Hoogleraar Jack van der Veen: “Farma mist visie op logistiek”

FarmaMagazine - Jack van der Veen 006De zorg in ons land moet goedkoper en beter. Met geïntegreerde ketenlogistiek zijn besparingen tot 15 procent haalbaar. Maar dan moet de farmaceutische zorg wel een duidelijke visie hebben op ketenlogistiek. “Die visie ontbreekt. Vooral het denken in belang voor de klant blijft achter”, stelt Jack van der Veen, hoogleraar Supply Chain Management.

Even terug naar 2004. De logistiek in de zorg moest volgens toenmalig TPG-voorzitter Peter Bakker op de schop: het moest sneller, goedkoper, flexibeler en beter. Het rapport van Bakker schokte tien jaar geleden de farmasector. Volgens de TPG-topman kan de farmalogistiek aanzienlijk worden verbeterd door te kiezen voor directe distributie van middelen voor chronisch gebruik. Geen apotheker was er meer nodig. En ook de groothandel was overbodig. Zorgverzekeraars zijn de inkopende partij op basis van de voorspelde vraag in hun klantenbestand. De huisarts geeft aan welke medicijnen de patiënt nodig heeft en hoe hij deze wenst te ontvangen: dezelfde dag, de volgende dag, iedere twee maanden, op het werkadres. Daarna treedt het orderproces in werking. De medicijnen worden in een centraal magazijn klaargemaakt en rechtstreek aan de patiënt geleverd. Het resultaat volgens Bakker: meer service voor de consument, veiligheid gegarandeerd, want het is de huisarts die controleert. Allemaal goed voor een besparing in kosten van 700 tot 850 miljoen euro per jaar. En dit alles is binnen twee tot drie jaar te realiseren. Om de ideeën kracht bij te zetten was TPG betrokken bij nationaleapotheek.nl. De internetapotheek die direct aan de patiënt thuis ging leveren.

Voorspellingen niet uitgekomen
We zijn tien jaar verder. Wat is er van de plannen terechtgekomen? De nationaleapotheek.nl heeft in ieder geval zijn ambities niet waargemaakt. Jack van der Veen is hoogleraar op de EVO leerstoel Supply Chain Management en verbonden aan Nyenrode Business Universiteit. Volgens hem zijn de voorspellingen van Bakker in de praktijk niet uitgekomen. Het belangrijkste effect van het rapport is dat het tot denken heeft aangezet. Het onderwerp logistiek en dan vooral denken in logistieke ketens in de farma is door het rapport definitief op de agenda gezet.
“Het rapport van Bakker heeft logistiek en farma bij elkaar gebracht. Dat waren voorheen twee werelden die niets van elkaar begrepen. Voor de logistiek waren zorg en farma onbekende terreinen. Wij zagen wel in dat er in de farma veel kon worden verbeterd, maar wij hadden het gevoel dat de zorg niet naar ons wilde luisteren. Wat weten apothekers van logistiek, zo dachten wij. En farma zag de voordelen van ketenlogistiek niet in. Ieder specialisme deed zijn eigen ding.
Sinds het rapport zijn er dan ook zeker vele goede stappen gezet. Industrie, groothandel en ook apotheek beseffen steeds meer dat ketenlogistiek voordelen oplevert.”

Wat is er dan concreet bereikt?
“De zorg heeft fors geïnvesteerd in ondersteunende ICT. Artikelcodering vanuit ICT is nu gemeengoed bijvoorbeeld. Daarin zijn grote stappen gezet. Ook zijn de processen tussen de schakels verbeterd. Maar waar het aan schort in de zorg is een strategische visie op logistiek.”

De farma heeft geen visie?
“Een logistieke keten bestaat uit verschillende schakels. Het idee is natuurlijk om die schakels beter op elkaar af te stemmen. Een strategische visie gaat over waarom en hoe we de keten nu eens echt verbeteren. Wat is ons gezamenlijke belang, wat is de toegevoegde waarde van de diverse schakels, hoe gaan we informatie delen en hoe kunnen we de klant nu echt centraal stellen? De visie daarop ontbreekt veelal. Vooral het denken in belang voor de klant is achtergebleven.”

In de logistiek geldt de gouden regel: wie het dichtst bij de klant zit heeft de macht. In de meeste sectoren is degene die betaalt ook degene die bepaalt: ik betaal, dus jij levert zoals ik dat wil. Vandaar dat in food de macht bij de retailer ligt, want die zit op de schoot van de klant. De retailer kan zo de totale keten aansturen. De farmaketen zit anders in elkaar.  “De farma is nog steeds een push wereld waarin fabrikanten domineren. Daar zit dan ook de macht. Patiënten zijn geen sterke partij in de farma. Dat heeft alles te maken met de route van het geld in de zorg. In de zorg loopt het geld via de zorgverzekeraar en is de overheid een bepalende factor. Dat maakt dat het denken in klantbelang veel minder gemeengoed is.”

In de farmacie is de apotheker de retailer
“Met alle respect: is de apotheker zo georganiseerd dat de sector opereert als een retailer met macht? En wat is de toegevoegde waarde van de apotheek? Dat is lastig te beantwoorden, want de patiënt gaat eerst naar de arts en ziet de apotheek niet als zijn eerste contact. De apotheker heeft het imago van dozenschuiver en afhaalpunt. De apotheker doet zeker zijn best om zijn imago als zorgverlener neer te zetten. Een student van mij heeft onderzoek gedaan naar de rol van de apotheker bij therapietrouw. Dat biedt zeker kansen om toegevoegde klantwaarde te generen door, dichter op de huid van de klant te zitten. Maar waar is die apotheker die de patiënt een geautomatiseerd bericht op zijn mobile device stuurt dat het tijd is om medicatie in te nemen? Een voorbeeld waarmee apothekers kunnen laten zien wat hun toegevoegde waarde is. Ik roep apothekers dan ook op om, net als supermarkten, veel meer na te denken over wat de klant wil.”

Wat moet er gebeuren?
“De klant echt centraal zetten. Iedereen in de zorg roept het, maar de praktijk is weerbarstig. Begin nu eens bij het stellen van de juiste vragen: wat maakt een klant mee als hij in het zorgcircuit zit, hoe kunnen we de klant beter bedienen? Eenvoudige vragen, lastige antwoorden, maar de zorg denkt er onvoldoende over na.”
We kunnen het toch laten zoals het is?
“De zorg in ons land moet goedkoper en beter. Dat heeft de zorg met zichzelf afgesproken. De belofte van ketenlogistiek is om de logistiek sneller, beter en goedkoper te maken. Bij een goedlopende ketenintegratie zijn besparingen tot 15 procent haalbaar. Dus hebben we elkaar nodig. Probleem in de zorg is dat de diverse spelers onvoldoende beseffen wat ze zelf opschieten met ketenlogistiek. Daarnaast staan apothekers, groothandel en fabrikant onder grote spanning. Ze zijn met hele andere zaken bezig. Maar juist dan zijn er kansen.”

Door in de keten een aantal schakels over te slaan.
“Voor bulkproducten zijn schakels over te slaan, voor de gespecialiseerde producten blijft advies – en dus extra schakels – nodig. Bulk en specialisme zijn verschillende takken van sport. Als eigenaar van een farmagroothandel zou ik goed nadenken wat mijn kernactiviteit is. Ben ik van de bulkproducten of van de gespecialiseerde? Maar wat doen groothandels? Ze verzetten zich tegen het maken van keuzes, zijn eigenlijk tegen verandering. Toch zie ik ook goede initiatieven. Zo heeft Mediq strategische ketenlogistiek op het hoogste niveau in de board verankerd.”

Gaat het nog wat worden met internetfarmacie?
“Internet is een efficiënt kanaal voor bulkproducten. Gestandaardiseerde producten zoals herhaalmedicatie gaan straks via internet. Ik zie echter dat er nu onvoldoende power is dit goed op te pakken. Internetshops als BOL en Zalando hebben veel geld geïnvesteerd, geloven in hun systeem en zijn op langere termijn winstgevend. Voorwaarde voor succesvolle internetfarmacie is een stabiele markt. De overheid verandert in de zorg echter te vaak het beleid waardoor het voor een ondernemer heel moeilijk wordt om succesvol te worden. BOL heeft een goede site, kennis van de klant en de logistiek is op orde. Dan maakt het niet uit wat je verkoopt. Het is de regelgeving die spelers als BOL nu nog tegenhouden om medicatie te verkopen en te leveren.”

Hoe staat het met de ketenlogistiek over tien jaar?
“Dan heeft het denken vanuit macht meer plaats gemaakt voor het denken vanuit de behoefte van de patiënt. Die verandering gaat langzaam, maar bedrijfskundige wetten zijn sterker dan handhaven van de traditionele macht. In de logistieke keten wordt de kennis over processen en over de klant volop gedeeld. Ook lopen de logistiek van bulkproducten en specials naast elkaar. Dat moet kostenbesparingen opleveren van 15 procent in de keten.”

—->>>>    Reactie uit de martkt

…dit vindt apotheker Rob Linde:
“Met ketenlogistiek en huidige technieken is veel winst te behalen bij herhaalmedicatie en hulpmiddelen. Daarin ben ik het eens met Jack van der Veen. Bulkhandelingen als herhaalmedicatie horen niet meer bij een kleinschalige apotheek. De farmaceutische keten wordt echter nooit een ‘gewone’ logistieke verkoopketen als BOL.com. Toezicht, overzicht, interventie en begeleiding van medicatiegebruik blijven noodzakelijk. Deze rol voor de huisarts is te simpel, degradeert medicatieveiligheid tot een ICT-proces en gaat voorbij aan de rolverdeling tussen arts en apotheker. Zorg is mensenwerk en niet strikt instrumenteel. Beschikbaarheid, laagdrempeligheid, specifieke kennis en wederzijdse communicatie zijn sleutelwoorden.
Risico voor de apotheek is dat het geneesmiddel (lees distributie daarvan) voor inkomsten zorgt. Slechts mondjesmaat wordt zorgverlening onder de vergoeding gebracht en dan ook vaak in combinatie met distributie: het leveren van een (nieuw) geneesmiddel. Besparingen in de distributie van genees-en hulpmiddelen worden onttrokken aan de kolom en zijn daardoor niet in te zetten voor financiering van noodzakelijke en gewenste nieuwe zorgprestaties en/of directe beschikbaarheid daarvan.
Er moet dus een gemeenschappelijke visie komen over farmaceutische dienstverlening, zonder logistiek.
Apothekers moeten consequent uitvoerbare, concrete en toetsbare dienstverlening bieden. Zorgverzekeraars moeten als financiers hun weerstand ten aanzien van zorgverlening in de apotheek laten varen. En patiëntverenigingen moeten meedenken en -doen, hun achterban uitleg bieden en hun behoefte scherp krijgen.
Zonder deze visie eindigt de farmaceutische dienstverlening in een vicieuze cirkel van groot-groter-grootst en is de zorgverlening als ‘onbeheersbare en zachte’ factor de dupe.
Kortom, distributie van geneesmiddelen gaat dan gewoon door, zorgverlening komt onder druk en daarmee de medicatieveiligheid en de verbetering daarvan. En daar is niemand bij gebaat.”

Rob Linde is openbaar apotheker in Almere

Tekst: Niels van Haarlem
Fotografie: Frank Groeliken

 

Gerelateerde berichten

  • Han de Gier: Het geweten van de farmacotherapeutische patiëntenzorgHan de Gier: Het geweten van de farmacotherapeutische patiëntenzorg De softwaresystemen ondersteunen op het moment de huisartsen en apothekers nog onvoldoende om de farmacotherapeutische zorg op een hoger plan te tillen. “In de huidige automatisering is […]
  • Innovatie: Skypen met de patiëntInnovatie: Skypen met de patiënt De zorg verandert onder invloed van technologische ontwikkelingen. In een reeks artikelen laat FarmaMagazine zien met welke innovaties de farmaceutische zorg te maken krijgt. Maar worden […]
  • Drijfveren: De kracht van OssDrijfveren: De kracht van Oss In ‘Drijfveren’ spreken we met verschillende apothekers in Nederland. Van het kleinste dorp in het land: ‘t Woudt met maar 38 bewoners tot de grootste stad Amsterdam met ruim 800.000 […]
  • Bouma en Vermeulen: Dit verdienmodel is een probleemBouma en Vermeulen: Dit verdienmodel is een probleem Ja, in ICT-ontwikkeling is nog veel winst te boeken in de openbare farmacie. Ja, het huidige verdienmodel voor de openbare farmacie is een groot probleem. Nee, de zorgverzekeraars zijn […]
  • Drijfveren: Kwaliteit met een grote K, Zorg met een grote ZDrijfveren: Kwaliteit met een grote K, Zorg met een grote Z De eerste gedachte die ik heb als ik Nistelrode binnenrijd: ‘hier is geen apotheek nodig’. Het ziet er allemaal welvarend en gezond uit. Mensen op de fiets, bij de supermarkt; rust en […]

Auteur: redactie
Categorie: E01
Tags: , , ,

3 Reacties

  1. Het artikel triggert me in zoverre dat ik wel degelijk denk dat er een visie is op logistiek binnen de farma. Ik ben het echter wel eens met de stelling dat apothekers, groothandel en fabrikant (meer) met andere zaken bezig zijn. Iedere partij in de keten is nu bezig met zijn onderdeel in de keten, terwijl waarschijnlijk meer besparingen te behalen zijn als de schotten in de keten opengezet kunnen worden. Maar dat vereist inderdaad wel een andere bekostiging en mogelijke een andere incentive structuur.

    Ik nodig dhr. van Veen, maar ook Rob Linde dan ook van harte eens uit het hier over te hebben. Welke voordelen kunnen we samen behalen als inderdaad de patient centraal wordt gezet? en dan gaat het wat mij betreft verder dan enkel de kosten!

    Plaats een Reactie
    • Ik doe mee, liefst digitaal communiceren, de snelste vorm van logistiek. Ik heb ervaring met logistiek in het Caribisch gebied. Daar is het noodzaak, daarmee vergeleken is logistiek in Nederland een beetje een luxe-probleem.

      Plaats een Reactie
  2. Grappig, zo’n analyse. Wel jammer dat dat de bekende appels en peren worden vergeleken.
    De intenet concurrentie bestaat bij de gratie van grootschalig kunnen inkopen en zelf de verkoopprijs ( dus marge) kunnen bepalen. Hoe anders is de Farmacie. De Zorgverzekeraar bepaalt inkoop = verkoopprijs en dicteert verder in feite de marges via niet onderhandelbare opslag/ afleververgoedingen. De handling- en verzendkosten van een pakketje bedragen al gauw een 6 tot 8 euro, terwijl een herhaalrecept voor chronische medicatie per regel een paar euro oplevert. Dat wil zeggen dat je om uit de ( verzend) kosten te komen al gauw 3 tot 4 regels in een keer af moet leveren, en dan is er nog niks verdiend. Is het een wonder dat alle internetapotheken belly up gaan? Het lijkt mij niet te verwachten dat Zorgverzekeraars extra willen gaan betalen voor de distributie, terwijl de tarieven voor dit soort apotheken sowieso al lager moeten zijn door het ontbreken van een ( groot) deel van de verplichte overhead in de openbare apotheek. Zoals ik al zei: grappig zo’n analyse , maar dan ook niet meer dan dat.

    Plaats een Reactie

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *