Reactie KNMP op rapport Vervolgonderzoek Medicatieveiligheid
feb06

Reactie KNMP op rapport Vervolgonderzoek Medicatieveiligheid

De KNMP heeft gereageerd op het rapport Vervolgonderzoek Medicatieveiligheid dat vorige week is verschenen. Ze deelt met Schippers de zorg voor een optimale medicatieveiligheid voor patiënten en het daarmee reduceren van vermijdbare medicatiegerelateerde ziekenhuisopnamen. De KNMP denkt dan ook graag met minister Schippers na over de oplossing hiervoor. Apothekers zien medicatieveiligheid als hun verantwoordelijkheid, schrijft de KNMP in haar brief aan minister Schippers. Ze kunnen dit echter niet alleen. Om de vermijdbare geneesmiddelgerelateerde ziekenhuisopnames terug te dringen, hebben apothekers hun collega-zorgverleners in de eerste en tweede lijn nodig. Reeds stevig geïnvesteerd
 De KNMP en haar leden hebben de afgelopen jaren stevig geïnvesteerd in het verbeteren van de farmaceutische patiëntenzorg en de medicatiebewaking, onder meer met de ontwikkeling van de richtlijnen Medicatiebeoordelingen en Medicatiebewaking. Ruim 95% van de apothekers werkt actief met het LSP en de KNMP heeft gegevensuitwisseling gestimuleerd door het steunen van de Wet cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens. Daarnaast heeft KNMP heeft met de sector een landelijke set Medisch Farmaceutische Beslisregels (MFB’s) ontwikkeld: persoonsgebonden patiëntkenmerken waarmee de medicatiebewaking wordt toegespitst op de patiënten die het grootste risico lopen. Pleidooi KNMP
 De KNMP pleit voor het structureel investeren in innovaties in de farmaceutische zorg, zoals MFB´s. Ze stelt voor dat overheid en zorgverzekeraars jaarlijks 2 procent van de € 1 miljard aan farmaceutische-zorgkosten extra toekent aan verbetering hiervan. Ook vraagt de KNMP de minister om zorgverzekeraars op te roepen om de MFB´s te betrekken in de contractafspraken voor 2018. Voorts zou de KNMP graag zien dat apothekers, onder dezelfde voorwaarden als de huisarts, relevante labwaarden kunnen aanvragen. De KNMP stelt verder voor dat de overheid de regie neemt en structureel investeert in gegevensuitwisseling in de zorg. Dit betreft verbetering van de infrastructuur en de totstandkoming van een standaard voor gegevensuitwisseling.  Tot slot wijst de KNMP op het omvangrijke en hardnekkige probleem van therapieontrouw. Hierin heeft de patiënt zelf de belangrijkste verantwoordelijkheid. Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Veilig voorschrijven: gaat goed, kan beter
jan23

Veilig voorschrijven: gaat goed, kan beter

Bijna iedereen gebruikt wel eens medicijnen. Vaak gaat dit goed, maar niet altijd. Daarom toetst de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) op veilig voorschrijven. De bevindingen staan in het recent verschenen rapport: “Veilig voorschrijven moet beter. Een gezamenlijke zorgbrede verantwoordelijkheid”. Het rapport gaat in op vier voorwaarden voor veilig voorschrijven, namelijk: 1.    Elektronisch voorschrijven en medicatiebewaking 2.    Medicatieoverdracht 3.    Medicatiebeoordeling 4.    Verantwoordelijkheidsverdeling bij samenwerking in de zorg. De inspectie ziet op alle terreinen echte verbetering, maar aandacht voor medicatieveiligheid blijft noodzakelijk. Het elektronisch voorschrijven noemt IGZ winst,  maar ze waarschuwt dat het ook kan leiden tot nieuwe risico’s als zorgverleners te veel vertrouwen op het systeem. De inspectie zal daar dus op toezien. Verantwoordelijkheidsverdeling
 Zorgverleners besteden veel tijd aan het verzamelen van informatie bij de patiënt en uit overdrachten. Helaas besteden zorgverleners daarna te weinig aandacht aan het zelf overdragen van de eigen medicatie-informatie aan anderen. Dit leidt tot risico’s en is inefficiënt. De rol van de patiënt moet belangrijker worden, stelt de Inspectie. Vooral wanneer kwetsbare ouderen medicatie gebruiken die door verschillende zorgverleners werd voorgeschreven, kunnen risico’s ontstaan. Er zijn onvoldoende dekkende afspraken over wie, waarvoor verantwoordelijk is. IGZ verwacht dat de beroepsgroepen de samenwerking met de patiënt en met elkaar helder zullen vastleggen in (herziene) richtlijnen. Zodat elke Nederlander ook in het veranderend zorglandschap met meer thuiswonende kwetsbare ouderen kan vertrouwen op veilig voorgeschreven medicatie. Reactie Nederlandse Patiëntenfederatie
 Het rapport heeft direct veel stof doen opwaaien. Met o.a. een reactie van de Nederlandse Patiëntenfederatie met de ongenuanceerde kop: “Dokter, apotheker, patiënt en medicijnen: het blijft kwakkelen.” Directeur Diana Veldman vraagt zich in dat bericht af: “Is het teveel gevraagd om even aan de patiënt te vragen wat hij slikt?” Terwijl de praktijk uitwijst dat een groot deel van de patiënten niet exact en correct zijn eigen medicatie kan benoemen. Beleidsreactie Schippers Minister Schippers heeft het rapport naar de Tweede Kamer gestuurd met daarbij haar beleidsreactie. Ze geeft aan dat de herziene richtlijn “Overdracht van medicatiegegevens in de keten” per maart 2017 van kracht is. Deze sluit goed aan op de huidige praktijk, waarin de patiënt centraal staat met verbetering van het verifiëren van informatie bij de patiënt. Ook financiert ze de totstandkoming van de informatiestandaard Medicatieproces. Dit project staat voor verbetering van de digitale registratie en gegevensuitwisseling van medicatiegegevens in de gehele keten van zorgverleners en met de patiënt. Dit gebeurt door standaardisatieafspraken binnen de zorgketen over welke gegevens door wie vastgelegd. Naar verwachting is de informatiestandaard medio 2017 beschikbaar voor brede implementatie. Betrokkenheid apotheker
 Ook stelt Schippers in haar brief dat de apotheker meer moet worden betrokken bij medicatieoverdracht en medicatieverificatie. “De apotheker is bij uitstek...

Lees Verder
Schippers biedt duidelijkheid over dure geneesmiddelen
jul13

Schippers biedt duidelijkheid over dure geneesmiddelen

Zoals ze in het algemeen overleg met de Tweede Kamer over de betalingsproblematiek van dure, veelal oncologische had toegezegd, biedt minister Edith Schippers (VWS) met haar Kamerbrief van 10 juli nu een oplossing voor de acute problematiek. Dat dure geneesmiddelen niet verstrekt worden vanwege financiële redenen, mag niet meer gebeuren. Na de rapporten van het KWF (‘Effectieve nieuwe middelen tegen kanker, maar het financieringssysteem kraakt’) en de NZa (‘Onderzoek naar de toegankelijkheid en betaalbaarheid van geneesmiddelen in de medisch specialistische zorg’), met signalen over betalingsproblematiek bij dure geneesmiddelen, heeft Schippers voor de korte termijn afspraken gemaakt. (1) Zorgverzekeraars onderschrijven hun zorgplicht en zorgen dat er geen patiënten om budgettaire redenen de toegang tot dure geneesmiddelen wordt ontzegd. (2) Zorgaanbieders garanderen dat zij richtlijnconform werken en dus ook, waar medisch noodzakelijk, dure geneesmiddelen aan patiënten voorschrijven. Mocht een zorgaanbieder in individuele gevallen financieel echt niet in staat zijn een geneesmiddel te leveren dan gaat de zorgaanbieder hierover met de betreffende verzekeraar het gesprek aan. (3) VWS zorgt voor verantwoorde introductie van dure geneesmiddelen op korte termijn, zoals in casu nivolumab. Verder blijft VWS verantwoord omgaan met de inzet van het macrobeheersinstrument (MBI) als ultimum remedium. Dit betekent concreet dat ingeval van overschrijdingen eerst overleg plaatsvindt met veldpartijen. Langere termijn De minister benadrukt dat de NZa toeziet op de zorgplicht van verzekeraars en de IGZ op verantwoorde zorgverlening bij aanbieders. Mocht dit nodig zijn, dan kunnen patiënten zich melden bij de Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekeringen of het Landelijk Meldpunt Zorg. Voor de langere termijn (2016 en verder) zal er gemeenschappelijk en onder regie van het bestuurlijk overleg medisch specialistische zorg gewerkt worden aan oplossingen van in de rapporten genoemde knelpunten. Partijen onderschrijven ook dat een integraal pakket aan maatregelen noodzakelijk is. Een oplossing die zich uitsluitend richt op de eventuele budgettaire problemen als gevolg van de groei van de uitgaven aan dure geneesmiddelen, is wat hen betreft te beperkt. In het bestuurlijk overleg van 10 september wordt een voorstel voor een dergelijke set aan maatregelen verder besproken. Tekst: Kees Kommer...

Lees Verder