Waar je mee omgaat word je mee besmet

Valerie MeijvisAl van jongs af aan word ik omringd door apothekers. Mijn moeder had er niet voor gestudeerd, maar had als autodidact er bijna een kunnen zijn (pas later besefte ik dat het boek dat zij altijd meenam op vakantie het Farmacotherapeutisch Kompas was). Mijn bijbaantje was als vanzelfsprekend bij haar in de apotheek, waar ik de ontwikkelingen binnen de apotheek zelf ondervond: van het vullen van farmatrays naar het vullen van de robot. Ook in het gezin waarmee wij op vakantie gingen waren de ouders apotheker. Dat hun dochter en ik beiden farmacie gingen studeren kwam dus niet uit de lucht vallen. In ons studentenhuis plaatsen we al snel een weegschaal waarop we heerlijk tot drie cijfers achter de komma konden aflezen en we mengden ons volledig tussen de farmaceuten: we gingen naar farmaborrels, maakten typische farmagrappen en er ontstonden farmakoppels.

Tot ik in 2014 samen met acht andere apothekers de opleiding tot apotheker-farmacotherapeut ging volgen. Een nog niet bestaande functie in het kader van het POINT-onderzoek. We werden ieder in een huisartsenpraktijk geplaatst om daar de patiënt te begeleiden op het gebied van farmacotherapeutische zorg met als ultieme doel het voorkomen van medicatie gerelateerde ziekenhuisopnames. En daar werk ik nu bijna drie jaar, omringd door bijna tien huisartsen.

Ondertussen heb ik daar mijn plek letterlijk en figuurlijk gevonden. Door gebrek aan ruimte zat ik soms in het kamertje dat oorspronkelijk gebruikt werd als garderobe. Op zich niks mis mee, maar de enorme kapstok aan de muur nodigde patiënten altijd uit om hun jas op te hangen en er eens lekker voor te gaan zitten. En ik maar werken aan mijn communicatieve vaardigheden voor effectieve consultvoering. Maar oefening baart kunst, zo ondervinden ook mijn collega’s. Een van de huisartsen vroeg mij laatst mee te kijken naar het dossier van een patiënt waarbij ik een waterval aan informatie over me heen kreeg. Na een paar minuten keek ze me vragend aan, waarbij ik alleen kon uitbrengen: “Wat is nu precies je vraag aan mij?” Lachend stelde ze mij vervolgens in één zin een concrete vraag, waarna ik deze in mijn eigen, grote kamer ben gaan uitwerken.

Ik kan niet ontkennen dat ik in de jaren een aantal huisartsentrekjes heb overgenomen (ik kon wel janken bij mijn eerste n=1-momentje), maar mijn kracht blijft natuurlijk dat ik oog heb voor de pillen. Het verbaasde mij dan ook enigszins toen ik laatst werd geattendeerd op het volgen van een reanimatiecursus. Ik vond het altijd een geruststellend idee dat mocht er een patiënt omvallen, achter vrijwel elke deur in ons pand een huisarts  te vinden is. Hopelijk gaat het nooit nodig zijn, maar mocht het zover komen dat ik als apotheker levens moet gaan redden in de huisartsenpraktijk, dan ben ik misschien toch wel een beetje door mijn omgeving besmet. Gelukkig kan ik dan nog wel tot drie cijfers achter de komma mijn incubatietijd berekenen.


Valérie Meijvis volgde bij het UMC Utrechts Julius Centrum de opleiding tot apotheker-farmacotherapeut. Ze werkt in het Julius Gezondheidscentrum Parkwijk in Utrecht en bij Stevenshof Institute for Research (SIR) in Leiden.

 

 

 

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *