Bonusregeling zorgprofessionals

De bonusregeling voor zorgprofessionals geldt ook voor de patiëntenzorg die in de huisartsenzorg en apotheek is verleend. De regeling wordt in de zomermaanden opgesteld en zodra deze in werking is getreden, kunnen werkgevers een aanvraag indienen. Het streven is om uiterlijk 1 oktober 2020 het loket voor het indienen van de aanvragen te openen.

Bij de bonusregeling gaat om alle professionals die in de zorg en ondersteuning werken en die zich in de corona-tijd (1 maart tot 1 september) hebben ingezet voor patiënten / cliënten en direct of indirect de effecten van corona hebben ondervonden. Daarbij ligt de focus op verpleegkundigen, verzorgende, helpende en het ondersteunend personeel. Dus ook werkgevers in de huisartsenzorg en apothekers kunnen straks voor het personeel dat bij hen een uitzonderlijke prestatie in coronatijd heeft geleverd een aanvraag indienen.

Belastingvrij

Zorgwerkgevers ontvangen € 1.000,- netto bonus per persoon die valt binnen de in de brief aan de Tweede Kamer afgebakende groep. Het bonusbedrag wordt aangevuld met een bedrag eindheffing, zodat de bonus belastingvrij kan worden uitgekeerd. Met het opstellen van deze bonusregeling geeft het kabinet zich ook rekenschap van het feit dat als mensen extra uren werken, ze weliswaar meer verdienen, maar een effect op eventuele toeslagen kunnen ondervinden. Het is technisch echter niet mogelijk om hiermee bij de uitvoering rekening te houden.

‘Eenvoudige’ uitvoering

Hierbij zal het uitgangspunt zijn de administratieve last voor werkgevers en de uitvoeringslast voor de overheid beperkt te houden. Aan de voorkant wordt aan zorgwerkgevers onder meer gevraagd om inzichtelijk te maken hoeveel personeel in aanmerking komt voor de bonus in relatie tot hun totale personeelsbestand inclusief inhuur. De uitvoeringsorganisatie Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I) zal bekijken hoe een eenvoudige uitvoering het beste valt te regelen.

Zie de brief aan de Tweede Kamer

Bredere toepassing nieuwe glucoseverlagende middelen in zicht, ook in de eerste lijn

“Begin niet te snel met insuline in verband met het dominant worden van overgewicht onder de bevolking”, is het advies aan huisartsen van prof. dr. Cees Tack, hoogleraar interne geneeskunde, in het bijzonder diabetologie, aan het Radboudumc in Nijmegen. De nieuwe generatie bloedglucoseverlagende middelen – GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers – krijgt volgens hem een steeds prominentere rol in de geneeskunde. Niet alleen binnen de diabetologie, maar ook binnen de cardiologie en nefrologie krijgen deze middelen steeds meer ingang. Zes vragen over GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers. 1. Wat is de op dit moment de plaats van GLP-1- agonisten en SGLT-2-remmers bij de behandeling van diabetes? “De praktijk is lerende. Op dit moment worden zowel de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 uit 2018 en de NIV-richtlijn Farmacotherapie bij Diabetes Mellitus type 2 voor de tweede lijn, herzien”, geeft hoogleraar interne geneeskunde/diabetologie prof. dr. Cees Tack aan. De herziening van de NHG-Standaard wordt ergens in…

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.