Lucien Engelen: De apotheker gaat online

Lucien Engelen FarmaMagazine webDe zorgprofessional in de eerste lijn verhuist van een gebouw naar een plek in de cloud. Persoonlijke gesprekken aan de balie maken plaats voor algoritmes die patiënten online adviseren. En patiënten printen straks thuis zelf geneesmiddelen. “De reguliere apotheker bestaat straks alleen nog maar online”, zo stelt Lucien Engelen, innovator in de zorg.

De zorg staat aan de vooravond van een flinke revolutie. Na de muziekindustrie, de retail en de reiswereld is de zorg aan de beurt. En het is niet de sector zelf die bepaalt welke kant het op gaat. Het is de patiënt die aangeeft wat er moet gebeuren. De zorg doet er goed aan de patiënt snel op te nemen in de zorgprocessen en zo samen stappen te zetten op dit revolutionaire pad. De revolutie in de zorg gaat snel. Met dank ook aan tal van technologische ontwikkelingen die zorgen dat de zorgverlener goed moet nadenken over zijn positie en toegevoegde waarde. Voor minder dan 6 dollar nemen consumenten in de VS bij de drogisterij een zelfzorgtest af. Ze zijn nog niet thuis of de uitslag op 200 indicaties is al binnen. Zonder tussenkomst van de reguliere gezondheidszorg. En we krijgen allemaal te maken met deze revolutie, zo stelt Lucien Engelen. Hij is directeur REshape. Het innovatiecentrum onder de vlag van het Radboud Universitair Medisch Centrum in Nijmegen. Hij noemt zichzelf een luis in de pels. Met tal van initiatieven opent hij de ogen van de beslissers in de zorg: het moet allemaal anders.

Waar begint de revolutie in de zorg?
“Net als in de muziekindustrie of de reissector begint de revolutie bij de eindgebruiker, de patiënt. De patiënt is een bron aan kennis en ervaring, en heeft het meeste belang bij goedkope en toegankelijke zorg. Gelukkig betrekken we de patiënt steeds meer bij de zorg. Het begon bij de zichtbaarheid van de patiënt.  Je moet van goede huize komen om de patiënt niet op het podium van een congres te zetten. Alleen de farma negeert de rol van de patiënt. De industrie verschuilt zich achter wetgeving die zou verbieden patiënten een rol te laten spelen in de communicatie. Komt ze dat even goed uit! De patiënt een podium geven is slechts de start. Het gaat erom dat patiënten in alle zorgprocessen aanwezig zijn. Dat gebeurt nu langzaam maar zeker.”

Engelen doelt op initiatieven als online communities. Chronische patiënten kunnen elkaar opzoeken op digitale platforms. Mogelijk gemaakt door een ziekenhuis bijvoorbeeld. Als voorbeeld noemt hij de Aya-community van het Radboudumc, een project van REshape. Kankerpatiënten delen online ervaringen en gaan in gesprek met de specialist of de gespecialiseerd verpleegkundige.

Hoe reageren zorgprofessionals op deze innovaties?
“De patiënt betrekken bij de zorgprocessen, dat vinden zorgprofessionals moeilijk. De zorgverlener is toch de enige echte professional? Maar als artsen of apothekers in gesprek gaan met de patiënt zijn ze verbaasd dat er nog een expert is: de patiënt. En dat de behoefte van de patiënt meestal eenvoudig is. Patiënten willen een lijstje met vragen naar de zorgverlener kunnen sturen. En daar ook antwoord op krijgen. Willen naar de bruiloft van hun zoon. Het is allemaal niet zo ingewikkeld wat ze vragen. Een zorgprofessional die twee uur intensief samen met patiënten een patient-journey heeft gemaakt zegt achteraf dat hij in die korte tijd meer heeft geleerd dan 25 jaar praktijk.”

Leuk allemaal, die gesprekken. Wat levert het op?
“De patiënt die onderdeel is van zorgprocessen is meer therapietrouw. Alleen al omdat er naar hem of haar wordt geluisterd. Daarnaast kunnen zorgverleners andere keuzes maken die misschien goedkoper zijn: de terminale patiënt met als enige doel om volgende week naar de bruiloft van zijn zoon te gaan, vraagt om een andere therapie dan de patiënt die wil blijven leven. En als patiënt en mantelzorger deelnemer zijn aan dat zorgproces dan nemen ze al snel de regie over de zelfzorg over. Ook dat is goedkoper.”

En in termen van geld?
“De technologie maakt zorg op afstand mogelijk. Patiënten gaan minder vaak naar apotheek, huisarts of ziekenhuis. Neem patiënten met schisis. 70 procent komt voor een vervolggesprek niet meer naar dat gespecialiseerd ziekenhuis 100 kilometer verderop. Het digitale face tot face-gesprek tussen zorgprofessional en patiënt gebeurt via de Ipad, laptop of computer thuis. Patiënten hoeven niet meer twee uur in de auto voor een consult van vijf minuten. Dat is pure maatschappelijke winst: minder tijd, goed voor het milieu, geen verlet op het werk, minder parkeergarages en ga zo maar door. Dat is maatschappelijke winst, die we ons onvoldoende realiseren.”

Maar door de techniek is ook de winst voor de zorgverleners aanzienlijk. Een aantal kinderen met een chemokuur krijgt een Ipad mee. Met daarop een applicatie met drie knoppen: een stoplichtmodule. De groene knop is voor een vraag zonder urgentie. Bijvoorbeeld over de afspraak van volgende week. De secretaresse op de afdeling kan deze beantwoorden. De oranje vraag: mag mijn kind na chemo naar school komt bij ‘een’ oncoloog terecht en bij een druk op de rode kop maakt de dienstdoende specialist binnen 15 minuten een beeldverbinding mét het dossier er bij. “Het feit dat de patiënt contact kan krijgen, maakt dat hij zich rustig voelt. Resultaat is dat hij veel minder vaak contact opneemt met de specialist dan voorheen.”

Wat is de invloed van technologie op de eerste lijn?
“Ik zie nieuwe technologieën voor de patiënt. Een pleister op je lichaam registreert tal van parameters. Van hartslag en ECG tot ademhaling, huidtemperatuur en valdetectie. Via de smartphone wordt deze data automatisch doorgestuurd en krijgt de patiënt zélf real time zicht op zijn gezondheid en is de data desgewenst óók bij de arts. Of die urinetest die de patiënt thuis doet en waarvan de uitslag binnen het kwartier op zijn mobiel staat. De contactlens die continu glucosewaardes registreert en de afgifte van het geneesmiddel in het lichaam reguleert. En denk aan 3D-printen van medicatie. Nu is het al mogelijk om eenvoudige medicijnen thuis te printen. De dosering kan op afstand worden ingesteld. Daarnaast komen er steeds meer gegevens beschikbaar. Supercomputers analyseren al deze gegevens en komen met pasklare adviezen voor bijvoorbeeld persoonlijke dosering, advies bij interactie en therapietrouw.”

Dat zijn nu juist gebieden waar de apotheker op wil excelleren.
“Vroeger claimden reisbureaus dat zij de zichtbare professional zijn en alleen zij kennis van reizen hadden. Inmiddels zijn reisbureaus verdwenen en zit de kennis over reizen in diezelfde cloud. Er is alleen nog maar plaats voor zeer gespecialiseerde reisbureaus. Vroeger accepteerden we dat we in de rij moesten staan bij de slager en de bakker. Nu gaan we naar de supermarkt. Die beweging zie ik ook in de gehele eerste lijn plaatsvinden. Patiënten accepteren niet meer dat ze in de rij moeten staan bij de apotheek of in de wachtkamer van de huisarts. Delen van het werk van de generalistische apotheker om de hoek wordt ook vervangen door algoritmes. Hij verhuist dus van een locatie in een gebouw naar een positie in de cloud. Een belangrijke positie. Want die algoritmes die leiden tot adviezen moeten nog wel gemaakt en bewaakt worden. Dat vraagt om specialistische kennis. Is dat een taak van de apotheker? Daarnaast is er plaats voor de apotheker als superspecialist, net als de orthopeed of de COPD-verpleegkundige. Hij zit dan niet in een aparte apotheek in de wijk maar in een gespecialiseerd huis met andere professionals.”

Welke tip hebt u voor apothekers?
“Praat met patiënten over wat ze echt willen. Dan blijkt hun behoefte niet zo complex te zijn. Geef geen uitdraai mee aan de balie, maar stuur een mail op maat met instructies en informatie. Praat ook met partijen die de zorg een andere inhoud geven. Denk aan spelers als Apple en Google die de kunst van het verleiden van de patiënt beheersen. En begin met jezelf onzichtbaar en onmisbaar te maken: claim geen zichtbare plek op de voorgrond, maar zoek je toegevoegde waarde in het analyseren van data en het geven van goede online adviezen. Niemand weet hoeveel analisten er zijn. En toch zijn analisten onmisbaar en hoog gewaardeerd.”

De revolutie komt van buiten
Wiskundigen en ingenieurs bouwen 3D-printers die geneesmiddelen op maat bij de patiënt printen. De farmaceutische industrie heeft het nakijken, zo voorspelt Engelen. “Google, Apple, Amazone en Philips gaan de verandering in de zorg vormgeven. Zij zijn meester van de verleiding. Verleiden om de therapie te blijven volgen, de zorgvraag op de juiste plek te stellen, om minder zorg te consumeren. Doen apothekers niets, dan gaan de buitenstaanders er met de buit vandoor.”

Lucien Engelen is  directeur van het Radboud REshape Innovation Center van het Radboudumc in Nijmegen. Hij experimenteert met nieuwe technologieën in de zorg in combinatie met patiëntwensen. Zo was hij een van de eerste in Europa die de Google-bril toepaste tijdens operaties.  “Het kruispunt van techniek en de patiënt, daar vindt de verandering.”

Tekst: Niels van Haarlem
Fotografie: Frank Groeliken

Gerelateerde berichten

Auteur: redactie
Categorie: E08
Tags: , , , , ,

2 Reacties

  1. Voorspellers, zoals Lucien, zijn van alle tijden. Het is ook niet zo dat vandaag de toekomst pas begint. De echte voorspeller is diegene, die de voorspellingen uit het verleden kan analyseren, waarom de ene voorspelling wel en de andere niet is uitgekomen. Pas dan is iets te zeggen van de nieuwe voorspellingen of dezelfde voorspellingen in andere bewoordingen. Plagiaat ligt op de loer. En trendwatchers blijven trends aangeven, dat is hun hobby. Leuk om te doen. Maar zoveel is zeker, de toekomst haalt de voorspellingen en de tends vanzelf in. Als je begrijpt wat ik bedoel.

    Plaats een Reactie
    • Dank je Wim, Helemaal mee eens : de toekomst is er al, hij is alleen nog niet evenredig verdeeld.

      En dat is precies het verschil tussen ónze aanpak in het Radboudumc (een Academisch Medisch Centrum) en die van trendwatchers (die op de koffie gaan bij de branche, er een factor tien bovenop smijten en daar over gaan oreren.) beiden hebben overigens hun functie.

      Wij kijken naar wat wel of niet gewerkt heeft, brengen de klinische praktijk, patienten en technologie bij elkaar en DOEN er iets mee, in plaats van er over te blijven práten en (louter) analyseren. Onze projecten zijn er op gericht patienten daardwerkelijk te empoweren met de best passende veranderingen, danwel te behouden wat gewoon goed is. REshape is dan ook iets anders dan REcreate.

      In de tussenliggende tijd gaat de tijd voort, en worden in toenemende mate bedrijfstakken met hun eigen ‘kodak-moment’ geconfronteerd. http://www.marketingfacts.nl/berichten/brain-solis-voorkom-een-kodak-moment-tnweurope

      Plaats een Reactie

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *