Vereniging van Ziekenhuisapothekers: Patiënt verliest vertrouwen

Gerard Hugenholtz, voorzitter Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA):

De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA) zou onderzoek moeten doen naar de gevolgen van substitutie en tekorten voor patiënten in de ziekenhuizen, stelt voorzitter Gerard Hugenholtz. “Ziekenhuisapothekers hebben dagelijks te maken met grote tekorten aan geneesmiddelen. We merken dat patiënten het vertrouwen verliezen in de zorg en de zorgverlener.”

Gerard Hugenholtz is ziekenhuisapotheker en hoofd van de ziekenhuisapotheek in het Diakonessenhuis in Utrecht en Zeist met als aandachtsgebieden veilige patiëntenzorg, bedrijfsvoering en psychofarmaca. En hij is sinds 19 maart 2019 voorzitter van een vereniging met historie, de NVZA. De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers bestaat dit jaar 90 jaar. In november is het feest en wordt het nieuwe beleidsplan gepresenteerd. “De farmaceutische zorg in het ziekenhuis is sterk veranderd. Voorheen was de ziekenhuisapotheker uitsluitend actief met de medicatie binnen de muren van het ziekenhuis en was de poliklinische apotheek de openbare apotheek in de hal. Die tweedeling is grotendeels verdwenen. De apothekers die werkzaam zijn in het ziekenhuis zijn samen verantwoordelijk voor het leveren van specialistische farmaceutische zorg door de gehele keten: van medicatie voor patiënten in het ziekenhuis maar ook daarbuiten, dus ook thuis. ”

Kortere opnames
90 jaar ziekenhuisapotheek. Er is in die tijd veel bereikt, stelt de voorzitter. In het nieuwe beleidsplan van de NVZA ligt de focus op de juiste zorg op de juiste plek. “Onze ambitie is om alle patiënten goed te bewaken om zo de farmacotherapeutische zorg te optimaliseren. We hebben geanticipeerd op de trend dat de opnames in het ziekenhuis steeds korter duren en de farmaceutische zorg in het ziekenhuis steeds specialistischer wordt. Ziekenhuisapothekers willen de patiënt al op het netvlies hebben voordat de patiënt het ziekenhuis in komt. We maken het mogelijk dat patiënten eerder naar huis kunnen en daar in een veilige en vertrouwde omgeving beter kunnen worden. Nu al gaan infusen en de juiste zorg voor de oncologiepatiënt mee naar huis. We gaan ons ook nog meer richten op doelmatige zorg. Zo kijken we kritisch naar het gebruik van dure medicatie. Bij reumamiddelen verlagen we waar mogelijk de dosering. Dat is veiliger voor de patiënt want een lagere dosis betekent meestal ook minder bijwerkingen. En het betekent ook dat we tegen lagere kosten dezelfde kwaliteit van zorg bereiken. Tot slot zien we dat personalized medicine in belang toe gaat nemen. Medicatie wordt steeds meer maatwerk voor de patiënt. Maatwerk dat wij door onze bereidingsapotheken kunnen leveren.”

Bent u nu medisch specialist of apotheker?
“Beiden! Ziekenhuisapothekers zijn medisch specialisten die zich bezighouden met het brede spectrum van farmaceutische zorg. Van inkoop tot bereiden van geneesmiddelen, van de overdracht naar huisarts en openbare apothekers tot het adviseren van verpleging en collega specialisten. We zijn verantwoordelijk voor ict-systemen van medicatiebewaking, voor de verstrekking van medicijnen en voor de eigen bereidingen. We werken samen met alle specialisten in het ziekenhuis en zijn lid van de Federatie Medisch Specialisten en vaak zijn de ziekenhuisapothekers ook op persoonlijke titel lid van de KNMP. Als NVZA vinden we de relatie met de KNMP heel belangrijk omdat we in ons werk veel schakelen met de huisarts en de openbare apotheker.”

Samenwerking eerste lijn
De samenwerking met de eerste lijn krijgt in het ziekenhuis steeds meer aandacht. Bij planbare opnames zijn de procedures inmiddels zo ingericht dat het medicijngebruik thuis van de patiënt bij opname al bekend is. Anders is het bij spoedopnames. “In het Diakonessenhuis zorgt een apothekersassistent er zeven dagen in de week voor dat bij spoedopnames zo snel mogelijk bekend is wat de patiënt thuis slikt. Dat is cruciale informatie voor de therapie in het ziekenhuis maar ook bij het vaststellen en continueren van de ontslagmedicatie. Van een patiënt die met spoed wordt opgenomen met een vermoeden van een bloeding moeten we weten of deze patiënt medicijnen voor antistolling slikt. Zodat we bij ontslag van de patiënt hier rekening mee kunnen houden en het al dan niet kunnen herstarten. Zo krijgen we een steeds completer beeld van het medicatiegebruik van de patiënt. Ook andere ziekenhuizen werken steeds vaker op deze manier zodat de kwaliteit en de veiligheid van de overdracht van de tweede naar de eerste lijn enorm is verbeterd.“

De apotheker als patiënt
Kwaliteit en veiligheid. Gerard Hugenholtz koestert zijn ervaring als patiënt op deze thema’s. “Ik ben een jaar ziek geweest. Ziekenhuis in en uit, overdracht van thuis naar de tweede lijn, en weer terug. Zo heb ik als patiënt ervaren hoeveel er mis kan gaan tijdens de medicatieoverdracht. Nu heb ik gelukkig verstand van medicatie en overdracht, maar de gemiddelde patiënt heeft geen idee hoeveel er mis kan gaan. Die wil maar een ding: goede zorg en kunnen vertrouwen op de zorgverlener en het ziekenhuis. Mijn ervaring als patiënt heeft mij gevormd. Ik heb er veel van geleerd. Ik ben de patiënt beter gaan begrijpen, ben doordrongen van het belang van veiligheid. Veiligheid is niet iets van bijvoorbeeld de verpleegkundige aan het bed, het moet gedragen worden door het gehele ziekenhuis, van de Raad van Bestuur tot aan de medewerkers aan het bed. Multidisciplinaire samenwerking is essentieel om de veiligheid te borgen. In het ziekenhuis geef ik regelmatig presentaties over mijn ervaring als patiënt in relatie tot de medicatieveiligheid. Mijn belangrijkste leerpunt is dat ik aan iedereen vertel: behandel een patiënt alsof het een dierbare naaste is. En zorg ook dat de patiënt in de gelegenheid gesteld wordt om hier een rol in te nemen.”

Wie is dan verantwoordelijk voor het medicatiedossier?
“Huisarts, specialist, openbaar apotheker en ziekenhuisapotheker, ze claimen allemaal de regie over het medicatiedossier. Ik vind het een non-discussie. Er is maar een regiehouder voor het medicatiedossier en dat is de patiënt of zijn of haar vertegenwoordiger. De komst van de Persoonlijke Gezondheidsomgeving, PGO, zal dan mijns inziens ook een einde maken aan deze discussie van domeindenken.”

Wat is jullie rol bij dure geneesmiddelen?
“Onze rol bij dure geneesmiddelen is heel breed. Zo heeft ieder ziekenhuis een bereidingsapotheek waar we infuusmedicatie voor toediening gereed maken en daarmee bijvoorbeeld verspilling voorkomen. Geneesmiddelen die al lange tijd uit patent zijn en terugkomen op de markt tegen exorbitant hoge prijzen kunnen we eventueel ook zelf maken in de bereidingsapotheek. Apothekers van het ziekenhuis zijn ook betrokken bij de keuze welke middelen in het ziekenhuis gebruikt worden. Daarnaast organiseren we regionaal de inkoop van geneesmiddelen. Door groter in te kopen en strategische keuzes kunnen we de prijs verlagen. Tot slot heeft de ziekenhuisapotheker de maatschappelijke verantwoordelijkheid om de mogelijkheden voor het verlagen van de dosis bij dure geneesmiddelen te bespreken, mits dat geen negatieve gevolgen heeft voor de behandeling.”

Komen er meer eigen bereidingen?
“Dat fabrikanten geneesmiddelen die uit patent zijn opnieuw laten registeren en tegen absurd hoge prijzen op de markt brengen is een maatschappelijk onverantwoorde ontwikkeling. Die fabrikanten maken misbruik van de wet. Apothekers zijn prima in staat een aantal van deze geneesmiddelen zelf te bereiden. Tegen lagere kosten leveren we uitstekende kwaliteit. Maar als we dat doen, dan krijgen we de inspectie op bezoek want we zouden de wet overtreden. Als we als apothekers met eigen bereidingen iets willen doen tegen die hoge prijzen, dan moeten we gedekt worden door de wet. Ik roep de politiek dan ook op ons te steunen.

Als ziekenhuisapothekers laten zien dat ze in staat zijn deze geneesmiddelen te kunnen bereiden en de politiek maakt dat mogelijk, dan kan dit een dempend effect hebben op de prijs: fabrikanten van andere middelen zullen dan niet meer zo snel een middel terug op de markt brengen tegen absurd hoge prijzen als ze zien dat ziekenhuisapothekers dit ook kunnen maken.”

Last van tekorten en substitutie
Ziekenhuisapothekers hebben steeds meer last van substitutie. “We hebben dagelijks te maken met grote tekorten aan geneesmiddelen. Het aantal geneesmiddelen dat niet verkrijgbaar is neemt explosief toe. Soms kunnen we het tekort tijdelijk oplossen door het inslaan van grotere hoeveelheden geneesmiddelen, maar het aantal niet-geleverde medicatie neemt toe. Vorige week was paracetamol niet leverbaar. Paracetamol! Magnesiumoxide, vitamine C, injecties lorazepam, allemaal niet verkrijgbaar. We hebben er heel veel last van. Ook hebben we te maken met de gevolgen van het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars wat maakt dat er veel gewisseld wordt. We merken dat patiënten het vertrouwen verliezen in de zorg en de zorgverlener. Als het vertrouwen onder druk staat heeft dat gevolgen voor de kwaliteit van zorg: patiënten zijn minder therapietrouw als ze het geneesmiddel niet vertrouwen. Reumapatiënten hebben veel moeite met switchen en krijgen bij het overzetten op een ander geneesmiddel bijvoorbeeld te maken met strips die ze niet open kunnen krijgen. Inmiddels is het maatschappelijk onverantwoord hoe vaak wij patiënten op een ander medicijn moeten zetten.”

Wat is de oplossing volgens u?
“Ik begrijp de noodzaak en het effect van het preferentiebeleid. Maar we zijn doorgeslagen nu geneesmiddelen goedkoper zijn dan een snoepje. We hebben de grens bereikt van het aantal middelen dat onder dit beleid valt. Stoppen daarmee. Komt er een preferent middel bij, dan moet er ook eentje van de lijst af. Om het probleem inzichtelijk te maken zou ik er voor voelen om samen met de KNMP onderzoek te doen naar de echte omvang, de oorzaken en gevolgen van de substitutie in de ziekenhuizen en de eerste lijn.”

Wat is de rol van de ziekenhuisapotheker over vijf jaar?
“Dan bestaat de vereniging in ieder geval 95 jaar! Dan is de samenwerking met de specialisten verder verankerd. Tegen die tijd werkt de PGO en is de overdracht tussen de zorgaanbieders onderling beter geregeld. Met de PGO kan de ziekenhuisapotheker zowel farmaceutische zorg leveren aan patiënten in het ziekenhuis als patiënten thuis. En ik verwacht dat door de opkomst van nieuwe technologieën zoals zorg op afstand en het PGO de huisartsen en openbaar apotheker weer meer betrokken zullen zijn bij de opnames en de behandeling van de patiënt in het ziekenhuis zodat de continuïteit van zorg beter is geregeld. De openbare apotheker heeft dan nog steeds een belangrijke rol bij de zorg voor chronische patiënten in de thuissituatie.”

Tekst: Niels van Haarlem | Fotografie: Jan Vonk Fotografie

Gerelateerde berichten

Auteur: redactie
Categorie: Opinie

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.