Intensievere samenwerking Nivel en IVM
okt22

Intensievere samenwerking Nivel en IVM

Goed voorschrijven van geneesmiddelen bevorderen. Dat is het doel van de intensievere samenwerking tussen het Instituut Verantwoord Medicijngebruik (IVM) en het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (Nivel). Daartoe hebben beide organisaties een convenant getekend. Samenwerking bundelt de krachten. Het Nivel is gespecialiseerd in gezondheidszorgonderzoek, het IVM in het implementeren van kennis en werkwijzen in de farmaceutische en farmacotherapeutische zorg. De organisaties vullen elkaar dus goed aan in expertise en kennis. Samenwerken voor betere gezondheidszorg De twee instituten hebben al eerder op projectbasis samengewerkt.. Projecten die zij gezamenlijk hebben uitgevoerd zijn: • onderzoek naar het voorschrijven van antibiotica, • onderzoek naar het gebruik van longmedicatie en • onderzoek naar het opstellen van een kwaliteitsstandaard voor therapietrouw binnen de verpleging en verzorging. De gezamenlijke projecten moeten bijdragen aan een betere gezondheidszorg. Dat is ook het doel van de intensievere samenwerking van de komende jaren, waarvoor het convenant is opgesteld. Evaluatie na drie jaar  De intensievere samenwerking tussen IVM en het Nivel geldt voor drie jaar. Daarna bepalen de organisaties of zij verdergaan en zo ja, op welke wijze. Bronnen: IVM en Nivel Onder redactie van: Gerda van Beek      ...

Lees Verder
Samen aan tafel bij de zorgverzekeraar
jun22

Samen aan tafel bij de zorgverzekeraar

Apothekers en huisartsen in Zuid-Oost Brabant werken niet alleen nauw samen in farmacotherapie, ze zitten ook samen aan tafel met zorgverzekeraars. Want perfecte zorg met medicijnen zonder verspilling, is de wens van huisartsen, apothekers en patiënten samen, stellen initiatiefnemers Niels van Elderen (PoZoB) en Marc van Asten (CaZo). Voorschrijven, afleveren en gebruik van medicijnen is niet alleen een zaak van richtlijnen en bijsluiters. Kwaliteit van zorg, doelmatig voorschrijven en hogere therapietrouw begint bij samenwerking tussen apotheker en huisarts. Dat hebben ze in Zuid-Oost Brabant al in 2012 begrepen. Al jaren werken daar apotheker, praktijkondersteuner en huisarts nauw samen. Bij Praktijkondersteuning Zuidoost-Brabant werken 150 huisartspraktijken en ruim 200 praktijkondersteuners in de eerstelijns zorg samen voor patiënten met een chronische of psychische aandoening en voor kwetsbare ouderen. PoZoB is een onafhankelijke vereniging die intensief met andere partijen samenwerkt. Een van die partijen is Zorggroep Categorale Zorg (CaZo), een groep van zo’n 21 regionale apothekers. Het is een van de eerste zorggroepen die al jaren samenwerkt. Dat was in een tijd dat het tussen de diverse bloedgroepen apothekers – zelfstandigen en diverse ketens- lastig was om een vuist te maken en gezamenlijk op te treden in de regio. Visie op farmacie Directeur Niels van Elderen van PoZoB moet even nadenken wanneer het allemaal ook al weer begon. “We zijn al jaren bezig om samen met de apothekers van CaZo de farmaceutische zorg te verbeteren. Voor ons is samenwerken inmiddels heel normaal. Ik verbaas me er dan over dat dat in andere regio’s nog helemaal niet het geval is. De samenwerking hier ging overigens met horten en stoten. We zijn in 2012 begonnen met medicatiereviews voor diabetespatiënten, ondersteund door zorgverzekeraar CZ. Dat leek een eenvoudige vorm van samenwerking. Maar de praktijk was weerbarstiger. De ondersteuning van ICT was onvoldoende, we konden niet aan voldoende patiënten komen en de samenwerking tussen huisartsen en apothekers stond nog in de kinderschoenen. Zo was de rol van de apotheker toen nog niet duidelijk. Uiteindelijk vond CZ de uitkomsten onvoldoende: er werd te weinig bespaard op de kosten. Drie jaar later zijn we gestart met het omzetten van duurdere naar goedkopere statines, het Crestor-project. Uiteindelijk was alleen de zorgverzekeraar blij met de resultaten, want de kosten gingen omlaag. Maar huisarts, apotheker en patiënt werden er niet blij van: het project was veel te smal ingericht, leidde tot frustratie en richtte zich te veel op kostenbesparing. We stopten er 200.000 euro in en het leidde tot een besparing van 50.000 euro. Formularia kunnen zeker helpen om medicatiebeleid te verbeteren als iedereen eenduidig en transparant voorschrijft. Maar het doel moet wel verhogen van de kwaliteit van zorg zijn en niet...

Lees Verder
Samenwerking CBG en Hartstichting
jan17

Samenwerking CBG en Hartstichting

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en de Hartstichting gaan samenwerken. Gezamenlijke inzet kan de ontwikkeling van medicijnen bevorderen en ervoor zorgen dan nieuwe medicijnen sneller beschikbaar zijn voor de patiënt. Soms verlopen de vertaling en ontwikkeling van onderzoek naar medicijnen onnodig traag. Dit heeft te maken met onbekendheid met de regels voor vergunningverlening van medicijnen. Het CBG kan vanuit haar expertise reeds in een vroeg stadium de onderzoekers van de Hartstichting advies geven over optimale toepasbaarheid en haalbaarheid van het onderzoek. Nieuwe medicijnen worden vaak bedacht in academische centra of kleine farmaceutische bedrijven. Deze zijn niet altijd goed op de hoogte van de complexe regelgeving van de vergunningverlening van medicijnen. Met als gevolg dat geneesmiddelenonderzoek soms opnieuw moet worden uitgevoerd. Of de medicijnen komen zelfs helemaal niet beschikbaar. Samenwerking met het CBG kan dit voorkomen. Beste behandeling voor hart- en vaatpatiënten
 Floris Italianer, directeur van de Hartstichting: “De financiering van excellent wetenschappelijk onderzoek is een van onze belangrijkste activiteiten om hart- en vaatziekten eerder op te sporen en beter te behandelen. Het zo snel mogelijk vertalen van onderzoeksresultaten naar de kliniek of zorgpraktijk heeft onze aandacht: we willen dat hart- en vaatpatiënten de beste behandeling krijgen. Sinds 2016 werken onze onderzoekers daarom verplicht samen met een commissie van gebruikers. Deze adviseert hoe de uitkomsten zo snel mogelijk praktisch toepasbaar worden voor de patiënt. De samenwerking met het CBG is hierin een volgende stap. Met advies van het CBG kunnen onze onderzoekers hun onderzoek nog doelgerichter en efficiënter opzetten.” CBS biedt advies op maat
 Om vernieuwing en snelle toegang tot medicijnen te bevorderen, is het CBG in 2015 gestart met een pilot met het geven van advies op maat. Dit betreft een laagdrempelige adviesvorm voor start-ups: kleine bedrijven en academische groepen die werken aan de ontwikkeling van medicijnen. 
Het CBG biedt tevens advies bij innovatieve geneesmiddelontwikkeling, markttoelating van geneesmiddelen die off-label worden gebruikt en registratie van een nieuwe toepassing van een bestaand geneesmiddel (Drug Rediscovery). Over het algemeen heeft het advies primair betrekking op de vroege fase van ontwikkeling (farmaceutische of preklinische aspecten, fase I klinisch onderzoek). Het CBG biedt daarbij ook de mogelijkheid van een ketenbreed advies met Zorginstituut Nederland en/of de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO). Daardoor krijgen partijen de mogelijkheid om aan tafel te zitten met alle bij geneesmiddelenontwikkeling betrokken overheidspartners. Bron: CBG Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
BeNeLuxA: samenwerking op het gebied van geneesmiddelen
sep06

BeNeLuxA: samenwerking op het gebied van geneesmiddelen

België, Nederland, Luxemburg en Oostenrijk werken onder de naam BeNeLuxA samen om nieuwe geneesmiddelen sneller en tegen een aanvaardbare prijs beschikbaar te maken voor patiënten. Ook willen zij gezamenlijk de toegang tot belangrijke innovatieve geneesmiddelen en  betaalbare behandelingen verbeteren. Een nieuwe stap in deze samenwerking is de lancering van een website. Betrof het eerst Nederlands – Belgisch project op het gebied van geneesmiddelen, in 2015 sloot Luxemburg zich aan en in 2016 Oostenrijk. Sindsdien is de officiële naam: BeNeLuxA, als een duidelijke verwijzing naar de deelnemende landen, namelijk BElgië, NEderland, LUXemburg en Austria. De site die deze week is live gegaan, heeft eveneens deze naam: www.beneluxa.org. Veel informatie
 De website dient als centraal informatiepunt voor farmaceutische bedrijven die geïnteresseerd zijn in gezamenlijke onderhandelingen. Ook bevat de site algemene informatie over het samenwerkingsproject, behaalde resultaten, (wetenschappelijke) rapporten gemaakt in opdracht van BeNeLuxA en beleidsdocumenten, zoals de door de landen getekende samenwerkingsafspraken. Samenwerking BeNeLuxA bestaat niet alleen uit gezamenlijke prijsonderhandelingen. Zo wordt er bijvoorbeeld ook nauw samengewerkt op het gebied van  horizon scanning  in de geneesmiddelensector. Daarbij worden potentieel belangrijke farmaceutische innovaties – vaak zijn dit bijzonder dure geneesmiddelen – in kaart gebracht nog vóór ze op de markt komen. Met die informatie staan de landen sterker bijvoorbeeld bij de inkoop daarvan door zorgaanbieders.  Daarnaast bestaat de samenwerking uit het delen van data en beleid en gezamenlijk doelmatigheids- en evaluatieonderzoek (Health Technology Assessments). Mogelijk willen andere landen zich aansluiten bij dit samenwerkingsverband. De website toont laat duidelijk de voordelen zien van dit samenwerkingsverband. Bron: ministerie van VWS Onder redactie van Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Elkaar kennen is de basis, samenwerken een voorwaarde
jan12

Elkaar kennen is de basis, samenwerken een voorwaarde

Janneke Bressers (33) is huisarts in Vinkel. Een kleine, laagdrempelige praktijk in het hart van een dorp waar mensen elkaar kennen. Waar zorg op maat bijna vanzelfsprekend is en waar men van mening is dat niet elke patiënt in een protocol te vangen is. Janneke straalt als je haar vraagt waarom ze haar vak zo boeiend vindt: ”Ik vind het fijn dat ik tússen de mensen sta. In een huisartspraktijk komen patiënten met name omdat ze willen weten hoe ze in het dagelijks leven met hun ziekte moeten omgaan. Ik ben vooral bezig met het leven.” De eerste lijn krijgt een steeds prominentere positie binnen de gezondheidszorg en huisartsen en apothekers moeten intensiever gaan samenwerken om de zorg kwalitatief hoog te houden. Daarom organiseerde de VJA in 2015 in samenwerking met de Landelijke Organisatie van Aspirant Huisartsen (LOVAH) voor het eerst een symposium met het thema: ‘Samen werken of samenwerken, in welk sprookje geloof jij?’ Janneke was een van de organisatoren van dit succesvolle event dat een vervolg krijgt. Janneke: “De laatste anderhalf jaar van mijn studie ben ik actief geweest binnen de LOVAH, onder andere als voorzitter van de werkgroep onderwijs. Voorafgaand aan het symposium kwamen we al brainstormend tot de conclusie dat je het beste zo vroeg mogelijk kunt beginnen met samenwerken; tijdens de opleiding al. Daar moet de basis worden gelegd.” Hoogste tijd om elkaar beter te leren kennen? Janneke: “Zeker! Het symposium werd goed bezocht en iedereen was super enthousiast. Het organiserend team bestond uit zes huisartsen in opleiding en vijf jonge apothekers. Iedereen vond het belangrijk om dichter tot elkaar te komen. Om meer van en over elkaar te horen. Hoe denken apothekers over ons vak en andersom? Wat zijn de vooroordelen? Ik kreeg er veel energie van. Het volgende symposium van de VJA en de LOVAH is op 30 januari 2017 en gaat over therapietrouw: ‘Pil zoekt trouw. Hét recept voor een goed huwelijk.” Welke vooroordelen zijn er over en weer? “Even diep in mijn geheugen graven. Vooroordeel over apothekers was dat ze soms lui gevonden worden en zich in een kantoortje achter de computer verschuilen. Het vooroordeel over huisartsen is dat wij weinig kennis van geneesmiddelen hebben.” Hoe overbrug je vooroordelen? “Door te zoeken naar gemeenschappelijke delers. Wat kun je met elkaar delen zodat je samen de zorg beter en veiliger maakt. Dan gaat het over kennis maar ook over logistiek bijvoorbeeld. In de huisartsenpraktijk waar ik werk, werken we intensief samen met de apotheek. Dat vind ik heel prettig. De apotheker heeft toegang tot het elektronische patiëntendossier zodat hij kan zien welke geneesmiddelen patiënten gebruiken en welke labwaarden ze hebben. Dat...

Lees Verder
Drijfveren: Code A49.02
jun02

Drijfveren: Code A49.02

“De rode draad in mijn leven is dat ik langs een slootje loop en naar de overkant spring waar ik andere zorgverleners uitleg wat apothekers allemaal doen. Tegelijkertijd wil ik heel graag weten wat er aan die overkant gebeurt. Daarna kunnen we samen bekijken of het wenselijk is om een bruggetje te bouwen en gaan we aan de slag”, verklaart dr. Luc(retia) Peeters (63) poëtisch. We hebben afgesproken in Gezondheidscentrum Hoensbroek-Noord waar ze is voor haar wekelijks farmaceutisch overleg met huisarts Hanka Zwanikken. In haar grote HEMA tas zit het omvangrijke Informatorium Medicamentorum en Commentaren Medicatiebewaking: “Gelukkig heb ik het Farmacotherapeutisch Kompas digitaal.” De samenwerking tussen Luc en het academisch gezondheidscentrum is twee jaar geleden begonnen. Luc: “Er is een lijst van 150 patiënten opgesteld door een van de huisartsen met criteria zoals het aantal geneesmiddelen en de leeftijd van de patiënt. Ik bereid de medicatiebeoordelingen voor. Daartoe heb ik inzage in het Huisartsen Informatie Systeem. Per overleg bespreken we vijf of zes patiënten. Verder woon ik iedere week met de huisartsen het MDO bij met de internist, die voorafgaand aan het overleg spreekuur heeft in dit gezondheidscentrum. Tijdens het MDO worden alle patiënten besproken waar vragen over zijn. Je vult elkaar aan met de kennis die je hebt. Samen zorg je zo veel beter voor de patiënt. En ja, ik vind het heel erg leuk om te doen. Heb hier al veel geleerd.” Het heeft zin Hanka en Luc zitten een uur zij aan zij achter de computer en nemen een voor een de patiënten door. Hanka: “Er zijn veel zorgprofessionals die vinden dat overleg tijd kost. Maar onder aan de streep levert deze samenwerking wel degelijk wat op. Dit heeft echt zin. Je wordt ‘gedwongen’ om het medicatiegebruik goed in kaart te brengen; dossiers worden bijgewerkt. Polyfarmacie hoort er gewoon bij. Op deze manier is er duidelijk sprake van toename van kennis waardoor de kwaliteit van zorg voor de patiënt verbetert. Verkeerde combinaties van medicijnen worden voorkomen en geneesmiddelen worden op tijd stopgezet. Ik merk aan mezelf dat ik steeds zekerder word over de zorg die ik lever. En zo samen achter de pc zitten, is heel effectief gebleken. Het moet op persoonlijk vlak natuurlijk ook klikken. Als de een feedback geeft en de ander gaat meteen met de hakken in het zand dan gaat het niet werken.” Laat je pen eens zien Luc studeerde in ‘79 af en runde twintig jaar een eigen apotheek. Ze gaf vijftien jaar les aan huisartsen in opleiding aan de Universiteit van Maastricht. In 2000 promoveerde ze op een longitudinaal onderzoek naar voorschrijfgedrag bij huisartsen. “Voor dit onderzoek heb ik vijf...

Lees Verder
“We kozen voor de inhoud,  dan volgt de ICT”
mrt21

“We kozen voor de inhoud, dan volgt de ICT”

“De ICT kun je pas als laatste regelen en moet aansluiten op de core business van de samenwerkingspartners. De rol van de patiënt moet je nadrukkelijke benoemen.” Dat concludeert Matine van Schie bij het maken van afspraken over een veilige uitwisseling van medicatiegegevens in de regio Rijnmond. In december jl. werd in deze Rotterdamse regio het convenant medicatieoverdracht getekend. Vertegenwoordigers uit de eerstelijnszorg, de ziekenhuizen en belangenbehartigers van zorgvragers hebben er onder begeleiding van Matine van Schie van de regionale ondersteuningsorganisatie ZorgImpuls twee jaar aan gewerkt. Het is de Rijnmondse uitwerking van de landelijke richtlijn ‘Overdracht van medicatiegegevens in de keten’, die sinds 2011 voor alle zorgaanbieders in Nederland geldt. Baanbrekend samenzijn “Het was een bont gezelschap dat we bij de start in 2011 bij elkaar hebben gebracht: de huisartsenkring, de huisartsenposten, de samenwerkende gezondheidscentra, de vereniging van apothekers en de trombosedienst. Na afloop sprak men over een baanbrekend samenzijn en wilde men er een vervolg aan geven. De stakeholders spraken af te vertrekken vanuit de inhoud van de zorg, om te voorkomen dat ze terecht kwamen in een ICT-discussie. Dus niet hoe gaan we medicatiegegevens overdragen, maar wat, wanneer, door en aan wie doen we dat.” Quick scan “De eerste activiteit was het maken van een quick scan over welke informatie men deelt en wat men mist als het gaat om het voorkomen van fouten in de medicatieoverdracht en het vergroten van de patiëntveiligheid.” Matine van Schie geeft enkele voorbeelden: – De huisarts stuurt veelal geen ‘stopbericht’ over de aan een patiënt voorgeschreven medicijnen naar een apotheker. – In de gegevensuitwisseling ontbreekt meestal een contra-indicatie of informatie over allergische aanleg. – De laboratoriumuitslagen gaan niet standaard naar de apotheker als de medicatie wordt voorgeschreven. – De apotheker stuurt wel informatie over interactie met de patiënt naar de huisarts, maar beiden geven er geen follow-up aan. – In het recept ontbreekt doorgaans de diagnose. “Maar ook als de informatie-uitwisseling wel plaatsvindt, dan is het de vraag of de gegevens op de juiste plaats in het informatiesysteem komen.” Verantwoordelijkheid van de patiënt De patiënt bleek geheel afwezig in de informatievoorziening. “Die gaat ervan uit dat de zorgverleners het onderling goed regelen en op tijd informatie kunnen verstrekken als dat nodig is. Maar dezelfde patiënt legt niets vast over het gebruik van de middelen die hij of zij zelf uit het schap kan halen,” weet Matine van Schie. “Nu steeds meer de regie over het eigen leven gevoerd moet worden, hebben we in het convenant de patiënt duidelijk een plaats gegeven. Wij zeggen dat de patiënt het recht heeft op inzage en een kopie van zijn volledige medicatiedossier. Hij heeft ook...

Lees Verder
Rode vlaggen sturen de medicatieveiligheid
dec16

Rode vlaggen sturen de medicatieveiligheid

“De Rodevlaggen-app werkt prima, maar geeft bovendien een impuls aan de samenwerking tussen de zorgverleners in Schagen en omstreken.” Aouktje Kaspers van de Schager Apotheek is overtuigd van het instrument en voorziet een snelle uitbreiding in Noord-Holland in 2015. Ze leidt de Schager Apotheek met twee vestigingen in de kop van Noord-Holland. “Bij de opening in september 2013 van het gezondheidscentrum, waarin we nu gevestigd zijn, werd ik aangesproken door de wijkverpleegkundige Judith van Leeuwen van de thuiszorgorganisatie Omring. Zij vertelde over de ontwikkeling van een Rodevlaggen-instrument waarmee waarnemingen op het gebied van medicatieveiligheid worden vastgelegd. Ik was direct geïnteresseerd en we hebben met alle betrokken partijen een projectgroep gevormd om het instrument verder uit te werken. De Regionale Ondersteuningsorganisatie ZONH zorgt voor de projectorganisatie.” Melding vastleggen zonder schrijfwerk “Zo kwamen we in contact met wetenschappelijk adviseur en apotheker Eric Hiddink van Health Base, die samen met Carolien Sino, verpleegkundige en instituutdirecteur Verpleegkundige Studies Hogeschool Utrecht, de app heeft bedacht,” vervolgt Aouktje Kaspers. “De idee erachter is dat verzorgenden en helpenden bij de cliënten thuis de ogen en de oren zijn van andere zorgprofessionals, zoals de apotheker en de huisarts. Maar hoe geven ze de signalen door? Via de iPhone kunnen zij met deze app, eventueel met een foto toegevoegd, een rode vlag maken. Dat wil zeggen een melding vastleggen zonder schrijfwerk en administratieve afhandeling.” De app helpt thuiszorgmedewerkers in het observeren en herkennen van signalen die kunnen duiden op een medicatieprobleem. Wij komen niet achter de voordeur Apotheker Aouktje Kaspers geeft een voorbeeld. “Een wijkverpleegkundige kwam bij en dame die wekelijks haar medicijnen in een Baxterrol krijgt geleverd, met hiernaast los pijnmedicatie. Deze pijnmedicatie nam zij alleen in wanneer de verpleegkundige het aangaf met als gevolg dat zij veel onnodige pijn had. Dit is gemeld met een rode vlag. Door de pijnmedicatie tijdelijk in de Baxterrol op te nemen, is dit probleem makkelijk en snel opgelost. Bij een andere cliënt bleken nog allerlei doosjes met medicijnen door het huis te zwerven na de overgang op de Baxterrol. Wij leveren wel aan huis af, maar komen niet achter de voordeur. De wijkverpleging heeft dit geconstateerd en een vlag gestuurd naar de apotheek. Wij konden hierna de overbodige medicijnen inzamelen.” Vroegsignaling “Door rapportage van de problemen die de thuiszorg constateert bij het gebruik van medicijnen, kunnen op voorhand medicatiegerelateerde problemen worden voorkomen. Deze vroegsignalering zal de medicatieveiligheid van de cliënten ten goede komen, kunnen ziekenhuisopnames worden voorkomen en dat werkt kostenbesparend in de zorg,” stelt Aouktje Kaspers tevreden vast. Judith van Leeuwen, de wijkverpleegkundige van Omring in Schagen, vertelt: “Wij signaleren geregeld problemen die veroorzaakt kunnen worden door medicijnen. Het...

Lees Verder
Samen de medicatieveiligheid in Zeeland vormgeven
dec07

Samen de medicatieveiligheid in Zeeland vormgeven

KETENZORG – “Samenwerking voorkomt vertraging in het uitzoeken welke pillen bij een patiënt zijn voorgeschreven. Zo verkleinen we de kans op foutief voorschrijven. Het is belangrijk dat we weten wat de patiënt slikt en hoe de patiënt met zijn medicijnen omgaat. Vaak weten patiënten zelf niet goed wat ze slikken. Soms nemen ze de pillen niet in of volgens een ander schema en weten we dat niet.” Teun van Es aan, directeur Scheldezoom Farmacie, de organisatie die verantwoordelijke is voor de geneesmiddelenzorg in de drie ziekenhuizen en een aantal zorginstellingen in Zeeland, benoemt het belang van patiëntveiligheid in de samenwerking tussen de verschillende partners die de afgelopen week een samenwerkingsovereenkomst ondertekenden. Dat zijn de Stichting Ketenzorg Midden en Noord Zeeland, de Huisartsenkring Zeeland, de Apothekers Midden en Noord Zeeland, Scheldezoom Farmacie, het Admiraal de Ruyterziekenhuis (ADZR), Emergis en Huisartsenpost Zeeland. Deze ondertekening, in aanwezigheid van 55 zorgverleners, is het startmoment van de implementatie van de gemaakte samenwerkingsafspraken, die zijn vastgelegd in het document Medicatieveiligheid Midden en Noord Zeeland. We verkleinen de kans op foutief voorschrijven “Ook weet een patiënt nog lang niet altijd wat wij als zorgverleners allemaal met elkaar bedenken en doen, vervolgt Van Es. “Wij hebben met elkaar een belangrijke taak om de patiënt te laten inzien dat ook zij een belangrijke rol hebben in hun eigen medicatieveiligheid. Binnenkort ontwikkelen we samen met Klaverblad Zeeland een publiekscampagne om de patiënten in onze regio’s bewust te maken van hun rol.” Initiatief van Stichting Ketenzorg breidde zich uit “In 2013 bleek landelijk dat 8% van de geregistreerde fouten in de medicatie te maken heeft met medicatieoverdracht. Ook bleek dat er meer dan 50.000 faxmomenten per jaar waren tussen voorschrijvers en apotheken in Zeeland,” licht Rick Mentjox, Raad van Bestuur van de ggz-organisatie Emergis toe. “In de regio Walcheren nam de Stichting Ketenzorg Midden en Noord Zeeland begin 2013 het initiatief tot het starten van een project voor samenwerkingsafspraken rondom medicatieveiligheid. Het resultaat was een document met samenwerkingsafspraken tussen vooral thuiszorgaanbieders en apothekers voor regio Walcheren. Van andere partijen die nog niet participeerden en vanuit de eigen projectgroep kwam de wens om uit te breiden naar meer partijen en een grotere regio. Onder begeleiding van adviesorganisatie Stichting Robuust heeft dit tot de Samenwerkingsafspraken medicatieveiligheid voor Midden en Noord Zeeland.” Faxen is niet meer van deze tijd De landelijke ‘Richtlijn Overdracht van Medicatiegegevens’ en de brochure ‘Veilige principes in de keten’ vormen de basis van de samenwerkingsafspraken. “Het is tijd dat we intensiever gaan samenwerken, zodat we allemaal beschikken over een actueel medicatieoverzicht,” geeft Jan Doelman, neuroloog in ADZR, aan. ”Medicatieveiligheid kunnen we niet meer individueel oplossen, daar is het proces...

Lees Verder
Samenwerking: Apothekers stimuleren huisartsen
nov17

Samenwerking: Apothekers stimuleren huisartsen

In de wereld van de Blauwe zorg draagt ook de farmacie een steentje bij aan een betere gezondheid, betere kwaliteit van zorg en lagere kosten, de zgn. triple aim. Fred Claessens, eigenaar van de apotheek aan het Malbergplein in Maastricht, belicht de samenwerking in de projectgroep Farmacie van de zorggroep ZIO. In een paar zinnen geeft Fred Claessens aan wat de belangen zijn voor de 25 apotheken in het gebied van Maastricht en Heuvelland. “Het is een kans om je vak beter uit te oefenen, je komt ermee dichter bij de patiënt te staan en er komt een einde aan het kat en muis spel met de zorgverzekeraar. We kunnen het domein denken achter ons laten. Het zorgsysteem kantelt, dan kun je er maar beter een duurzame samenwerking tussen apothekers en huisartsen voor in de plaats krijgen.” Blauwe zorg Maar wat zijn ZIO en de Blauwe zorg? Blauwe Zorg behoort tot een van de negen regionale proeftuinen die minister Schippers vorig jaar heeft aangewezen. Het is een initiatief van zorgverzekeraar VGZ, zorggroep Zorg in Ontwikkeling (ZIO) – met huisartsen, fysiotherapeuten en diëtisten – Maastricht UMC+, de Apothekers Vereniging Maastricht, en de Limburgse patiëntenorganisatie Huis voor de Zorg. De zorgorganisaties werken samen aan betere gezondheid, betere kwaliteit van zorg en lagere kosten, zodat de zorg ook voor komende generaties betaalbaar en beschikbaar blijft. In de proeftuin in Maastricht komt niet alleen de samenwerking tussen huisartsen en specialisten goed op gang. Ook huisartsen en apothekers worden in stelling gebracht. “Het is onze taak om het kostenbewustzijn van huisartsen én van patiënten te vergroten.” Regionale binding Fred Claessens is lid van een maatschap van zes apothekers die circa 30 procent van de populatie in de proeftuin bedient. Hij is niet aangesloten bij een apotheekketen, heeft Mosadex als groothandel en profiteert zodoende bij de contractering van de inzet van de Nederlandse Farmaceutische Zorggroep (NFZ), als schakel tussen apotheker en zorgverzekeraar. “Wij zijn gebaat bij een goede verstandhouding met zorgverzekeraar VGZ waarbij circa 70 procent van de populatie is verzekerd. De tweede verzekeraar hier is CZ (ca. 15%). De zorggroep ZIO zocht de samenwerking met apothekers in Maastricht en als maatschap onderschrijven wij van harte de regionale binding.” Substitutie Hoe dragen apothekers hun steentje bij? “De zorgverzekeraar VGZ beschikt over een landelijk format die spiegelinformatie voor huisartsen genereert. Daarin zijn zo’n 20 farmaceutische stoffen opgenomen, geselecteerd in de groepen cholesterolverlagers, maagzuurremmers, en bloeddrukverlagers. Op basis van de declaratiegegevens bleken veertien van de 65 huisartsen in onze regio geregeld te kiezen voor specialité’s in plaats van generieke geneesmiddelen. Zij zaten aan de top in de kosten van de medicatie. Samen met de kwaliteitsmanager van ZIO...

Lees Verder
Pagina 1 van 212