De bal van het tekort wordt voortdurend teruggekaatst

Klaas Kooistra wordt geïntroduceerd als een gedreven en enthousiaste apotheker. Aan de telefoon noemt hij zichzelf zelfs rebels. Waarom? Omdat hij zich verbaast over hoe sommige zaken geregeld zijn ondanks dat we met elkaar vinden dat het anders moet. Klaas: “Ik laat voortdurend mijn stem horen bijvoorbeeld richting groothandel of contractonderhandelaars. Maar ik kraak ook menig kritische noot in de klankbordgroep van de KNMP. Dat is nodig omdat ik een trotse apotheker ben en ook wil blijven.”

Kun je een voorbeeld geven van zaken die in jouw ogen niet goed geregeld zijn?

Klaas: “Het tekort aan medicijnen bijvoorbeeld. De bal van het tekort wordt voortdurend teruggekaatst tussen groothandel, farmaceuten, verzekeraars, het ministerie en de apothekers. De een roept dat tekorten op te lossen zijn met meer voorraden. Maar wie gaat dat betalen? De ander meent dat productieproblemen zijn ontstaan door toegenomen vraag naar geneesmiddelen. De volgende is ervan overtuigd dat de prijzen van geneesmiddelen in Nederland te laag zijn waardoor we een oninteressant afzetgebied zijn. Als ultieme oplossingen stelt de minister tenslotte voor dat we het binnen de sector zelf moeten oplossen. Probleem is echter dat betrokkenen elkaar niet willen afvallen maar het ook niet met elkaar willen oplossen. Het gaat om geld, macht en invloed en uiteindelijk komen we niet verder. Het probleem speelt al jaren en we hebben er dagelijks last van. Dat moet toch anders kunnen?”

In welke zin ben jij de rebel in dit verhaal?

“Ik blijf er bij de groothandel tegen ageren. Hoe kan het zijn dat een collega groothandel bepaalde geneesmiddelen wel kan leveren en mijn reguliere groothandelaar niet? Het is een spelletje ‘verdeel en heers’ dat door de fabrikant wordt beheerst. Zij verdelen de markt op een bepaalde manier. Feit blijft dat als ik geneesmiddelen nodig heb, ik er meer voor moet betalen. Ik neem mijn verlies want dat hoort bij ondernemen, maar het klopt natuurlijk niet. Apothekers zijn vaak eindstation voor problemen die zich voordoen. Ik zou het probleem graag bij de bron aanpakken en oplossen voor nu, voor straks, voor altijd. Dat gesprek blijf ik aangaan, totdat het geregeld is.”

Hoe heb je de coronatijd ervaren?

“Het managen van een apotheek vind ik erg leuk. Dat heb ik vooral tijdens de coronatijd gemerkt. Snel schakelen, keuzes maken, beleid uitstippelen, communiceren, medewerkers betrekken, overleggen met huisartsen en collega’s; het heeft mij laten zien dat ik een goede crisismanager ben. Daarnaast is duidelijk geworden dat apothekers een belangrijke rol vervullen bij de continuering van reguliere zorg. Veel apotheken zijn open gebleven en zijn blijven leveren. Het is ook onze doelstelling om de apotheek op een veilige en verantwoorde manier open te laten. Dat hebben we met het team goed voor elkaar gekregen.”

Je bent nu 10 jaar apotheker. Wat zou je de komende 10 jaar graag anders zien?

“We plegen nog steeds oude farmacie maar dan in een modern jasje. Het is de farmacie van twee generaties geleden waarbij alles draait om het recepttarief. De terhandstellingskosten en daaromheen de handel van doosjes. Als je slim genoeg inkoopt, verdien je geld. Nieuw is dat we ons nu profileren als zorgverlener. Maar met elkaar houden we de status waarin we zitten in stand. Zorgverzekeraars vinden het bovendien wel handig dat alle handelingskosten in 6 euro afleverkosten zit. Daarmee zijn ze spekkoper. Wij moeten steeds meer zorg leveren tegen lagere kosten. Dat gaat op den duur knellen.”

Waarin schuilt volgens jou de oplossing?

“Het doosje blijft nodig om patiënten in de apotheek te krijgen. Dat moet blijven maar de bekostiging van een en ander moet anders. De farmaceutische industrie moet van buitenaf gedwongen worden om hun kosten te verlagen want zelf zullen ze dat niet doen. Daarnaast denk ik dat er een basis-fee voor apothekers moet komen. Net als huisartsen die een standaardtarief krijgen voor al hun dienstverlening. Helaas zal dat moeilijk af te dwingen zijn omdat apothekers geen homogene groep zijn. En er zijn verschillende belangen die spelen. Daarom zullen de contouren van nieuwe en moderne farmaceutische zorg vanaf de tekentafel moeten worden ontworpen door onafhankelijke beleidsambtenaren van het ministerie. De invulling moet vervolgens vanuit het veld komen.”

Is het tijd om de alarmbel te luiden?

“In zekere zin wel want de vraag is hoe wij als apothekers tegen bepaalde krachten kunnen blijven opboksen? Tegen zorgcontracten die steeds minder worden. Tegen zorgverzekeraars die zeggen dat patiënten met een budgetpolis voor chronische medicatie maar bij de internet-apotheek moeten kopen. In de VS gebeurt dit al. Er zijn internet-apotheken die heel goed in staat zijn om hun patiënten te beleveren. Als dat gebeurt zullen apotheken in de dorpen en wijken het moeilijk krijgen. Om een vuist te kunnen maken, hebben we echter structuur nodig, net als de huisartsen. Dat is een homogene groep met een heldere overlegstructuur, lokaal, regionaal en landelijke. Deze structuur ontbreekt bij apothekers en dat hebben we meer dan ooit nodig.”

Apotheek de Drie Leliën ligt in een klein winkelcentrum. Tussen het Kruidvat en Albert Heijn in. Zo ligt het er al jaren en zo zou het nog jaren moeten blijven: het uiterlijk, gezondheid en de innerlijke mens gebroederlijk naast elkaar. Net als de drie Gratiën uit Griekse en Romeinse mythologie. Maar dan in Leersum.