Bart van den Bemt: De apotheker als volwaardig behandelaar

Bart-van-der-Bemt-FarmaMagazineApothekers moeten farmacotherapeutische kennis combineren met een duidelijk klinisch gevoel om zo een praktisch advies aan de arts te geven. En zich daarmee verantwoordelijk opstellen over de farmacotherapie. “Alleen als je verantwoordelijkheid neemt, ben je volwaardig behandelaar”, stelt Bart van den Bemt, apotheker, onderzoeker en bestuurslid van de poliklinische apotheken.

Een apotheker die graag patiënten helpt. Maar daar tegenwoordig te weinig aan toe komt. Als onderzoeker in de St. Maartenskliniek en in het Radboud UMC in Nijmegen zoekt hij de balans tussen maximale effectiviteit van medicatietherapie, minimale bijwerkingen, minimale kosten voor de zorg en maximale tevredenheid bij de patiënt.

En als vicevoorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Poliklinische farmacie is hij nauw betrokken bij de intensieve samenwerkingen tussen de ziekenhuisapothekers en de poliklinische collega’s.

Doelmatigheid
Van den Bemt begon zijn loopbaan in de openbare apotheek. Hij promoveerde in 2009 op onderzoek hoe de doelmatigheid van de farmacotherapie bij reumatoïde artritis valt te verbeteren. Volgens Van den Bemt kan dat onder andere door therapietrouw bij reumapatiënten te verhogen. Immers, een derde van de reumapatiënten gebruikt medicatie niet zoals voorgeschreven. Hij pleit er dan ook voor om voor iedere patiënt de therapietrouw individueel in kaart te brengen.

Cruciale rol apotheker
Volgens Van den Bemt heeft de apotheker een cruciale rol in de driehoek effectiviteit, veiligheid  en kosten. Maar het is nog lang niet goed geregeld dat de apotheker deze rol ook kan of mag pakken. Patiënten, zorgverzekeraars en specialisten hebben een diffuus beeld van de meerwaarde van de apotheker. “Er gebeurt al veel in behandellaarsland. De apotheker, zowel de openbare als in het ziekenhuis, doen op verschillende locaties aantoonbaar goede dingen. Maar al die losse activiteiten moeten we meer naar buiten brengen. Daarnaast is het van belang dat apothekers niet alleen erkend worden als zorgverlener, maar ook zo worden betaald. We moeten af van financiering op productniveau.” Neem de actuele discussie over de eerste uitgifte. De patiënt kijkt aan de balie raar op als de eerste uitgifte, die vaak door de apothekersassistent gebeurt, geld kost. Onbegrijpelijk, vindt Van der Bemt. “Want als diezelfde patiënt naar de tandarts gaat en door de mondhygiënist wordt geholpen, dan vinden we het wel normaal dat we daarvoor moeten betalen. En wat doen wij? Wij moffelen ons professionele advies weg in een overalltarief.”

Meer samenwerking
Van der Bemt pleit ook voor meer samenwerking tussen de apothekers in de eerste en tweede lijn. Hij is voorstander van het model waarin de zorg rondom de patiënt wordt geregeld. Dus ook de farmaceutische zorg. “De huisartsenzorg hoort in de kern bij de openbare apotheek en specialistische zorg bij de specialist en de ziekenhuisfarmacie. Wel zullen we regionaal afspraken gaan maken hoe met patiënten om te gaan. Neem reumatologie. Een openbare apotheek met vijf reumapatiënten kan niet die specialistische farmaceutische zorg leveren die nodig is. Dat past beter in het ziekenhuis. Dit zorgpad waarbij ziekenhuisfarmacie en openbare farmacie samenwerken zetten we nu al in. Maar kan nog veel beter transmuraal geregeld worden.”

Kans voor apotheker
Neem medicatiereviews. Daar ligt ook een kans voor de apotheker. “Bij hoogcomplexe patiënten die zowel bij de specialist als bij de huisarts komen zou de apotheker in het ziekenhuis de medicatiereview samen met openbare apotheker doen. Pas dan kan de therapie maximaal verbeterd worden. We focussen ons nog teveel op de verschillen tussen de farmaceutische zorg in het ziekenhuis en de openbare farmacie. Terwijl er veel meer overeenkomsten zijn. Bovendien streven we hetzelfde doel na: optimale farmaceutische zorg. Maar ook hier geldt dat de manier van financiering ons tegenwerkt om de samenwerking goed uit te nutten. Zolang de financiering plaatsvindt op basis van omzet van de apotheek zijn we meer concurrenten dan partners.”

Waan van de dag
Hoe komen eerste en tweede lijn farmaceutische zorg dan wel bij elkaar? “Laat je niet leiden door de waan van de dag, maar neem de tijd om het proces van de toekomst vorm te geven.
Ga in gesprek met elkaar, neem daarbij het proces van de patiënt als uitgangspunt en dan blijkt dat de taart groot genoeg is voor iedereen. Maar pak dan niet meteen die hele taart. Neem bijvoorbeeld opname en ontslag. Voordat de patiënt op de polikliniek  komt zou de patiënt best voor verificatie bij de openbare apotheek langs kunnen komen. Op basis van die prestatie betaalt het ziekenhuis de openbare apotheker. Bij opname en ontslag volgen we de omgekeerde weg.”

Optimistisch
Van den Bemt is optimistisch over de positie van de apotheker als zorgverlener. “Er is niemand met zoveel verstand van medicatie als de apotheker. Die kennis moeten we omzetten in verantwoordelijkheid. Denk mee met de behandelend arts over het maximale effect bij de patiënt, over therapietrouw en bijwerking en over het monitoren van effecten.” Zo doet Van den Bemt onderzoek naar een ‘slim’ medicijnpotje. Een chip houdt nauwkeurig bij wanneer de patiënt een medicijn uit het potje haalt. In zijn onderzoek worden twee groepen patiënten gedurende een jaar gevolgd: de ene groep krijgt de medicijnen in het speciale potje, de andere groep niet. Analyse van de chip door de apotheker geeft inzicht in de medicatietrouw van de patiënt. “Op het spreekuur wordt de ziekteactiviteit en het medicijngebruik van elke patiënt nauwkeurig bijgehouden. Wat ik wil bereiken is allereerst een snellere afname van de ziekteactiviteit, dus dat patiënten ook daadwerkelijk beter worden. Met dit speciale medicijnpotje houden we bij wanneer de patiënt het open- en dichtdraait. Door betere therapietrouw hoeven we  minder snel gebruik te maken van dure TNF-alfaremmers of andere biologicals. En als er van de 100 patiënten die we meten er twee het beter gaan innemen en daardoor beter worden, dan hebben we een businesscase. Bij medicatie van 15.000 euro per patiënt tikt dat behoorlijk aan.”

Doelmatig
Zo krijgt de apotheker een rol bij doelmatig gebruik van dure geneesmiddelen. “Onze rol is veel meer dan goedkoop inkopen, het gaat om doelmatig acteren in de hele keten: goedkoop in kopen, het inzetten van geneesmiddelen bij de juiste indicatie, individualiseren van de dosis, slimmer klaarmaken, screenen van de houdbaarheid om spillage tegen te gaan, en onderzoeken of de medicatie kan worden afgebouwd.”

Voorwaarde om een rol in de driehoek effectiviteit, kosten en tevredenheid te spelen is dat de specialist de apotheker als volwaardige partner erkent. Hoe kijkt de specialist aan tegen de apotheker? “Specialisten zien apothekers als betrouwbare mensen met veel kennis van geneesmiddelen. Die theoretische kennis moeten we wel beter vertalen naar de dagelijkse praktijk. Dat betekent concessie doen in onze neiging tot alsmaar hogere kwaliteitsdrang. We willen nog meer weten van farmacotherapie. Stop daarmee, want we zijn al specialist in farmacotherapie. De ware kracht van de apotheker is dat hij de zekerheden uit de boeken kan combineren met de onzekere factoren uit de praktijk om zo tot een verantwoord en praktisch advies te komen. Dat vraagt om een andere attitude van de apotheker. Dat begint al in de opleiding. Meer aandacht voor klinisch denken en doen, meelopen met artsen, leren van rolmodellen. Maar vooral ook lef hebben en geloven in je eigen kracht. Dat alles versterkt onze relatie met de arts. Een arts doet een anamnese en geeft op basis daarvan een advies aan de patiënt. Wij moeten een farmaceutische anamnese doen en een advies aan de arts geven. Ik wil staan voor dat advies en daar ook op worden afgerekend. Alleen als je verantwoordelijkheid neemt, ben je een volwaardig behandelaar.”❦

De FPZ-apotheker in het ziekenhuis
De ziekenhuisapothekers en de poliklinische apothekers praten over verregaande samenwerking. Van den Bemt zit in het bestuur van de poliklinische apothekers. “Een integratie van poliklinisch en klinische farmacie waarbij de apotheker meer dan nu behandelaar is. Ik geloof in de FPZ-apotheker in het ziekenhuis. Een patiëntgerichte apotheker die ook aan het bed van de patiënt komt. Daarnaast zijn ook gespecialiseerde apothekers essentieel, bij bepaalde ziektebeelden, bij bereidingen of in het laboratorium. De twee verenigingen hebben een blauwdruk geschreven met deze visie. Dat is een stip aan de horizon. Ik geloof erin dat we die stip ook gaan bereiken.”

Tekst: Niels van HaarlemFotografie: Frank Groeliken

Gerelateerde berichten

  • Drijfveren: Op de keper beschouwdDrijfveren: Op de keper beschouwd Dr. Ad van Dooren is sinds vorig jaar met pensioen, of zoals ze dat in deze kringen zo mooi zeggen: ‘met emeritaat’, Latijns voor ‘uitgediend’. Van uitgediend zijn, is echter geen sprake. […]
  • Administratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en eiAdministratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en ei Tijdens de recente voorjaarsbijeenkomst van Clearing House Apothekers was het thema Verminderen van de regeldruk in de farmacie: lastenverlichting of lastenverschuiving? In het debat […]
  • Eugène van Puijenbroek (Lareb): Meer aandacht voor alledaagse bijwerkingEugène van Puijenbroek (Lareb): Meer aandacht voor alledaagse bijwerking  Apothekers en huisartsen moeten meer aandacht besteden aan de gevolgen van alledaagse bijwerkingen voor de patiënt. Ook moeten bijwerkingen een vaste plaats krijgen in de diagnostiek. […]
  • Drijfveren: 100% MRDrijfveren: 100% MR “Marie Renée (MR) Pijnaker buigt voorover: “Weet je wat het is? Ik ben iemand die de dingen graag op mijn eigen manier doe. Ik hou er niet van als iemand tegen mij zegt: ‘Je móet dit of […]
  • De toekomst van de  openbare farmacieDe toekomst van de openbare farmacie De openbare apothekers maken zich zorgen over hun toekomst. De zorgverzekeraars hebben vooral interesse in voortzetting van het preferentiebeleid, omdat ze hiermee premieverlaging voor hun […]

Auteur: redactie
Categorie: E05

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *