Column: “ Uh… wat bedoel je?”
nov27

Column: “ Uh… wat bedoel je?”

De wijze waarop we met elkaar kunnen communiceren is door de jaren heen onbeschrijfelijk veranderd. Postduiven vliegen nog wel rond, maar spelen geen enkele rol meer in de informatie overdracht. WhatsApp, Instagram, Facebook Messenger, om maar enkele te noemen hebben daarin, naast de telefoon, een volwaardige plaats gekregen. Er wordt zelfs onderzoek gedaan naar de mogelijkheid nog niet uitgesproken woorden te begrijpen door de elektrische hersensignalen te ondervangen voordat deze onze stem kunnen aansturen. Communicatie is net als ademhalen: het hoort bij ons leven. Het is dan ook niet meer dan logisch dat we onze denkkracht en innovatief handelen gebruiken om al die communicatiemethodes steeds maar weer te verbeteren. Zaken waarover we professioneel met elkaar communiceren, proberen we zelfs in protocollen en richtlijnen vast te leggen. Met richtlijnen voor een goed consult en een eerste uitgifte gesprek, proberen we deze gesprekken te standaardiseren en af te vinken. Deze technieken lijken we onder de knie te hebben, het is dan ook op zijn minst verwonderlijk dat, de ander daadwerkelijk begrijpen er door de jaren heen niet echt beter op geworden is. Het vocabulaire dat we tot onze beschikking hebben lijkt minder snel te groeien dan de technieken om de woorden over te brengen. Het jezelf uiten, aangeven hoe je je voelt, over bijvoorbeeld ziek zijn of geneesmiddelgebruik, cruciaal voor een goede diagnose en therapie en basis voor een vertrouwensband is en blijft beperkt en ontoereikend. Met onze huidige, beperkte woordenschat en de individuele verschillen in het uiten van emoties is miscommunicatie zo ontstaan. Wat betekent ‘goed’ voor iemand die net te horen heeft gekregen dat hij chronisch ziek is? En als het ‘niet goed’ gaat maar ook ‘niet slecht’ hoe uit je dan hoe je je voelt? Met alle aandacht voor techniek en vinklijstje lijkt die voor het elkaar echt begrijpen verloren te gaan. Te snel lijken we gedrag en woordkeus vanuit onze eigen referentiekader in te vullen. Protocollen en tijdsdruk geven steeds minder ruimte om door te vragen: wat bedoelt u als u zegt dat het u goed gaat? Wat betekent goed voor u, en onder welke omstandigheden geldt dit dan? Heeft uw goed dan dezelfde betekenis als goed heeft voor uw patiënt? ”Het gaat goed”, heel makkelijk gezegd, maar zo ontzettend moeilijk te interpreteren. ❦ Maayke Fluitman is apotheker en eigenaar van care2create en de SelfCareFactorY.com. Haar focus ligt op het adviseren en ontwikkelen van diensten en producten op het gebied van self care, wellness en healthcare. Deze column verscheen eerder in FarmaMagazine november 2018....

Lees Verder
Column: Back to school
sep15

Column: Back to school

De voorbije zomer was uitzonderlijk; aanhoudende tropische temperaturen onder een zon die onbarmhartig het groen verdorde en de grond uitdroogde. Heel anders dan die Hollandse zomers die begeleidt met druilerige regens en schrale temperaturen onopgemerkt in de herfst overgaan. Ondanks deze extreme verschillen in zomers is er één verschijnsel dat in de laatste dagen van de zomer, jaar in jaar uit, weer terugkeert: het spandoek: ‘De scholen zijn weer begonnen’. Waar je ook kijkt of gaat en of je nu kinderen hebt of niet, alles en iedereen is in de ban van de start van het nieuwe schooljaar. Flyers, posters, tv en radio reclames stampen het erin en automobilisten worden gewaarschuwd: ‘er zijn weer overstekende scholieren!’. Vrachtwagens krijgen een route advies om scholen te mijden. De jeugd gaat nieuwe kennis opdoen, zich voorbereiden op eindexamens, starten met nieuws studies… maar waarvoor? De jeugd wordt klaargestoomd voor banen die nog niet bestaan. Robotisering en automatisering veranderen ons werk en leven zo razendsnel dat het bijna onmogelijk is om te voorspellen hoe de arbeidsmarkt en de vraag naar kennis er over 5, 10 jaar uitziet. Dit is de uitdaging en vraag voor het onderwijs,: als je niet weet waarvoor wordt opgeleid, welke kennis en vaardigheden geef je dan mee? Met welke verwachting begint een student aan zijn of haar opleiding medicijnen of farmacie? Garandeert het behaalde diploma slechts kennis tot aan de voordeur van de universiteit? Het voordeel van de beginnend student is dat hij of zij nog een aantal jaren heeft om te leren mee te bewegen met de veranderende wereld, voordat er als apotheker of arts zelfstandig geanticipeerd moet worden op de razendsnelle nieuwe ontwikkelingen. Niet weten hoe je vak er over 10 jaar uitziet impliceert echter ook dat ons beroep gedurende de komende jaren continue verandert, evolueert naar iets nieuws en anders. Dat betekent ook dat de nu in het veld actieve generatie in een continu proces zit dat aan het ‘begin van het jaar’ significant anders was dan het aan het ‘einde van het jaar’ zal zijn. Aanpassingsvermogen en flexibiliteit zullen nodig zijn om, als onderdeel van de keten van veranderingen, professioneel te kunnen blijven handelen. Dit vraagt om aanpassingsvermogen en een continue leerproces van iedereen die onderdeel is van dit proces. Flexibiliteit in handelen en nieuwe ontwikkelingen razendsnel inpassen in ons gestructureerde professioneel handelen, zijn uitdagingen waarmee we steeds meer geconfronteerd zullen worden. De ‘back to school’ opdracht voor de huidige zorgprofessional is volgens mij dan ook bij te dragen aan een dusdanige ontwikkeling van het vak zodat een nieuwe generatie artsen en apothekers toekomstig patiënten op een innovatieve manier kunnen blijven helpen. Hebt u uw schoolagenda...

Lees Verder
Column: Gevoelstemperatuur
apr16

Column: Gevoelstemperatuur

Half maart, Groningen en de gevoelstemperatuur is -10 graden Celsius. Het noorden was dit keer niet alleen ver en hoog, maar ook steen en steenkoud. Niet op de universiteit, maar in de lokalen van het plaatselijk Gymnasium oefenden studenten farmacie in workshops hun soft skills en deden zij kennis op over interne drijfveren en externe presentatie. Tijdens onze studie leren we voornamelijk theoretisch, we leren door het vergaren van nieuwe kennis en naarmate we vorderen in de opleiding leren we ook praktisch. We worden geacht onze kennis toe te passen, zodat de patiënt voordeel kan putten uit onze opgedane kennis. Theorie opgedaan uit lesboeken en college dictaten is toetsbaar en het behaalde tentamen cijfer maakt transparant hoe het met de technische, theoretische bagage van de aankomende zorgprofessional gesteld is. Na diplomering zijn we voldoende toegerust om de opgedane kennis in te zetten in het belang van de patiënt. We weten nu hoe we een correcte diagnose moeten stellen en de juiste medicamenteuze therapie moeten toepassen. Dit móet wel leiden tot optimale zorguitkomsten. Maar is al onze vergaarde kennis ook de kennis die de patiënt als waardevol ervaart? Therapietrouw is zelden tot nooit 100% verzekerd, gestelde diagnoses worden steeds vaker in twijfel getrokken en patiënten toetsen de kennis van de zorgprofessional en zoeken eigen antwoorden op het internet. Net zoals bij de temperatuur schijnt er verschil te zijn tussen de meetbare kennis van de zorgprofessional en de geaccepteerde overgedragen kennis. Zoals wind en luchtvochtigheid ons doen denken dat het buiten kouder is dan het feitelijk op de thermometer is, zo spelen ook meerdere bewuste en onbewuste factoren mee als onze patiënten onze kennis, al of niet met internet, wegen om er hun eigen kennis en handelen op af te stemmen. Terwijl de koude wind om het Gymnasium waait, werden de studenten geconfronteerd met de impact die hun denken en presentatie heeft op hun omgeving. En hoe niet bewuste oordelen de eigen keuzes sturen en daarmee een onvermoede impact hebben op de mensen in de omgeving. En dat, hoe je omgeving over je denkt, juist bepaalt wat men doet met de kennis die je met hen deelt. Kennis is niet alleen wát je overdraagt maar ook hòe de ander dit ervaart. En net als bij de temperatuur kan wat als een positieve waarde wordt gemeten door het vriespunt zakken en als een negatief worden ervaren. Bijna alles is te leren, zelfs deze complexe interactie tussen personen. En hoewel de impact groot is, is het nog steeds geen substantieel onderdeel van onze opleidingen. Een groep studenten is zich hiervan, sinds half maart, in ieder geval iets bewuster. Een eerste stap in de goede...

Lees Verder
Column: Voorschrijven; meer dan een administratieve klus
dec21

Column: Voorschrijven; meer dan een administratieve klus

Terwijl de huisarts mijn spreekkamer uitloopt na een overleg over de medicatie van mevrouw de B van 79 jaar, zegt ze: “mooi, maak jij de nieuwe recepten voor mevrouw in orde?” Ik heb er een dubbel gevoel bij. Enerzijds ben ik tevreden met het vertrouwen dat ik krijg van de huisarts. Zo komt de verantwoordelijkheid over de farmacotherapie steeds meer bij mij te liggen. En dat voelt goed. Anderzijds ben ik ontevreden, omdat recepten aanmaken in dit geval niet meer is dan een admini-stratieve klus. De huisarts vindt het makkelijk dat ze die taak kan afschuiven. Toch past voorschrijven volledig in mijn werk als apotheker-farmacotherapeut. Ik behandel immers de patiënt en doe de follow-up. De patiënt ziet mij ook als mede-behandelaar. De patiënt verwacht een recept als je voorstelt om nieuwe medicatie te starten. Dat is bovendien wel zo professioneel en efficiënt. De ontwikkeling van apotheker-farmacotherapeut in de huisartsenpraktijk is vrij nieuw in Nederland, maar in andere landen zoals het Verenigd Koninkrijk, Canada en de Verenigde Staten al verder ontwikkeld. In het Verenigd Koninkrijk zijn momenteel al 500 ‘practice pharmacists’ werkzaam in de eerste lijn. En dankzij landelijke ondersteuning zullen dat er over vier jaar ruim 2.000 zijn. Veel van die geïntegreerde apothekers hebben ook voorschrijfbevoegdheid. Ik denk dat dat een goede ontwikkeling is, als de randvoorwaarden maar goed zijn. De eerste voorwaarde is aanvullende training om te leren risico’s in te schatten, beslissingen te maken en verantwoordelijkheid te durven nemen. De tweede voorwaarde is geïntegreerd werken aan farmaceutische patiëntenzorg; vanuit de huisartsenpraktijk en vanuit een gezamenlijk patiëntdossier. Na het uitschrijven van mijn eerste recept, sliep ik slecht. De patiënt was in mijn gedachten al in het ziekenhuis opgenomen met een gebroken heup. De volgende ochtend belde ik haar om te vragen hoe het ging. Goed, uiteraard. Maar het verloopt niet altijd goed als ik medicatie van patiënten wijzig. Zo kreeg een patiënt heftige spier- en gewrichtspijnen op sertraline en een ander nachtmerries op metoprolol. De patiënt voelde zich dus slechter door de medicatie die IK had voorgeschreven. Ik leer ervan, dit hoort bij je werk als apotheker-farmacotherapeut. Ik ben van mening dat het krijgen van voorschrijfbevoegdheid geen doel op zich moet zijn. Het is een middel om de patiënt zo goed en efficiënt mogelijk te helpen. Het zal daarom een vanzelfsprekende en onvermijdelijke stap zijn in de verdere professionele ontwikkeling van de apotheker-farmacotherapeut. Als het alleen een administratieve handeling is, zoals bij mevrouw de B, kan de huisarts het prima zelf doen. Ankie Hazen werkt als promovenda op het POINT-onderzoek naar de training, implementatie en 
klinische effecten van de apotheker-farmacotherapeut in de huisartsenpraktijk. Ankie werkte als 
apotheker-farmacotherapeut in...

Lees Verder
Column: Vlinderslag
sep18

Column: Vlinderslag

Soms maakt iets kleins het verschil. Zo kan een, net iets later, vertrek van huis je in een lange file doen stranden, of de trein doen missen, waardoor een belangrijke afspraak niet doorgaat. Als dat een sollicitatiegesprek was, kan je carrièreverloop er heel anders uit gaan zien. Een andere baan kan er voor zorgen dat je andere mensen ontmoet. Die paar minuten verschil op die specifieke ochtend kunnen zomaar niet alleen een totaal andere zakelijke, maar ook sociale wending aan je leven geven. Een kleine variatie in beginvoorwaarden kan resulteren in zeer grote effecten, in de toekomst en/of op een andere plek. Dit fenomeen wordt het ‘vlindereffect’ genoemd: Een vlinder in Brazilië kan met zijn vleugels maanden later een Tornado in Texas veroorzaken (Edward Lorenz, 1961). Iedere stap die in een chaotische reeks voorvallen plaatsvindt, creëert niet een verwachte lineaire, maar een exponentiële afwijking in de reeks volgende gebeurtenissen. In het sterk gereguleerde zorgsysteem wordt iedere vlinderslag, met de daarop volgende creatieve chaos, in de opvolgende stappen weer keurig in het bekend lineaire pad teruggebracht en worden mogelijke, onverwachte, uitkomsten van die vlinderslag in de kiem gesmoord. De zorg, of het nu gaat om bijvoorbeeld medical devices of dienstverlening, kent vele ‘vlinderslagen’: disruptieve ideeën en initiatieven. Het aantal start-ups op het terrein van gezondheid en zorg is enorm. En toch voelt het gefladder nog steeds slechts als een tijdelijke rimpeling in de constante rivier waarop de zorg zijn diensten en expertise aanbiedt. Daar waar zaken in ons dagelijks leven steeds veranderen, digitaler en groter worden, of dit nu gebeurt door onverwachte, chaotische processen of van te voren lineair zo is gepland en uitgestippeld, daar worstelt de zorg nog steeds met de vraag of en hoe zij deze niet te stoppen (chaotische) veranderingen moet omarmen. Vanuit het oogpunt van veiligheid en kwetsbaarheid is de constante, gereguleerde en gecontroleerde ontwikkeling van zorgaanbod belangrijk. Maar stilstand is ook achteruitgang. Complexiteit van aandoeningen, zorgstelsels die onder druk staan, veranderende kennis en behoefte bij individuen vragen misschien juist in de zorg, om disruptieve veranderingen: onze gezondheid is een te waardevol bezit, om kansen en verbeteringen te laten liggen. De ‘digital health wereld’ is een wereld vol vlinders die, wanneer we de mogelijke chaos die kan ontstaan, durven toe te laten, grote effecten kunnen hebben op onze gezondheid en kwaliteit van leven. En of wij dit, als zorgaanbieders, nu wel of niet verstandig vinden, zeker is dat deze vlinders hun vleugels zullen gaan uitslaan en het verschil zullen gaan maken. Ergens, recentelijk of al iets langer geleden, heeft een vlinder zijn vleugels al uitgeslagen en is er een cascade van gebeurtenissen in gang gezet. Remmen...

Lees Verder
Column: Kwestie van kiezen
feb13

Column: Kwestie van kiezen

En, Bas, weet jij al wat je gaat kiezen? Nog een dikke maand en dan sta je weer met dat potloodje in je hand in het stemhokje om een kruisje te zetten achter een naam van een politicus die de komende vier jaar jou gaat vertegenwoordigen in de Tweede Kamer. Een politicus die de zorg en de zorgverlener in de eerste lijn een warm hart toedraagt! Wie gaat het worden? Nou, Niels, alle politieke partijen hebben de mond vol over de zorg. Maar er is geen enkele partij of politicus die hardop durft te zeggen waar het om gaat: dat de zorg alleen doelmatig kan worden als er duidelijke keuzes gemaakt worden. Keuzes over wat een therapie of een levensjaar extra of die nieuwe farmacotherapie mag kosten bijvoorbeeld. Zolang de politiek deze keuzes niet maakt, is het de zorgverzekeraar die medische en ethische vraagstukken langs de liniaal van de boekhouder legt. Niks mis mee, toch Bas, als de zorgverzekeraar over de schakels van de individuele zorgverlener stapt, het grotere belang dient, hier en daar wat druk uitoefent om hier en daar wat efficiency door te voeren? Inkopen kunnen ze als de beste. Met de zorgverzekeraar aan het roer blijven de kosten in de zorg in ieder geval nog een beetje beheersbaar! Een markt onder regie van zorgverzekeraars die niet alleen de spelregels bepalen maar ze ook toepassen is een banale marktwerking, Niels. Neem de medische hulpmiddelen waar inmiddels alle lucht uit is verdwenen. Zorgverzekeraars in regie zullen blijven knijpen. Of neem de farmacie waar al het vet van de botten allang is verdwenen. Verder besparen raakt de patiënt, maar ook de kwaliteit van zorg keihard. Ik begrijp je punt, Bas. Zorgverzekeraars dwingen zorgverleners om kosten te besparen, geven artsen en apothekers op hun donder als die net even te veel medicatie voorschrijven of afleveren, maar rekenen diezelfde zorgverleners ook keihard af als ze onvoldoende kwaliteit van zorg leveren. In dat spanningsveld tussen kwaliteit en kosten moet veel strakker worden geregeerd. Door de politiek. Vandaar mijn oproep aan die politiek, Niels: neem de regie, maak heldere keuzes en stel nu eindelijk eens vast wat wel en wat niet uit de publieke middelen betaald kan worden. Dan weten het veld en de patiënt precies waar ze aan toe zijn. Misschien moet je alvast een afspraak met de informateur maken, Bas. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur Niels van Haarlem, redacteur   ...

Lees Verder
Column Jan Dirk Jansen: Lentebries
apr23

Column Jan Dirk Jansen: Lentebries

De eerste warme dagen vielen uitzonderlijk vroeg dit jaar. Wat mij betreft één van de weinige positieve bijwerkingen van de klimaatverandering. Zelf raak ik op zulke dagen direct in een voorjaarsstemming. De bril kleurt wat meer roze en de wereld ziet er een stuk fleuriger uit. Datzelfde positieve gevoel bekroop mij onlangs op de eerste Care4Pharmacy avond. Ook die avond leek er een warme lentebries door de zaal te waaien. Deze masterclass over ondernemen is georganiseerd door jonge apothekers die voor de keuze staan om als apotheekeigenaar de openbare farmacie in te stappen of iets anders te gaan doen. Een tweetal meer ervaren collega’s, Sonja Keizers van Pillen en Praten en Laurens Schulpen uit Woerden, vulden een deel van de avond met inspirerende presentaties over hoe je een mooie apotheek kunt opbouwen uit niets als je maar over doorzettingsvermogen, een heldere visie en wat ondernemerschap beschikt. De avond werd afgesloten met een zeer enthousiaste salespitch van een  jonge apotheker die bezig is met een medicatie app. In de wandelgangen van het symposium werd duidelijk dat de aanwezige jonge apothekers en studenten bruisen van de energie en zin hebben om er tegenaan te gaan. Op bijeenkomsten van iets meer belegen collega’s, waar ik mijzelf ook toe reken, heerst vaak een heel andere stemming.  De apotheekeigenaren die het tijdperk voor het preferentiebeleid nog hebben meegemaakt, is het lachen in de loop der jaren vaak wat vergaan. Wie heeft er nu gelijk? Aan de ene kant staan, naast steeds meer eisende consumenten en beleidsmakers, de verzekeraars die vanuit hun rol als kritische zorginkoper de zorgaanbieders in het nauw drijven. Na preferentie en claw back zijn openbare apothekers geconfronteerd met het verlies van delen van het assortiment, met de overheveling naar ziekenhuizen en, recent, met selectieve contractering van herhaalmedicatie en het uitsluiten van eigen bereidingen. Ook Sonja Keizers gaf aan dat zelfstandig ondernemen en innoveren in dit klimaat steeds lastiger wordt. Aan de andere kant pakken apothekers steeds meer zorgtaken op en liggen er op dit terrein ook nog meer dan voldoende verbetermogelijkheden en nieuwe kansen. Denk bijvoorbeeld aan het thema van de KNMP voorjaarsdag; de Farmacogenetica. Alle andere stakeholders lijken ook te willen dat de openbare apotheker deze zorgtaken oppakt. Een ander punt is de macht van de zorgverzekeraar. Na het afrekenen met de hoge inkomens en uitwassen in de zorg, neemt de weerstand bij zorgaanbieders, consumenten en politiek, tegen al te dominante zorgverzekeraars langzaam toe. Dankzij de huisartsen, wordt er bijvoorbeeld nu door Schippers gekeken of er wat meer ruimte kan komen voor eerstelijnszorgaanbieders om tegenspel te bieden. Om in de sfeer van de seizoenen te blijven; één zwaluw maakt nog...

Lees Verder
Column: Dinosaurus op het  dorpsplein
apr21

Column: Dinosaurus op het dorpsplein

Heb je het gelezen, Bas? De apotheker is zorgverlener. Echt! Geen doosjesschuiver meer, geen bereider, geen inkoper, geen ondernemer. Niets van dat alles. De apotheker is zorgverlener. Net als de huisarts dus. Lees het interview met Gerben Klein Nulent, de nieuwe voorzitter van de KNMP in deze editie. De vlag kan dus uit. Want als de KNMP iets roept, nou, dan is dat natuurlijk zo! Je bedoelt, Niels, dat apothekers medicatie beoordelen, patiënten begeleiden en adviseren, farmacotherapeutische projecten opstarten, het dossier bewaken, met de voorschrijver overleggen, medicatie aanpassen en meer van dat moois? Precies, Bas. Dat bedoel ik! Allemaal onmisbare activiteiten in de zorg. Die aantonen dat apothekers een waardevolle toegevoegde waarde hebben! De toekomst van de apotheker is hierbij gewaarborgd! Laat ik je uit de droom helpen, Niels. Volgens mij doen apothekers dit soort activiteiten al jaren. Heel nobel en ook heel nodig allemaal. Maar helaas niet voldoende. Taken die niet begeerlijk genoeg zijn om te verkopen aan de patiënt. Geen hond die wil betalen voor beoordeling, begeleiding of advies. Advies bij de eerste uitgifte? Dat hoort er gewoon bij. Al jaren. Daar wil een zorgconsument helaas niet voor betalen. Betalen doe je alleen voor echte innovatie. Je bedoelt de games op recept in de app-otheek die patiënten helpen bij het ziekteproces, de wearable die patiënten ondersteunt bij medicatietrouw en de 3D printer van maatmedicatie op locatie, Bas? Dat bedoel ik, Niels! Nu gaan deze trends van de toekomst volledige voorbij aan de Nederlandse apotheek. Het zijn Apple en Philips die zich warm lopen om met technologie van vandaag morgen de farmaceutische zorg over te nemen. Maar denk ook aan de kracht van biologicals of het begeleiden van patiënten met kleine kwalen. Ontwikkelingen waar de apotheker nu al mee aan de slag kan. Die heel begeerlijk en goed te verkopen zijn. Waar is dus die apotheker of apothekenorganisatie met een begeerlijk businessmodel, Bas? Die alleen of met investeerders als zorgverzekeraars de toekomst vormgeeft. Want een branche die stil blijft staan is de dinosaurus van het dorpsplein. En we weten allemaal hoe het is afgelopen met dinosaurussen, Niels. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur Niels van Haarlem, redacteur  ...

Lees Verder
Column: Brocacef toon(t)  (markt)leiderschap!
mrt23

Column: Brocacef toon(t) (markt)leiderschap!

En toen waren er nog maar twee. Als de overname van Mediq door de Brocacef Groep doorgaat zijn er straks nog maar twee spelers van formaat in apothekenland: Mosadex met Service Apotheken voor de zelfstandige apotheken en Brocacef met BENU voor de ketens en zelfstandigen. De koek is dus definitief verdeeld, Bas. Als je afgaat op de macht van de getallen zou dat zomaar zo kunnen zijn, Niels. Samen hebben die twee spelers meer dan 1.000 apotheken onder hun hoede als ik de getallen in het interview met Bart Tolhuisen op pagina 8 goed tel. Ik ben dan ook erg benieuwd hoe Brocacef straks met meer dan 600 apotheken onder de vlag van BENU de positie van marktleider waarmaakt. Want dat zijn ze, marktleider. Goed punt, Bas. Het is straks aan Brocacef om zich ook marktleider te tonen in de farmacie. Ze zijn het aan hun stand verplicht om de kar te trekken en bijvoorbeeld met zorgverzekeraars voor apothekers een passend  honorarium af te spreken dat recht doet aan de meerwaarde van de apotheker. Om de toegevoegde waarde van de apotheker meer bekendheid te geven. Niet alleen voor de eigen apotheken, maar voor de sector. Het einde van het poldermodel en tekenen bij het kruisje! Als Peter de Jong, de beoogd eerst man van de samenvoeging Brocacef-Mediq, zichzelf blijft dan heb ik daar best wel vertrouwen in. Hij weet immers wel zijn momenten te pakken. Zet Peter in een televisie-uitzending van een consumentenprogramma als Kassa of Radar en de toekomst van de apotheker ziet er na afloop van de uitzending in een keer een stuk rooskleuriger uit. Een toekomst zonder de apotheken van Mediq, Bas. Als straks de autoriteiten hun fiat hebben gegeven aan de verkoop aan Brocacef komt er een einde aan 116 jaar OPG-apotheek. Wat in 1899 begon als coöperatieve apothekersvereniging onder de naam Onderlinge Pharmaceutische Groothandel eindigt abrupt in de zomer van 2015. Moest jij ook een traantje laten, Bas? Ben je gek, Niels. Toen OPG als Mediq naar de beurs ging en er later weer werd afgehaald was voor mij al duidelijk dat de apothekenorganisatie ooit te koop zou komen. En zo geschiedde. Soms is de toekomst achteraf heel goed te voorspellen. Bastiaan Witvliet, hoofdredacteur FarmaMagazine Niels van Haarlem, redacteur...

Lees Verder
Column Maayke Fluitman: De emotiegeleide hond
mrt19

Column Maayke Fluitman: De emotiegeleide hond

Terwijl mijn hovawart in alle rust aan mijn voeten ligt te slapen lees ik op mijn Galaxy Note dat onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Current Biology melden dat honden, alleen afgaande op de bovenste helft van het gezicht – dus zonder zoiets als in woede ontblote tanden te kunnen zien – in staat zijn, in subtiele gelaatsmimiek, menselijke emoties te herkennen. Zorg gaat altijd vergezelt van emoties: blijdschap als een therapie aanslaat, angst als een nieuwe diagnose is gesteld. Iedere zorgverlener is zich hier dagelijks van bewust. Wie vraagt niet meerdere keren per dag “Hoe gaat het met u?” “Hoe voelt u zich vandaag?” Zorgverleners geven met een zekere trots aan hun patiënten te kennen en te weten wat er in hun omgaat. Het is hun professionaliteit, de patiënt begrijpen is onderdeel, is core business, van hun praktijk. Maar nu de praktijk van alledag in een notendop: de dokter legt tijdens het gesprek de diagnose meteen even vast in het systeem, al typend worden de vervolgvragen gesteld. De apotheker typt, terwijl hij met een half oog zijn vingers op het toetsenbord volgt, het recept in en voert meteen de medicatiebewaking uit, de ogen contentieus gericht op het scherm, een typefout kan immers grote gevolgen hebben. En op de achtergrond hoor hij nog net: “Ja, het gaat wel weer beter met me”. Hoeveel tijd is er in de zorg nog over om de persoon tegenover je echt even rustig aan te kijken, om ook de emotie van zijn gezicht te lezen? Een gezicht zegt meer dan duizend woorden. Spontane expressies van blijdschap of verdriet zijn, omdat ze moeilijk te onderdrukken zijn, een directe afspiegeling van onze emoties. Boordevol informatie bieden zij waardevolle kennis voor een persoonlijke benadering. Gezichten communiceren zonder woorden, ook de patiënt leest de blik van de zorgverlener. Aan de balie of in de spreekkamer kijkt ook hij naar de zorgverlener en wil lezen welke boodschap diens spontane gelaatsuitdrukkingen hem overbrengt. Welke emotie toont de zorgverlener, welke boodschap brengt hij over als hij alleen maar bezig is te voldoen aan de eis om goede zorgverlening transparant, meetbaar en efficiënt te maken? Herkent de patiënt hierin begrip, medeleven, rust? Of ziet de hij alleen nog maar de weerkaatsing van het blauwe licht van het beeldscherm? Tijd is in de zorg een schaars goed geworden en het zal ook nog wel even duren voordat dit weer in voldoende mate voorhanden zal zijn. Daarom stel ik voor, terwijl we wachten op meer tijd, dat de golden retriever onderdeel wordt van het apotheekteam. De ideale oplossing als hulp bij het lezen van de emoties van de patiënt. Een waardevolle en tevens gezellige...

Lees Verder
Pagina 1 van 212