De toekomst van de openbare farmacie – deel 2

Hoe ziet de toekomst van de openbare farmacie eruit? Om daar achter te komen gaat Martijn Kijkuit, als managing director verantwoordelijk voor Pharmacom, in gesprek met stakeholders in de zorg. In FarmaMagazine mei en juni doen we verslag. 

FarmaMagazine_Renske_LuijtenRENSKE LEIJTEN
SP Tweede Kamerlid Volksgezondheid, Welzijn en Sport:
 “De apotheker hoort bij de basiszorg”
Het woord zorgvraag suggereert dat je een keuze hebt. Dat je er ook vanaf kunt zien. Daarom spreekt Renske Leijten liever over zorgbehoefte. “We zien meer chronisch zieken, er is meer behandelbaar, er zijn meer welvaartsziekten. Maar is dat een veranderende zorgvraag of gewoon iets waar we rekening mee moeten houden? Belangrijk is dat zorgverleners hierop inspelen en echt met hun patiënten spreken. Dat  geldt ook voor de apotheker. We voeren discussie over het begeleidingsgesprek. Ik vind dat er standaard een jaarlijks gesprek over de medicatie moet zijn voor mensen die vijf geneesmiddelen of meer gebruiken. Ongeacht hun leeftijd.”

Basiszorg
Volgens Leijten staat op dit moment niet de patiënt, maar het verdienmodel centraal in de apotheek. Daar wil ze vanaf. “Basiszorg moet voor iedereen goed bereikbaar zijn. De apotheker hoort daarbij. Dat betekent dat je 24 uur per dag, 7 dagen per week toegang moet hebben tot farmaceutische hulp. Kun je het een patiënt kwalijk nemen dat hij buiten de reguliere openingstijden medicijnen nodig heeft? Waarom zou je daarvoor extra moeten betalen?”

Abonnementstarief
Dat het eerste uitgiftegesprek onder het eigen risico valt is ook een doorn in het oog van Leijten. “Ik krijg het niet uitgelegd aan burgers. De minister heeft de kosten van dienstverlening en geneesmiddelen gescheiden omdat we inzicht wilden in de kosten van de apotheek. Niet om de kosten voor dienstverlening ordinair door te schuiven naar patiënten.” De oplossing ziet ze in een abonnementstarief voor apothekers, gekoppeld aan een adherentiegebied.

Centrale inkooporganisatie
Natuurlijk moeten de kosten van de zorg beteugeld worden, antwoordt Leijten op een vraag van Kijkuit, maar ze kiest een andere route. “De enorme marges die zorgverzekeraars, ketens en andere zorgaanbieders maken, moeten eruit. De enige winst in de zorg moet gezondheidswinst zijn. Dat kan door een centrale inkooporganisatie in te richten. Dan wordt het ook mogelijk om één preferentiebeleid te hanteren. Helder en hetzelfde voor iedereen, ongeacht waar je woont of hoe je verzekerd bent.” Zorgverzekeraars gooit de SP trouwens het liefst het stelsel uit. “Ze hebben veel te grote vermogens en de marktwerking is mislukt.” Leijten wil met professionals samenwerken op basis van vertrouwen. “De verantwoordingscultuur brengt onnodige administratieve lasten met zich mee. Als een apotheker de basiszorg niet levert, krijgen we vanzelf klachten van patiënten en dan spreken we hem erop aan.”

Gegevensdrager voor chronische patiënten
Als zorgverlener is de apotheker gehouden aan de WGBO en moet hij wat Leijten betreft over alle relevante gegevens beschikken om zijn werk goed te kunnen doen. Maar niet via het LSP. “Dat is onvoldoende beveiligd en er kunnen te veel mensen in. Het is voldoende als zorgprofessionals binnen de regio relevante gegevens uitwisselen. Voor chronische patiënten ligt dat anders. Hen kun je een gegevensdrager geven. De patiënt is wettelijk eigenaar van zijn gegevens. Laten we dat dan ook regelen.” Het centraal inrichten van informatie-uitwisseling heeft volgens Leijten vooral tot doel de band tussen patiënten en behandelaars door te kunnen knippen.

FarmaMagazine_EekeEEKE VAN DER VEEN
Voorzitter Zorgbelang en oud-politicus
“De burger weer aan het roer”
“De zorgvraag neemt verder toe, dat is een feit. De discussie over de waarde van een mensenleven zal in samenhang daarmee worden gevoerd. Maar niet over de hoofden van mensen heen. Ik geloof dat burgers zich meer zullen organiseren. Verenigd in zorgcorporaties zijn ze minder afhankelijk van wat zorgverzekeraars wel of niet verzekeren. Patiënten worden dan een machtsfactor waardoor ze echt centraal komen te staan in de zorg. Mensen met een chronische aandoening willen in toenemende mate invloed hebben op de organisatie en kwaliteit van de zorg, maar ook andere burgers worden kritischer en willen zich ermee bemoeien. De Zorgbelangorganisaties zijn steeds meer betrokken bij burgerinitiatieven en kunnen hierin een belangrijke rol spelen.”

Apotheker van de toekomst
De apotheker is in het ideaalbeeld van Van der Veen een zorgverlener en adviseur. “Net als de huisarts. Of dat werkelijkheid wordt hangt ervan af hoe interessant het financieel voor apothekers is om koopman te blijven. Je moet je afvragen of inkoop en distributie van medicijnen niet apart georganiseerd kan worden. Bijvoorbeeld door een centrale inkooporganisatie van de overheid, consortia van zorgverzekeraars of apothekers die zich hierin specialiseren. De apotheker als zorgverlener en farmaceutisch adviseur kan en moet dan nadrukkelijker de verantwoordelijkheid hebben voor therapietrouw. Het ontbreken van therapietrouw kost ons naast het verlies van kwaliteit honderden miljoenen euro’s per jaar. Daarnaast zie ik mogelijkheden in de oorspronkelijke rol van apothekers, die van het oude ambacht.  Waarom zouden we (dure) geneesmiddelen niet weer zelf bereiden?”

Om tafel met zorgverzekeraars
Wat is de rol van zorgverzekeraars in dat model? “Zorgverzekeraars moeten de ontwikkelingen aanjagen en stimuleren. Mijn beeld van zorgverzekeraars en de farmacie is dat ze niet heel innovatief zijn. Ga samen om tafel. Spreek af hoe je omgaat met me too producten, dure geneesmiddelen en de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen. Laten we ons minder afhankelijk maken van de farmaceutische industrie. Ik roep zorgverleners op om het initiatief naar zich toe te trekken. Niet individueel, maar als groep. Mensen hebben vertrouwen in hen. Ze hebben de publieke opinie mee.”

Menselijke maat
Van der Veen zou uiteindelijk graag zien dat de burger weer aan het roer komt en dat zorgorganisaties coöperaties worden. Op die manier komt de menselijke maat terug in de zorg en hebben burgers zelf wat te zeggen over de inrichting ervan.” Wat betekent dat voor de ICT, vraagt Kijkuit. Van der Veen: “Het leuke van ICT is dat het je dwingt na te denken of je processen wel slim georganiseerd hebt. In de zorg zijn discussies over belangen leidend, niet de mogelijkheden van ICT. Daardoor levert het voor de totale gezondheidszorg nog niet op wat mogelijk is. De politiek zou daar meer op moeten sturen.”
Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met PharmaPartners
Tekst: Margriet van Lingen, Fotografie Eeke van der Veen: Mirella Boot, Fotografie Renske Leijten: Ed Kooreman

 

 

Gerelateerde berichten

  • Gloort hoop op andere inkoop farmacie?Gloort hoop op andere inkoop farmacie? Als het aan de SP ligt, wordt de professionele autonomie hersteld. Met het plan voor De Landelijke Zorgvoorziening krijgen artsen en apothekers de zeggenschap terug om te bepalen welke […]
  • De politiek spreekt zich uitDe politiek spreekt zich uit Welk beeld hebben de politieke partijen van de openbare farmacie in Nederland? FarmaMagazine zet in een aantal edities steeds twee partijen en hun visies naast elkaar. In deze editie Henk […]
  • Apothekers kunnen veel meerApothekers kunnen veel meer Meerjarige contracten met zorgverzekeraars, twee keer per jaar aan tafel met de Minister van VWS en de beloning van huisartsen en apothekers gelijkschakelen. En dan komt het toch nog goed […]
  • Naar nieuwe zorg en zorgberoepen: de contourenNaar nieuwe zorg en zorgberoepen: de contouren Met teams die worden samengesteld op basis van de zorgvraag, denkt de Commissie Innovatie Zorgberoepen & Opleidingen, onder leiding van Marjan Kaljouw, een omslag in de zorg te kunnen […]
  • Drijfveren: Heimwee naar het ziekenfondsDrijfveren: Heimwee naar het ziekenfonds In Nederland zijn ongeveer 400 apotheekhoudende huisartsen. Ze zijn vooral gevestigd in landelijke gebieden, in het noorden van het land en in Zeeland. Medisch Centrum Oud-Vossemeer telt […]

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *