Nieuwe dure geneesmiddelen leiden tot hoge kosten
apr18

Nieuwe dure geneesmiddelen leiden tot hoge kosten

De uitgaven aan geneesmiddelen zullen in 2021 bij ongewijzigd beleid oplopen tot bijna € 5,1 miljard per jaar. Dit komt vooral door de instroom van nieuwe, dure geneesmiddelen in het basispakket en een toename daarvan in het ziekenhuis. Wat betreft de uitgaven van hulpmiddelen: deze zijn gestabiliseerd of zelfs gedaald. Dit staat in GIPeilingen; een uitgavenreeks van het Zorginstituut over de ontwikkelingen in het gebruik en de kosten van geneesmiddelen en hulpmiddelen in Nederland. Kosten per gebruiker gelijk gebleven
 De uitgaven voor geneesmiddelen in 2016 zijn gestegen met 2,7%. Het aantal gebruikers van geneesmiddelen is in 2016 ook gestegen, met 2,2% naar 11,5 miljoen gebruikers.  De totale kosten per gebruiker zijn daarom vrijwel gelijk gebleven. De dagelijkse dosis medicijnen die door een gemiddelde gebruiker in 2016 is gebruikt, is wel gestegen met 2,8% naar 784 DDD per gebruiker. Top tien stijgers
  In 2015 is de nieuwe generatie HVC-middelen in het basispakket. De behandeling voor hepatitis C patiënten is enorm verbeterd, de behandelcombinaties met “direct acting antivirals” (DAA) geven weinig bijwerkingen en 90% van de patiënten geneest binnen een aantal maanden. Het betreft dure middelen. In 2016 gebruikten ruim 6.000 patiënten deze middelen en de uitgaven stegen met 39% naar 139 miljoen euro. Daarnaast staan de antistollingsmiddelen rivaroxaban en apixaban ook in 2016 in de top 10 van grootste stijgers. Rivaroxaban en apixaban zijn directe trombineremmer en factor Xa-remmers en worden ook wel niet-vitamine K antagonist orale anticoagulantia (NOAC’s) genoemd. De uitgaven en het aantal gebruikers van deze NOAC’s zijn opnieuw verdubbeld. Deze NOAC’s zijn in 2009 en 2012 op de markt gekomen en blijven stijgen in prijs en volume. De uitgaven in 2016 voor rivaroxaban zijn 27 miljoen euro voor 57.000 gebruikers, de uitgaven voor apixaban zijn 17 miljoen euro voor 31.000 gebruikers. Het nieuwe geneesmiddel nintedanib uit 2015, staat dit jaar direct in de top 10. Nintedanib is een proteinekinaseremmers voor patiënten met kanker. In 2016 is voor 362 patiënten 5,5 miljoen euro uitgegeven. Inzicht per regio
 Nieuw op de GIPdatabank zijn de regionale kaarten per geneesmiddelgroep. Opvallend is dat het aantal gebruikers van ADHD-middelen in Noord-Holland, Zeeland, ZuidOost Brabant, Twente en Limburg ruim onder gemiddeld is. Terwijl de overige regio’s ruim boven gemiddeld scoren. Het aantal gebruikers van pijnstillers is in het zuiden van het land ruim boven gemiddeld is, in de rest van Nederland wordt juist onder gemiddeld gebruikt. Hulpmiddelen
 Ten opzichte van het voorgaande jaar stabiliseren of dalen de uitgaven voor de meeste hulpmiddelen. De daling wordt met name veroorzaakt door de auditieve hulpmiddelen, van € 203 miljoen in 2015 naar € 140 miljoen in 2016, en de verzorgingsmiddelen, van € 501 miljoen naar €452...

Lees Verder
Huisartsen schrijven minder reserve-antibiotica voor
nov23

Huisartsen schrijven minder reserve-antibiotica voor

In 2015 schreven huisartsen minder vaak reserve-antibiotica voor dan de jaren ervoor. Dit past in een trend, want in de jaren daarvoor liep het aandeel van deze middelen ook terug. Wel is er nog steeds aanzienlijke verschillen tussen praktijken. De spreiding op de indicator Reserve- en tweedekeusantibiotica loopt van 10 tot 23 procent. Onder de reserve-antibiotica wordt verstaan: de fluorchinolonen, de cefalosporines en amoxicilline met clavulaanzuur. Deze antibiotica hebben een beperkte plaats in de richtlijnen, vanwege hun brede werkingsspectrum. NHG-Standaarden adviseren vaak te starten met eerstelijnsmiddelen, zoals nitrofurantoÏne en penicillines. Bij bepaalde infecties (urineweginfecties met weefselinvasie, aspiratiepneumonie) zijn de reserve-antibiotica wel de middelen van eerste keus. Ook als het eerstelijnsmiddel niet helpt, komt de patiënt voor een reservemiddel in aanmerking. Hoe ouder, hoe meer reservemiddelen
 Volwassenen tussen 18 en 50 jaar gebruiken het minst vaak reserve-antibiotica. Jonge kinderen en ouderen gebruiken meer reservemiddelen. Hierbij geldt: hoe ouder, hoe meer reservemiddelen. In Zeeland schrijven huisartsen het vaakste reserve-antibiotica voor, zoals ook te zien is op het overzichtskaartje op de site van IVM. Monitor Voorschrijven Huisartsen
 Het jaarlijkse rapport  Monitor Voorschrijven Huisartsen  van het IVM biedt veel cijfermatige informatie over de behandeling van bepaalde aandoeningen. Vanaf februari 2017 publiceert het IVM elke maand de uitkomsten van een van de indicatoren van de monitor. Sinds 2010 is er een meting van de reserve-antibiotica. Wilt u het gebruik van antibiotica bespreken in bijvoorbeeld een FTO? Download dan  de  FTO-materialen. U kunt hierbij ook de scores uit de  Monitor Voorschrijfgedrag Huisartsen  gebruiken.  De download van de FTO-materialen is gratis, maar u wordt wel verzocht om u eerst aan te melden. Zo kan het IVM bijhouden welke behoeftes er zijn en ons aanbod daarop aanpassen. Bron: IVM Onder redactie van: Gerda van Beek      ...

Lees Verder