Hans Büller van Fair Medicine: “Samen het systeem veranderen”
okt18

Hans Büller van Fair Medicine: “Samen het systeem veranderen”

Het businessmodel voor de ontwikkeling van geneesmiddelen voor zeldzame ziektes heeft z’n beste tijd gehad. Fair Medicine’s medeoprichter en directeur Hans Büller, voormalig bestuursvoorzitter van het Erasmus MC, wil met een coalitie van betrokkenen zorgen voor betaalbare geneesmiddelen. Dit jaar komen de eerste middelen in klinisch onderzoek. Zes jaar geleden werd het idee geopperd om de vergoeding van medicijnen tegen de ziekte van Pompe en de ziekte van Fabry te stoppen: te duur, en niet effectief genoeg. Toch besloot Minister Schippers van VWS om deze medicijnen te blijven vergoeden. Aangespoord door massale protesten van patiënten. In 2012 werd ook de kiem gelegd voor de Stichting Fair Medicine, het bedrijf opgericht door kinderarts Hans Büller en biotechnoloog Frans de Loos. In die tijd was Büller bestuursvoorzitter van het Erasmus MC in Rotterdam. Hij kan zich 2012 nog goed voor de geest halen. In zijn ziekenhuis hadden wetenschappers de geheimen van de ziekte van Pompe ontrafeld en een begin gemaakt met het ontwikkelen van een medicijn. Het grote Genzyme toonde geen interesse, maar de start-up Pharming wel. Dat ontwikkelde het medicijn waarna Genzyme alsnog toesloeg en het product van Pharming kocht: het middel kwam uiteindelijk op de markt voor 700.000 euro per patiënt. 30 jaar roepen Dat moet toch anders, dacht Büller. “In kranten en op televisieprogramma’s wordt volop gepraat over dure geneesmiddelen. Dan wijzen de vingers naar de farmaceutische industrie. De discussie gaat keer op keer over het gebrek aan transparantie bij de industrie. En inderdaad, al ruim 30 jaar roepen we om transparantie, willen we weten hoe de prijs van een geneesmiddel is samengesteld, wat de kosten zijn, hoe groot het aandeel van marketing daarin is. Maar na dertig jaar is die transparantie er nog steeds niet. Onbegrijpelijk. Ontwikkelen van medicijnen kost veel geld, gebeurt gedeeltelijk in academisch medische centra, met geld van ons allemaal. Daarom is het zo belangrijk om transparant te zijn: laten zien wat het kost en wat het oplevert.” De grote bedrijven zijn echter gedreven door winstoptimalisatie, erkent de voormalig kinderarts. Dat verander je niet zo maar. Ze ontwikkelen medicijnen voor grote groepen patiënten en kunnen zo genoegen nemen met lagere winstmarges. De wet van de grote getallen. Medicijnen ontwikkelen voor zeldzame ziektes is een andere tak van sport: de kosten zijn hoog, de afzetmarkt veel kleiner en de marges zullen dan omhoog moeten. Met als gevolg dat de industrie niet snel in die markt springt, of hele hoge bedragen voor het medicijn vraagt. Samenwerken in een coalitie “Er zijn zo’n 7.000 zeldzame ziektes. Voor slechts 50 daarvan is een medicijn beschikbaar. Een medicijn dat tonnen per jaar kost. Fair Medicine wil dat systeem doorbreken....

Lees Verder
Moeten zorgverzekeraars aanbesteden?
jun25

Moeten zorgverzekeraars aanbesteden?

Breda – Is de zorgverzekeraar een publiekrechtelijke instelling? Daar draaide het om bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant bij een recent kort geding dat de Amerikaanse leverancier van hulpmiddelen Hollister tegen verzekeraar CZ had aangespannen. Een publiekrechtelijk instelling moet de Europese aanbestedingsregels volgen, conform de Aanbestedingswet uit 2012. In dit geval had CZ voor stomazorg niet een enkele aanbieder vanaf 2015 de order mogen gunnen, in plaats van de huidige zeventien leveranciers. Zo oordeelde de rechter. CZ gaat in beroep en de enkele gunning is van de baan. Volgens juristen zet deze uitspraak de verhoudingen in de zorginkoop op scherp. Wanneer zorgverzekeraars zich inderdaad moeten houden aan Europese aanbestedingsregels, maakt dat het inkoopbeleid transparanter. Maar het kan ook consequenties hebben voor de nieuwe afspraken rond vrije artsenkeuze, een in het leven te roepen budgetpolis en de inkoop op basis van...

Lees Verder
Swaffelen in de farmacie, Henk Pastoors – zorg versus verzekeraars
nov08

Swaffelen in de farmacie, Henk Pastoors – zorg versus verzekeraars

Recent is er een mannelijke fysiotherapeut voor het swaffelen bij vrouwelijke clientèle veroordeeld. Zijn erectie was voelbaar bij de clientèle en de fysiotherapeut kon niet uitleggen waarom hij in de behandelkamer doorgaans geen onderbroek aan had. Natuurlijk geeft dit gedrag geen pas maar in de context van het leed in Syrië ook geen allesovertreffend leed om voor de rest van je leven in een GGZ DBC te geraken. Maar een ongemakkelijk gevoel, wellicht voor beide, is het natuurlijk wel. Datzelfde ongemak voel ik bij de ronduit zwakke onderhandelingspositie van veel zorgaanbieders versus zorgverzekeraars. Het is een economische realiteit die niet op zichzelf staat. Supermarkten vechten elkaar de tent uit en knijpen hun leveranciers de keel dicht. De Hoge Raad heeft al in 2005 bepaald dat ‘take it or leave it’ contracten mogen. Een zorgverzekeraar heeft geen onderhandelingsplicht maar een zorgplicht. De NZa is terughoudend met het aanwenden van het aanmerkelijke marktmacht principe omdat het voor de verzekerden geen probleem op zou leveren. De supermarkten hebben in Brussel een Gedragscode Handelspraktijken ontwikkeld. Of dat in de zorgcontractering zou helpen… ik denk het niet. Kan je van een bovenliggende partij, als de zorgverzekeraar, verwachten dat ze haar eigen macht vrijwillig beperkt? Countervailing power is ook in de farmacie ver te zoeken en zo swaffelen zorgverzekeraars op hun manier tegen het farmaciedossier. Eenzijdig transparantie eisen en prijserosie voelen als een ongemakkelijke penetratie in de autonomie van de zorgprofessional die zich apotheker noemt. Ik begrijp wel dat dit als ongewenste intimiteit voelt. Tot een veroordeling zal het ook hier niet komen. We hebben afgesproken dat dit normale gevolgen van marktwerking zijn. Wij gegoede burgers van Nederland betalen zelf 95% van het  Bruto Kader Zorg. De overheid slecht de rest – 5 % – maar heeft middels de NZa volledig de regie in handen. De farmacie lijkt de onderliggende partij, snakkend naar adem, vertrouwen en respect. Zorgverzekeraars hebben zichzelf met obsessie van het begrip ‘doelmatigheid’ uitgenodigd om in opgewonden toestand bovenop de zorgaanbieders te gaan zitten. Geen toestand waar je in een gewone relatie vertrouwen mee opbouwt, laat staan opgewonden van raakt. Zoals de vrouw bij de swaffelende fysiotherapeut terecht haar beklag heeft gedaan, zal de openbare farmacie zelf haar countervailing power moeten ontwikkelen. Volgens Marleen Barth moet de apotheker van Edith Schippers de wijk in. Dat klinkt als een aanzoek waarbij de farmacie zich kan manifesteren als onderdeel van een oplossing, in plaats van aanhoudend gepercipieerd te worden als een probleem. Countervailing power in de farmacie doe je door je werk op orde te hebben, stevig verankerd te zijn met andere zorgprofessionals en aantoonbare waardecreatie. Pakt de apotheker het niet op dan blijft...

Lees Verder