Retailer of zorgverlener, that’s the question
dec09

Retailer of zorgverlener, that’s the question

Joël Gijzen is tevreden. De contractonderhandelingen met de apothekers verlopen voorspoedig, ondanks de grote stelselwijzigingen per 1 januari 2012. En de genees­middelenprijzen blijven beheersbaar. Maar losse eindjes zijn er ook. Zo komen de vernieuwingen in de farmaceutische patiëntenzorg in de contractbesprekingen nog nauwelijks uit de verf. Een pur sang zorgverzekeraar, dat is CZ, met 3,3 miljoen cliënten in omvang de derde zorgverzekeraar van Nederland. Je kunt er dus niet terecht voor een opstal- of inboedelverzekering of het regelen van je bankzaken, zoals bij all-in verzekeraars zoals Uvit of Achmea wel mogelijk is. Dat is een bewuste keuze, legt directeur Zorg Joël Gijzen uit. “We zijn in alle vezels van onze organisatie, vanaf de top van de organisatie tot aan de postkamer, alleen gefocust op zorg. En onze claim is dat dat ten goede komt aan de kwaliteit ervan. Bovendien hoeven we niet bevreesd te zijn voor strijdige belangen. Stel dat we maatregelen nemen die weliswaar goed zijn voor de samenleving, maar op de kortere termijn minder prettig voor onze cliënten, dan hoeven we niet bang te zijn dat zij hun inboedel- of autoverzekering bij ons opzeggen. Want die hebben we niet. Al zit er ook een kwetsbaarheid in het model. Klanten kunnen hun verzekeringen per jaar bij ons opzeggen, als ze niet tevreden zijn over onze prestaties. En als dat massaal gebeurt, hebben we niets meer.” Dat kan gebeuren, maar Gijzen is ook daar niet bang voor. Daarvoor presteert CZ te goed. Al doet dat alles wel een extra appèl op de zorgverzekeraar om goed te blijven presteren en de ontwikkelingen in de zorgmarkt op de voet te blijven volgen. Bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat de zorgkosten niet teveel uit de pas lopen bij de andere verzekeraars. “Scherpe premie en optimale kwaliteit van zorg, daar draait het om, en daar zijn we dus ook scherp op. Dat is voor premies trouwens eenvoudiger dan voor kwaliteit van zorg. We zien allemaal in één oogopslag wat we maandelijks aan premie moeten betalen, maar hoe meet je de kwaliteit van zorg? Toch weten wij daar veel over, en die kennis gebruiken we ook in onze contractonderhandelingen met zorgaanbieders. We kijken bijvoorbeeld naar de richtlijnen van de medische beroepsbeoefenaren en vertalen dat naar een overeenkomst met een ziekenhuis. Stel dat een ziekenhuis een bepaalde cardiologenrichtlijn niet volgt, dan sluiten we met dat ziekenhuis geen contract. Dat doen de andere verzekeraars ook, maar wat ons van hen onderscheidt is dat we ook willen dat deze richtlijnen voldoende ambitieus zijn. Zo leiden consensusrichtlijnen niet altijd tot de beste kwaliteit van zorg. De Nederlandse richtlijnen voor de behandeling van borstkanker strookten bijvoorbeeld niet met datgene...

Lees Verder
Weekendje weg | Golfvaardigheidsbewijs in een week
dec09

Weekendje weg | Golfvaardigheidsbewijs in een week

Wilt u meer uit golfen halen dan alleen tegen een balletje slaan op openbare golfbanen , dan wordt het tijd om uw golfvaardigheidsbewijs (GVB) te halen. Als u uw GVB heeft behaald, heeft u voldaan aan de elementaire eisen die aan de golfer worden gesteld. In Nederland is het GVB ingesteld doordat de populariteit van de sport is toegenomen en daarmee ook de drukte  op de golfbanen.  Doordat een speler in het bezit is van een GVB laat hij of zij zien op de hoogte te zijn van hoe je je dient te gedragen op een golfbaan en toont daarnaast een bepaalde spelvaardigheid te hebben bereikt. Er zijn veel verschillende manieren om uw GVB te halen. Op diverse lokaties, binnen een bepaalde tijd en tegen uiteenlopende tarieven. Bij www.golfreizen.nl kunt u een golfcursus volgen in Frankrijk terwijl u begeleid wordt door een Nederlandse pro. Hij brengt u alle kennis van het golf bij die u nodig heeft om het GVB te behalen. Iedere dag volgt u een intensief programma, dat na een week resulteert in een basisswing die voldoende is voor het behalen van het GVB. De pro geeft niet alleen op de drivingrange les, maar ook op de puttinggreen, in de bunker en ook op de baan. Tijdens de baanlessen krijgt u de nodige theorie voorgeschoteld, zodat u tijdens het GVB examen de theorie ook kunt ‘visualiseren’ aan de hand van praktijkvoorbeelden. Met sprongen vooruit In Nederland kunt u nergens de grote baan op zonder GVB, maar tijdens deze reis speelt u iedere dag 9 holes op de grote baan, de baan heeft een kwaliteit die in Nederland meestal ongekend is. Alle golflessen vinden plaats op golfbaan Golf de Saint Saens, anderhal uur rijden onder Lille, een mooie locatie waar u uw spel in een week met sprongen vooruit zult zien gaan. 15e eeuw U verblijft in Hotel Golf de Saint Saens welke beschikt over een kasteel en een herenboerderij. Dit kasteel kijkt uit op de prachtige golfbaan waardoor u vanuit uw kamer altijd een heerlijk uitzicht heeft. Het oorspronkelijke kasteel dateert uit de 15e eeuw, maar is volledig herbouwd in de 18e eeuw. Dit prachtige kasteel heeft haar oorspronkelijke staat behouden en de oude stijl is hier terug te vinden in een mix met moderne faciliteiten. Indien de kamers van het château vol zijn, dan is er altijd een heel mooi alternatief. De herenboerderij die naast het château ligt biedt ook zestien kamers. Deze kamers zijn modern ingericht maar de oorspronkelijke houten dwarsbalken zijn nog in deze kamers verwerkt wat een prachtig zicht geeft. In de keuken van het hotel gaat Franse kookkunst hand in hand met...

Lees Verder
Wijnen | Hout of geen hout?
dec09

Wijnen | Hout of geen hout?

Wat bedoel je, hout of geen hout? Wijn wordt toch gemaakt van druiven? Ja, dat klopt, maar sinds jaar en dag worden ze ‘opgevoed’ op houten vaten. Al is daar de laatste jaren veel in veranderd. Voorheen werden houten wijnvaten vooral gebruikt vanuit praktisch oogpunt. Er was geen alternatief en het was nog altijd beter dan de oud-Griekse uitvinding, de Amfora: een poreus pottenbakkerswerkje met veel te grote oren en zonder een fatsoenlijke voet. Tegenwoordig is het gebruik van een houten vat een smaakmaker geworden: een hulpmiddel wat er voor zorgt dat alle druivenrassen naar Chardonnay gaan smaken. Het is eigenlijk een modeverschijnsel. “Als de wijn geen hout had gehad…” horen we wel eens. Men vindt de wijn dan vaak zo flauw, zo zuur of zo smakeloos. De opkomst van de nieuwe wijnlanden deed op deze manier enige jaren geleden zijn intrede. Hier zijn we, wij hebben dikke wijn voor weinig geld! Maar die ‘nieuwe wijn’ wordt wel gemaakt op manieren die wat mij betreft het daglicht niet kunnen verdragen. Wijn maken lijkt wel een cursus theezetten voor beginners te zijn geworden. Grote RVS-tanks waarin letterlijk linnen zakken met houtsnippers gehangen worden, ‘om smaak te geven’. Dat klopt, hiermee wordt smaak ‘gegeven’. Maar tegelijkertijd het evenwicht van de wijn volledig verstoord! Goede basiswijn bepaalt zelf wel in welke mate zij de smaken van het hout wil opnemen, hoe dorstig zij is en op welke manier het fruit versus de zuren, geharmonieerd (met een beetje) hout zich het beste presenteert. Als je wijn deze smaak dan toch mee wilt geven kies dan voor een goed vervaardigd Bordelaise-vat van 225 liter. Gemaakt van het beste Franse Allier- eiken. Light tot medium getoast, is en blijft hout een ondersteuning van de wijn, ruggengraat maar geen smaakmaker. Daarnaast moet de basiswijn over voldoende kwaliteit beschikken om het gebruik van hout überhaupt aan te kunnen. Een bekend wijnmaker uit de Bourgogne (Jean-Marie Guffens) zei ooit tegen mij: “A wine can never be overwooded, it only can be underwined”. Een goed bewaarde Franse traditie is nog altijd: geen hout! We komen dit als mooiste voorbeeld tegen bij de ‘Oesterwijn’ van Frankrijk: Chablis. Dit is hét schoolvoorbeeld van een Chardonnay die lekker kan zijn zonder op een houten vat te hebben gelegen. Deze wijn kenmerkt zich door zijn frisheid, soms zelfs knisperend. Maar tegelijkertijd heeft de wijn een stevige fruitstructuur met zelfs wat eigen vettigheid. Deze combinatie gevoed door de mineraliteit van de bijzondere bodem (Kimmeridge) maakt dat deze wijn zich perfect laat vergezellen met rauwe oesters en andere zaligheden uit de zee. Hout of geen hout? Het is een keuze. Aanbieding Om dit verhaal in...

Lees Verder
Apotheker bij een zorgverzekeraar
dec09

Apotheker bij een zorgverzekeraar

Bea van der Veen (1969) Apotheker bij Achmea, Divisie Zorg & Gezondheid Studie Farmacie in Groningen, afgestudeerd als apotheker (1995) Hoe is je carrière na de studie verlopen? “Na een aantal jaren als beherend apotheker gewerkt te hebben, kwam ik terecht bij de Proeftuin Farmacie in Groningen, een samenwerkingverband tussen de zorgverzekeraar, ziekenhuizen, huisartsen-, apothekers- en patiëntorganisaties. Doel was om kwalitatief goede en doelmatige farmacotherapie in de provincie Groningen te bevorderen. Na zes jaar stapte ik over naar de KNMP en werkte ik voor het departement Drenthe-Hanzeland. Drie jaar geleden ben ik bij Achmea in dienst getreden.” Waarom heb je deze verschillende stappen gemaakt? “Het is een proces dat ontstaat na je studie. Bijna ‘automatisch’ stroomde ik de openbare apotheek in. Mijn draai heb ik er niet gevonden. Wat is miste, wist ik toen nog niet. Bij de Proeftuin Farmacie merkte ik het leuk te vinden beleid te maken. Ook bij de KNMP kon ik hier verder mee. In die tijd paste deze organisatie zijn beleid aan. Het idee was om alle departementen op te heffen. Echter, toen er bij Achmea een functie vrij kwam, dacht ik: ‘Dat is dé plek!’” Leg dat eens nader uit. “Het is een functie waarin je, samen met anderen, nadenkt over hoe de farmacie betaalbaar te houden met verbetering van kwaliteit. Een interessant vraagstuk waar ik op macroniveau mee aan de slag kan.” Hoe ziet een werkdag eruit? “Enerzijds ben ik vakinhoudelijk met farmacie bezig. Bij Achmea zijn twee apothekers. Gaat het over bijvoorbeeld substitutie van geneesmiddelen, dan schakelt men ons in. Anderzijds – het grootste deel van de dag – werk ik mee aan het beleid. Hoe gaan we de farmacie inkopen? Wat is de rol van de apotheker?” Wat spreekt je het meeste aan in je werk? “Het is leuk om te werken met mensen die een verschillende achtergrond hebben. Problemen benaderen vanuit verschillend oogpunt. Het is veelzijdig werk.” Mis je iets in je werk? “Nee, helemaal niet. Ik zit op mijn plek.” Is er carrièreperspectief binnen Achmea? “Ja. Maar dan moet je de farmacie los laten.” Wat zijn de gemiddelde salarissen? “We hebben een goed salaris. Ik ben tevreden.” Hebben veel studiegenoten van destijds deze kant gekozen? “Nee. Na de studie gaan velen de openbare farmacie of de industrie in. Of ze kiezen voor het onderzoek. Over andere mogelijkheden wordt tijdens de opleiding – zo heb ik ervaren – weinig gesproken.” Heb je een advies voor studenten die jouw richting op willen? “Het is belangrijk eerst ervaring op te doen in de openbare farmacie. Achtergrondkennis is noodzakelijk, overigens van heel de gezondheidszorg. En je moet macro kunnen denken. Soms ben...

Lees Verder
Een paracetamol en twee pakjes Marlboro alstublieft…
dec09

Een paracetamol en twee pakjes Marlboro alstublieft…

Ik heb laatst een lezing bijgewoond van de heer Theo Langejan, voorzitter van de Nederlandse Zorgautoriteit. Hij schetste een beeld van de snel stijgende en op den duur onbeheersbare kosten in de gezondheidszorg. Een gezin met twee modale inkomens betaalt nu ongeveer 25 procent van hun inkomen aan de zorg. Dit percentage zal in 2040 oplopen tot 40 procent, wat uiteraard niet houdbaar is. Een van de maatregelen die de overheid genomen heeft om het tij te keren is om de zorgverzekeraars meer verantwoordelijkheid te geven over het zorgbudget. Dit betekent dat niet meer de overheid maar de zorgverzekeraar zal bepalen welke behandeling vergoed wordt (en waar). De verzekeraars zijn duidelijk in welke kant ze op willen, dezelfde of nog betere zorg voor een goedkopere prijs door middel van een efficiency slag. Maar de zorgverzekeraar die bepaalt wat de zorg moet kosten… Is dat wel een goed idee? Krijgen we dan wel de beste zorg of gewoon de goedkoopste zorg of toch wel de beste zorg voor een redelijke prijs. Dat laatste zou uiteraard het beste zijn maar sinds zorgverzekeraars commerciële instellingen zijn die de maximale winst willen behalen is het dan de vraag of ze voor een behandeling kiezen die een 20% hogere kans heeft op genezing maar ook twee keer zo duur is als het alternatief. Het antwoord zal vaak wel duidelijk zijn. Maar misschien maakt het allemaal uiteindelijk niet veel uit. Door de goedkope zorg krijg je toch vanzelf minder patiënten en dus nog goedkopere zorg. Daar ging het toch om….? Hoe zit het eigenlijk met de apothekers? Gaan de verzekeraars bepalen welk medicijn iemand krijgt? Oeps, te laat dit doen ze al… De heer Langejan had een mooie analogie: ‘we vinden het niet erg om vijf euro te betalen voor een pakje sigaretten maar vijf euro eigen bijdrage bij elk medische handeling… ho maar’. Klopt dit wel eigenlijk? We betaalden toch al een kwart van ons inkomen aan de zorg… en daar moet dus per handeling nog vijf euro bovenop? Ja, inderdaad, ho maar! Een paracetamol en twee pakjes Marlboro alstublieft…. Is dat nou zo gek? Sigaretten bij de apotheek? Buitengewone problemen hebben creatieve oplossingen nodig. Menig onderzoek heeft aangetoond dat rokers over hun levensduur genomen minder geld kosten dan niet rokers. Waarom? Ze leven minder lang en laat de grootste zorgkosten bij de ouderen zitten (de gemiddelde zorgkosten voor een 95 jarige zijn 50.000 euro per jaar). De meesten zouden dit een afschuwelijk en wellicht morbide oplossing vinden. Maar is dat in wezen heel anders dan een commerciële instelling, die winst wil behalen en de taak heeft om te zorgen dat de zorg goedkoper...

Lees Verder
Breed kijken en de processen op orde
dec09

Breed kijken en de processen op orde

De tijden zijn voorbij dat een apotheek zich kon vestigen zonder een goed vooronderzoek, samenwerking, visie over vestiging, interieur en toekomst. Echter, vaak nog wordt veel overgelaten aan toevalligheden. “De apotheker moet breder in de markt kijken”, aldus Atse van der Zijpp, directeur van Orange Vastgoedbeheer. Orange Vastgoedbeheer richt zich op advisering en bemiddeling in beleggingsvastgoed, locatiekeuze en commercieel vastgoedbeheer, onder andere voor apotheken. Vanuit de nauwe samenwerking en opgedane kennis bij onder andere Kring Apotheek en Boots Apotheek, vertelt Atse van der Zijpp: “Een gevestigde orde van architecten, aannemers et cetera maken briljante apotheken. Maar er zijn andere mogelijkheden. Mogelijkheden waarmee de apotheker met minder geld toch een goed product neerzet. Hoe kunnen kosten in het interieur gedrukt worden en vervolgens ook andere? Hiervoor moet hij internationaal kijken naar de apothekersmarkt. Wat gebeurt er? Er zijn al apotheken die manoeuvreren op 100 m2, terwijl we in Nederland nog 300-400 m2 willen. Maar méér heeft consequenties voor investeringen, looplijnen, personeel et cetera. Het dan opnieuw bekijken van processen in breder perspectief, daar gaat het om.” Locatie Maar wat moet de apotheker dan doen als hij zich nieuw wil vestigen of verplaatsen? Welke locatie is het meest geschikt qua opbrengsten, kosten en waardeontwikkeling? Van der Zijpp: “De opbrengsten bijvoorbeeld zijn afhankelijk van de locatie. In een gezondheidscentrum is een apotheker meestal niet ‘in the lead’ om de locatie te bepalen. De omzet van OTC is minder groot dan in een winkelgebied waar hij zijn productenmix uitbreidt. De keuze is aan de apotheker voor welk concept hij kiest. Zolang echter de huisartsen nog een belangrijke omzetgenerator zijn voor apotheken, zien we veel apothekers mee gaan in een AHOED.” Maar aan het ‘mee gaan’ in een AHOED of gezondheidscentrum kleven risico’s. Het kan een groots gebeuren zijn; drie tot vier huisartsenpraktijk, fysiotherapie, oefentherapie et cetera. Het gebouw kent enige bouwlagen met appartementen. Gauw gaat het om duizenden vierkante meters bruto vloeroppervlakte, een groot kavel en stichtingskosten die miljoenen euro’s bedragen. Maakt in de ontwikkeling de apotheker deel uit van een gemeentelijk masterplan, dan krijgt hij te maken met een complex financieel, organisatorisch en technisch vraagstuk. Atse van der Zijpp: “De apotheker moet met een partij aan tafel gaan die zijn kant kiest en alle partijen bijeen brengt. Doet hij dat niet, dan kunnen de kosten hoog oplopen. Een ander valkuil is tijd. Weet de apotheker wanneer realisatie plaats vindt? Heeft hij een garantie? Kijk je naar ontwerp en inrichting, dan is een ‘turnkey’ oplevering van belang. Zodanig dat de apotheker alleen nog maar medicijnen in de laden hoeft te leggen.” Neutraal Bij wie moet een apotheker aankloppen als hij zelf een pand...

Lees Verder
Verjaardagsfeestje
dec09

Verjaardagsfeestje

Soms kun je er niets aan doen. Het lot beschikt. En zo kwam het dat ik werd uitgenodigd op het verjaardagfeestje van boekenweekgeschenkschrijver Tom Lanoye. Er waren ook andere groten der aarde als Nico Dijkshoorn, Gerrit Komrij, Connie Palmen en Jan Decleir. Er werd veel gelezen en gelachen die avond. Heel veel gelachen. Het is zo’n avond waarvan je alleen maar kunt hopen dat  meneer Alzheimer genegen  is  deze herinnering in de kluwen van neurieten en dendrieten met rust te laten. Mooie avond of niet, erna komt altijd weer die nieuwe dag. Als ik ’s ochtends uit het raam kijk, zie ik Trees. Het is mooi weer, ze staat wat verdwaasd bladeren aan te vegen in Amstelveen. Amstelveen… ook dat nog. Trees is zo’n omafiguur, iemand waar je ondanks je 53ste nog bij op schoot wilt kruipen. Het is een bijzondere dag voor Trees. Vandaag krijgt ze haar eerste bestraling en volgende week start de chemokuur. Nog maar drie weken geleden is er bij haar een hersentumor zo groot als een pingpongbal geconstateerd. En alsof het nog niet genoeg is, een secundaire tumor in haar longen. Je krijgt het er plaats vervangend benauwd van. En daar sta je dan…bladeren aan te vegen. Ondanks dat ziet Trees er goed uit met haar blozende wangen. Ze krijgt haar portie Prednison. Die farmaceuten hebben wel gevoel voor humor. Er zit immers nog de associatie met pret in. Toegegeven: je krijgt er een bijna lijk nog flink mee aan het lachen maar… de weegschaal ook. Dat is inmiddels al flink aan Trees te zien. Ik ben dol op Trees of misschien wel haar spreekwoordelijke breekbaarheid. Aan fatalisme heb ik een broertje dood maar hetgeen wat bij Trees heeft geleid tot buitensporig initiatief van een aantal cellen maakt een mens kwetsbaar. Zo fiets je nietsvermoedend vrolijk in het Amsterdamse Bos, drie dagen later zit er een bloemkool van een tumor in je hoofd. Het zal je maar gebeuren. Schrijvers mogen sinds het drama met die Oelewapper – de verzamelplaats voor leed- , de VU niet meer in , om deze volgens literaire upgrading  aan het grote publiek terug te geven. Hoe dan ook de praktijk is wreed. Ziekenhuizen liggen vol. Mijn lieve Trees wat nu… Goede zorg is aandachtig. Niet de medische kwaliteit van de betrokken specialist of de beschikbaarheid van zorg maar het denken in zorgstraten, DBC’s, administratie al het gedoe er omheen trekt de zorg kapot. Voor Trees wordt natuurlijk alles van stal gehaald. Dat geeft Trees, maar ik vrees vooral de medische staf een goed gevoel. Trees gaat bestraald worden en de chemokuur volgt vanzelfsprekend. Schiet mij tegen die tijd maar lek. Als het effect...

Lees Verder
Salami
dec09

Salami

Stel je bent zorginkoper en verantwoordelijk voor kunst- en hulpmiddelen. Je krijgt een mooie doelstelling mee om volgend jaar per patiënt voor x% minder in te kopen. Je weet dat de apotheek nog wat korting krijgt op dit assortiment en besluit de vergoedingen te verlagen. En passant leg je het volume, toekomstige prijsstijgingen en productinnovaties aan banden door te gaan werken met vaste dagprijzen. Ondanks de verlaagde vergoedingen stel je als voorwaarde dat de zorg van gecertificeerd niveau is en de klant vrij kan kiezen voor een merk. Probleem voor de verzekeraar opgelost, de ervaring leert dat er meestal voldoende aanbieders tekenen. In april staan apothekers voor de keuze om in zee te gaan met zo’n aanbod van Achmea. CZ en VGZ hebben de opzet samen met Achmea bedacht en komen later met eenzelfde voorstel. Wat te doen? Apothekers kunnen nauwelijks inschatten hoe dit aanbod tijdens de contractperiode uitpakt en zonder specifieke software de kosten per patiënt niet bewaken en de dagprijzen niet declareren. De systeemhuizen zijn nog druk bezig met alle wijzigingen van 1 januari jl. en hebben onvoldoende tijd. De dagprijzen lijken bovendien dusdanig laag dat alleen via messcherpe afspraken met voorkeursleveranciers en een forse substitutie inspanning nog een klein plusje te halen valt. Of vergoeding en gevraagde prestatie hier in evenwicht zijn, wordt door velen betwijfeld. Gelukkig voor de verzekeraars lijken de gespecialiseerde postorderbedrijven nog graag bereid om het marktaandeel uit te breiden.  Deze bedrijven kunnen door hun schaal en specialisatie de benodigde software sneller ontwikkelen en via de telefoon kort en bondig de indeling in categorieën maken en gevraagde info verstrekken. Ze zijn bovendien zeer bedreven in het pluggen van het eigen label of dat van een partner bij de patiënt.  Natuurlijk kan de klant in theorie zelf een merk kiezen maar als dat op grote schaal zou gebeuren, hebben ook de postorderaars een groot probleem. Er zitten natuurlijk ook een paar nadelen aan postorderen. En dat is de kostbare bezorging aan huis, het ontbreken van een servicepunt in de buurt van de patiënt en iemand die bij nacht en ontij snel kan leveren. Geen zorgen. Daar huur je een apotheek voor in. Een paar euro’s voor de ruimte in het apotheekmagazijn en voor het deponeren van de dozen in de kofferbak van de klant. De klant zit alleen wel bij het verzendhuis en die krijgt de apotheker niet gemakkelijk meer terug. Dan maar hopen dat de zending op enig moment niet wordt uitgebreid met bijvoorbeeld de geneesmiddelen. Eerder verdwenen de dure geneesmiddelen en de stomamiddelen uit het apotheekassortiment. Gaat dat nu ook gebeuren met de overige kunst- en hulpmiddelen?  Hoe dan ook, hiermee wordt...

Lees Verder
Teva Nederland blijft sterk door hybride aanbieder te zijn
dec09

Teva Nederland blijft sterk door hybride aanbieder te zijn

De innovatieve farmaceutische bedrijven zitten in de problemen door het uitblijven van nieuwe blockbusters en het uit patent lopen van succesvolle geneesmiddelen. En de generieke aanbieders komen financieel onder druk te staan door de kostenbesparingsdrift van overheden. De positie van Teva blijft echter sterk, stelt algemeen directeur Hennie Henrichs, omdat het een hybride is van beide bedrijfstypen. Als Chaim Salomon en Mosche Levin nu nog zouden leven, zouden zij niets meer herkennen van de geneesmiddelengroothandel die ze in 1901 vanuit Jeruzalem opzetten, en zouden ze waarschijnlijk ook niets meer begrijpen van de geneesmiddelenhandel zoals die heden ten dage wordt gevoerd. Toch zijn het deze twee die met hun initiatief de aanzet hebben gegeven tot de geneesmiddelengigant die we nu wereldwijd kennen onder de naam Teva. De naam Teva dook voor het eerst op in de jaren dertig, als een van de lokale productielocaties voor geneesmiddelen die het bedrijf in Israël opzette. Gaandeweg sloeg het bedrijf zijn vleugels uit en werd Teva ook in Nederland een bekende naam, door de acquisitie van Pharmachemie, gevestigd in Haarlem, in 1998. Wereldwijd geldt Teva nu als een van de top vijftien farmagiganten. Het hoofdkwartier is nog steeds Israël en het bedrijf is actief in zestig landen en heeft ruim 46.000 medewerkers. De omzetverwachting voor dit jaar bedraagt 22 miljard US dollar. Over de omzetpositie van Nederland kan algemeen directeur Hennie Henrichs van Teva Nederland geen uitspraken doen, het bedrijf is immers beursgenoteerd, maar hij kan wel zeggen dat het bedrijf in Nederland tot de top drie behoort. “En in volume zijn we in Nederland op afstand de grootste leverancier”, zegt hij. “Een op de vijf pakjes die wordt afgeleverd, is afkomstig van ons.” Markt onder druk Kijkend naar de ontwikkelingen in de globale farmaceutische markt, stelt Henrichs vast dat de positie van de innovatieve farmaceutische bedrijven zorgwekkend begint te worden. “De pijplijnen zijn niet meer gevuld met ontwikkelingen waarvan even grote verwachtingen kunnen worden gekoesterd als voor de blockbusters van weleer”, zegt hij. “Tegelijkertijd zie je dat de spécialitées die ze nu nog voeren binnen korte tijd uit patent komen, zodat er goedkopere generieke varianten van op de markt kunnen worden gebracht. En dat gebeurt ook nog eens in een markt die veel sneller en agressiever is geworden dan die in het verleden was. De vraag hoe je daarop moet inspelen om financieel gezond te blijven, wordt dan ineens heel acuut.” Hier tegenover staan de generieke farmaceutische bedrijven, waarvoor de situatie er deels anders uitziet. “Deze bedrijven kunnen op basis van de veelgebruikte spécialitées die binnenkort uit patent lopen een fikse omzetgroei tegemoet zien op basis van de generieke varianten die ze hiervoor...

Lees Verder
Betere farmacotherapie met GFZ van Mediq
dec09

Betere farmacotherapie met GFZ van Mediq

Hoe zet de apotheker zich als zorgverlener duidelijker op de kaart? Bijvoorbeeld met hulp van slimme ICT-toepassingen. Farma Magazine sprak met professionals achter drie van de meest gebruikte programma’s: MeMO, GFZ en NControl. In dit nummer komen Anco van Marle en Eduard Lip van Mediq aan het woord. GFZ staat voor Geïntegreerde Farmaceutische Zorg, en hoewel het zorgprogramma zo blijft heten, is voor het algemene publiek een wat pakkender naam bedacht, vertelt directeur Commerciële Zaken van Mediq Apotheken Anco van Marle. “Dat is geworden: Medicijn Monitor. Per slot van rekening monitoren we de medicatietherapie.” Het streven is dat GFZ beschikbaar komt voor alle klanten van Mediq apotheken. “Want”, vult Manager Zorg van Mediq Eduard Lip aan, “het geeft een enorme boost aan het verlenen van hoogwaardige zorg.” GFZ draait op de servers van Mediq, waarbij de privacy van de patiënten beschermd is. Momenteel gebruiken circa 100 van de 250 Mediq apotheken het in 2011 geïntroduceerde zorgprogramma. Review, coach en advisor GFZ bestaat uit drie onderdelen: review, coach en advisor. Van Marle: “De review is een ICT-tool die de medicatietherapie van een bepaalde patiënt analyseert op basis van de laatste inzichten en richtlijnen. We gaan daarmee onjuist gebruik tegen. De coachingmodule monitort therapietrouw van mensen en de advisor beoordeelt of er doelmatig wordt voorgeschreven: volgens de NHG-standaarden, goedkoop als het kan, duur als het moet.” De apotheker beoordeelt de interventievoorstellen en bespreekt – wanneer hij dat relevant acht – met de huisarts een te volgen strategie, waarna contact wordt opgenomen met de patiënt. Win-win De overheid zoekt oplossingen voor de stijgende kosten van de gezondheidszorg ondermeer in het stimuleren van een nauwere samenhang tussen 1e en 2e lijn: “Als de 1e lijn zijn werk beter doet, verlaagt dit het aantal complicaties,” stelt Van Marle. “En dat scheelt kosten in de 2e lijn.” Dat blijkt bijvoorbeeld uit de resultaten van het HARM-onderzoek uit 2006 en 2010. “Wij zijn aan de slag gegaan met een aantal van de aanbevelingen waaronder: meer inzoomen op medicatietherapie en betere ondersteuning van de voorschrijver daarbij door de apotheker. Bijkomend voordeel is dat we als apotheken met de nieuwe tariefstructuur meer mogelijkheden hebben om betaald te worden voor onze activiteiten, zoals voor medicatiebeoordelingen. Het valt mooi samen, maar zonder dat hadden we het ook gedaan.” De pluspunten van GFZ voor de patiënt zijn evident: hij wordt met hulp van apotheker en huisarts optimaal ingesteld op zijn medicijngebruik. Van Marle: “En aangezien de zorgverzekeraar zich inspant om goede zorg in te kopen, is hij op farmaceutisch gebied hiermee zeker beter af. Ook huisartsen zien de voordelen – zij krijgen ondersteuning door de apotheker, die niet alleen over een...

Lees Verder