Drijfveren: Tropenjaren

In ‘Drijfveren’ spreken we met apothekers en huisartsen over hun vak, ambities en keuzes die ze dagelijks maken. Oftewel: ‘Wat bezielt uw collega?’ In deze editie steken we de Atlantische Oceaan over en spreken met Alex Roose, voormalig huisarts op Curaçao.

 

Het is hartje winter, pikdonker en heet. Zeker 30 graden. Op het terras achter zijn huis op Curaçao, geniet gepensioneerd huisarts Alex Roose van een glas wijn. Hij woont in Sint Michiel, ook wel Boca Sami genoemd. Het is een klein vissersdorp met ongeveer 50 inwoners ten westen van Willemstad. De tuin van Alex grenst aan de Caraïbische Zee. Het geluid van de krekels en het gezoem van de ventilator maken het plaatje van een mooie avond op een tropisch eiland compleet.

Alex werd in Nederland geboren maar groeide op in Curaçao waar zijn vader rechter was. Hij zat er op de lagere school en volgde er een groot deel van zijn middelbare school. Zijn studie geneeskunde voltooide hij in 1976 in Leiden. Alex: “Ik ben met pensioen maar zit niet stil. Ik ben medisch leider van de trombosedienst op het eiland. Ik begeleid coassistenten van het ziekenhuis in Willemstad. En hoewel ik gestopt ben met de praktijk, krijg ik regelmatig een mail met de titel: ‘help een vriend in nood’ en dan neem ik waar voor andere huisartsen.”

Vertrek
Alex: “Bij mijn afstuderen behoorde ik tot de laatste lichting basisartsen die ook meteen huisarts was. Ik heb een tijdje in Nederland gewerkt en toen mijn vrouw klaar was met haar studie, besloten we om naar Curaçao te verhuizen. Ik ben hier als gouvernementsarts gaan werken in dienst van de overheid. Ik kreeg de wijken Wishi, Marchena en Buena Vista toegewezen. Drie arme wijken onder de rook van de olieraffinaderij die midden op het eiland staat. Ik kreeg een vast salaris, een mooi gebouw waarin ik praktijk hield, een assistente, wat middelen om mee te werken en verder heel veel vrijheid om mijn werk te doen zoals ik dacht dat het goed was.”

Goud
“Mijn patiënten hadden het over het algemeen niet breed”, vervolgt Alex. “Veel waren werkloos en leefden van de bijstand. Ze vielen onder de verzekering van de overheid en hadden recht op medische hulp. Daarvoor kregen ze een kaart en met dat kaartje kwamen ze bij mij. Als een patiënt een noodzakelijke operatie moest krijgen, kreeg hij die ook. Desnoods in het buitenland. De verzekeringskaart werd ook weleens gekscherend de golden creditcard genoemd. Als ik terugkijk, denk ik dat de diversiteit in ziektes en aandoeningen hier groter is dan in een gemiddelde praktijk in Nederland. Er komen patiënten die voelen dat ze overmorgen de griep krijgen maar er kan ook een patiënt tussen zitten met een wondje dat niet dichtgaat. Dan kijk je en blijkt het hele gewricht open te liggen. Een vervanger uit Nederland zei eens tegen me dat hij hier in een maand meer zware ziektes had gezien dan drie jaar in Nederland. Die verscheidenheid maakt je overigens niet per definitie een betere huisarts. Je wordt wel creatiever in het bedenken van oplossingen.”

Niet goed of fout
Volgens Alex is de inhoudelijke zorg op het eiland redelijk goed maar is er op organisatorisch vlak winst te behalen. “Er wordt weinig met protocollen gewerkt. Als je in Nederland met een klacht naar vijf huisartsen gaat, krijg je ongeveer vijf keer hetzelfde te horen. Hier niet. Hier is de kans groot dat je van vijf huisartsen, vijf verschillende antwoorden krijgt. Waarbij ik niet zeg dat er vier per se fout zijn. Het werk kan efficiënter en meer automatisering is daar een onderdeel van. In het ziekenhuis komt daar een mooi moment voor als ze dit jaar van het oude ziekenhuis verhuizen naar het nieuwe. Dan kan er een kwaliteitsslag worden gemaakt. Dat doe je trouwens niet door de nieuwste MRI op een afdeling te zetten. Dat is niet de verbetering die ik bedoel. Het gaat vooral over een betere organisatie en goede communicatie tussen zorgprofessionals onderling. Op huisartsengebied is die verbeterslag al gemaakt toen in 2000 het systeem van huisartsen in overheidsdienst werd opgedoekt. Nu kunnen patiënten kiezen welke huisarts ze willen. Die vrijheid hebben ze ook in de keuze van apotheek. Maar dat werkt niet altijd even goed. Gegevens zijn niet geautomatiseerd of gekoppeld waardoor patiënten ook geneesmiddelen krijgen die niet bij elkaar passen. Wat dat betreft waren huisbezoeken altijd interessant. Dan zag je als huisarts alle potjes medicatie van verschillende apotheken naast elkaar staan.”

Aanzien
“Nee, mijn vrouw en ik hebben nooit spijt van onze keuze gehad. Misschien was mijn carrière in Nederland anders verlopen, maar kijk eens om je heen: het leven is aangenaam, minder gehaast, minder perfect. De zon schijnt altijd, dat scheelt ook. Daar komt bij dat het vak van huisarts hier meer aanzien heeft. Patiënten nemen echt iets van je aan als je het goed uitlegt. Bovendien hebben we hier geen last van burn-outs. Dat is in Nederland wel anders. Dat begrijp ik ook wel als ik hoor hoeveel er bijgehouden en geadministreerd moet worden voor zorgverzekeraars. Het vak moet terug naar de essentie. Ik besteedde hooguit drie uur per kwartaal aan administratie. Meer was echt niet nodig.”

In de verte blaft een hond en inmiddels waait er een aangenaam briesje. Golven komen en golven gaan. Ik begrijp Alex Roose wel…

 

Tekst en fotografie: Cai Vosbeek