“We zijn er nog niet, maar we boeken stap voor stap vooruitgang”
mei30

“We zijn er nog niet, maar we boeken stap voor stap vooruitgang”

De besparing kan oplopen tot één miljoen euro per dag als alle zorgprofessionals in Nederland zouden overstappen van innovator biologische geneesmiddelen naar biosimilars. Desondanks zijn het juist financiële belangen die een soepele transitie frustreren. Toch zullen biosimilars geaccepteerd worden als een volwaardig alternatief, zo stellen diverse deskundigen tijdens het derde Biosimilar Symposium dat onlangs in Rotterdam plaatsvond. De ontwikkeling van biologische geneesmiddelen heeft de farmaceutische industrie geen windeieren gelegd. Begrijpelijk dus dat deze fabrikanten op z’n zachtst gezegd not amused waren toen concurrenten zo’n vijftien jaar geleden met afgeleide versies op de markt kwamen: geneesmiddelen met dezelfde werking, maar aanzienlijk goedkoper. “Sindsdien trekken deze fabrikanten alle registers open als een biosimilar op de markt dreigt te komen,” vertelt Arnold Vulto, voorzitter van de Stichting Initiatiefgroep Biosimilars Nederland en daarnaast ziekenhuisapotheker, farmacoloog en hoogleraar Farmacie aan de Erasmusuniversiteit van Rotterdam. We zitten in de foyer als hij aan eind van de symposiumdag terugblikt: “Maar we staan sterk, de wetenschappelijke onderbouwing dat biosimilars goede en veilige geneesmiddelen zijn, wordt keer op keer geleverd.” Dat geldt voor de eerste klasse biosimilars, gelijkwaardige versies van de originele substitutieproducten zoals groeihormoon, bloedgroeifactoren en insuline. Maar ook voor de zogenoemde tweede klasse biosimilars, gelijkwaardige versies van de originele monoklonale antilichamen, die qua moleculaire samenstelling beduidend complexer in elkaar steken. En tijdens het symposium in Rotterdam presenteerden de Franse hoogleraar Xavier Pivot en de Poolse hoogleraar Wojciech Jurczak, twee prominente onderzoekers naar de derde klasse biosimilars (de oncologische en hematologische geneesmiddelen), studieresultaten waaruit blijkt dat ook afgeleide versies van trastuzumab en rituximab dezelfde werking hebben als hun originators. Waarbij Pivot overigens benadrukte dat niet weggekeken moet worden van trials die klinisch minder goed zijn onderbouwd en daardoor een onbetrouwbare uitkomst geven. “Dit ontkennen,” zo meende hij, “levert negatieve publiciteit op en dat is funest voor het vertrouwen dat mensen in biosimilars hebben.” Betaalbaarheid van de zorg Om concurrerend te blijven, reageren fabrikanten van biologische geneesmiddelen in sommige gevallen door de prijzen te verlagen, zoals bij de TNF-alfaremmers; de prijs van het biologisch geneesmiddel gaat dan omlaag. “Ik juich die ontwikkeling toe”, vertelt Vulto: “Het is mij niet zozeer om de biosimilar te doen, maar om de betaalbaarheid van de zorg. Als het biologisch geneesmiddel concurrerend ingekocht kan worden en de werking van beide geneesmiddelen is hetzelfde, dan maakt het niet uit welke variant de zorgverlener of zorginstelling kiest.” Een andere prijsconcurrerende strategie van deze fabrikanten, zo liet Lonneke Timmers, adviserend apotheker bij Menzis, tijdens haar presentatie zien, is de ontwikkeling van subcutane versies van biologische geneesmiddelen. Vlak voor het vervallen van de patenten op de intraveneuze toedieningswijzen van rituximab en trasuzumab, kwamen onlangs de subcutane varianten...

Lees Verder
Biosimilars: de vraag is niet of, maar wanneer en hoe
feb13

Biosimilars: de vraag is niet of, maar wanneer en hoe

Geld en emotie spelen een hoofdrol in de discussie rondom overstappen van originele biologische geneesmiddelen naar biosimilars, de goedkopere equivalent. Zo bleek tijdens het tweede Nationaal Biosimilar Symposium dat onlangs plaatsvond in Amersfoort. Met als thema ‘Overstappen’ werd duidelijk dat het niet een kwestie is van of, maar van wanneer en onder welke voorwaarden biosimilars een prominentere plek krijgen in de Nederlandse gezondheidszorg. De ontwikkelingen in de farmacologie gaan razendsnel. Tot een aantal jaren geleden stond tijdens symposia nog de impact van biologische geneesmiddelen in de gezondheidszorg centraal. Inmiddels is die impact onbetwist: biologische geneesmiddelen zijn belangrijke medicijnen bij de behandeling van een groot aantal ernstige en tot nu toe moeilijk behandelbare ziekten. Nu gaat de discussie over overstappen op biosimilars; dit zijn gelijkwaardige maar goedkopere varianten van originele merkproducten van biologische geneesmiddelen. En ook op dit discussieonderwerp zit een einddatum. Zo is in ieder geval de stellige overtuiging van Arnold Vulto, hoogleraar Ziekenhuisfarmacie aan het ErasmusMC in Rotterdam en een van de pleitbezorgers van biosimilars in Nederland. “Over minder dan vijf jaar hebben biosimilars een stevige positie ingenomen in de gezondheidszorg. Die ontwikkeling zie je nu al aftekenen: inmiddels zijn er 24 biosimilars goedgekeurd door het Europese Geneesmiddelen Agentschap (EMA). De verwachting is dat dit er aan het eind van het jaar ruim veertig zullen zijn. Bovendien worden biosimilars in steeds meer klinieken voorgeschreven. Toch moet er nog behoorlijk wat werk worden verzet om volledige acceptatie van biosimilars te realiseren.” Gevoelige discussie De discussie over biosimilars is een gevoelige en doordrenkt met nuance, maar lijkt voornamelijk te draaien om geld. Originele biologische geneesmiddelen zijn peperduur. Alleen in de Nederlandse gezondheidszorg gaat jaarlijks al zo’n miljard euro om in originele biologische merkproducten. Biosimilars zijn goedkoper. Niet een beetje goedkoper, maar beduidend goedkoper. Getallen zijn moeilijk te traceren, maar medische centra die inmiddels zijn overgestapt van voorschrijven van het originele merkproduct op voorschrijven van de replica, zoals de Sint Maartenskliniek en het Radboudziekenhuis, praten over een kostenbesparing van honderdduizenden euro’s op jaarbasis. Een besparing die ertoe kan bijdragen dat zorg betaalbaar blijft. Als de rekensom zo snel gemaakt is, wat is dan de reden dat biosimilars nog niet vanzelfsprekend worden voorgeschreven als het patent op een origineel biologisch middel is verlopen? Volgens Vulto komt hier een andere hoofdrolspeler in de discussie om de hoek kijken, namelijk emotie. “Patiënten die chronisch ziek zijn, al veel te stellen hebben gehad met hun ziekte en medicatie en waar het onder omstandigheden relatief goed mee gaat, laat je als arts liever met rust. Daarnaast hechten artsen aan hun vertrouwde medicijnen en hechten ze ook waarde aan de relatie met de producent van deze middelen...

Lees Verder