Martin Bontje: Meer samenwerking, meer toegevoegde waarde
mei06

Martin Bontje: Meer samenwerking, meer toegevoegde waarde

De huisarts als spil in een goed georganiseerd samenwerkingsverband. Met de apotheker als volwaardige partner die volop meedraait in zorgprogramma’s, zo luidt de visie van Martin Bontje, de eerste voorman van Ineen. Wel zal het aantal apotheken afnemen. Ineen is het resultaat van de fusie tussen LVG (Landelijke Vereniging Georganiseerde Eerstelijnszorg), LOK (Landelijke Organisatie voor Ketenzorg), en VHN (Vereniging Huisartsenposten Nederland). De nieuwe brancheorganisatie eerste lijn is op 1 januari 2014 gestart. Leden van InEen zijn gezondheidscentra, eerstelijnscentra, zorggroepen, eerstelijns diagnostische centra, regionale ondersteuningsstructuren en huis­artsen­posten. Aanleiding voor de fusie was de behoefte aan meer samenwerking binnen de eerste lijn en tussen de eerste en tweede lijn. Martin Bontje, voormalig topman bij Zorgverzekeraars Nederland en bij zorgverzekeraar VGZ is een ervaren bestuurder. Hij geeft leiding aan negen bestuursleden. Zijn visie is helder: “Een georganiseerde eerstelijnszorg waarin huisartsenzorg een centrale positie inneemt.” Nu werken huisartsen al in samenwerkingsverbanden. Maar nog niet overal gebeurt dat. Er zullen ook altijd regio’s zijn waar de huisarts als een solist blijft  werken omdat het niet anders kan: in dunbevolkte regio’s bijvoorbeeld. Maar huisartsen en de zorg komen het beste tot hun recht in  een georganiseerd verband, zo stelt Bontje. Met thuiszorg en apotheker dicht in de buurt. Hoe ziet de eerstelijns zorg er straks uit? “Er komen een aantal ontwikkelingen op ons af die invloed hebben op de eerste lijn. De verschuiving in de AWBZ waardoor mensen langer thuis blijven, de gemeentes die verantwoordelijk worden voor de WMO en de geestelijke gezondheidszorg die naar de huisarts gaat. Dit leidt allemaal tot een groter volume aan zorg in de eerste lijn. Zorg die rondom de huisarts geleverd moet worden.” Kan die huisarts die grote regierol wel aan? “Die rol heeft hij nu al. Op dit moment zijn er tal van zorggroepen actief die al grotere volumes aan zorg organiseren. Daar zijn al hele goede voorbeelden van te zien. Die trend zal zich voortzetten. Wel moeten we ervoor zorg dat beter zichtbaar is welke activiteiten nu al goed georganiseerd zijn. Ik spreek dan ook niet van een revolutie in de eerste lijn, maar van een evolutie” En hoe is de farmaceutische zorg dan geregeld? “Ik verwacht niet dat de farmaceutische zorg straks heel veel anders zal zijn dan nu. Wel zal de samenwerking tussen huisarts en apotheker verder intensiveren. De groep chronische patiënten en de patenten met verschillende ziektes en dus verschillende medicatie worden in toenemende mate vaste klant van de huisarts in plaats van het ziekenhuis. De complexe farmapatiënt gaat dus meer de eerste lijn in dan nu het geval is. Het zal vooral de huisarts zijn die daar de effecten van zal merken.” Ik...

Lees Verder
“Marktwerking werkt niet in de geïntegreerde eerstelijnszorg”
dec09

“Marktwerking werkt niet in de geïntegreerde eerstelijnszorg”

Iedereen is voor een goede en geïntegreerde eerstelijnszorg, maar hoe organiseer je dat? Dat blijkt een stuk minder eenvoudig, stelt Leo Kliphuis, directeur van de Landelijke Vereniging Georganiseerde eerste lijn (LVG). Eén ding is wel zeker: apothekers vormen in deze eerstelijnszorg een onmisbare schakel. Landen met een goede eerstelijnszorg doen het internationaal het beste. Het is een stevige binnenkomer van Leo Kliphuis, directeur van de Landelijke Vereniging Georganiseerde eerste lijn (LVG). “Het levert kosteneffectieve zorg op en ook een meer solidair gezondheidszorgstelsel. Mensen met geld kunnen altijd en overal hun gezondheidszorg inkopen, of dat nu in de eerste of tweede lijn is, maar mensen die minder te besteden hebben, hebben behoefte aan betaalbare en laagdrempelige gezondheidszorg. Dat lukt alleen door een goede eerstelijnszorg te organiseren.” Bovendien, vervolgt Kliphuis, vormt de kracht van de professional in de eerstelijnszorg dat deze investeert in een duurzame relatie met de cliënt en ook met een generalistische blik naar gezondheidsklachten kijkt. “Een goede huisarts stuurt een cliënt met hoofdpijn niet meteen door naar het ziekenhuis voor een MRI. Hij vraagt eerst hoe het thuis of op het werk gaat, of de kinderen gezond zijn enzovoort. Hij besteedt met andere woorden ruimschoots aandacht aan de leefomgeving van de cliënt en daar ligt ook veelal de oplossing van de klacht. Veel ziekten of gezondheidsklachten zijn gerelateerd aan de sociaal-economische status van de cliënt. Uit elk onderzoek blijkt ook dat een laag inkomen of opleiding verhoudingsgewijs tot meer ziekte leidt. De huisarts streeft kortom naar een normalisering van gezondheidsvragen. Vergelijk dat met de cardioloog in het ziekenhuis die als hij er niet uitkomt de patiënt doorstuurt naar de longarts. En deze stuurt hem weer door naar de orthopeed of reumatoloog. Al deze verschillende specialisten doen dingen waarbij het de vraag is of de patiënt er wel beter van wordt. Dat is meestal niet zo, maar het systeem leidt ondertussen wel tot onbetaalbare zorgconsumptie. En dat kunnen we alleen voorkomen als we generalistisch en normaliserend kijken naar gezondheidsklachten. Dat lukt alleen in de eerstelijnszorg.” Zorgprestaties Kliphuis is sinds drie jaar directeur van het LVG, nadat hij in de jaren daarvoor als ambtenaar op het ministerie van VWS werkte. Dat LVG zelf werd zo’n dertig jaar geleden opgericht vanuit een  werkgroep van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). “Toen al waren er huisartsen die vonden dat de hulpverleners in de eerstelijn meer moesten streven naar betere onderlinge samenwerking.” Inmiddels telt het LVG 250 leden. Dat zijn allemaal eerstelijnsorganisaties zoals zorggroepen en gezondheidscentra, maar ook regionale ondersteuningsstructuren (ROS’en) en eerstelijns laboratoria. “We doen ook niet aan belangenbehartiging van individuele professionals, maar aan belangenbehartiging van eerstelijnsorganisaties. Daarnaast brengen we onze leden bij...

Lees Verder