verhoogt patiënttevredenheid. Daarnaast hebben de pilots in de verschillende ziekenhuizen geleid tot een algemene werkwijze met aandachtspunten voor implementatie. Randvoorwaarden ontbreken nog
 Ondanks deze voordelen zijn er belangrijke onderwerpen die geadresseerd dienen te worden alvorens dit initiatief landelijk te implementeren. Het huidige zorgmodel is momenteel niet ingericht om de zorgketen en de transities binnen de keten adequaat te ondersteunen. Dit geldt zowel voor inhoudelijk als financiële aspecten, infrastructuur en beschikbaarheid van ICT systemen. Het rapport bevat aanbevelingen ten aanzien van de inrichting van het proces en de implementatie. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Het Medicijnjournaal, april 2018
apr09

Het Medicijnjournaal, april 2018

               

Lees Verder
Geneeskunde met een beetje geneeskunst
apr05

Geneeskunde met een beetje geneeskunst

De Reeshof is een nieuwbouwwijk ten westen van Tilburg waar in de jaren 80 de eerste woningen verschenen. Inmiddels wonen er 45.000 inwoners. Aan de rand van deze wijk is Huisartsenpraktijk Koolhoven gevestigd. Hier is Jan Smulders huisarts en praktijkhouder van een praktijk met ruim 6000 patiënten: “Ons motto is dat de patiënt centraal staat. Bij alles wat we doen. Onze praktijk moet een warme, vriendelijke plek zijn waar bezoekers zich gehoord en gezien voelen. Ik weet dat sommige collega’s mij zien als een man met een mening, doortastend en vooral vooruitstrevend. Maar het een hoeft het ander natuurlijk niet uit te sluiten.” Jan Smulders (56) werkt inmiddels 20 jaar als huisarts. Hij studeerde in 1998 af aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij is gehuwd en vader van vier kinderen. Jan: “Voetballen is altijd mijn passie geweest, mijn droom. Ik kon redelijk voetvallen maar niet goed genoeg om prof te worden. Dus als jij me vraagt of ik altijd huisarts wilde worden? Na profvoetballer zeker!” Wat vind je mooi aan het vak van huisarts? “Zeker in zo’n wijk als deze zie je patiënten opgroeien en ik groei mee. Kinderen waar je op kraamvisite bent geweest, worden volwassen. Samen maak je leuke, maar ook minder leuk dingen mee. Ik ken mijn patiënten en kom bij ze thuis. Ik mag vaak alles weten en ken veel diepe geheimen. Dat blijft boeien want iedereen is anders. Iedereen maakt andere keuzes, heeft een andere invulling van het leven, kent andere zorgen. En ik maakt het allemaal mee. Dat is prachtig.” Neem je je werk mee naar huis? “Doordat je zoveel mensen spreekt en zoveel verhalen hoort, kun je onmogelijk alles meenemen. Maar eerlijk is eerlijk, ik kan me niet voor alles afsluiten. Dat wil ik ook niet. Als het nodig is, geef ik mijn 06 nummer en kunnen patiënten me ‘s nachts bellen. Ik ben een open persoon en vertel ook over mezelf. Veel patiënten weten hoe het met mijn kinderen gaat en ze informeren daar ook regelmatig naar. Als huisarts kun je kiezen voor betrokkenheid met distantie, maar je kunt ook kiezen voor betrokkenheid met een stukje nabijheid. Ik kies voor het laatste en merk dat mijn band met de patiënten daardoor hecht is. Maar ik begrijp mijn collega’s die hier niet voor kiezen ook goed.” Hoe kijk je terug op de afgelopen 20 jaar met de wijsheid van nu? “Toen ik net begon, was ík de dokter. Ik had de opleiding gedaan, ík had de kennis en ík zei tegen patiënten wat er moest gebeuren. Daar was ik vrij rechtlijnig in en waarschijnlijk soms onuitstaanbaar. Ik ben er wel achter gekomen...

Lees Verder
Patiënten zijn trouw aan eigen apotheek
apr03

Patiënten zijn trouw aan eigen apotheek

Zo’n 20% van de receptgeneesmiddelengebruikers gaat slechts één keer naar een apotheek. Van de overige mensen die naar een apotheek gaan, bezoekt het grootste deel, namelijk ruim 80%, steeds dezelfde apotheek. Bij bezoek aan meerdere apotheken, betreft het meestal een wijkapotheek en een poliklinische apotheek, maar ook wel twee wijkapotheken. De SFK beschikt sinds kort over patiëntpseudoniemen en heeft daarom deze berekeningen kunnen uitvoeren. De SFK past de pseudoniemen ook toe bij de berekeningen ten behoeve van de kwaliteitsindicatoren. Voor deze patiëntpseudoniemen heeft de SFK samenwerking met ZorgTTP, een zogeheten Thrusted Third Party (TTP), ook wel digitale notaris genoemd. Verschil tussen stedelijk en platteland Er is een duidelijk en ook te verwachten verschil in stedelijk en platteland. In stedelijke gebieden gaan medicijngebruikers vaker naar verschillende apotheken dan in minder stedelijke gebieden. Dit heeft uiteraard te maken met een grotere apotheekdichtheid en apotheekkeuze in de steden. In zeer sterk stedelijk gebied (CBS-categorieën), gaat slechts 73% van de gebruikers met meerdere apotheekbezoeken uitsluitend naar één apotheek. Dat percentage neemt toe op naarmate de verstedelijking afneemt. Twee verschillende apotheken Als mensen twee verschillende apotheken bezochten, ging het in 44% van de gevallen om zowel een wijkapotheek als een poliklinische apotheek. 41% van de mensen die twee verschillende apotheken bezochten, ging naar twee wijkapotheken. In ruim de helft van die gevallen lagen die wijkapotheken bij elkaar in de buurt. Dat wil zeggen dat de eerste drie cijfers van de postcode overeenkomen. 
De overigen hebben wijkapotheken bezocht die verder van elkaar lagen. Daarvoor zijn verschillende, heel logische verklaringen. Zoals een verhuizing naar een andere regio of zowel een bezoek aan de apotheek in de buurt van de woning als in de nabijheid van het werk. Ook kan een tijdelijk verblijf elders in het land, bijvoorbeeld vakantie, een verklaring zijn. De combinatie van een wijkapotheek en een dienstapotheek – hierop zijn patiënten buiten de reguliere openingstijden doorgaans aangewezen – kwam voor bij 12% van de mensen die twee verschillende apotheken bezochten. Bij de resterende 3% betrof het andere combinaties. Bron: SFK Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Veilige principes in de medicatieketen
apr02

Veilige principes in de medicatieketen

Het werken met medicijnen is foutgevoelig en risicovol. Bij medicatieveiligheid gaat het om veilige zorg voor de cliënt én om veilig werken voor de medewerker. Dat geldt zeker voor de verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT). Voor deze sector zijn de zogeheten “Veilige Principes” opgesteld. Voor een veilig medicatieproces is goede afstemming tussen alle betrokkenen belangrijk: de cliënt (en mantelzorger), arts, apotheker, zorgorganisatie, zorgmedewerker. Juist die vele schakels maken het medicatieproces risicovol. Daarom hebben branche-, beroeps- en cliëntenorganisaties zich verenigd in het Platform medicatieveiligheid en gezamenlijk de ‘Veilige principes in de medicatieketen voor verpleging, verzorging en thuiszorg’ opgesteld. Beheer bij zorgorganisatie
 In de ‘Veilige Principes in de medicatieketen’ staat wat in principe veilig is ten aanzien van geneesmiddelen en wie waarvoor verantwoordelijk is. De principes gaan over de situatie dat de cliënt de verantwoordelijkheid voor het beheer van de medicatie (geheel of gedeeltelijk) heeft overgedragen aan een zorgorganisatie. Voor een veilig medicatieproces moeten de activiteiten en verantwoordelijkheden van cliënt, arts, apotheker, zorgorganisatie en zorgmedewerker naadloos op elkaar aansluiten. Daarom moeten deze partijen afspraken maken met elkaar voor een sluitend medicatieproces. De cliënt (en/of mantelzorger) heeft in deze keten een eigen rol en verantwoordelijkheid. Zes stappen
 De Veilige Principes is een uitgebreid document, dat begint met een infographic, dat een overzicht biedt van de verschillende hoofdstukken. De principes zijn ingedeeld naar de verschillende betrokkenen (cliënt, arts, apotheker, zorgorganisatie, zorgmedewerker). Per betrokkene is voor de zes stappen van het medicatieproces beschreven wat in principe veilig is, met een toelichting; en de taken en verantwoordelijkheden zijn op een rij gezet. Ook bevat dit document een overzicht: welke afspraken zijn relevant en met welke ketenpartners. Extra ondersteuning
 Daarnaast zijn er o.a. de volgende hulpmiddelen ontwikkeld: Inzichten, tips en praktijkvoorbeelden: een bundeling van de inzichten en tips, aangevuld met enkele praktijkvoorbeelden. Checklist ‘Uitvoeren van de Veilige Principes’: een invulbaar Word-document dat ketenpartners kan helpen bij de onderlinge afstemming en om na te gaan of / hoe de Veilige principes worden toegepast in het medicatieproces. Informatiekaarten voor de cliënten: met informatie voor de cliënt over de eigen rol bij het medicatiebeheer. Informatiekaarten voor de professionals: een hulpmiddel voor het gesprek met de cliënt over zijn eigen rol, en voor het gesprek over de beoordeling van het eigen medicatiebeheer door de cliënt. Drie videofilmpjes over medicatieveiligheid Bron: Zorg voor Beter Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Pagina 2 van 212