Er vallen gaten in de witte jas

We horen de laatste tijd steeds meer alarmerende geluiden over de financiële situatie van de apothekers in de geliberaliseerde markt. Maar hoe zit dat nu precies? We leggen het voor aan Johan Heuker, vennoot en fiscaal jurist bij Noord Negentig en Martin Favié, adviseur voor financiële, bedrijfseconomische en bestuurlijke processen bij de VvAA.

Wat kunt u zeggen over de financiële situatie van de gemiddelde apotheek in uw bestand?
Heuker: “Het verdienmodel van apothekers is de afgelopen jaren met hele grote stappen achteruit gegaan vanwege het preferentiebeleid. Daarbij is geen of onvoldoende rekening gehouden met de financiële verplichtingen die apothekers in het verleden zijn aangegaan, dan praat ik over 2007, 2008 en 2009. Toen zijn er namelijk voor de goodwill van een apotheek aanzienlijke bedragen betaald. Wanneer het verdienmodel terugloopt, kunt je je afvragen in hoeverre toentertijd een zakelijke prijs is betaald. Daar kopen de apothekers (met name de jonge apothekers) heel weinig voor, omdat zij geconfronteerd worden met een aflossingslast die elke maand doorloopt. Als men dan vervolgens vanuit de politiek gaat stellen dat het verdienmodel voor apothekers beperkter moet worden, dan kun je op je vingers natellen dat dat op een gegeven moment wringt. Het preferentiebeleid en de teruglopende regelvergoedingen maken het heel lastig om voldoende marge te genereren om aan alle verplichtingen te kunnen voldoen.”

Favié: “Er zijn dit jaar grotere verschillen tussen de apothekers ontstaan. Er zijn in ieder geval drie problemen duidelijk zichtbaar. Ten eerste is door de vrije tarieven het gemiddelde tarief gedaald. Het aantal voorschriften is wel toegenomen, maar de rekensom ‘voorschriften x tarief’ komt iets lager uit dan vorig jaar. Dus de apothekers moeten meer doen voor minder geld. Daarnaast lopen de kortingen verder terug, maar de apothekers betalen nog steeds een claw back of geven een korting op de declaratie. Ten derde moeten apothekers soms afspraken maken met verzekeraars op prijzen uit het verleden terwijl die producten nu duurder zijn geworden, waardoor de apothekers er geld op toe leggen. Bij elkaar opgeteld betekent dit dat het niet goed gaat in veel apotheken. Vorig jaar hebben wij onder grote druk contracten getekend, zonder dat we de tijd kregen om dit voor 100% goed door te rekenen. Dat moeten wij nooit meer doen, we moeten meer tijd nemen voor contracten en nee tegen zorgverzekeraars zeggen als het gewoon niet kan, omdat het de bedrijfsvoering onder druk zet. De vraag is dan ook of het reëel was dat we binnen twee weken een contract moesten tekenen. Dit moeten we ons dan de volgende keer ook niet meer laten gebeuren. Als de toekomst uitwijst dat de afspraken tot slechte resultaten gaan leiden, dan moeten we met de zorgverzekeraar om tafel kunnen. We zijn allemaal voor een doelmatige geneesmiddelenvoorziening, maar dit kan niet de bedoeling zijn. Ook niet voor de zorgverzekeraar, want die wil ook dat de verzekerden goed behandeld worden. Daar moet een vergoeding tegenover staan waarvoor de apotheker het kan doen. Als wij echt kunnen aantonen dat deze contracten een uitwerking hebben die ook zij niet bedoeld hebben, dan moet er een mogelijkheid zijn om het gesprek weer opnieuw te openen. Zorgverzekeraars zijn er namelijk ook bij gebaat dat er voldoende apothekers zijn om de farmaceutische zorg te verstrekken aan hun patiënten. Maar zoals gezegd, er zijn wel grote verschillen tussen apothekers, het is dus geen algemeen beeld wat ik hier schets. Er zijn apotheken die het hierdoor erg moeilijk hebben, maar er zijn ook apotheken die het nog wel redden.”


Hoeveel apothekers komen volgens u in de gevarenzone?

Favié: “Wij zijn geen accountant en hebben daardoor geen directe informatie over cijfers, wij zien de cijfers pas in een veel later stadium. Daarnaast is het denk ik nu nog te vroeg om hier wat over te zeggen. Je kunt na één kwartaal niet zeggen; vier keer één kwartaal is een jaar. We weten uit ervaring dat de eerste maanden altijd wat rustiger zijn. Wat we wel weten is dat de inkomsten en kortingen teruglopen. De bevroren prijzen pakken per apotheek heel wisselend uit. Dat heeft veel te maken met welke patiëntengroep de apotheek te maken heeft.”

Heuker: “Daar ga ik geen uitspraken over doen, dat lijkt me ook niet verstandig. Er wordt momenteel van alles geroepen, maar wat daar de waarheid van is kan ik nog niet beoordelen en daarbij is het ook nog eens heel erg apotheekgebonden.”

Wat kunnen apothekers doen om de financiële situatie van hun bedrijf te verbeteren?
Heuker: “Een van de dingen waar wij heel kritisch naar proberen te kijken is schaalvergroting. Het komt er natuurlijk uiteindelijk op neer dat een apotheek onder aan de streep voldoende overhoudt om aan alle financiële verplichtingen te kunnen voldoen. Als men dat naar boven toe vertaald dan moet je een bepaalde minimale omzet hebben om levensvatbaar te kunnen zijn. Wat je ziet is dat schaalvergroting in de huidige markt daarin als verstandig betiteld kan worden. Wij zijn er op gebrand om door middel van benchmark normatieve getallen op apotheken los te laten die aan underperforming doen. Aan de hand van kerngetallen en benchmarking kunnen we bijvoorbeeld zien of een apotheker qua personeelskosten aan de hoge kant zit. Op die manier proberen we de apothekers heel kostenbewust en kostenkritisch te laten werken. We adviseren om de apotheker als ondernemer naar de markt te laten kijken om te zien waar de kansen liggen. Daarbij kun je denken aan de verkoop van additionele producten. Ook moeten apothekers goed gaan nadenken over rechtsvormkeuzes die ze maken.”

Favié: “De apotheker moet goed kijken naar de kosten en processen om ervoor te zorgen dat zaken beter of efficiënter kunnen. Als blijkt dat door omstandigheden structureel verlies wordt geleden op bepaalde afleveringen, dan moet het gesprek met de zorgverzekeraar worden aangaan. En landelijk gezien zijn de tarieven die nu worden betaald gewoonweg te laag voor een goede en verantwoorde apotheekbedrijfsvoering. Je ziet apotheken op verschillende manieren oplossingen zoeken voor bijvoorbeeld herhaalmedicatie, zoals smart filling of central filling, waardoor de apotheek met minder personeel hetzelfde werk kan doen. Of liever nog met hetzelfde personeel meer werk verrichten. Daar heb je wel de medewerking bij nodig van je patiënten en van de huisartsen. Daarnaast verlangen steeds meer patiënten en zorgverzekeraars dat de openingstijden ruimer worden, maar daar heb je dan weer meer personeel voor nodig. Dat soort zaken zijn nog wel eens in strijd met elkaar.”

Hoe ziet u de toekomst van de apotheek?
Favié: “Ik denk dat het van belang is dat de apotheker wel verantwoordelijk blijft voor de distributie van geneesmiddelen en de daarbij behorende farmaceutische zorg, zodat hij daar ook direct controle op kan uitoefenen. Daarnaast zal de apotheker zich ook vooral moeten gaan richten op de farmaceutisch patiëntenzorg, om te zorgen dat het meest optimale behandelingsresultaat wordt behaald. Want dat is ook wat we maatschappelijk willen. Alle tarieven die daar op gericht zijn, zullen steeds belangrijker worden voor de apotheker. Daarvoor moeten gericht nieuwe producten en diensten ontwikkeld worden. Zaken als het beoordelen en bespreken van medicatie bij patiënten die meerdere geneesmiddelen gelijktijdig gebruiken, moeten ook werkelijk leiden tot betere uitkomsten en gemotiveerde en tevreden patiënten. Ook kan ik me voorstellen dat er nieuwe voorstellen gaan komen waarin je patiënten, al dan niet in groepen, gaat voorlichten over het gebruik en het belang van geneesmiddelen. Dit soort initiatieven zie je al her en der opkomen en ik denk dat dat bijdraagt aan een beter gebruik van geneesmiddelen wat daardoor weer een hoger rendement oplevert. Verzekeraars moeten daar uiteraard enthousiast voor worden gemaakt zodat ze dit gaan vergoeden. Ik denk dat als je dat op een goede wijze inzet, zorgverzekeraars daar zeker in geïnteresseerd zijn.”

Heuker: “Als startende of overnemende apotheker moet je heel kritisch gaan kijken naar wat is mijn koopprijs. Zit er in het verdienmodel van de apotheek die ik koop nog ruimte om te besparen om zodoende eventuele toekomstige tegenslagen te kunnen opvangen. Daarnaast is ook de financieringsvorm die de apotheek kiest belangrijk. Wat we tegenwoordig steeds meer zien is dat door de verkoper achtergesteld geld geleend wordt om de transactierond te krijgen, maar de economische tijd waarin we verkeren helpt daar niet bij. Dus bezint eer ge begint, is op het moment niet onverstandig. Want je kunt maar één keer beginnen en als je niet goed genoeg begint en of onvoldoende voorbereid breekt je dat naar verloop van tijd op.”

Heeft u nog fiscale of andere tips voor de apotheker?
Heuker: “Vroeger zagen we de apotheker in een witte jas, maar de apotheker zal toch steeds meer naar het maatpak toe moeten in de breedste zin van het woord. De apotheker moet multifunctioneel gaan ondernemen. Ze moeten dus ook creatief omgaan met de beloning van het personeel en gebruik maken van de fiscale mogelijkheden die er zijn. En bedreigingen in de markt tijdig onderkennen en proberen deze om te buigen naar kansen. Incontinentie is op dit moment bijvoorbeeld een issue. Veel apothekers roepen in eerste instantie dat het ze geld gaat kosten, maar er zijn ook apothekers die er creatief mee aan de slag gaan en goed rekenen. Volgens hen blijken er ook kansen te liggen.”

Favié: “Kijk naar je huidige bedrijfsvoering om te zien of je processen beter of efficiënter kunt aanpakken, maar blijf ondanks alles ook investeren in innovatie en nieuwe dienstverlening, want dat heb je nodig om de komende jaren een gezond bedrijf te blijven voeren. Dat is natuurlijk lastig, want als het slecht gaat ben je vooral geneigd om te snijden in de kosten, maar dan komt investeren in innovatie onder druk te staan. En dat is nu net je overleving voor de komende jaren, dus je zult daar als apotheek in mee moeten blijven gaan.”
Voor meer informatie:
www.noordnegentig.nl
www.vvaa.nl

Gerelateerde berichten

  • De gebruiksaanwijzing van de apotheekDe gebruiksaanwijzing van de apotheek De vorige editie van FarmaMagazine spraken we met Lieme Huib Osinga, consultant bij Maarn Consult en Limpens en Partners, over het belang van klanttevredenheidsonderzoeken in de apotheek. […]
  • Sanne en Jens | Gouden TonRosé – part of the family Elke zomer hoor ik weer dezelfde vragen, hoe is de rosé dit jaar? Volgens mij is het een écht rosé jaar. Rosé is toch al lang uit? Eigenlijk weet niemand het en drinken wij Nederlanders […]
  • Initiatief van bevlogen en betrokken apothekersInitiatief van bevlogen en betrokken apothekers Al tien jaar organiseert de Stichting Geluk en Vrijheid een onvergetelijke dag voor chronisch zieke kinderen middels de ‘Vet Cool Man’ Tourrit. De stichting bestaat geheel uit apothekers […]
  • “We stappen er met z’n allen in”“We stappen er met z’n allen in” Zorgverlening aan diabetespatiënten werkt het beste vanuit multidisciplinaire samenwerking tussen zorgprofessionals, waaronder ook apothekers. Sommige zorggroepen in Nederland zijn daar al […]
  • Samenwerking is de basis voor GlaxoSmithKlineSamenwerking is de basis voor GlaxoSmithKline Het oude R+D-model dat gericht is op ontwikkeling van “blockbusters” voldoet niet meer, stelt GlaxoSmithKline. Hiervoor in de plaats heeft het een model ontwikkeld waarin al in een vroeg […]

Auteur: redactie
Categorie: Praktijkvoering