Oproep 14 patiëntenorganisaties: niet wisselen van medicatie!
apr26

Oproep 14 patiëntenorganisaties: niet wisselen van medicatie!

Bijna een miljoen mensen met een chronische aandoening wordt jaarlijks zonder medische reden op een ander merk medicijn omgezet. Medicijnwisselingen zorgen voor onnodige gezondheidsklachten en onrust bij patiënten. Een derde van de gebruikers van geneesmiddelen voelt zich zieker of ongezonder na omzetting naar een ander merk. Dat blijkt uit  onderzoek  onder bijna 2.000 patiënten door 14 patiëntenorganisaties, waaronder het Reumafonds, Longfonds, Harteraad en SON. Deze organisaties doen een dringende oproep aan VWS, zorgverzekeraars en apothekers om een einde te maken aan medicijnwisselingen bij bepaalde medicijnen en patiëntengroepen. 
Bijna een miljoen mensen met een chronische aandoening wordt jaarlijks zonder medische reden op een ander merk medicijn omgezet. Het onderzoek wijst uit dat hiervan ongeveer 60% een of meer keer per jaar moet wisselen. Bij bijna 40% is dit 3 keer of vaker per jaar. Grote gevolgen Het wisselen van verschillende merken medicatie is het gevolg van het preferentie- en inkoopbeleid. Daardoor zijn de totale kosten aan medicijnen de afgelopen jaren sterk gedaald. De laatste jaren zijn bij veel medicijnen de prijsverschillen echter zo klein, dat de besparing minimaal is, aldus de patiëntenorganisaties. De gevolgen van deze medicatiewisselingen zijn voor patiënten echter groot. Zij hebben na wisselen meer last van bijwerkingen (40%). Bij bijna driekwart van de respondenten hadden deze bijwerkingen een negatieve invloed op hun emoties en bij 80% op lichamelijke activiteiten. Medische noodzaak Bij het preferentiebeleid is de enige mogelijkheid voor patiënten om toch het oorspronkelijk voorgeschreven merkmedicijn te behouden de vermelding van ‘medische noodzaak’ op het recept. Uit het onderzoek komt naar voren dat dit in de helft van de gevallen niet wordt gehonoreerd door de apotheek. Oproep 14 patiëntenorganisaties Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek willen de 14 patiëntenorganisaties dat bij bepaalde medicijnen en patiëntengroepen niet mag worden gewisseld van medicatie, omdat het risico op schade aan de gezondheid te groot is. Bij alle andere medicijnen mag er slechts één keer onder strenge voorwaarden worden gewisseld. Daarnaast moeten apothekers en zorgverzekeraars de vermelding ‘medische noodzaak’ op een recept honoreren. De organisaties willen hierover met het ministerie van VWS en alle betrokken partijen bindende afspraken maken. Een arts kan, als hij wil dat alleen het voorgeschreven medicijn wordt geleverd, ‘medische noodzaak’ op het recept zetten; wisselen mag dan niet. Gebeurt dat toch, dan kunnen mensen daartegen bezwaar maken. Het Longfonds heeft hiervoor een  stappenplan  met een  voorbeeldbrief. Reactie ZN
 Zorgverzekeraars Nederland wijst in een reactie op deze brief op het feit dat er meerdere oorzaken ten grondslag liggen aan geneesmiddelenwisselingen. Ze pleit voor een aanpak van de echte oorzaken, waaronder het toenemende geneesmiddelentekort. Als voorbeeld noemt ZN het tekort aan een schildkliergeneesmiddel door productieproblemen bij de...

Lees Verder
Subsidie Longfonds voor COPD-onderzoek
aug21

Subsidie Longfonds voor COPD-onderzoek

Het Longfonds geeft aan het Maastricht UMC+ en het UMC Groningen anderhalf miljoen euro subsidie voor twee COPD-onderzoeksprojecten. Het betreft onderzoek naar herstel van schade aan het longweefsel en een methode om meer ruimte te geven aan resterend goed functionerend longweefsel.  COPD is een ongeneeslijke longziekte, veelal veroorzaakt door roken. Patiënten met COPD hebben last van kortademigheid, hoesten en vermoeidheid. Dit wordt veroorzaakt door een ontsteking en schade aan luchtwegen en longblaasjes. Deze schade kan niet worden hersteld met de huidige geneesmiddelen. Ook al is men gestopt met roken, toch worden de klachten na verloop van tijd vaak erger. De belangrijkste uitdaging is om verdere beschadiging van luchtwegen en longblaasjes tegen te gaan, en zoveel als mogelijk beschadiging te herstellen. Weefselherstel
 Het menselijk lichaam is normaal gesproken in staat veel schade aan weefsel zelf te herstellen. Om dat herstelvermogen te bevorderen, zijn er veel wetenschappelijke ontwikkelingen in het toepassen van stamcellen en groeifactoren. Deze behandelingen lijken echter in het geval van COPD niet voldoende te functioneren. In internationaal verband wordt dat bijzondere fenomeen onderzocht. Het onderzoek is gebaseerd op aanwijzingen dat de signaaloverdracht in stamcellen van de longen wordt verstoord door ontsteking en zuurstofradicalen, zodat helende groeifactoren geen effect meer hebben. Het doel is om vanuit deze kennis nieuwe aanknopingspunten te vinden om longweefselherstel bij COPD te stimuleren. Voor dit project wordt er samengewerkt in een team van farmacologen, pathologen, (stam)celbiologen en longartsen van het Maastricht UMC+, het UMC Groningen, the University of Vermont en the University of Colorado. Longvolumeverkleining
 Het tweede onderzoek is gericht op een nieuwe behandeloptie die binnenkort als standaardbehandeling beschikbaar zal komen. Voor patiënten met ernstige COPD helpen de huidige behandelmethodes vaak onvoldoende tegen de kortademigheid. Er bestaan wel mogelijkheden zoals een longvolume-verkleinende operatie of zelfs longtransplantatie, maar deze hebben erg veel bijwerkingen en worden niet vaak toegepast. ‘Bronchoscopische longvolumereductie’ met   zogenoemde ‘éénrichtingsventielen’ is een nieuwe behandelmethode voor patiënten met zeer ernstige COPD. Daarbij kan met behulp van een flexibele slang (scoop) via de luchtwegen een ventiel worden aangebracht op de meest aangedane plek in de longen. Daarmee wordt het aangedane weefsel afgesloten, zuigt het geen lucht meer aan met de adembeweging en ontplooit het niet meer. Zo ontstaat er meer ruimte in de borstkas voor het resterende, nog wel functionerende longweefsel. Deze behandeling heeft een zeer goed effect op de longfunctie, inspanningsvermogen en kwaliteit van leven. Omdat de ventielbehandeling nog erg nieuw is, is er nog veel onderzoek nodig. Dit onderzoek is   een samenwerking tussen onderzoeksgroepen in UMC Groningen, Radboudumc,   CIRO+ in Horn en Maastricht UMC+. Bron:  Maastricht...

Lees Verder