Informatiebijeenkomst over de pilot ‘Parallelle Procedures’
mei29

Informatiebijeenkomst over de pilot ‘Parallelle Procedures’

Op donderdag 13 juni vindt er een informatiemiddag plaats over de pilot met parallelle procedures voor registratie- en vergoedingstrajecten voor geneesmiddelen van het CBG en Zorginstituut Nederland. Deze pilot heeft als doel om te komen tot snellere toegang tot innovatieve geneesmiddelen. Het betreft een meer parallelle procedure voor registratie- en vergoedingstrajecten, in plaats van opeenvolgende processen, zoals nu het geval is. Het CBG en het Zorginstituut willen een werkwijze ontwikkelen aan de hand van een beperkt aantal geneesmiddelen die parallel worden beoordeeld. Dit gaat de zogeheten ‘time to patient’ verkorten. Voor deze pilot gaan het CBG en Zorginstituut Nederland op zoek naar geneesmiddelen die de komende periode bij het Europees Medicijnagentschap EMA zullen worden ingediend én die in aanmerking komen voor een beoordeling door het Zorginstituut. Programma De middag start met een presentatie van Kevin Liebrand (projectleider namens het CBG) en Pauline Pasman (projectleider namens het Zorginstituut). Zij lichten de doelstelling en de opzet van de pilot verder toe. Daarna is er voldoende gelegenheid voor een constructieve dialoog en om vragen van de aanwezigen te beantwoorden. De informatiemiddag vindt plaats op 13 juni van 15.00-16.30 uur, bij de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, Prinses Beatrixlaan 548-550, 2595 BM Den Haag. Wilt u deze informatiebijeenkomst bijwonen, meldt u zich dan wel van tevoren aan. Organisatoren De bijeenkomst wordt georganiseerd door het CBG, Zorginstituut Nederland, HollandBio en de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen. Bron: Vereniging Innovatieve...

Lees Verder
Symposium over de impact van de komst van EMA
jan28

Symposium over de impact van de komst van EMA

De tijdelijke huisvesting voor het Europees Medicijn Agentschap (EMA) is klaar voor gebruik. Dit is een belangrijke stap in de verhuizing van het EMA naar Nederland. Echter: wat betekent de komst van EMA naar ons land en welke impact heeft dat. Voor onze economie, voor de innovatieve geneesmiddelen, voor het CBG? Het NVGF-symposium op dinsdag 5 februari a.s. gaat daarop in. In de 22 jaar dat het EMA is gevestigd in Londen is er een bloeiende farmaceutische industrie ontwikkeld. Naar verwachting gebeurt dat de komende jaren ook in ons land. Er is nu reeds sprake van de komst van een aantal farmaceutische of farma-gerelateerde bedrijven die zich (gaan) vestigen in de nabije omgeving van EMA in Amsterdam, waaronder Sanofi en de Food and Drugs Agency (FDA). In 2022 volledig operationeel “Elf maart gaan we over,” vertelt Noël Walthion, de Belgische vicedirecteur van het EMA. “Dan werken hier vierhonderd mensen.” Met ‘hier’ doelt hij op het Spark-gebouw dat dienst doet als tijdelijk kantoor. Daar verblijft het geneesmiddelenagentschap zo’n negen maanden, om dan intrek te nemen in het permanente verblijf op de Zuidas. Een majeure en ingrijpende operatie. “Onze kerntaak is overeind gebleven, maar door de verhuizing werken we niet meer full-speed,” erkent vicedirecteur Walthion. “We verwachten in 2020 weer volledig operationeel te zijn.” Symposium op 5 februari a.s. Het zal duidelijk zijn dat de komst van de EMA ook gevolgen heeft voor ons land. Maar welke? De Nederlandse Vereniging voor Farmaceutische Geneeskunde (NVFG) organiseert op 5 februari 2019 vanaf 13.00 uur een symposium over de impact en nieuwe mogelijkheden. Toonaangevende vertegenwoordigers uit de politiek, van het CBG, de innoverende biotech-industrie en EMA zullen hun visie geven, waaronder Wouter Bos, Mona Keijzer, Noel Wathion en Hugo Hurts. Aginus Kalis, project director relocation EMA, VWS is dagvoorzitter. Inschrijven Voor leden van de NVFG is de toegang gratis, niet-leden betalen 75 euro. Bekijk alle informatie, inclusief programma en mogelijkheid tot aanmelding Zie ook het artikel bij FarmaMagazine: Vele farmaceutische bedrijven in slipstream van EMA naar Amsterdam Bronnen: NVFG, VWS en AD Onder redactie van: Gerda van Beek    ...

Lees Verder
Ton de Boer (CBG): “Tekorten verdwijnen nooit  helemaal”
jan21

Ton de Boer (CBG): “Tekorten verdwijnen nooit helemaal”

De bijsluiter verbeteren, en gunstige effecten met alleen de relevante bijwerkingen van geneesmiddelen op één toegankelijke A4. Ton de Boer, voorzitter van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG), over het winnen van het vertrouwen van de patiënt en over de tekorten aan geneesmiddelen. “Ik ben bang dat de tekorten nooit helemaal zullen verdwijnen.” Hij voelt zich na een jaar helemaal thuis als voorzitter van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. “Het was de juiste stap om de universiteit te verruilen voor het CBG. En het is veel spannender dan ik had gedacht! Hier heerst een andere dynamiek dan op de universiteit: zeer afwisselend werk en altijd spannend want iedere dag kan er iets gebeuren. Als arts én onderzoeker kom ik hier goed tot mijn recht. Ik lees stukken, overleg met tal van mensen over heel verschillende onderwerpen en doe uitspraken. En ik word er nog voor betaald ook”, vertelt de Boer met een lichte glimlach. “Dit is mijn eerste termijn, maar ik blijf graag nog wat langer.” Ton de Boer zet het beleid van zijn voorganger Bert Leufkens voort en zet de luiken van het CBG verder open. Want als het aan De Boer ligt moet zijn organisatie de patiënt meer betrekken bij de regulatoire processen. “Vorig jaar is het CBG gestart met het programma Goed Gebruik om goed medicijngebruik te stimuleren. Zo heeft het CBG samen met andere partijen het startschot gegeven om te komen tot online betrouwbare informatie over geneesmiddelen. Maar we gaan verder: het CBG gaat de informatie aan de patiënt verbeteren. De bijsluiter moet in begrijpelijke taal zijn geschreven. Daarnaast komt er beknopte informatie op één A4 met gunstige effecten van het geneesmiddel: ‘Dit geneesmiddel verlengt uw levensduur’ in plaats van ‘verlaagt uw bloeddruk’. De bijwerkingen willen we beperken tot de meest relevante. Nu bevat de bijsluiter van bijvoorbeeld statines zo’n 50 bijwerkingen, terwijl vooral spierklachten en verhoogde leverenzymen voorkomen. Het format voor de beknopte, nieuwe bijsluiter bestaat uit een enkele A4, op een visueel aantrekkelijke manier gepresenteerd met betrouwbare informatie die eenvoudig te begrijpen is. Het CBG test de beknopte bijsluiter bij groepen patiënten en gaat in gesprek met de industrie om de bijsluiters volgens dit nieuwe format te maken.” Ondertussen neemt het vertrouwen van de patiënt in geneesmiddelen, industrie en overheid verder af. “Vertrouwen in alle medicijnen zit in de missie van het CBG! Onze uitdaging is om nog beter te communiceren over waarom er tekorten zijn, of waarom generieke medicijnen ook goed zijn. Het CBG wil meer zichtbaar zijn, is aanwezig op Twitter en wellicht binnenkort ook op Facebook. Verschijnen er onwaarheden in de pers dan zullen we dat rechtzetten.” Huisarts...

Lees Verder
Opnieuw terugroepactie valsartan
dec05

Opnieuw terugroepactie valsartan

Een aantal medicijnen met daarin de werkzame stof valsartan wordt uit voorzorg teruggeroepen. Dit vanwege een ongewenste stof (NDEA) in de medicatie. Vervelend. Want eerder dit jaar vonden er al twee terugroepacties plaats voor valsartan, zij het wegens een andere verontreiniging (NDMA). De Inspectie geeft antwoorden op een aantal veelgestelde vragen. De verontreiniging met NDEA betreft alleen bepaalde batches van één grondstoffabrikant. De betrokken firma’s hebben in overleg met Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en het College ter Beoordeling van de Geneesmiddelen (CBG) besloten tot een terugroepactie. In andere Europese landen is ook een terugroepactie ingezet. Waar gaat het om? NDMA (N-nitrosodimethylamine) en NDEA (N-nitrosodiethylamine) zijn twee verbindingen die behoren tot de chemische groep van nitrosaminen. Ze kunnen ontstaan tijdens de productie van valsartan. Beide stoffen zijn geclassificeerd als waarschijnlijk kankerverwekkend. De kans dat de patiënt daadwerkelijk kanker krijgt bij gebruik van de verontreinigde medicijnen is voor zover bekend bijzonder klein. De gemeten waarden NDEA vallen echter wel boven de op Europees niveau vastgestelde veilige limiet. Daarom worden ze uit voorzorg teruggeroepen. Groot onderzoek Naar aanleiding van de aangetroffen verontreiniging in valsartan is in juli 2018 in Europees verband een groot onderzoek gestart, gecoördineerd door het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA). In dit onderzoek is ook de verontreiniging met NDEA vastgesteld in valsartan van een grondstoffabrikant. Definitieve resultaten van dit internationale onderzoek worden op korte termijn verwacht. Verwarrend Het kan voorkomen dat patiënten die al eerder van medicijn moesten wisselen vanwege vervuiling met de stof NDMA, nu opnieuw moeten wisselen vanwege vervuiling met de stof NDEA. Dat is voor hen heel vervelend en misschien ook verwarrend. Toch is het belangrijk dat iedere keer wanneer nieuwe vervuilingen worden ontdekt, daarop actie wordt ondernomen. Dat zal blijven gebeuren, steeds als dat nodig is. Overzicht veelgestelde vragen De Inspectie heeft een overzicht van veelgestelde vragen over de terugroepactie Valsartan gepubliceerd. Het is verstandig als zorgverleners deze ook doornemen, want patiënten zullen ongetwijfeld met vragen komen bij hun huisarts of apotheker. Bron: Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Netwerk Patiënteninformatie bundelt betrouwbare digitale medicijninformatie
nov21

Netwerk Patiënteninformatie bundelt betrouwbare digitale medicijninformatie

Patiënten moeten betrouwbare en begrijpelijke medicijninformatie beter kunnen vinden op het internet. Om dat te bereiken is het Netwerk Patiënteninformatie gestart. Zeven organisaties tekenden daartoe een intentieverklaring en gaan aan de slag. De eerste concrete stap die wordt gezet, is het aan elkaar koppelen van vier websites: van de medicijnautoriteit (CBG), het bijwerkingencentrum (Lareb), de huisartsen (NHG, Thuisarts.nl) en de apothekers (KNMP, Apotheek.nl). Informatie over medicijnen is niet altijd gemakkelijk te vinden op internet en is ook niet altijd begrijpelijk. De partners in het Netwerk Patiënteninformatie willen samen een bijdrage leveren om de digitale zoektocht naar betrouwbare medicijninformatie eenvoudiger te maken. Daarnaast wordt de nadruk gelegd op het verbeteren van de begrijpelijkheid van medicijninformatie. Dit kan bijvoorbeeld door helder taalgebruik en gebruik van animaties als aanvulling op de bijsluiter. Versnippering tegengaan Veel Nederlanders gebruiken medicijnen. Het is belangrijk dat zij goed worden geïnformeerd over de werking, de risico’s en het gebruik van deze medicijnen. Op initiatief van het Ministerie van VWS heeft NIVEL in 2016 onderzocht wat de informatiebehoeften van patiënten zijn. Eén van de conclusies van dat onderzoek is dat het aanbod van digitale medicijninformatie enorm groot is en versnipperd. Een duidelijke ordening van de informatie ontbreekt. Ook is het voor mensen niet altijd duidelijk is of een website betrouwbaar is. Het Netwerk Patiënteninformatie wil daar dus verandering in brengen, te beginnen dus met het koppelen van de vier websites. Startschot Minister Bruins van VWS heeft recent het startschot gegeven voor dit Netwerk Patiënteninformatie. Onderzoeksinstituut Nivel, expertisecentrum gezondheidsverschillen Pharos en de Patiëntenfederatie Nederland adviseren de deelnemers in dit Netwerk. Met hun relevante kennis kan het Netwerk rekening houden met wensen en behoeften van medicijngebruikers in Nederland. Bron: Rijksoverheid en Nivel Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Houdbaarheidsdatum op zelfzorgmiddelen
okt15

Houdbaarheidsdatum op zelfzorgmiddelen

Op de verpakking van zelfzorgmedicijnen staat tegenwoordig meestal de houdbaarheidsdatum vermeld. Slechts in 8 procent van de gevallen ontbreekt bij medicatie zonder recept een aanwijzing hoelang het aangebroken medicijn kan worden gebruikt. Nog maar een paar jaar geleden was de situatie totaal anders. In 2015 werd naar schatting slechts bij 10% van de zelfzorgmedicijnen met een hersluitbare verpakking, zoals flesjes hoestdrank, deze belangrijke informatie vermeld. En was het dus bij 90% van zelfzorgmiddelen totaal niet duidelijk hoe lang deze na opening nog te gebruiken waren. Oproep CBG Fabrikanten van zelfzorgmedicijnen hebben massaal gehoor gegeven aan de oproep van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) om de houdbaarheid na openen op de verpakking te vermelden. Aanleiding  voor de oproep van het CBG was een eerder onderzoek van de Consumentenbond. Hieruit bleek dat het voor consumenten onduidelijk was tot wanneer ze een geopend zelfzorgmiddel konden gebruiken. “Het CBG is met hulp van de apothekers, artsen en patiëntenorganisaties en dankzij de inspanningen van de fabrikanten tot dit mooie resultaat gekomen. Het geeft consumenten duidelijkheid tot wanneer ze een medicijn verantwoord kunnen gebruiken. En uiteindelijk draagt dit bij aan goed en veilig medicijngebruik”, aldus CBG-voorzitter prof. dr. Ton de Boer. Vermelding niet altijd verplicht Volgens de Europese wetgeving is het niet altijd verplicht om de houdbaarheid na openen op de verpakking en bijsluiter te vermelden. Om te zorgen dat medicijnen goed worden gebruikt, vindt het CBG het belangrijk dat dit wel gebeurt. Daarom heeft het CBG de fabrikanten dan ook gevraagd om bij hersluitbare zelfzorgmedicijnen de houdbaarheid na opening altijd op de verpakking en in de bijsluiter te zetten. Voorraad opmaken Overigens: niet alle zelfzorgmiddelen in de winkels hebben de houdbaarheid na openen al op de verpakking staan. Eerst wordt de voorraad opgemaakt. Bron: CBG Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Vergoeding van tijdelijke geneesmiddelen bij opvang van tekort
jul09

Vergoeding van tijdelijke geneesmiddelen bij opvang van tekort

Vanaf 1 augustus is het mogelijk om geneesmiddelen die uit het buitenland worden betrokken voor het opvangen van geneesmiddelentekorten, te vergoeden. Dit was tot nu toe een knelpunt. Het geldt voor geneesmiddelen waarvoor tijdelijke toestemming voor importeren door IGJ is gegeven en voor middelen waarvoor een tijdelijke handelsvergunning door het CBG is gegeven. De minister heeft het Besluit zorgverzekering gewijzigd. Aan het Besluit zijn inmiddels twee vergoedingsgronden toegevoegd. Deze gaan in per 1 augustus 2018. Twee verzekeringsgronden De eerste verzekeringsgrond is een geneesmiddel dat in Nederland niet geregistreerd is, maar met voorafgaande toestemming van de IGJ uit het buitenland kan worden gehaald. De tweede verzekeringsgrond betreft een geneesmiddel waarvoor het CBG een tijdelijke handelsvergunning op basis van artikel 52 van de Geneesmiddelenwet heeft verleend wanneer het geneesmiddel niet in Nederland in de handel is, maar wel in een andere lidstaat van de Europese Unie. Stoppen Let op: deze vergoedingen zijn tijdelijk. Ze stoppen zodra er geen toestemming van de IGJ of tijdelijke vergunning van het CBG meer is voor het uit het buitenland betrekken van het vervangende geneesmiddel. Vanaf 1 augustus niet meer voor rekening verzekeraar Momenteel komen de kosten voor het oplossen van geneesmiddelentekorten door het geneesmiddel uit het buitenland te betrekken, voor rekening van de verzekeraar, apotheek of verzekerde. Met de twee nieuwe verzekeringsgronden wordt dit knelpunt opgelost. Dit is een van de oplossingen die ook is aangedragen door de Werkgroep Geneesmiddelentekorten waaraan de KNMP deelneemt. Bron: KNMP Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Samenwerking CBG en Hartstichting
jan17

Samenwerking CBG en Hartstichting

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en de Hartstichting gaan samenwerken. Gezamenlijke inzet kan de ontwikkeling van medicijnen bevorderen en ervoor zorgen dan nieuwe medicijnen sneller beschikbaar zijn voor de patiënt. Soms verlopen de vertaling en ontwikkeling van onderzoek naar medicijnen onnodig traag. Dit heeft te maken met onbekendheid met de regels voor vergunningverlening van medicijnen. Het CBG kan vanuit haar expertise reeds in een vroeg stadium de onderzoekers van de Hartstichting advies geven over optimale toepasbaarheid en haalbaarheid van het onderzoek. Nieuwe medicijnen worden vaak bedacht in academische centra of kleine farmaceutische bedrijven. Deze zijn niet altijd goed op de hoogte van de complexe regelgeving van de vergunningverlening van medicijnen. Met als gevolg dat geneesmiddelenonderzoek soms opnieuw moet worden uitgevoerd. Of de medicijnen komen zelfs helemaal niet beschikbaar. Samenwerking met het CBG kan dit voorkomen. Beste behandeling voor hart- en vaatpatiënten
 Floris Italianer, directeur van de Hartstichting: “De financiering van excellent wetenschappelijk onderzoek is een van onze belangrijkste activiteiten om hart- en vaatziekten eerder op te sporen en beter te behandelen. Het zo snel mogelijk vertalen van onderzoeksresultaten naar de kliniek of zorgpraktijk heeft onze aandacht: we willen dat hart- en vaatpatiënten de beste behandeling krijgen. Sinds 2016 werken onze onderzoekers daarom verplicht samen met een commissie van gebruikers. Deze adviseert hoe de uitkomsten zo snel mogelijk praktisch toepasbaar worden voor de patiënt. De samenwerking met het CBG is hierin een volgende stap. Met advies van het CBG kunnen onze onderzoekers hun onderzoek nog doelgerichter en efficiënter opzetten.” CBS biedt advies op maat
 Om vernieuwing en snelle toegang tot medicijnen te bevorderen, is het CBG in 2015 gestart met een pilot met het geven van advies op maat. Dit betreft een laagdrempelige adviesvorm voor start-ups: kleine bedrijven en academische groepen die werken aan de ontwikkeling van medicijnen. 
Het CBG biedt tevens advies bij innovatieve geneesmiddelontwikkeling, markttoelating van geneesmiddelen die off-label worden gebruikt en registratie van een nieuwe toepassing van een bestaand geneesmiddel (Drug Rediscovery). Over het algemeen heeft het advies primair betrekking op de vroege fase van ontwikkeling (farmaceutische of preklinische aspecten, fase I klinisch onderzoek). Het CBG biedt daarbij ook de mogelijkheid van een ketenbreed advies met Zorginstituut Nederland en/of de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO). Daardoor krijgen partijen de mogelijkheid om aan tafel te zitten met alle bij geneesmiddelenontwikkeling betrokken overheidspartners. Bron: CBG Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Extra geld naar CBG vanwege de Brexit
okt27

Extra geld naar CBG vanwege de Brexit

Het Verenigd Koninkrijk zal eind maart 2019 de Europese Unie verlaten. Dit heeft gevolgen voor geneesmiddelenregulering in Europa. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) bereidt zich voor om extra werkzaamheden die ontstaan door Brexit deels over te nemen. Continuïteit staat hierbij voorop. Om die reden investeert de Nederlandse overheid de komende jaren € 2 miljoen in extra capaciteit voor het CBG. Ook wordt er geïnvesteerd in versterking van het Europese netwerk door het faciliteren van extra opleidingsmogelijkheden. Het CBG heeft een projectorganisatie ingericht om de continuïteit van het Europese netwerk te waarborgen. Op dit moment worden extra werknemers aangetrokken en ingewerkt zodat Nederland een deel van het werk kan opvangen. Versterken Europees netwerk
 Daarnaast wil Nederland het regulatoire netwerk in Europa versterken. Dit doet het CBG onder meer door het faciliteren van extra opleidingsmogelijkheden voor medewerkers van andere Europese geneesmiddelenagentschappen. Het doel is om daardoor op termijn een betere verdeling van de werkzaamheden tussen de geneesmiddelenagentschappen van de Europese lidstaten te laten ontstaan. Over Brexit Op 29 maart 2019 verlaat het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie. Dit heeft als gevolg dat regulatoire werkzaamheden van de Britse Geneesmiddelenagentschappen MHRA (humaan) en VMD (veterinair) door agentschappen van andere Europese lidstaten moeten worden overgenomen. Daarnaast moet het nu in Londen gevestigde Europese Geneesmiddelenagentschap (EMA) verhuizen naar een andere Europese lidstaat. Nederland heeft een sterke lobby ingezet om de EMA naar Amsterdam-Zuid te halen. Of dat gaat lukken, is maar zeer de vraag. Er zijn 19 aanbiedingen die de lidstaten hebben ingediend voor vestiging van de EMA. Een belangrijke organisatie die werk biedt aan duizend hooggekwalificeerde werknemers. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”
mei16

Bert Leufkens (CBG): “De toekomst is aan medicatie op maat”

Prof. Dr. Bert Leufkens neemt na tien jaar afscheid als voorzitter van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Tal van dossiers kwamen langs zijn bureau. Van de veiligheid van NSAID’s tot Diane 35. “De toekomst is aan de personalised medicines.” Het CBG in Utrecht beoordeelt en bewaakt de werkzaamheid, risico’s en kwaliteit van geneesmiddelen. Naast voorzitter Leufkens bestaat het college uit artsen, apothekers en wetenschappers, benoemd door de minister van VWS. De collegeleden worden ondersteund door ruim driehonderd medewerkers van het Agentschap CBG, onderdeel van het Ministerie van VWS. In de praktijk betekent dat voor de driehonderd medewerkers dat per nieuw geneesmiddel vele meters dossier moeten worden doorgeploegd. In de Europese Unie beoordeelt het CBG samen met de andere nationale geneesmiddelenautoriteiten de nieuwe middelen onder de vlag van de European Medicines Agency (EMA) in Londen. Alle EU-landen kunnen bij het EMA intekenen voor de beoordeling van een dossier voor een nieuw geneesmiddel. Geeft de EMA een klap op een dossier dan kan het op de markt worden gebracht. Of het ook wordt vergoed is een andere tak van sport en daarover gaat het CBG niet. Waarop bent u trots? “De wetenschappelijke verankering van het CBG! Ieder besluit moeten we wetenschappelijk kunnen verantwoorden aan de buitenwereld. Deze academisering van het College is goed gelukt: Nederland hoort inmiddels bij de Europese top-3 van geneesmiddelenautoriteiten. Nederland is heel deskundig op belangrijke terreinen als cardiovasculair, oncologie, biosimilars en diabetes.  Ook is het college een vast onderdeel van de farmaceutische innovatiecyclus geworden. We werken samen met de universiteiten, hebben een open cultuur. Zo leggen we de maatschappij beter uit welke afwegingen we hebben gemaakt en waarom we besluiten over een bepaald geneesmiddel. Voorheen stelde het CBG zich misschien te veel als rigide autoriteit op: dit is het besluit en daar moet je het mee doen. De wereld van de geneesmiddelen bestaat echter niet uit zwart of wit, ik geloof in grijstinten. Ook ben ik blij dat het werk van het CBG niet stopt na de toelating: ook daarna houden we de vinger aan de pols en grijpen in als het nodig is. En ik ben er trots op dat er in het College een vertegenwoordiger van de patiënt zit. Ik heb wel acht jaar moeten knokken om een patiënt in het College te krijgen.” Tien jaar lang zat hij iedere maand gemiddeld een volle week in Londen. Om samen met zijn collega’s uit Europa zich te buigen over de toelating van geneesmiddelen. Dit dossier krijgt wel goedkeuring van ‘Europa’, dit niet. Leufkens is een Europeaan. “De Europese verankering zit in de genen van het CBG. Wat goed is voor Europa, is goed voor...

Lees Verder