Marcel Kooij: Even bellen verhoogt therapietrouw

Marcel Kooij_FarmaMagazineBellen met de patiënt verhoogt de therapietrouw. Dat leidt tot het voorkómen van ziekenhuisopnames en bij bepaalde medicatie ook tot lager ziekteverzuim. Zo zorgen apothekers indirect dat zieke werknemers sneller herstellen en eerder aan het werk gaan. Volgens apotheker en onderzoeker Marcel Kooij moeten apothekers hun meerwaarde laten zien aan werkgevers en overheid. “Therapietrouw moeten we op een hoger niveau aankaarten. Dat gebeurt nog onvoldoende.”

Het is zoeken naar de heilige graal: hoe krijgen apothekers toch die patiënt zover dat hij of zij de medicatie gebruikt zoals bedoeld? En dan graag ook nog met interventies die kosteneffectief zijn.

Kosteneffectiviteit begint met effectiviteit. En met effectiviteit zit het wel snor bij apothekers, zo laat apotheker en onderzoeker Marcel Kooij (37 jaar), werkzaam in Service Apotheek Koning in Amsterdam, zien. Hij promoveerde deze zomer op onderzoek naar therapietrouwverhogende interventies door de apotheker. De conclusie is helder: bel de patiënt op over zijn of haar medicatiegebruik. Dat belletje kost al met al 10 minuten per patiënt en leidt tot aantoonbaar beter gebruik van geneesmiddelen. Zeker bij de RAS-remmers en statines.

Wat heeft uw onderzoek precies opgeleverd?
“Aan het onderzoek deden 60 apotheken mee, waaronder veel Service Apotheken. Uit de resultaten blijkt dat patiënten deze service en begeleiding door de apotheker, want zo ervaren ze dat, erg waarderen. Ze zijn ook meer tevreden over de informatie die ze van de apotheker krijgen. Alleen al door te bellen laat je zien dat je zorgverlener bent. Patiënten die gebeld zijn, volgen langer de therapie en stoppen minder snel. Neem de RAS-remmers: in de controlegroep stopt 28 procent met de medicatie, tegen 22 procent in de interventiegroep. De therapietrouw is dus aanzienlijk hoger als je patiënten even opbelt. Maar nu komt het: we moeten slechts 16 patiënten bellen om er een therapietrouw te krijgen. Vergelijk dat eens met cijfers over behandeling met bijvoorbeeld statines: we moeten 83 patiënten gedurende 5 jaar met statines behandelen om uiteindelijk een sterfgeval te voorkomen.”

Wanneer laat u de cijfers aan zorgverzekeraars zien?
“Ik wil eerst aantonen dat deze interventie ook voldoende kosteneffectief is. Niet alleen in termen van aantal patiënten, maar ook in harde euro’s. Met harde euro’s sta je nu eenmaal sterker. We hebben alle data om uit te rekenen wat het kost en wat het oplevert. Ik hoop dat we voor het einde van dit jaar de harde getallen hebben voor zorgverzekeraars. Een vergelijkbaar project in Groot-Brittannië laat zien dat het kosteneffectief is.”

Maar zijn zorgverzekeraars bereid te betalen voor deze interventie?
“Dat is altijd de vraag. Maar ik denk dat niet alleen zorgverzekeraars blij worden van de resultaten. Bij een toename van het aantal therapietrouwe patiënten zit de winst niet alleen bij zorgverzekeraars, maar ook bij de werkgevers van de patiënten. Zieke werknemers herstellen sneller, zijn minder lang thuis en gaan eerder aan het werk. Daar worden werkgevers en overheid erg blij van. Het Booz rapport van Ab Klink laat zien dat de baten van het verbeteren van therapietrouw ook bij werkgevers zitten. Mijn grootste uitdaging is dan ook niet om alleen bij zorgverzekeraars aan tafel te zitten, maar het gesprek aan te gaan met werkgevers en overheid: dit doet de apotheker voor zieke werknemers! Therapietrouw moeten we op een hoger niveau aankaarten. Dat gebeurt echter nog onvoldoende.”

Marcel Kooij heeft bewust gekozen om patiënten te bellen. Terwijl anno  2015 er toch tal van innovatieve tools zijn die efficiënter zijn. De patiënt van vandaag weet zijn weg toch wel op internet? Waarom geen Skype, een aparte Whatsapp groep of een medicatieapp gebruikt?
“Hoger opgeleiden willen misschien wel gebruik maken van een innovatieve tool om zo op afstand contact te hebben met de apotheker, maar ik praat hier over een grote groep lager opgeleiden patiënten waarvan er velen problemen hebben met de Nederlandse taal. We zitten in een wijk met veel niet-westerse allochtonen. Een aantal van ons spreekt Turks, Arabisch en Berbers. Een Turkssprekende man aan de balie, wordt later gebeld door een Turkssprekende assistent. 80 procent van de patiënten vindt het prima dat we ze hebben gebeld, maar zouden nog liever dat gesprek in de spreekkamer van de apotheker willen voeren. Het zou dan ook mooi zijn als de patiënt na het bezoek aan de huisarts meteen doorloopt naar de apotheek voor dat gesprek. Maar zover is het nog niet.”

Ondertussen gaat er nog veel mis met medicatiegebruik.
“Er gaat heel veel goed bij gebruik van medicatie in ons land. Dat vergeten we nog wel eens. Natuurlijk, als patiënten geneesmiddelen gebruiken gaat er regelmatig ook iets fout. Er is dan ook nog volop ruimte voor verbetering. Neem de criteria die de IGZ  heeft opgesteld voor het selecteren van patiënten voor een medicatiebeoordeling. De inspectie gebruikt nogal arbitraire criteria. Patiënten ouder dan 70 jaar met een verminderde nierfunctie, daar moeten we ons volgens de inspectie op richten. Heldere criteria die we makkelijk in onze automatiseringssystemen stoppen waarna er een lijst uitrolt met namen van patiënten die we moeten beoordelen. Maar is dat wel de groep die ons nodig heeft? De praktijk laat namelijk zien dat veel ouderen van boven de 70, hoog opgeleid, die prima in staat zijn om zelf de weg te vinden in de zorg. Deze grote groep patiënten stelt zelf wel vragen aan apotheker of cardioloog. Voor die groep kunnen apothekers dan ook minder betekenen, is er ook weinig winst te behalen. Maar er is ook een grote groep jongere patiënten die een rommeltje maakt van medicatiegebruik. Op dergelijke groepen patiënten, die echt begeleiding nodig hebben, daar zouden we ons eerst op moeten richten. Kortom, apothekers moeten de mogelijkheid hebben om de arbitraire criteria die de inspectie stelt los te laten en daarvoor in de plaats meer te luisteren naar wat de individuele patiënt aan de balie echt nodig heeft. Zorg op maat dus.”

Apothekers worden niet betaald voor deze interventies.
“Dat klopt. En natuurlijk kunnen we wel weer een vergoeding aanvragen bij de NZa. Dan hebben we weer een nieuw tarief erbij, moeten we weer registreren wat we allemaal hebben gedaan en vindt er wederom controle plaats in onze boeken. Nog meer administratie. Die kant moeten we niet op. Ik merk dat een groeiende groep apothekers steeds meer voelt voor financiering van de apotheek op basis van een abonnementstructuur, net als bij de huisarts. In dat abonnement staan de eerste en tweede uitgifte helder omschreven. Daarnaast heeft de apotheker de ruimte om bepaalde groepen patiënten actief te benaderen voor begeleiding. Welke patiënten dat zijn, dat bepaal je als apotheker dan zelf.”

Hoe kijkt u naar de toekomst?
“Positief! Natuurlijk is er veel gezeur over de positie van de apotheker, de financiering en de administratieve druk, maar ik zie tal van mooie ontwikkelingen. De rol van de apotheker verandert echt: we worden meer en meer zorgverlener. Daar krijgen we ook waardering voor. Ook de relatie met de huisarts verandert. Tien jaar geleden waren apotheker en huisarts nog aan het vechten met elkaar, nu waardeert de huisarts ons werk. Of neem de opkomst van farmacogenetica, een gebied waarin juist apothekers hun meerwaarde kunnen laten zien. Dat gaat ook op voor de interpretatie van al die gegevens die we hebben van patiënten.  Het gaat er niet alleen om dat we inzicht hebben in bijvoorbeeld labgegevens, maar vooral dat we in staat zijn om met alle data die we hebben van patiënten een goed beeld kunnen maken van deze patiënt om zo de juiste adviezen te geven of beslissingen te nemen. Met gegevens van het lab, de therapietrouw en de gezondheid van de patiënt kunnen wij voor de individuele patiënt bepalen welke medicijn de beste keuze is. Zorg op maat dus.”

Verloren generatie
Een verloren generatie? De groep apothekers die farmacie zijn gaan studeren om ooit zelf een apotheek te mogen hebben, maar door de ontwikkelingen in de sector die droom zagen vervliegen. Hoe kijkt Marcel Kooij naar zijn toekomst? “Ik geloof in het zelfstandig ondernemerschap waarbij je een band opbouwt met patiënt, de wijk en de huisarts. Een stabiele relatie opbouwen met alle betrokken partners komt de kwaliteit van de farmaceutische zorg ten goede. Ooit wil ik ook een apotheek bezitten. Wanneer, dat weet ik niet. Er verandert continu iets in de financiering van de apotheek, dus daar kan je nu niet op bouwen. Maar als apothekers net als de huisarts betaald worden in de vorm van een abonnementenstructuur, dan ontstaat er vanzelf weer ruimte om een apotheek te kopen.”

Tekst: Niels van Haarlem
Fotografie: Frank Groeliken

 

 

Gerelateerde berichten

  • Kijksluiter bevordert therapietrouwKijksluiter bevordert therapietrouw Eind dit jaar gaat kijksluiter.nl in de lucht. Met ruim duizend animatiefilmpjes over gebruik en bijwerkingen van geneesmiddelen, biedt de site begrijpelijke en laagdrempelige […]
  • Meer praten over therapietrouw bij orale oncolyticaMeer praten over therapietrouw bij orale oncolytica Je zou verwachten dat kankerpatiënten hun medicatie volgens voorschrift innemen. Toch is dat niet altijd het geval, bleek tijdens het symposium Therapietrouw bij het gebruik van orale […]
  • De therapietrouw verbetert gemiddeld met een factor 2De therapietrouw verbetert gemiddeld met een factor 2 Uit welk land de patiënt ook komt, therapietrouw is hij niet. Dat bleek uit onderzoek van WHO (World Health Organisation). Van Amerika tot Uganda, van Rusland tot Nederland: de helft van […]
  • Pil zoekt trouwPil zoekt trouw De eerste lijn krijgt een steeds prominentere positie in de gezondheidszorg. Huisartsen en apothekers moeten intensiever samenwerken om de kwaliteit van de zorg hoog te houden. Deze […]
  • Samenhang therapietrouw en kosteneffectiviteitSamenhang therapietrouw en kosteneffectiviteit Als patiënten geneesmiddelen volgens voorschrift innemen, levert dat veel gezondheidswinst op tegen relatief lage kosten. Dit blijkt uit onderzoek van het RIVM naar de samenhang tussen […]

Auteur: redactie
Categorie: Opinie
Tags: , ,

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *