Anna van Poucke (KPMG): Apotheker is farmacoach

FarmaMagazine_Anna van PouckePostbodes brengen medicatie tot achter de voordeur van de patiënt en een groot deel van de medicijnenstroom gaat buiten de apotheek om via supermarkt of drogist naar de patiënt. De apotheker ontwikkelt zich tot een farmacoach die het beste medicijn levert bij de indicatie van de huisarts. Anna van Poucke van KPMG Plexus over de veranderingen in farmaland.

Anna van Poucke, partner bij adviesbureau KPMG Plexus, ondersteunt organisaties in de zorg bij complexe verandertrajecten. Zij richt zich op de herinrichting van het zorglandschap en zit aan tafel van de Raden van Bestuur en Raden van Toezicht in de eerste en tweede lijn, en in de industrie.

Dat de zorg verandert, daar is ze van overtuigd. Neem de farmacie. Volgens Van Poucke komt er een knip tussen ‘makkelijke’ en ‘moeilijke’ medicatie. “Voor indicaties waarbij de stappen tussen voorschrijver en afleveren is gereguleerd en geautomatiseerd moet je je afvragen of daar nog een apotheker nodig is. Het is best voor te stellen dat een patiënt met bijvoorbeeld een eenvoudige keelontsteking of en patiënt die al jaren dezelfde medicatie gebruikt in de toekomst een recept met een barcode meekrijgt. Naast het verkrijgen van medicijnen bij de apotheek kan de patiënt ook terecht bij de supermarkt of de drogist. Daar staat een afleeszuil voor de barcode. Even scannen en het recept wordt overhandigd. Dit gebeurt al in de Verenigde Staten.”

Waait deze logistiek over naar Nederland?
“De technologie bestaat al, de implementatie is in volle gang. Deze technologie met barcode, leesapparaat in supermarkten of drogisterijen en afleveren zonder actieve betrokkenheid van de apotheker in ons land zal in 2025 al heel gewoon kunnen zijn. Vooral in de stedelijke gebieden is voldoende schaalgrootte om dit in te voeren. In kleinere dorpen verwacht ik het niet zo snel. Uiteraard moet de wet- en regelgeving hierop zijn aangepast. De apotheker zou een certificerende rol kunnen hebben voor het hele afgiftesysteem. Daarmee zou het een gezamenlijk distributiemodel van apotheek en winkelketen kunnen zijn.”

Waarop is het wachten?
“Er komt een moment dat een grote partij zich in de markt van de farmacie stort. Een Albert Heijn zie ik dit bijvoorbeeld wel doen. In de Verenigde Staten is supermarktketen Walmart al heel actief bij het afleveren van medicatie. Maar kijk ook naar wat er in Japan gebeurt. Jongeren trekken naar de grote stad terwijl ouderen achterblijven in de dorpen. Maar hoe gaat het met die ouderen? Speciaal getrainde postbodes leveren in die dorpen niet alleen de post af, maar nemen ook een kijkje achter de voordeur: hoe gaat het met deze bewoner? Ze hebben een signaalfunctie in de buurt. Ook helpen de postbodes ouderen om te gaan met Ipads waarmee online hun gezondheid wordt gevolgd. Dan is het voor de postbodes nog maar een kleine stap om ook medicatie tot achter de voordeur af te leveren. Ook in Nederland kondigde Albert Hein recent aan dat ze een oogje in het zeil willen gaan houden bij ouderen die in hun supermarkten komen. Supermarkten en postbodes hebben een ding gemeen: beide hebben al veel contact met de consument. Zij kunnen dat contact verder uitbreiden met tal van diensten. Dus ook op het gebied van medicatie. Maar ik zie ook dat bedrijven die actief zijn op het gebied van facilitaire zaken of bewaking en beveiliging de zorg interessant vinden. Ze ontdekken een nieuwe markt en kunnen vanuit hun eigen kennisbasis proposities versterken en nieuwe ketens vormen waarin ze zorg leveren.”

Hoeveel procent van de medicatie gaat straks buiten de apotheek om zoals u hier omschrijft?
“Ik ben natuurlijk geen apotheker, maar ik verwacht dat een groter deel van de receptenstroom, de meer eenduidige medicatie straks op deze manier gaat. Maar er gebeurt meer. Door de toenemende vergrijzing en polyfarmacie heb je naast deze meer simpele stroom, juist behoefte aan een veel intensievere begeleidende rol van de apotheker. Er ontstaat een toenemende behoefte aan een ‘farmacoach’. Daar ligt een grote kans voor de apotheker. Die kan zich bij uitstek verder in die richting ontwikkelen en profileren.”

Wat is een farmacoach?
“De farmacoach werkt zeer nauw samen met de huisarts. De huisarts gaat zich in de toekomst steeds meer focussen op het stellen van de indicatie en de farmacoach zal met zijn gespecialiseerde kennis de juiste medicatie bij deze indicatie zoeken. De apotheker is immers specialist geneesmiddelen, interacties en bijwerkingen. Hij zal vaker met de huisarts overleggen, adviseren maar ook besluiten nemen. Neem een patiënt met complexe medicatie. Juist daar kan de apotheker de lead hebben. De apotheker kan met zijn wetenschappelijke kennis het meeste betekenen voor de patiënt en het beste medicijn voorstellen. Bij minder complexe gevallen zal de apotheker meer een adviesrol naar de huisarts hebben.”

Artsen en apothekers werken nu toch al samen?
“Huisarts en apotheker werken inderdaad samen, maar in Nederland  zijn we vooral goed in het denken in en handhaven van domeinen en het uitspreken van intenties om samen te werken. Domeinen, dat is nu nog vooral een juridisch en financieel terrein. De samenwerking gaat in de toekomst dus veel verder. De rol van farmacoach kan de apotheker uitbreiden naar de patiënt. De patiënt heeft steeds meer behoefte aan begeleiding en advies.”

Heeft de apotheker wel tijd voor de rol van farmacoach?
“Als de standaardprocessen zijn geautomatiseerd, een groter deel van de receptenstroom van de ‘makkelijke’ medicatie buiten de apotheek om gaat, dan heeft de apotheker hier zeker tijd voor. De apotheker kan dan nog veel sterker toegevoegde waarde leveren op het terrein waar hij unieke kennis heeft.” Niet alleen de rol van huisarts en apotheker zullen veranderen. Ook in de industrie is een revolutie gaande: technologiebedrijven en farmaindustrie slaan de handen ineen. Zo heeft Philips de technologie in huis heeft om bij een patiënt tijdens een chemokeur continu de bloedwaarden te meten. Hierop kan de dosis veel beter worden aangepast. Ook bij diabetes kunnen bloedwaarden continue via een pleister of ooglens worden gemeten. De volgende stap, die al heel dicht bij is, is dat via die pleister of lens ook de medicatie wordt toegediend met een automatisch aangepaste dosis.

Welke rol ziet u voor de farmaceutische industrie?
“Die ontwikkelt medicijnen, maar gaat ook actief meesturen in de zorgketen. Toevoegen van waarde in de keten. Neem een cardiovasculaire aandoening waarvoor medicatie in de tweede lijn wordt gegeven. Dat leidt vaak tot hogere kosten. Toediening in de eerste lijn heeft als voordeel dat de kosten niet meer vallen onder het eigen risico van de patiënt en de toegankelijkheid van de zorg toeneemt. De industrie kan dan onderzoeken wat er gebeurt als dit medicijn wordt overgeheveld van de tweede naar de eerste lijn. Wat zijn de kosten van de overheveling? En onder welke condities kan het naar de eerste lijn? Dan kan de farmaceut bijvoorbeeld huisartsen en zorggroepen begeleiden, een informatiesysteem opzetten. De farmaceut zet de stap van alleen verkopen van een medicijn naar meehelpen in het zodanig organiseren van de keten dat de medicatie doelmatig wordt gebruikt.”
De farmaceutische industrie moet hier wel aan mee willen werken door de medicatie geschikt te maken voor deze technologie. Dat gebeurt nog te weinig, zo stelt zij. “Ik ben verbaasd dat technologiebedrijven en farmacie nog zo weinig samenwerken. Bedrijfsbelangen en denken in oude hokjes spelen vast een rol. Ook de regelgeving werkt niet mee: wie is verantwoordelijk voor het voorschrijven van de doses, wie financiert de pleister. Kennelijk moeten we eerst onze systemen aanpassen.”

Wat kan de apotheker zelf al doen?
“In ieder geval stoppen met wachten op andere vergoedingssystemen. Daarmee doen we de burger tekort. De apotheker moet zich afvragen: ben ik leverancier van medicatie of ben ik een farmacoach? Keuzes maken dus. Dat maken van keuzes is heel actueel. Neem de provincie Zeeland. Moeten daar zowel de eerste als de tweede lijn de medicijnverstrekking tijdens nachtelijke uren en weekenden in de lucht houden? Of moet een openbaar apotheker als het financieel of qua beschikbaarheid van personeel  niet lukt om de apotheek 24 uur per dag open te houden juist een raamovereenkomst sluiten met het ziekenhuis in de buurt die vervolgens de diensten overneemt? Dat zou mooie samenwerking zijn. Maar voorlopig lijkt het nog maar slecht te lukken. Omdat we in ons land nog steeds moeilijk doen over het maken van financiële afspraken en samenwerken.”

Financieren op uitkomst
“Het zou mooi zijn als we in de toekomst ook voor geneesmiddelen kunnen financieren op basis van uitkomsten.  In diezelfde Verenigde Staten wordt de farmaceutische industrie al vaker betaald op basis van uitkomsten van medicatiegebruik. Financieren op basis van uitkomsten dwingt je om goed na te denken wat je doet. Op weg naar samen verantwoordelijkheid nemen. Daar gaan we wel naartoe.”

Tekst: Niels van Haarlem
Fotografie: Frank Groeliken

 

 

De zorg in de miljoenennota

Voor de zorg is er komend jaar 92,7 miljard beschikbaar, ruim 4,5 miljard meer dan begroot voor 2020. Wat zijn de belangrijkste extra bestedingen?