Administratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en ei
jun15

Administratieve lasten en het zorgstelsel: Kip en ei

Tijdens de recente voorjaarsbijeenkomst van Clearing House Apothekers was het thema Verminderen van de regeldruk in de farmacie: lastenverlichting of lastenverschuiving? In het debat hierover mocht iedereen alles zeggen, mits met respect, zei gespreksleider Martin Favié, voorzitter van Bogin. Discussie was er inderdaad volop, met actieve inbreng van de pakweg veertig aanwezigen in de zaal. Het debat over de administratieve lasten in de apotheek, 20 mei bij CHA in Den Haag, werd geïntroduceerd door een kort betoog van de drie gespreksdeelnemers: Jean Hermans (manager beleid en ontwikkeling bij de KNMP), Otto Kampen, (senior zorginkoper bij zorgverzekeraar CZ) en Bart Bruijn (apotheekhoudende huisarts). Hermans verzorgde de aftrap door te stellen dat praten over administratieve lasten altijd leidt tot wij/zij denken. “En dan bedoel ik wij tegen de zorgverzekeraars”, zei hij. “Maar ik vind dat we iets verder moeten kijken: een complexe samenleving vraagt om regels. De burger wil weten of de zorgeuro goed besteed wordt. Dit plaatst niet alleen ons, maar ook de zorgverzekeraars met de rug tegen de muur. Het is een enorm compliment dat 99,85 procent van de declaraties in de apotheek klopt, zoals de Nederlandse Zorgautoriteit enige tijd geleden bekendmaakte, maar de vraag is of dit in verhouding staat tot wat we daarvoor moeten doen. In het antwoord op die vraag is het goed om ons te realiseren dat de uitvraag niet alleen van de zorgverzekeraars komt, maar ook van de overheid, de Inspectie voor de Gezondheidszorg, de NZa en de sector zelf. Iedereen veroorzaakt administratieve lasten en probeert die bij de ander op het bord te schuiven. De pech voor de apotheker is dat die de laatste in de rij is.” Hermans stelde dat een oplossing voor het probleem van de lastendruk alleen in samenwerking te vinden is. De KNMP heeft hierin stappen gezet door samen met de zorgverzekeraars en het ministerie van VWS te beschrijven wat precies de administratieve lasten zijn en op welke plaatsen ingrijpen mogelijk is. Als voorbeeld worden de bijlage 2 middelen genoemd. “Bij deze geneesmiddelen stelt het ministerie nadere voorwaarden aan de vergoeding. Deze voorwaarden zorgen voor veel administratieve lasten bij huisartsen en in apotheken. Uit de gesprekken tussen de KNMP en ZN bleek dat beiden vinden dat deze lijst dringend door VWS moet worden opgeschoond. Dit overleg zal op korte termijn concrete resultaten opleveren.” Hoe kort is kort?, wilde Favié weten. Het concrete antwoord op die vraag bleef helaas uit. Wel werd een paar dagen later bekendgemaakt dat Zorgverzekeraars Nederland met 24 brancheorganisaties van eerstelijns zorgverleners afspraken heeft gemaakt om de administratieve lasten te beperken. De KNMP is een van die 24 organisaties. Kampen zei zich goed te kunnen vinden...

Lees Verder
CHA Najaarsbijeenkomst: Apotheker kiest steeds minder voor eigen bereiding
nov20

CHA Najaarsbijeenkomst: Apotheker kiest steeds minder voor eigen bereiding

In de week dat het RIVM een inventarisatie uitbrengt over collegiale levering door apothekers, gaat de Najaarsbijeenkomst van Clearing House Apothekers (CHA) in Den Haag over de (doorgeleverde) bereidingen. Zijn bereidingen nog wel een essentieel onderdeel van het apothekersvak?Het is in het kantoor van CHA een levendige bijeenkomst waar met de smartphone op stellingen kan worden gestemd. Het panel staat onder leiding van Martin Favié, voorzitter van BOGIN, Biosimilars en generieke geneesmiddelenindustrie Nederland. De panelleden zijn Henk Eleveld van zorgverzekeraar Menzis, Hans Waals van apotheek de Magistrale Bereider, partner van het farmaceutische bedrijf Fagron, en Paul Lebbink van de Transvaal apotheek in Den Haag. Het is in het kantoor van CHA een levendige bijeenkomst waar met de smartphone op stellingen kan worden gestemd. Het panel staat onder leiding van Martin Favié, voorzitter van BOGIN, Biosimilars en generieke geneesmiddelenindustrie Nederland. De panelleden zijn Henk Eleveld van zorgverzekeraar Menzis, Hans Waals van apotheek de Magistrale Bereider, partner van het farmaceutische bedrijf Fagron, en Paul Lebbink van de Transvaal apotheek in Den Haag. Strikte voorwaarden Uit een inventarisatie van het RIVM blijkt dat een aantal producten dat collegiaal wordt geleverd geen meerwaarde heeft ten opzichte van geregistreerde producten. Sinds 2007 is het aandeel van dit type producten afgenomen van 52 naar 33 procent. Dat komt doordat vanaf dat jaar een aantal strikte voorwaarden gelden voor de collegiale leveringen van apotheekbereidingen. Deze voorwaarden zijn in het belang van patiënten bepaald door de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) met het ministerie van VWS. Zo mag het middel alleen worden verstrekt als er geen geregistreerd alternatief voor bestaat, of als voldoende is bewezen dat de patiënten niet gebaat zijn bij de geregistreerde alternatieven. Deels gestaakt Tegenwoordig wordt hiervoor steeds vaker een product afgeleverd dat in een andere apotheek bereid is. Deze zogeheten collegiale levering is volgens de wet niet toegestaan. Het gaat hier immers niet om een rechtstreekse verstrekking aan eigen patiënten van een apotheek. Een deel van de apothekers heeft de collegiale leveringen van eigen bereidingen gestaakt omdat ze niet aan de voorwaarden van de IGZ konden voldoen. Andere apothekers hebben, conform de restricties, onder andere ‘productiedossiers’ samengesteld om aan te tonen dat ze aan de voorwaarden voldoen. Een tussenfase? Door het panel wordt geconcludeerd dat er in wezen sprake is van een gedoogsituatie, vergelijkbaar met de coffeeshops. Als alleen op kleine schaal voor de eigen patiënten mag worden bereid, dan worden de doorleveringen gedoogd. En alleen zo lang gangbare geregistreerde medicijnen geen oplossing bieden. Tegelijk innoveert de apotheek richting patiëntenzorg op maat. Wellicht vormt de huidige regelgeving een tussenfase, al is het goed dat apothekers minder zelf zijn gaan bereiden. STELLING: Apotheekbereidingen zijn...

Lees Verder
De nieuwe declaratiestandaard: wat kunt u verwachten?
jul03

De nieuwe declaratiestandaard: wat kunt u verwachten?

Sinds 1 juli 2015 declareren apothekers volgens de nieuwe declaratiestandaard. De nieuwe standaard gaat gepaard met diverse veranderingen in het declaratieverkeer tussen apotheker, zorgverzekeraar én cliënt. 17 juni 2015 vond er een bijeenkomst over plaats bij Clearing House Apothekers (CHA) in Den Haag. ‘Ik kan me voorstellen dat zorgverzekeraars deze nieuwe declaratiestandaard willen, maar wat levert het de apothekers op? Voor hen betekent het vooral veel administratielast.’ Het is een vraag van een apotheker uit de zaal, aan het eind van de plenaire bijeenkomst over de nieuwe declaratiestandaard voor apothekers, 17 juni 2015, ten kantore van Clearing House Apothekers (CHA) in Den Haag. De bijeenkomst was georganiseerd door CHA, en bedoeld voor apothekers, ketens, hulpmiddelenleveranciers en zorgverzekeraars. Daarnaast waren er vertegenwoordigers van de twee grootste AIS (apotheekinformatiesysteem)-leveranciers, Anne-Marie Broekhuisen-Speekenbrink van PharmaPartners en Peter Gebben van CGM. Zij organiseerden na afloop van de plenaire bijeenkomst twee parallelsessies voor apothekers. Daarin bespraken ze hoe hun AIS de wijzigingen in de nieuwe standaard gaan opvangen. Koos Augustijn, business analist van CHA en gespreksleider tijdens de plenaire bijeenkomst, ziet ook voordelen van de nieuwe standaard voor de apothekers. ‘Het leidt tot meer transparantie in het declaratieverkeer tussen apotheker en zorgverzekeraars. Bijvoorbeeld doordat het aantal facturen sterk zal verminderen. Stuurde je als apotheker voorheen 120 facturen naar de zorgverzekeraar, dat zijn er straks 40. Dat betekent minder risico op vergeten facturen. Het komt nu nog wel eens voor dat apothekers vergeten om hun farmaceutische prestaties te declareren. Als je minder facturen hebt, zal je dat eerder opvallen. Des te meer omdat alle verrichtingen en geleverde middelen voortaan in één factuur zijn opgenomen.’ Betere retourinformatie Want dat is een belangrijke verandering in de nieuwe declaratiestandaard. Voortaan moeten het geneesmiddel, het tarief terhandstelling eerste uitgifte (EU) en verrichtingen zoals het Begeleidingsgesprek nieuw geneesmiddel (BNG) in één gezamenlijke factuur worden aangeleverd. ‘De factuur bestaat daarmee uit drie declaratieregels: een regel voor het verstrekte middel, voor de EU en voor de BNG. De kosten van de drie regels staan ook apart vermeld. En de drie regels krijgen allemaal hetzelfde koppelnummer. Ze vormen samen één setje.’ De relatie tussen BNG en nieuw geneesmiddel wordt daarmee in één oogopslag duidelijk, vervolgt Augustijn. ‘Dat is een aanzienlijke verbetering, want bij de oude standaard wist de zorgverzekeraar niet altijd welk BNG bij welk geneesmiddel hoorde. Dat leidde wel eens tot discussies tussen zorgverzekeraar en apotheker.’ Prijscorrecties in de retourinformatie van de zorgverzekeraar zijn voortaan apart gespecificeerd. ‘Je hoeft als apotheker niet langer te gissen of de prijscorrectie gaat over de terhandstelling of het geneesmiddel. Dat was voorheen wel zo. Je krijgt als apotheker dus transparante retourinformatie. Tegelijkertijd is er wel afgesproken dat...

Lees Verder
Op zoek naar de beste bekostiging voor farmaceutische zorg
nov15

Op zoek naar de beste bekostiging voor farmaceutische zorg

3 oktober 2014 vond het najaarssymposium plaats van Clearing House Apothekers (CHA), ten kantore van CHA in Den Haag. Leidend thema: de toekomstige bekostiging van de farmaceutische zorg. Martin Favié (BOGIN) nam de rol van dagvoorzitter op zich. “Ik ben met de verkeerde dingen bezig”, verzucht Martin Potjens, beleidsadviseur Farmacie en Hulpmiddelen van Zorgverzekeraars Nederland (ZN). Potjens is spreker op het najaarssymposium van Clearing House Apothekers, 3 oktober 2014. Zijn verzuchting is goed voorstelbaar. Als beleidsadviseur is hij voortdurend bezig met discussies over vergoeding en bekostiging van de farmaceutische zorg, terwijl hij liever over de kwaliteit van deze zorg zou spreken met de beroepsgroep. De apothekers in de zaal herkennen de worsteling van Potjens. “We komen niet toe aan een discussie over kwaliteit,” roept een van hen. Dat blijkt meteen ook uit de discussie tussen Potjens en de apothekers over de vergoeding van de eerste terhandstelling (ETG). Dat is sinds de invoering ervan per 1 januari 2014 een gevoelig onderwerp voor apothekers en cliënten. Niemand is tevreden met de aparte bekostiging voor deze zorgprestatie. Het werkt zorgmijding in de hand, constateren apothekers. “Het eerste wat patiënten  in de spreekkamer tegen me zeggen is: ik wil uw zorg niet, want dat kost geld,” vat een van de apothekers samen. Zorgzwaartebekostiging Ook zorgverzekeraars hebben moeite om een goede bekostigingsstructuur voor de farmaceutische zorg te bedenken, stelt Potjens. “Het ontbreekt ons bijvoorbeeld aan data om de prestaties van apothekers, per stad, wijk of regio, goed met elkaar te vergelijken. De gegevens die we hebben, roepen vaak alleen maar vragen op. Hoe komt het dat er in Zeeland minder declaraties zijn voor ETG’s dan in Groningen? Zijn de Zeeuwen gezonder, of worden ze juist onderbehandeld? Geen idee. We kunnen daar geen zinvolle data-analyses op loslaten.” Data-analyses zijn waardevol, benadrukt Potjens, maar ze hebben alleen zin wanneer er vervolgens een gesprek tussen zorgverzekeraar en apotheker over plaatsvindt. “Ik kan dan vragen: Waarom schrijven jullie zoveel declaraties voor? Misschien zijn er redenen voor die ik niet terug kan vinden in onze gegevens. Het kan zijn dat een apotheker een zware patiëntenpopulatie heeft, met veel ouderen of chronisch zieken in de wijk. Dat is relevante informatie, die een rol kan spelen bij de verdere contractering van de apotheker of ketens. We gaan dan de kant op van zorgzwaartebekostiging.” “De bekostiging werkt zorgmijding in de hand. Het eerste wat patiënten in de spreekkamer tegen me zeggen is: ik wil uw zorg niet, want dat kost geld.” “Huisartsen werken al zo,” reageert een apotheker. “Daar kijken zorgverzekeraars bij de contractering hoe zwaar hun patiëntenpopulatie is, op basis van parameters zoals achterstandswijk, chronische ziekten of ouderdom van de populatie....

Lees Verder