ANBO pleit voor periodieke geneesmiddelencontrole bij ouderen
aug18

ANBO pleit voor periodieke geneesmiddelencontrole bij ouderen

ANBO heeft onder 7.000 ouderen onderzoek gedaan naar het gebruik van medicatie in de thuissituatie. Op basis van de uitkomsten concludeert ANBO dat er beter toezicht zou moeten komen op het gebruik van medicatie door ouderen in de thuissituatie. Met een periodieke controle door de apotheker in afstemming met de huisarts. Ruim de helft van de ondervraagde ouderen gebruikt twee tot vijf verschillende medicijnen en een kwart meer dan vijf geneesmiddelen. Ruim 80 procent van deze medicijngebruikers, in totaal bijna 6.000 respondenten, heeft één of meer chronische aandoeningen. Interacties
 Zo’n 90 procent zegt de medicatie volgens voorschrift te gebruiken. Tegelijk vindt ruim de helft dat een periodieke beoordeling goed is om te controleren of er geen vervelende interacties en bijwerkingen zijn. Ook vinden mensen het belangrijk dat er regelmatig controle plaatsvindt op het gebruik van de medicatie, maar ook op de noodzaak van dat gebruik. Zeker bij chronische aandoeningen, waarbij verschillende artsen medicijnen voorschrijven en dat niet van elkaar weten, is het belangrijk dat er overzicht is. Apotheker en huisarts samen
 ANBO pleit in haar berichtgeving voor een periodieke evaluatie van het medicijngebruik door patiënt, apotheek en (huis)arts(en). Ze ziet daarvoor een rol voor de apotheker in goede afstemming met de huisarts. Toename geneesmiddel-gerelateerde ziekenhuisopnamen ANBO verwijst daarbij naar het eindrapport  Vervolgonderzoek Medicatieveiligheid  dat is opgesteld in opdracht van het ministerie van VWS. Daaruit blijkt dat de afgelopen vijf jaar het aantal patiënten dat door verkeerd medicijngebruik in het ziekenhuis opgenomen is, sterk is toegenomen.  Het  aantal geneesmiddel-gerelateerde ziekenhuisopnamen  steeg van 39.000 in 2008 naar 49.000 in 2013. Zeer waarschijnlijk komt dit door de vergrijzing. De potentiële vermijdbare opnamen lijken de afgelopen jaren redelijk constant en doen zich vooral voor bij 65-plussers (48 procent) tegenover ongeveer 25 procent bij patiënten jonger dan 65 jaar. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder