Internationale zelfzorgspecialist Ian Banks: “Neem zelfzorg serieus!”
Apr18

Internationale zelfzorgspecialist Ian Banks: “Neem zelfzorg serieus!”

In plaats van een recept uitschrijven of een zelfzorgproduct te verkopen moeten huisartsen en apothekers in gesprek gaan met de patiënt. Meer aandacht voor gezondheid is goed voor de burger, de maatschappij en de zorgprofessional, zo stelt Ians Banks, de Britse specialist in zelfzorg. “Burgers hebben het vermogen om voor zichzelf te zorgen verloren.” Zijn boodschap komt precies op tijd voor de informateur van het nieuwe kabinet. Met meer aandacht voor zelfzorg is immers veel gezondheidswinst te behalen. Door nu eens serieus aandacht te besteden aan de oorzaak, het voorkomen en het genezen van bijvoorbeeld verkoudheid, hoestklachten of milde allergieën zoals hooikoorts leren burgers om meer de regie te nemen over de eigen gezondheid, stelt Ian Banks, voormalig huisarts en specialist spoedeisende hulp. En bekend als schrijver van diverse boeken over gezondheid. In Groot-Brittannië is Banks dé specialist in zelfzorg. In zijn ogen gaat zelfzorg niet alleen om het handelen bij kleine of grote aandoeningen, het gaat vooral om een gezonde manier van leven en op het juiste moment aan de bel trekken als er echt iets aan de hand is. Verdwaald in de zorg Dat laatste zijn we een beetje vergeten, zo zag Banks in zijn praktijk op de spoedeisende hulp. “Veel mensen die naar de spoedeisende hulp komen, waren verdwaald in de zorg, wisten niet bij welke zorgprofessionals ze moesten aankloppen. Maar bovenal zag ik dat burgers het vermogen zijn verloren om voor de eigen gezondheid te zorgen. Dat is de schuld van de maatschappij en de medische professionals. Wij, de professionals in de zorg, hebben mensen geleerd dat alleen slimme specialisten als artsen in staat zijn om gewone burgers te helpen op het gebied van gezondheid. Dokters hebben mensen gestolen van hun vermogen om voor zichzelf te zorgen. De gewone man zou immers te dom zijn om zelfregie te nemen. Het wordt tijd dat we dat idee gaan kantelen en mensen weer de regie over gezondheid teruggeven.” Volgens Banks gaan vrouwen anders om met gezondheid dan mannen. “De vrouw is vanuit historisch perspectief bekeken toch de bewaker van de gezondheid van de familie. Vroeger waren de gezinnen groter, was de familieband sterker en konden we een beroep doen op elkaar als het nodig was. Even aan de buren vragen wat de beste remedie is bij verkoudheid of bij een vlekje op de arm. Tegenwoordig leven we veel meer geïsoleerd, in kleinere gezinnen en zijn we niet zo geneigd om een hulpvraag aan bijvoorbeeld die buurman te stellen. De vrouw voelt zich nog steeds verantwoordelijk voor het welbevinden van de kinderen en delen met vriendinnen hun ervaringen met de gezondheidszorg. Vrouwen gaan dan ook eerder naar de...

Lees Verder
2020: Ziekenhuisopnames door medicatiefouten fors gedaald
Mrt10

2020: Ziekenhuisopnames door medicatiefouten fors gedaald

Als in 2020 weer een onderzoek naar ziekenhuisopnames door medicatiefouten wordt gehouden dan laten de cijfers een radicaal ander beeld zien. Met dank aan de patiënt die zijn medicatiedossier beheert. Lies van Gennip, directeur Nictiz: “Het aantal ziekenhuisopnames door medicatiefouten kan alleen dalen als huisartsen en apothekers de patiënt als partner zien.” En vanaf 2019 mogen artsen alleen medicatie voorschrijven als zij daadwerkelijk beschikken over een actueel medicatiedossier. Nictiz is het landelijk expertisecentrum in standaardisatie en e-health. Door de overheid in het leven geroepen is Nictiz de organisatie die de zorg helpt met standaarden en ICT. Hoe digitaal is de Nederlandse zorg eigenlijk? “Internationaal valt op dat ons land erg hoog scoort met digitalisering in de zorg. Bijna alle huisartsendossier zijn digitaal, bijna alle huisartsen wisselen gegevens uit met apothekers en alle apothekers krijgen digitale signalen bij interacties van geneesmiddelen. Daarin lopen we dus voorop ten opzichte van de rest van de wereld.” Missie geslaagd dus? “Dat is een te snelle conclusie. Er staan twee grote uitdagingen te wachten. De eerste is de uitdaging om de patiënt meer te betrekken bij het digitale zorgproces. Willen we dat de patiënt actief meegaat doen in dat zorgproces, dan moet het voor de patiënt ook mogelijk zijn om informatie in een medicatiedossier te stoppen of informatie eruit te halen. De huidige systemen in de zorg zijn echter verouderd en dateren uit de tijd dat de informatie-uitwisseling uitsluitend nodig was tussen de zorgprofessionals onderling. De patiënt digitaal aansluiten op dit systeem is daarom lastig. Internationaal gezien lopen we hierin zelfs achter, al zijn we bezig met een inhaalslag. De tweede uitdaging ligt in wat ik noem het hergebruik van gegevens. In de zorg is heel veel informatie beschikbaar. En tussen de zorgverleners vindt op patiëntniveau ook veel informatie-uitwisseling plaats. Dat biedt de mogelijkheid om data aan elkaar te koppelen en analyses te maken om zo inzichtelijk te krijgen welke therapie ‘werkt’ en welke zorg beter kan, welke patiënten wel in staat zijn zelf de regie over de gezondheid te nemen en welke patiënten iets extra’s nodig hebben. Zou je denken, want dat hergebruiken en koppelen van data, daar zijn we niet zo goed in. Een goed voorbeeld is de discussie om labdata over de nierfunctie beschikbaar te stellen aan apothekers. Met deze data kan de apotheker de dosering afstemmen op de individuele patiënt. Beschikbaar stellen van dit soort data is echter nog steeds niet goed geregeld.” Wat is de drempel dan? “Technisch is alles mogelijk. Uiteraard moet er dan wel geïnvesteerd worden in de systemen en moeten de werkprocessen worden aangepast, maar er zijn geen technische barrières. In de praktijk lopen we echter...

Lees Verder
Column: Kwestie van kiezen
Feb13

Column: Kwestie van kiezen

En, Bas, weet jij al wat je gaat kiezen? Nog een dikke maand en dan sta je weer met dat potloodje in je hand in het stemhokje om een kruisje te zetten achter een naam van een politicus die de komende vier jaar jou gaat vertegenwoordigen in de Tweede Kamer. Een politicus die de zorg en de zorgverlener in de eerste lijn een warm hart toedraagt! Wie gaat het worden? Nou, Niels, alle politieke partijen hebben de mond vol over de zorg. Maar er is geen enkele partij of politicus die hardop durft te zeggen waar het om gaat: dat de zorg alleen doelmatig kan worden als er duidelijke keuzes gemaakt worden. Keuzes over wat een therapie of een levensjaar extra of die nieuwe farmacotherapie mag kosten bijvoorbeeld. Zolang de politiek deze keuzes niet maakt, is het de zorgverzekeraar die medische en ethische vraagstukken langs de liniaal van de boekhouder legt. Niks mis mee, toch Bas, als de zorgverzekeraar over de schakels van de individuele zorgverlener stapt, het grotere belang dient, hier en daar wat druk uitoefent om hier en daar wat efficiency door te voeren? Inkopen kunnen ze als de beste. Met de zorgverzekeraar aan het roer blijven de kosten in de zorg in ieder geval nog een beetje beheersbaar! Een markt onder regie van zorgverzekeraars die niet alleen de spelregels bepalen maar ze ook toepassen is een banale marktwerking, Niels. Neem de medische hulpmiddelen waar inmiddels alle lucht uit is verdwenen. Zorgverzekeraars in regie zullen blijven knijpen. Of neem de farmacie waar al het vet van de botten allang is verdwenen. Verder besparen raakt de patiënt, maar ook de kwaliteit van zorg keihard. Ik begrijp je punt, Bas. Zorgverzekeraars dwingen zorgverleners om kosten te besparen, geven artsen en apothekers op hun donder als die net even te veel medicatie voorschrijven of afleveren, maar rekenen diezelfde zorgverleners ook keihard af als ze onvoldoende kwaliteit van zorg leveren. In dat spanningsveld tussen kwaliteit en kosten moet veel strakker worden geregeerd. Door de politiek. Vandaar mijn oproep aan die politiek, Niels: neem de regie, maak heldere keuzes en stel nu eindelijk eens vast wat wel en wat niet uit de publieke middelen betaald kan worden. Dan weten het veld en de patiënt precies waar ze aan toe zijn. Misschien moet je alvast een afspraak met de informateur maken, Bas. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur Niels van Haarlem, redacteur   ...

Lees Verder
Voorbeeldbrieven voor apotheken die betalen voor medicijnafval
Feb13

Voorbeeldbrieven voor apotheken die betalen voor medicijnafval

Op de website van de KNMP staan twee voorbeeldbrieven voor apothekers die zich tot hun gemeente willen wenden over het onderwerp medicijnafval. 1.  Een brief voor apothekers die de kosten voor afvoer en verwerking volledig moeten dragen 2.  Een brief voor apothekers die het afval zelf moeten afvoeren. In strijd met de wet
 Farma Magazine heeft er al eerder over geschreven: apothekers betalen onterecht de rekening voor het verwerken van medicijnafval. In een kwart van de gemeenten moeten apothekers het ingezamelde afval zelf vervoeren. En bijna de helft van de apotheken moet betalen voor de afvalverwerking, soms zeer zelfs zeer fors. Dat is echter in strijd met de wet. Vooruitgeschoven post
 Staatssecretaris Dijksma van Infrastructuur en Milieu heeft gezegd dat het een misverstand is dat apothekers moeten betalen voor het afvoeren van medicijnafval van burgers. Inzameling van oude geneesmiddelen vindt plaats om te voorkomen dat het grondwater daardoor wordt vervuild.  “De inzameling bij de apotheek kan worden gezien als een vooruitgeschoven post van de gemeentelijke inzameling van klein chemisch afval”, stelt Dijksma in  antwoord  op vragen van de Tweede Kamer. Ze vindt het “heel belangrijk dat gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen”. Inzet KNMP
 De KNMP streeft naar een situatie waarin alle apothekers overgebleven geneesmiddelen van hun patiënten inzamelen en de gemeenten vervolgens zorgen voor de afvoer en verwerking.  Op dit moment is er geen enkele vorm van uniformiteit, zo blijkt uit het rapport over medicijnafval van de KNMP, dat in 2016 is opgesteld na onderzoek naar de stand van zaken. Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Correcte verwerking medicijnafval: apothekers betalen de rekening
Nov25

Correcte verwerking medicijnafval: apothekers betalen de rekening

De inzameling van medicijnafval verloopt bepaald niet vlekkeloos. In een kwart van de gemeenten moeten apothekers het ingezamelde afval zelf vervoeren. Maar…. dat is in strijd met de wet. En bijna de helft van de apotheken moet betalen voor de afvalverwerking, soms zeer zelfs zeer fors. Staatssecretaris Dijksma van Infrastructuur en Milieu heeft onlangs gezegd dat het een misverstand is dat apothekers moeten betalen voor het afvoeren van medicijnafval van burgers. Inzameling van oude geneesmiddelen vindt plaats om te voorkomen dat het grondwater daardoor wordt vervuild. “De inzameling bij de apotheek kan worden gezien als een vooruitgeschoven post van de gemeentelijke inzameling van klein chemisch afval”, stelt Dijksma in antwoord op vragen van de Tweede Kamer. Ze vindt het “heel belangrijk dat gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen”. Van gratis tot 7.500 euro Maar dat doen dus lang niet alle gemeenten. Zo’n 45% laat de apotheker zelf betalen voor het inzamelen en/of verwerken van oude medicijnen. Apothekers betalen aan commerciële afvalverwerkingsbedrijven tot € 7.500 per jaar. De vier grote steden in ons land brengen niets in rekening. Van de G32 laten Eindhoven, Zoetermeer en Maastricht de apotheken opdraaien voor de rekening. Het gaat dus vooral om kleinere gemeenten, met name in Brabant, Zeeland en Flevoland. Opvallend: de provincie Utrecht neemt de kosten voor  haar rekening voor de gehele provincie. Zo kan het dus ook. Halen en brengen In plaatsen waar de apotheken kosteloos  het medicijnafval kwijt kunnen, gaat het nog vaak mis. Want in de helft van deze gemeenten moeten apotheken dit zelf naar de milieustraat brengen. En dat is in strijd met de Wet Milieubeheer. Zie het KNMP-onderzoek inzameling medicijnafval 2016 Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Apotheker gaat ‘Zelf aan het Roer’ staan
Jun06

Apotheker gaat ‘Zelf aan het Roer’ staan

De protestbeweging van huisartsen Het Roer Moet Om gaat zich uitbreiden naar andere medisch professionals. Er is een nieuwe lichting roergangers, ondersteund door de VvAA, die de verloren autonomie van de zorgverleners wil terugveroveren. Ze komen tijdens een congres op 22 juni, dat in het teken staat van Zelf aan het Roer, met een manifest. Het succes dat de huisartsen met hun actie oogstten, bleef in andere segmenten van de zorgsector niet onopgemerkt. Op een huisartsencongres vorige maand namen apotheker Aris Prins, fysiotherapeut Marije de Leur en medisch specialist Viola Verhoef symbolisch het stokje over van Lucas Fraza, initiatiefnemer van Het Roer Moet Om. Zij vormen het gezicht van Het Roer Moet OM 2.0 dat tot doel heeft zorgverleners weer verantwoordelijk te maken voor de kwaliteit van zorg. Terug naar waar het echt om draait De VvAA, dienstverlener aan medisch professionals, ondersteunt de nieuwe lichting roergangers. Op de website van de VvAA staan filmpjes waarin enkele ‘roergangers’ vertellen over de transitie die volgens hen nodig is. Apotheker Aris Prins: “Op basis van kwaliteit kunnen we het gewoon niet met elkaar oneens zijn. Je mag ons op onze kwaliteit afrekenen; als de zelf de regie nemen om die kwaliteit te borgen, kunnen we veel grotere stappen maken. Psychiater Cobie Groenendijk: “Het systeem van nu is erg gericht op doen, productie draaien, tijd schrijven. Maar als het gaat om de relatie tussen patiënt en arts, zou er juist veel meer tijd moeten komen voor betekenisgeving.” En fysiotherapeut Marije de Leur: “De afgelopen jaren zijn we enorm verstrikt geraakt in procesmatige zaken en wat dat betreft moet het roer nu echt om. Laten we teruggaan naar waar het echt om draait in ons vak.” https://youtu.be/qj579FB9gw0 Congres Zelf aan het Roer Op 22 juni vindt het VvAA-congres plaats dat in het teken staat van Zelf aan het Roer. Het is een vervolg op het jubileumcongres Tijd voor Ziel in de Zorg. VvAA ziet dat zorgverleners door alle druk van onder andere toezichthouders, beleidsmakers, verzekeraars en wet- en regelgeving, behoefte hebben aan meer autonomie en invloed op het uitoefenen van hun eigen vak. De jonge roergangers geven volgens VvAA een vervolg op de ingezette beweging die gaat over bezield leven en werken. Eigen regie is daarvoor essentieel. Het is tijd voor leiderschap en het baas zijn over eigen kwaliteit. In opmaat naar het VvAA congres, maken de nieuwe roergangers de komende weken hun zorgen manifest en werken zij toe naar een gemeenschappelijk handvest. https://youtu.be/JFvyV_R_jdw Onder redactie van: Kees Kommer  ...

Lees Verder
Ook voor apothekers lastenverlichting
Mei26

Ook voor apothekers lastenverlichting

De farmacie is een van de sectoren in de eerste lijn waarmee Zorgverzekeraars Nederland afspraken heeft gemaakt om de administratieve lasten te beperken. In de farmacie gaat het bijvoorbeeld om uniforme aanvraagformulieren voor dieetpreparaten en verbandmiddelen. De andere branches zijn mondzorg, paramedie, wijkverpleging, verloskunde en vrijgevestigde GGZ. Petra van Holst, algemeen directeur van Zorgverzekeraars Nederland heeft gisteren namens de gezamenlijke partijen aan minister Schippers de eerste resultaten van het traject ‘Vermindering administratieve lasten in de eerstelijnszorg’ aangeboden. Constructief Eind 2015 hebben zorgverzekeraars het initiatief genomen om met de organisaties in de eerste lijn te zorgen voor een vermindering van onnodige administratieve lasten. Alle partijen hebben constructief aan oplossingen gewerkt waardoor zorgverleners geen tijd kwijt zijn aan onnodige administratie en meer tijd hebben voor zorg aan hun patiënten. De gesprekken hebben bovendien gezorgd voor meer inzicht en wederzijds begrip voor wat er nodig is om mensen te verzekeren van goede en rechtmatige eerstelijnszorg. Een meer uniforme werkwijze In werkgroepen van de zes zorgsectoren zijn verschillende knelpunten besproken en afspraken gemaakt over het verminderen van de administratieve lasten. In de farmaceutische en paramedische sector worden uniforme aanvraagformulieren geïntroduceerd voor dieetpreparaten en verbandmiddelen. In de paramedische sector is afgesproken dat zorgverzekeraars hun werkwijze zoveel mogelijk uniformeren. Bijvoorbeeld als het gaat om doorverwijzingen en de maximale termijn waarop machtigingen afgegeven worden. In de mondzorg wordt ernaar gestreefd om in 2017 papierloos te werken. Nu wordt er nog veel gewerkt met papieren formulieren, vooral in de Wet Langdurige Zorg. Eerstelijns zorgverleners hebben regelmatig te maken met verschillen in de contractafspraken met zorgverzekeraars. Zorgverzekeraars gaan daarom bekijken hoe zij deze verschillen in de contracten – binnen de kaders van de mededinging – op onderdelen kunnen uniformeren. Procesafspraken Naast de concrete afspraken die administratieve lasten moeten verminderen, hebben de partijen ook procesafspraken gemaakt. Dat is om behalve de huidige onnodige administratie aan te pakken, ook onnodige lasten in de toekomst te voorkomen. Daarbij wordt gekeken naar wat zorgverzekeraars hieraan kunnen doen, en ook wat de toezichthouder (NZa), de regelgever (VWS) en de beroepsorganisaties kunnen doen. Alle resultaten zijn te vinden in deze publicatie en op de website: www.minderlastenmeerzorg.nl. Op de website staat ook een animatiefilmpje waarin de belangrijkste resultaten worden toegelicht. Onder redactie van: Kees Kommer Lees ook: In de juni-editie van FarmaMagazine verschijnt een verslag van de CHA-voorjaarsbijeenkomst met het thema: Verminderen van de regeldruk in de farmacie: lastenverlichting of lastenverschuiving?          ...

Lees Verder
Column: De apotheker gaat voorschrijven
Mei20

Column: De apotheker gaat voorschrijven

Heb je het gehoord, Niels? Iedereen heeft het erover. De nieuwe voorzitter van de VJA, de club van jonge apothekers, de nieuwe voorzitter van Nefarma en ook de nieuwe manager zorgonderzoek en innovatie van de KNMP zegt zoiets. Ze roepen het eigenlijk allemaal. En als dit gremium het hardop zegt, dan moet het toch wel waar zijn. Even rustig, Bas. Ik hoor dat je opgewonden bent. Maar wat is er precies aan de hand? Gaat het roer bij de apotheker nu ook eindelijk eens een beetje om, komt paracetamol ook in de sluis van Edith, gaat de KNMP fuseren met de KPMG en wordt de Domus Medica het centraal gelegen machtsblok in de zorg? Niets van dat alles, Niels. Wat er gaat gebeuren is dat de panelen in de zorg nu eens echt verschuiven, dat het domeindenken z’n beste tijd tijd heeft gehad en dat de zorg voor de patiënt beter wordt georganiseerd.  Want – en daar komt ie: de apotheker gaat zich richten op de individuele patiënt, de apotheker gaat voorschrijven! Dat is in ieder geval de visie van Ron Bartels, de nieuwe voorzitter van de Vereniging van Jonge Apothekers. Daar zeg je me wat! Jonge Ron staat daarin overigens niet alleen: de nieuwe voorzitter van Nefarma, Paul Korte zegt in deze editie van FarmaMagazine precies hetzelfde, Bas! Schuif de apotheker naar voren in het proces zodat die zijn kennis kan inzetten bij de keuze van de medicatie en het volgen van de patiënt. Artsen richten zich op de diagnose want daarvoor zijn ze primair opgeleid. En de apotheker is de partner van de huisarts bij het vinden van de juiste medicatie bij de juiste patiënt. Precies, Niels. En Monique Kappert van de KNMP zegt in deze editie van FarmaMagazine dat de apotheker zich meer gaat richten op begeleiding van de individuele patiënt. En laten we eerlijk zijn: een patiënt heeft veel meer aan een specialist in farmacotherapie die gericht kan adviseren over bijwerkingen en een ander middel kan voorschrijven dat effectiever werkt, dan aan een apotheker die alleen maar geneesmiddelen distribueert. Scheelt de huisarts bovendien een boel tijd. De apotheker en huisarts als een tandem. Revolutionair is het idee van de apotheker als voorschrijver ook weer niet, Bas. In Groot-Brittannië gebeurt het immers al. Dus wat let ons? Nu moeten we nog zorgen dat de huidige voorschrijvers apothekers optimaal gaan informeren over de diagnose, dat alle labwaarden beschikbaar komen en dat het elektronisch patiëntendossier op orde is, Niels. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur Niels van Haarlem, redacteur  ...

Lees Verder
Paul Korte: Medicatie en prijsafspraken op maat
Mei18

Paul Korte: Medicatie en prijsafspraken op maat

Medicatie en prijsafspraken op maat. Paul Korte, voorzitter van Nefarma, over de zoektocht naar het betaalbaar houden van geneesmiddelen. “Meer centraal ingrijpen is niet verstandig.” En over de veranderende rol van apotheker en huisarts. “Artsen richten zich op de diagnose en de apotheker is de sidekick bij het vinden van de juiste medicatie bij de juiste patiënt.” Hij wordt voorzitter van Nefarma op het moment dat het alleen maar over kosten gaat. Een leukere start is denkbaar. Maar Paul Korte, opgeleid als apotheker en in het dagelijkse leven algemeen directeur van farmaceut Janssen in Tilburg, neemt zijn verantwoordelijkheid.  “Voor Nefarma als vereniging van innovatieve bedrijven is het belangrijkste doel om blijvend nieuwe geneesmiddelen te ontwikkelen en bij patiënten te brengen, in binnen en buitenland. Die taak heeft de samenleving ons gegeven, dat is onze opdracht. En daar zijn we heel goed in, zeker de laatste tijd als je ziet dat we echt belangwekkende nieuwe geneesmiddelen introduceren. Maar we zijn een private bedrijfstak in een publieke sector. En dat beseffen we goed, dat brengt een verantwoordelijkheid maar ook een dilemma met zich mee: als private onderneming willen we zo goed mogelijk ons werk doen. Daar hangt een prijskaartje aan waarvan men nu vindt dat het hoog is. Dat maakt het niet makkelijk, maar mijn rol als voorzitter wel interessant.” Is die discussie niet een beetje aan het doorslaan? “Het wordt een beetje uitvergroot. De feiten tonen dat de groei in kosten voor geneesmiddelen reuze meevalt, zeker het afgelopen jaar. De bezuiniging in de zorg van de laatste jaren komt vooral op naam van geneesmiddelen. Jaarlijks geven we minder uit dan begroot. De kosten voor geneesmiddelen stijgen niet of nauwelijks, maar in ieder geval minder dan veel andere sectoren in de zorg. Kijken we naar de totale geneesmiddelensector, dan doen we het in Nederland dus heel goed en netjes. Maar er speelt iets anders en dat heeft te maken met de budgetten van ziekenhuizen die worden beperkt in groei. Volgens het Hoofdlijnenakkoord mag dat budget maximaal met 1 procent groeien. En door overheveling van geneesmiddelen van de eerste lijn naar het ziekenhuisbudget en de komst van nieuwe geneesmiddelen komt er meer druk te staan op dat budget. Dat geeft in ziekenhuizen en bij artsen die hiermee worden geconfronteerd veel spanning, dat begrijp ik heel goed. Maar kijk je met enige afstand naar andere, stijgende kosten die ziekenhuizen maken, dan valt de groei van geneesmiddelen wel weer mee.” Dus waar praten we eigenlijk over? “Natuurlijk is de discussie van belang omdat het gaat om toegankelijkheid, betaalbaarheid, solidariteit, maar laten we wel naar de feiten blijven kijken. Tien jaar jaar geleden waren het...

Lees Verder
Jan Smits (PGEU): Onze man in Europa
Mrt08

Jan Smits (PGEU): Onze man in Europa

Nederlandse apothekers lopen voorop in Europa. Maar we kunnen leren van andere landen als het gaat om het leveren van laagdrempelige diensten, kleine aandoeningen en contact met de patiënt. Oud-KNMP voorzitter Jan Smits over de apotheker in Europa. En over zijn bijdrage aan een oplossing voor de dure geneesmiddelen die hij binnenkort aan minister Schippers van VWS presenteert. We horen het vaker: de farmaceutische zorg in Nederland loopt voorop. In Europa doen we het goed en is ons niveau hoog. Jan Smits herkent dat in zijn contacten met apothekers in Europa. De oud-KNMP-voorzitter zet zich sinds begin van dit jaar in als president van de Europese koepelorganisatie voor apothekers, de Pharmaceutical Group of the European Union (PGEU). En dat in het jaar dat Nederland voorzitter is van Europa. Hij heeft dan ook een ambitieuze agenda opgesteld. Waarin lopen Nederlandse apothekers nu echt voorop? “De kennis van de apotheker op het gebied van farmaceutische zorg en hoe we die kennis gebruiken. We doen het goed op het gebied van medicatiemanagement, met automatiseringssystemen die apothekers prima ondersteunen. Denk ook aan de beschikbaarheid van lab-data. We zijn ook goed in het leveren van maatwerk: als een van de weinige landen vinden er nog eigen bereidingen plaats. Als we niet meer in de lokale apotheek bereiden, gebeurt dat centraal in het land. Apotheken hebben een efficiënt proces. Ook de keten is geoptimaliseerd. De tijd dat er drie keer per dag een vrachtwagen voor de deur van de apotheek stond is hier – in tegenstelling tot andere landen – al lang voorbij.  Kortom, we zijn in veel zaken koploper. Daarop mogen we trots zijn. Maar ik merk ook dat ik wel erg mijn best moet doen in Europa om uit te leggen wat apothekers in ons land allemaal doen. Een medicatiebeoordeling, dat doen er meer. Maar ons niveau ligt erg hoog.” Wat kunnen we leren van andere landen? “Apothekers in Nederland staan dichtbij de patiënt. Maar in veel landen heeft de apotheker vaker contact met de patiënt. De praktijken daar zijn ook aanzienlijk kleiner. Met een praktijk van 2.500 patiënten is het eenvoudiger om in gesprek te gaan met de patiënt. Door bezuinigingen in ons land werken er helaas minder tweede apothekers in de apotheek. Terwijl het aantal chronische patiënten groeit en de zorg complexer wordt. Ik pleit niet voor meer apotheken in Nederland, wel voor meer apothekers om deze groeiende groep patiënten goed en persoonlijk te begeleiden. Helaas ziet ook Europa de apotheker nog te veel als een handelsbedrijf en een kostenpost. De PGEU ziet de farmacie als onderdeel van de zorg waarin je juist moet investeren. Dat betaalt zich vanzelf terug.” Als...

Lees Verder
Pagina 1 van 3123