Drieluik POCT | Deel 1: De verschillende gezichten van  Point of Care Testing
feb19

Drieluik POCT | Deel 1: De verschillende gezichten van Point of Care Testing

Point of Care Testing (POCT) begint een steeds grotere plaats in te nemen in de gezondheidszorg. In ziekenhuizen worden testen aan het bed van de patiënt al vele jaren onder regie van de klinisch chemici uitgevoerd, maar ook huisartsen zien interessante mogelijkheden voor hun praktijk en ook apothekers roeren zich. FarmaMagazine staat daarom in drie opeenvolgende edities stil bij dit onderwerp. In dit eerste artikel ligt de focus op de vraag of iedereen die de term gebruikt het wel over hetzelfde heeft. Marc Elisen (klinisch chemicus, hoofd klinisch chemisch laboratorium MC Zuiderzee en Trombosedienst Flevoland) is ervan overtuigd dat dit niet het geval is. “POCT is helaas een containerbegrip geworden”, zegt hij. “Iedereen die de term gebruikt, heeft er zijn eigen beeld bij.” Naar zijn mening heeft dit te maken met het feit dat het om testen gaat die in het ziekenhuis, in de huisartspraktijk, in de apotheek of bij de patiënt thuis gebruikt worden. “Het is dus zaak dat discussie wordt gevoerd over die definitiebepaling”, zegt hij, “zeker nu de techniek zo snel voortschrijdt. In het verleden was de techniek nog niet zo ver gevorderd en waren de parameters die konden worden gemeten nog vrij eenvoudig. Maar die techniek heeft zich ontwikkeld en nu is er dus echt wel een verschil tussen de zelftest die de patiënt kan doen, de mogelijkheden voor POCT in het ziekenhuis, de huisartspraktijk en de apotheek en de metingen die in het laboratorium kunnen worden gedaan. In handen van een niet-deskundige moet een POCT of een zelftest een eenduidige conclusie geven. Interpretatie van een getal is dan lastig, zeker wanneer de klinische context ontbreekt. Een zwangerschapstest die een vrouw zelf kan uitvoeren is een goed voorbeeld van een eenvoudig uit te voeren en eenduidig te interpreteren test. De gevoeligheid en specificiteit van zo’n test moet zodanig zijn dat je zowel een zwangerschap kunt uitsluiten als aantonen, want voor beide vragen wordt de test aangeschaft. Dat stelt hoge eisen aan de technologie en daar voldoet het gros van andere zelftesten die te koop zijn niet aan.” Het ligt dus echt genuanceerd, vindt Elisen. En dit geldt bij glucosemeting net zo goed als bij die zwangerschapstest. “Bij glucosemeting wil de patiënt vooral continu op dezelfde manier meten: is de uitslag wat hoger of wat lager dan de vorige keer”, zegt hij. “Net als op een weegschaal staan dus, het absolute getal doet er wat minder toe. In de huisartspraktijk wel, want daar is het doel juist om een ziekte uit te sluiten of om te kunnen bepalen of de patiënt naar de medisch specialist moet worden verwezen.” “We denken al snel in 
termen van tests...

Lees Verder