“We kozen voor de inhoud,  dan volgt de ICT”
mrt21

“We kozen voor de inhoud, dan volgt de ICT”

“De ICT kun je pas als laatste regelen en moet aansluiten op de core business van de samenwerkingspartners. De rol van de patiënt moet je nadrukkelijke benoemen.” Dat concludeert Matine van Schie bij het maken van afspraken over een veilige uitwisseling van medicatiegegevens in de regio Rijnmond. In december jl. werd in deze Rotterdamse regio het convenant medicatieoverdracht getekend. Vertegenwoordigers uit de eerstelijnszorg, de ziekenhuizen en belangenbehartigers van zorgvragers hebben er onder begeleiding van Matine van Schie van de regionale ondersteuningsorganisatie ZorgImpuls twee jaar aan gewerkt. Het is de Rijnmondse uitwerking van de landelijke richtlijn ‘Overdracht van medicatiegegevens in de keten’, die sinds 2011 voor alle zorgaanbieders in Nederland geldt. Baanbrekend samenzijn “Het was een bont gezelschap dat we bij de start in 2011 bij elkaar hebben gebracht: de huisartsenkring, de huisartsenposten, de samenwerkende gezondheidscentra, de vereniging van apothekers en de trombosedienst. Na afloop sprak men over een baanbrekend samenzijn en wilde men er een vervolg aan geven. De stakeholders spraken af te vertrekken vanuit de inhoud van de zorg, om te voorkomen dat ze terecht kwamen in een ICT-discussie. Dus niet hoe gaan we medicatiegegevens overdragen, maar wat, wanneer, door en aan wie doen we dat.” Quick scan “De eerste activiteit was het maken van een quick scan over welke informatie men deelt en wat men mist als het gaat om het voorkomen van fouten in de medicatieoverdracht en het vergroten van de patiëntveiligheid.” Matine van Schie geeft enkele voorbeelden: – De huisarts stuurt veelal geen ‘stopbericht’ over de aan een patiënt voorgeschreven medicijnen naar een apotheker. – In de gegevensuitwisseling ontbreekt meestal een contra-indicatie of informatie over allergische aanleg. – De laboratoriumuitslagen gaan niet standaard naar de apotheker als de medicatie wordt voorgeschreven. – De apotheker stuurt wel informatie over interactie met de patiënt naar de huisarts, maar beiden geven er geen follow-up aan. – In het recept ontbreekt doorgaans de diagnose. “Maar ook als de informatie-uitwisseling wel plaatsvindt, dan is het de vraag of de gegevens op de juiste plaats in het informatiesysteem komen.” Verantwoordelijkheid van de patiënt De patiënt bleek geheel afwezig in de informatievoorziening. “Die gaat ervan uit dat de zorgverleners het onderling goed regelen en op tijd informatie kunnen verstrekken als dat nodig is. Maar dezelfde patiënt legt niets vast over het gebruik van de middelen die hij of zij zelf uit het schap kan halen,” weet Matine van Schie. “Nu steeds meer de regie over het eigen leven gevoerd moet worden, hebben we in het convenant de patiënt duidelijk een plaats gegeven. Wij zeggen dat de patiënt het recht heeft op inzage en een kopie van zijn volledige medicatiedossier. Hij heeft ook...

Lees Verder