Paul Hagedoorn: Er gaat nog steeds veel te veel mis…
okt19

Paul Hagedoorn: Er gaat nog steeds veel te veel mis…

Meer dan zeventig procent van de patiënten gebruikt hun inhalatie-medicatie verkeerd. Betere instructies, meer scholing en gebruik van evidence based protocollen kunnen die situatie verbeteren, stelt inhalatietechnoloog Paul Hagedoorn. Even hoor je alleen een krachtige luchtstroom. Paul Hagedoorn zit met zijn hoofd voorovergebogen en inhaleert, om daarna kort te hoesten. Zo hoort het dus niet, demonstreert hij. Want niet bij elke inhalator moet je krachtig inademen om de medicatie diep in je longen te krijgen. “Sommige inhalatoren hebben een lage interne weerstand, krachtig inademen heeft dan geen zin. Het levert dan alleen een hoestbui of mogelijke bijwerkingen op.” Hagedoorn kan het weten. Hij is als inhalatietechnoloog – en onderzoeker in Nederland dé expert in onderzoek, ontwikkeling en toepassing van inhalatietechnologie. Zijn onderzoeksgroep, de afdeling Inhalatietechnologie van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), is afgelopen jaar door een internationale visitatiecommissie beoordeeld als een van de top 3 onderzoekscentra wereldwijd op het gebied van inhalatietechnologie. “We ontwikkelen nieuwe typen inhalatoren,” legt Hagedoorn uit. “En we bedenken geneesmiddelformuleringen die daarbij passen. Dat is uniek, niet alleen in Nederland, ook wereldwijd.” Toch heb je niets aan de optimale inhalator, als de patiënt niet weet hoe hij de inhalator moet gebruiken, stelt Hagedoorn. En dat patiënten dat niet weten, blijkt uit de cijfers. Die zijn alarmerend. Meer dan zeventig procent van de patiënten gebruikt op een verkeerde manier hun inhalatiemedicatie, ruim twee op de drie patiënten dus. Misvattingen Veel van de fouten berusten op misvattingen, zowel bij zorgverlener als patiënt. Zoals de onterechte aanname dat je altijd krachtig moet inademen tijdens de inhalatie. “We kennen vier typen inhalatoren: droog poederinhalatoren, dosis-aërosolen, soft mist inhalers en vernevelaars. Die vragen allemaal een andere manier van voorbereiding, positionering en techniek. Bij dosis-aërosolen met een voorzetkamer moet je bijvoorbeeld niet krachtig inademen. Dan schieten de deeltjes met actieve stof alle kanten op in de mond- en keelholte. Vergelijk het met een zwaar beladen vrachtwagen die op volle snelheid uit de bocht vliegt. De deeltjes komen dan niet waar ze nodig zijn, namelijk in de longen.” Wat ook vaak mis gaat, is dat veel patiënten niet eerst uitademen voordat ze inhaleren. “We noemen onze longen luchtwegen, en dat is terecht. Ze zitten vol lucht. Die lucht moet je eerst uitademen voordat je kunt inhaleren. Doe je dat niet, dan komen de deeltjes nooit diep in de longen. Je duwt dan als het ware een prop lucht voor je uit. Dat je moet uitademen, staat weliswaar in de bijsluiter, maar slechts als regeltje op papier. Maar het is belangrijk dat de patiënt dat tijdens de instructie geleerd wordt. Hij moet het ervaren.” Tien seconden Veel patiënten beginnen de inhalatie met de kin...

Lees Verder