Inzicht nodig van bijwerkingen medicijnen bij ouderen
aug27

Inzicht nodig van bijwerkingen medicijnen bij ouderen

Ouderen zijn grootgebruikers van geneesmiddelen. Ruim een miljoen mensen van 65 jaar en ouder gebruikt vijf of meer medicijnen. Polyfarmacie is dus troef bij de meeste ouderen. Polyfarmacie in combinatie met een hogere leeftijd, leidt mogelijk tot andere bijwerkingen van geneesmiddelen dan bij jongere mensen. Er komen echter maar weinig meldingen binnen over bijwerkingen vanuit ouderen over medicijngebruik. Het RIVM en Bijwerkingencentrum Lareb hebben een methode ontwikkeld om bijwerkingen bij ouderen in het verpleeghuis systematisch in kaart te brengen. Specialisten in ouderengeneeskunde vinden het belangrijk dat kennis wordt verzameld over bijwerkingen van medicijnen bij ouderen. Deze kennis kan worden gebruikt om deze kwetsbare groep mensen optimaal te behandelen, en daarmee de kwaliteit van hun leven te verbeteren. Bij het Bijwerkingencentrum Lareb worden echter maar weinig bijwerkingen door het gebruik van medicijnen bij ouderen gemeld. Hierdoor blijft de kennis over bijwerkingen bij ouderen beperkt. Dit blijkt uit onderzoek van het RIVM en het Bijwerkingencentrum Lareb. Onderzoek bij jonge, gezonde volwassenen Ruim een miljoen mensen van 65 jaar of ouder gebruikt vijf of meer medicijnen. Als mensen ouder worden, treden allerlei veranderingen op in het lichaam die invloed kunnen hebben op de werking en bijwerkingen van medicijnen. Voordat medicijnen op de markt mogen worden gebracht, worden ze uitgebreid onderzocht op werking en bijwerkingen. Dit wordt echter vaak onderzocht bij relatief jonge en gezonde volwassenen, en in veel mindere mate met oudere personen. Meldingen stimuleren Na de markttoelating worden bijwerkingen maar in zeer beperkte mate gemeld door (of voor) ouderen. Het aantal verpleeghuizen en specialisten in ouderengeneeskunde dat meedeed aan de ontwikkelde methode van RIVM en Lareb was helaas te laag om een uitspraak te kunnen doen over de haalbaarheid. Wel werd duidelijk dat het melden van bijwerkingen bij verpleeghuisbewoners moet worden gestimuleerd. Dat kan bijvoorbeeld door het bewustzijn hierover te vergroten en het melden beter in te passen in het werkproces van de zorgverleners in verpleeghuizen. Aanpassen voorschrijfbeleid Dat geldt natuurlijk evenzeer voor thuiswonende ouderen. Dat aantal neemt zeer sterk toe en ook vanuit deze groep komen weinig meldingen van bijwerkingen binnen. Zijn die er niet, zijn de ouderen niet mondig genoeg om de problemen te melden of weten ze gewoonweg niet dat ze kunnen melden en waar dat mogelijk is? Dan zal daar verandering in moeten komen. Want zolang niet duidelijk is om welke bijwerkingen het gaat en wat de gevolgen daarvan zijn, is het niet goed mogelijk om voorschrijfbeleid aan te passen en aanbevelingen voor zorgverlener en patiënt te formuleren. Zie het rapport Melden bijwerkingen geneesmiddelen bij ouderen in verpleeghuizen Mogelijkheden en beperkingen Tekst: Gerda van Beek Bron: Lareb  ...

Lees Verder
Maak medicatie gebruiksvriendelijker voor ouderen
aug24

Maak medicatie gebruiksvriendelijker voor ouderen

Medicatie kan zeker nog veel gebruiksvriendelijker voor senioren. Ouderen hebben vooral problemen met geneesmiddelen uit de doordrukstrips krijgen. Ook het breken van pillen vindt men lastig, evenals het openen van verpakkingen. Daarnaast hebben ouderen soms moeite met het gebrekkige onderscheid tussen medicatie. Als mensen veel verschillende medicijnen gebruiken, kunnen ze daardoor in de war raken. Dat concludeert ANBO na eigen onderzoek onder bijna 7.700 senioren. Van hen gebruiken bijna 6.400 dagelijks medicatie, waarvan 86 procent dagelijks zelfs meerdere soorten. In bijna de helft van de gevallen vallen de gebruikte medicijnen onder het preferentiebeleid. Het feit dat de verpakking vaak wijzigt, ervaart bijna de helft van de respondenten als een probleem. Goede verpakkingen en slimme hulpjes Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) kan hierin een belangrijke rol spelen, zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan, “maar het zou ook goed zijn als farmaceuten zelf meer investeren in goede verpakkingen en slimme hulpjes. Dat vergroot het gebruiksgemak en uiteindelijk de werking”, zo zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan. Gezondheidsrisico’s De uitkomsten zijn niet verrassend. Eerder waarschuwde toenmalige RIVM-onderzoeker Kim Notenboom in haar promotieonderzoek al voor de gebruiksonvriendelijkheid en de daarmee gepaard gaande gezondheidsrisico’s. Ze toonde aan dat mensen vaak scherpe voorwerpen gebruiken bij moeilijke verpakkingen, waardoor gebruikers gewond kunnen raken. En dat gebruikers oplossingen verzinnen die de werkzaamheid van medicatie aantasten. Rol apotheker Ook de apotheker kan een rol spelen, en doet dat al in veel gevallen. Want maar liefst 68 procent van de ondervraagden is tevreden over de informatie die de apotheker of apothekersassistent verstrekt, waarvan 44 procent zelfs heel tevreden. In de helft van de gevallen benadert de apotheker de gebruiker actief met informatie. Een derde van de ondervraagden zegt wel dat een medicatiebeoordeling gewenst is, maar onvoldoende plaatsvindt. Tegelijk zegt ook 40 procent van de ondervraagden geen prijs te stellen op een korte medicatiecheck. Tekst: Gerda van Beek Bron: ANBO  ...

Lees Verder
Zorg voor kwetsbare ouderen wordt landelijk onderzocht
mrt06

Zorg voor kwetsbare ouderen wordt landelijk onderzocht

Zeventien organisaties, waaronder de KNMP, brengen in een landelijk onderzoek in beeld wat goed gaat en wat beter kan bij de zorg voor kwetsbare ouderen. Professionals en particulieren wordt gevraagd hun kennis, ervaringen en ideeën te delen. Met de uitkomsten hopen de organisaties te bewerkstelligen dat geld en oplossingen op de juiste plek terecht komen. De zorg voor kwetsbare ouderen kan en moet beter. De ouderenzorg is zo complex, dat de problemen nauwelijks kunnen worden opgelost. Met de vergrijzing nemen de problemen verder toe. Thuiswonende ouderen redden het op termijn vaak niet alleen. Veel mantelzorgers zijn overbelast, en het regelen van hulp en hulpmiddelen is voor veel mensen ingewikkeld en kostbaar. Totaalbeeld
 De organisaties streven naar een totaalbeeld van de problemen van thuiswonende ouderen met een kwetsbare gezondheid. Daartoe zijn er twee digitale vragenlijst opgesteld: een voor particulieren en een voor zorgprofessionals. Ook is het mogelijk telefonisch een melding te doen via het nationale zorgnummer: 0900  2356780 (20 cent per gesprek). Tevens betrekken de organisaties zoveel mogelijk partijen die een rol hebben in de zorg voor ouderen met een kwetsbare gezondheid. Ook koepels van ziekenhuizen, verpleeghuizen en thuiszorgorganisaties worden daarvoor benaderd. Zo kunnen de knelpunten in samenhang worden bekeken. Deelnemende organisaties De zeventien deelnemende organisaties zijn: Patiëntenfederatie Nederland, Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN), de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV), apothekerskoepel KNMP, Alzheimer Nederland, KBO-PCOB, Verenso, Per Saldo, InEen – vereniging van organisaties voor eerstelijnszorg, Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ), Branchevereniging Thuiszorg Nederland (BTN), Osteoporose Vereniging, Mezzo, Parkinson Vereniging, Nederlandse Patiëntenvereniging, ReumaZorg Nederland en Landelijke adviesgroep eerstelijnsgeneeskunde voor ouderen (Laego). Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
‘Polyfarmacie bij ouderen’ onvoldoende geïmplementeerd
dec04

‘Polyfarmacie bij ouderen’ onvoldoende geïmplementeerd

Medicatieveiligheid bij kwetsbare ouderen die vijf of meer geneesmiddelen gebruiken, de polyfarmacie, is een speerpunt van de IGZ in 2015, zo maakte de Inspectie in november bekend. LHV, NHG en KNMP twijfelen echter of het mogelijk is voor 700.000 patiënten tegelijk een medicatiebeoordeling te realiseren. De Inspectie voor de Gezondheidszorg schrijft dat de multidisciplinaire richtlijn ‘Polyfarmacie bij ouderen’ is nog onvoldoende wordt geïmplementeerd. Zorgprofessionals zijn in het algemeen bekend met de richtlijn, maar voeren nog onvoldoende medicatiebeoordelingen uit. De selectie van kwetsbare ouderen met polyfarmacie die extra zorg nodig hebben, behoeft aanscherping. De kwaliteit van het medicatieoverzicht is onvoldoende en de samenwerking van zorgprofessionals tussen de verschillende domeinen in de zorg is nog nauwelijks formeel geregeld. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit een brede nulmeting naar het huidige farmacotherapeutische zorgproces voor kwetsbare ouderen met polyfarmacie in huisartspraktijken, ziekenhuizen, verpleeghuizen, GGZ, openbare apotheek en ziekenhuisapotheek in 2013/2014, uitgevoerd door EMGO+/VUMC en IGZ. Toezicht op naleven richtlijn Belangrijke aanbevelingen zijn nu gericht op het aanscherpen van de selectiecriteria voor patiënten die voor een medicatiebeoordeling in aanmerking komen, het stimuleren van een systematische aanpak van de medicatiebeoordeling, en het bevorderen van samenwerkingsafspraken. De IGZ gaat vanaf 2015 toezien op het naleven van de richtlijn ‘Polyfarmacie bij ouderen’ als onderdeel van het zorgbrede toezicht op verantwoord voorschrijven. De Inspectie gaat in ieder geval toetsen of zorgprofessionals medicatiebeoordelingen uitvoeren volgens de richtlijn en of zij hiervoor samenwerkingsafspraken hebben gemaakt en vastgelegd, en bij welke kwetsbare ouderen zij een medicatiebeoordeling hebben uitgevoerd. Groeimodel voor de toekomst De LHV, het NHG en de KNMP reageren nu op het toezichtkader van IGZ voor 2015. Enerzijds voorzien zij dat het Landelijk Schakel Punt (LSP) en andere systemen voor gegevensuitwisseling nog onvoldoende voorzien in de medicatieoverdracht tussen apothekers en huisartsen. Anderzijds achten zij het onmogelijk om voor al die 700.000 patiënten tegelijk een medicatiebeoordeling te realiseren. De organisaties zullen daarom voorstellen te starten met een aanvankelijke versmalling van de inclusiecriteria en een groeimodel voor de toekomst, waarmee de richtlijnen voor medicatie-overdracht en medicatiebeoordeling wel goed kunnen worden nageleefd. Deze voorstellen worden voor het einde van het jaar met de IGZ besproken. Apotheekhoudende huisartsen De Apotheekhoudende afdeling van de huisartsenvereniging heeft bij herhaling ook de specifieke problematiek voor apotheekhoudende huisartsen bij de Inspectie onder de aandacht gebracht. Zo geldt bij de medicatiebeoordeling dat zij met een openbare apotheker moeten samenwerken aan medicatiebeoordeling, terwijl die nu juist in de werkgebieden van apotheekhoudende huisartsen dun gezaaid zijn. De Apotheekhoudende afdeling vindt dat de IGZ rekening moet houden met de specifieke situatie van apotheekhoudende huisartsen en zal ook hiervoor alternatieven voorleggen voor goedkeuring door de IGZ. Tekst: Kees...

Lees Verder