Petra van Holst (ZN): Samen stappen zetten om de zorg te vernieuwen
nov26

Petra van Holst (ZN): Samen stappen zetten om de zorg te vernieuwen

André Rouvoet, voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland (ZN), was duidelijk in zijn commentaar op de in september door het kabinet gepresenteerde zorgbegroting voor 2019: het is nog niet de trendbreuk die we nodig hebben om de zorg voor iedereen toegankelijk en betaalbaar te houden. Wat nodig is, is vernieuwing van de zorg. Petra van Holst, algemeen directeur van ZN, vertelt hoe zorgverzekeraars samen met huisartsen en apothekers invulling willen geven aan die vernieuwing van zorg. Huisartsen en apothekers willen de vrijheid om hun patiënten optimaal te helpen. Zorgverzekeraars willen de kosten van zorg in de hand houden. Hoe verhouden die twee uitgangspunten zich tot elkaar? ‘Om duidelijk te maken hoe onze leden – de zorgverzekeraars – hier in staan, verwijs ik graag naar de Ambitie 2025 die we vorig jaar hebben gepubliceerd. In de zorg wordt vaak scherp onderhandeld, maar onder de streep hebben we natuurlijk echt wel een gemeenschappelijk doel. We willen dat voor iedereen de zorg op de juiste plek beschikbaar is en we willen dat die zorg betaalbaar is, nu en in de toekomst. Toch hebben we het in de gesprekken vaak niet over wat we gemeenschappelijk hebben. Als we dat wél doen, moeten we toch ook in staat zijn om de belangentegenstellingen – die er natuurlijk ook zijn – om te buigen naar gemeenschappelijke grond. We moeten altijd voor ogen houden waarvoor we de dingen doen die we doen, want alleen van daaruit kunnen we constructief kijken naar wie welke rol heeft. Dan is de juiste basis om ook het gesprek te voeren over kwaliteit, en dan zullen we zien we dat kwaliteitsverbetering en kostenbesparing vaak hand in hand gaan. Het gesprek daarover moeten we met de huisartsen en apothekers gezamenlijk voeren.’ Maar in hoeverre is tussen die twee sprake van gezamenlijkheid? De huisarts zet “medische noodzaak” op het recept, maar de apotheker beslist nogal eens om daarvan af te wijken. ‘Laat ik voorop stellen dat ik niet altijd helder heb waarom dit gebeurt. Misschien heeft die vermelding op het recept voor een deel te maken met de eis die de patiënt stelt. Maar in veel gevallen zal het ook echt de overtuiging van de huisarts zijn dat het nodig is. Misschien heeft het ook te maken met het gegeven dat de huisarts te weinig tijd heeft voor een gesprek met de patiënt over wat écht nodig is. Toch is het natuurlijk beter om dat gesprek wel te voeren, om aan de voorkant de duidelijkheid te bieden die de noodzaak tot reparatie aan de achterkant voorkomt. Hoe dan ook, ik ben ervan overtuigd dat het het best is als de huisarts en de apotheker het gesprek...

Lees Verder
ZN waarschuwt voor gevolgen maximeren bijbetaling geneesmiddelen
jun20

ZN waarschuwt voor gevolgen maximeren bijbetaling geneesmiddelen

Zorgverzekeraars Nederland (ZN) is niet blij met het voorstel van minister Bruins om de bijbetalingen voor geneesmiddelen te maximeren op 250 euro per verzekerde per jaar. Deze maatregel leidt volgens ZN tot: 1) extra administratieve lasten 2) een extra stimulans voor fabrikanten van geneesmiddelen om hun prijzen te verhogen, 3) het ontstaan van nieuwe bijbetalingen. ZN waarschuwt de Tweede Kamer in een brief voor de gevolgen van het plan van minister Bruins voor Medische Zorg om bijbetalingen voor geneesmiddelen te maximeren op 250 euro per verzekerde per jaar. Het grootste risico is dat fabrikanten door het plan van de minister stoppen met de huidige compensatieregelingen en dat geneesmiddelenprijzen stijgen. Veel patiënten kunnen hierdoor juist met extra kosten te maken krijgen, terwijl slechts 0,2 procent van de mensen profiteert van de maximeringsmaatregel. Het systeem om bijbetalingen te maximeren, is bureaucratisch en duur. Zo krijgen verzekerden naast hun eigen risico straks ook extra rekeningen voor geneesmiddelen. ZN vindt het onbegrijpelijk dat de minister kiest voor een groot bureaucratisch systeem in plaats van maatwerkoplossingen voor de kleine groep patiënten met hoge bijbetalingen. Verouderde vergoedingslimieten
 In Nederland is voor elke groep van vergelijkbare geneesmiddelen een vergoedingslimiet vastgesteld. De overheid bepaalt dus wat een zorgverzekeraar maximaal aan zijn verzekerden mag vergoeden voor geneesmiddelen bij de apotheek. Is de prijs van een geneesmiddel hoger dan de vergoedingslimiet, dan moet de patiënt het verschil zelf bijbetalen. Het idee is dat patiënten altijd kunnen kiezen voor een middel zonder bijbetaling. Echter: VWS heeft de vergoedingslimieten sinds 1999 niet meer geactualiseerd. Sommige bijbetalingen zijn hierdoor onvermijdelijk. Op papier betaalt jaarlijks ruim een miljoen Nederlanders gemiddeld 19 euro bij voor geneesmiddelen. Een paar specifieke patiëntgroepen van zo’n 40.000 patiënten hebben een hoge bijbetaling van gemiddeld 582 euro per jaar. Alleen zijn deze cijfers niet betrouwbaar, omdat veel fabrikanten in de loop der jaren de gebruikers van hun geneesmiddelen een terugbetaalregeling zijn gaan aanbieden. Deze fabrikanten willen namelijk hun internationale prijzen niet verlagen, maar kiezen ervoor om hun Nederlandse klanten te compenseren voor de lage vergoeding. Hoeveel mensen worden gecompenseerd voor bijbetalingen, is niet bekend. Gevolgen niet te voorspellen
 Als de minister de bijbetalingen maximeert op 250 euro, dan is het risico reëel dat veel fabrikanten stoppen met hun terugbetaalregeling. Hierdoor gaan mensen, die nu alleen op papier een bijbetaling hebben, straks daadwerkelijk bijbetalen. Blijven fabrikanten toch compensaties uitkeren, dan is het denkbaar dat dit straks dubbel gebeurt: door de fabrikant én door de zorgverzekeraar, wat fraude in de hand werkt. De maximeringsmaatregel kan ook tot gevolg hebben dat fabrikanten hun prijzen verhogen. Want als een patiënt de eerste 250 euro aan bijbetalingen zelf heeft betaald, zal de zorgverzekeraar straks...

Lees Verder
Akkoord moet verspilling medicijnen tegengaan
dec01

Akkoord moet verspilling medicijnen tegengaan

Negen organisaties hebben hun handtekening gezet onder het “Akkoord Afspraken prescriptieregeling”. Doel is verspilling van medicijnen te voorkomen. Patiënten die voor het eerst bepaalde geneesmiddelen voorgeschreven krijgen, krijgen deze mee voor maximaal 15 dagen. Gaat het om dure medicijnen van meer dan € 1000 per maand, krijgt de patiënt het eerste half jaar deze medicijnen mee voor maximaal een maand. Tevens is in het akkoord afgesproken dat bij intensieve zorg thuis, zoals in de laatste fase van het leven van de patiënt, steeds de patiënt en zijn naasten met de betrokken zorgverleners bepalen welke medicijnen nodig zijn en welke niet (meer). Zo gaat het om maatwerk, waarbij overbodig medicijngebruik wordt tegengegaan. Mooie stap Het akkoord is voortgekomen uit de oprichting van het Meldpunt Verspilling, die minister Schippers heeft ingesteld. Dit meldpunt ontving een kleine 25.000 meldingen en maar liefst 7.000 van deze meldingen ging over het feit dat mensen medicijnen overhielden. Mensen melden het zonde te vinden dat geneesmiddelen moeten worden vernietigd, omdat ze voor een te lange termijn zijn voorgeschreven. Minister Edith Schippers is het daarmee eens: ‘Het is zonde als medicijnen ongebruikt weggegooid moeten worden, zeker als dat door slimmer voorschrijven voorkomen kan worden. Ik ben blij met deze mooie stap.’ Effecten Afgelopen zomer heeft de Stichting Farmaceutische Kerngetallen (SFK) een nulmeting gedaan. Daaruit bleek dat medicijnen bij eerste uitgifte in meer dan 20% van de gevallen voor meer dan 15 dagen werden meegegeven. In 2017 wordt de meting opnieuw uitgevoerd om te kijken wat de effecten zijn van het akkoord. Ondertekenaars Het akkoord is ondertekend door: Patiëntenfederatie Nederland, Federatie Medisch Specialisten (FMS), Vrijwillige Palliatieve Terminale Zorg Nederland (VPTZ), Zorgverzekeraars Nederland (ZN), Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP), Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (VenVN), Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) en Nederlandse Vereniging van ZiekenhuisApothekers (NVZA). Zie bericht hierover van de Rijksoverheid Onder redactie van: Gerda van Beek  ...

Lees Verder
Ook voor apothekers lastenverlichting
mei26

Ook voor apothekers lastenverlichting

De farmacie is een van de sectoren in de eerste lijn waarmee Zorgverzekeraars Nederland afspraken heeft gemaakt om de administratieve lasten te beperken. In de farmacie gaat het bijvoorbeeld om uniforme aanvraagformulieren voor dieetpreparaten en verbandmiddelen. De andere branches zijn mondzorg, paramedie, wijkverpleging, verloskunde en vrijgevestigde GGZ. Petra van Holst, algemeen directeur van Zorgverzekeraars Nederland heeft gisteren namens de gezamenlijke partijen aan minister Schippers de eerste resultaten van het traject ‘Vermindering administratieve lasten in de eerstelijnszorg’ aangeboden. Constructief Eind 2015 hebben zorgverzekeraars het initiatief genomen om met de organisaties in de eerste lijn te zorgen voor een vermindering van onnodige administratieve lasten. Alle partijen hebben constructief aan oplossingen gewerkt waardoor zorgverleners geen tijd kwijt zijn aan onnodige administratie en meer tijd hebben voor zorg aan hun patiënten. De gesprekken hebben bovendien gezorgd voor meer inzicht en wederzijds begrip voor wat er nodig is om mensen te verzekeren van goede en rechtmatige eerstelijnszorg. Een meer uniforme werkwijze In werkgroepen van de zes zorgsectoren zijn verschillende knelpunten besproken en afspraken gemaakt over het verminderen van de administratieve lasten. In de farmaceutische en paramedische sector worden uniforme aanvraagformulieren geïntroduceerd voor dieetpreparaten en verbandmiddelen. In de paramedische sector is afgesproken dat zorgverzekeraars hun werkwijze zoveel mogelijk uniformeren. Bijvoorbeeld als het gaat om doorverwijzingen en de maximale termijn waarop machtigingen afgegeven worden. In de mondzorg wordt ernaar gestreefd om in 2017 papierloos te werken. Nu wordt er nog veel gewerkt met papieren formulieren, vooral in de Wet Langdurige Zorg. Eerstelijns zorgverleners hebben regelmatig te maken met verschillen in de contractafspraken met zorgverzekeraars. Zorgverzekeraars gaan daarom bekijken hoe zij deze verschillen in de contracten – binnen de kaders van de mededinging – op onderdelen kunnen uniformeren. Procesafspraken Naast de concrete afspraken die administratieve lasten moeten verminderen, hebben de partijen ook procesafspraken gemaakt. Dat is om behalve de huidige onnodige administratie aan te pakken, ook onnodige lasten in de toekomst te voorkomen. Daarbij wordt gekeken naar wat zorgverzekeraars hieraan kunnen doen, en ook wat de toezichthouder (NZa), de regelgever (VWS) en de beroepsorganisaties kunnen doen. Alle resultaten zijn te vinden in deze publicatie en op de website: www.minderlastenmeerzorg.nl. Op de website staat ook een animatiefilmpje waarin de belangrijkste resultaten worden toegelicht. Onder redactie van: Kees Kommer Lees ook: In de juni-editie van FarmaMagazine verschijnt een verslag van de CHA-voorjaarsbijeenkomst met het thema: Verminderen van de regeldruk in de farmacie: lastenverlichting of lastenverschuiving?          ...

Lees Verder
Zorgverzekeraars onderzoeken uitgifte-automaat
feb11

Zorgverzekeraars onderzoeken uitgifte-automaat

Met name buiten grote steden raakt de farmaceutische spoedzorg uitgehold. De geringe marge op medicijnen, mede door de zorgverzekeraars afgedwongen, maakt van de dienstapotheek een kostbare aangelegenheid. Dezelfde verzekeraars hebben zich nu laten informeren over de mogelijkheden van een uitgifte-automaat voor spoedmedicatie bij huisartsenposten. Deze informatie-uitwisseling vond afgelopen week plaats tijdens een speciale bijeenkomst van Zorgverzekeraars Nederland, zo meldt de branche-organisatie op haar website. Geregeld moet een bezoek aan de huisartsenpost in de avond-, nacht- en zondaguren worden gevolgd door een bezoek aan de dienstapotheek. Bijvoorbeeld als spoedmedicatie bij ernstige pijn of astma niet tot de volgende dag kan wachten. De afstanden naar een dienstapotheek zijn de afgelopen jaren in Nederland toegenomen. In een dienstenstructuur is het vereist dat op ieder uitgiftepunt een apothekersassistent aanwezig moet zijn plus een apotheker op afroep. Kwaliteit en bereikbaarheid De verzekeraars hebben zich nu laten informeren over de mogelijkheden van een uitgifte-automaat om de kwaliteit en bereikbaarheid van farmaceutische spoedzorg te verbeteren. In een uitgifte-automaat kan de meest voorkomende spoedmedicatie aanwezig zijn, terwijl via een videoverbinding altijd contact met een apothekersassistent of een apotheker mogelijk is. Tekst: Kees Kommer...

Lees Verder