Medicatieoverdracht in acht kernafspraken

medicatieoverdracht_FarmaMagazineAlle partijen in Amsterdam sluiten de handen ineen om de medicatieveiligheid voor patiënten structureel te verbeteren. Alle Amsterdamse ziekenhuizen, de Huisartsenkring Amsterdam/Almere en het Farmaceutisch Bureau Amsterdam hebben deze maand een convenant getekend waarin acht kernafspraken over medicatieoverdracht zijn opgenomen.

De afspraken zijn van toepassing bij polikliniekbezoek, opname- en ontslagbegeleiding. Na het HARM onderzoek (2006), waarin werd gekeken naar het aantal ziekenhuisopnames dat was gerelateerd aan het gebruik van geneesmiddelen, is in de jaren tot 2012 veel verbeterd binnen de eerste lijn. Al in 2008 is de regio gestart met het opstellen van richtlijnen voor medicatieoverdracht. Maar de afstemming tussen de eerste en de tweede lijn blijkt nog lastig. Met de vaststelling van de farmaceutische zorgprestaties door de NZa, hebben de verzekeraars de mogelijkheid tot financiering van adequate medicatiebegeleiding rondom opname en ontslag. Achmea heeft dit in 2014 gecontracteerd met de voorwaarde dat er regionaal afspraken gemaakt worden om een goede medicatieoverdracht te borgen.

Met het tekenen van een convenant committeren de Amsterdamse zorgpartijen zich aan acht kernafspraken en zij zijn aanspreekbaar op de naleving hiervan. De randvoorwaarden zijn dat het voor alle betrokken partijen duidelijk is dat per opname/polikliniekbezoek en ontslag, de prestatie slechts eenmaal gedeclareerd kan worden, terwijl beide partijen werkzaamheden moeten doen. Ziekenhuizen en openbaar apothekers zullen onderling afspraken moeten maken over de verdeling van de gedeclareerde prestaties.

Dit zijn de kernafspraken.

  1. Patiënten worden zich meer bewust van de eigen verantwoordelijkheid als informatiedrager, gaan actief om medicatieoverzichten vragen en laten dit controleren door de apotheker.
  2. Bij verwijzing van de huisarts naar de polikliniek wordt de patiënt geadviseerd  een actueel medicatieoverzicht mee te nemen.
  3.  Bij het maken van een afspraak adviseert ook de polikliniek de patiënt een actueel medicatieoverzicht mee te nemen voor de specialist.
  4. De openbare apotheek geeft de patiënt standaard een medicatieoverzicht mee als hij tenminste vijf geneesmiddelen gebruikt of als de apotheker dit klinisch relevant acht.
  5. De apotheker vertelt de patiënt dat hij voor een gepland ziekenhuisbezoek altijd een medicatiecheck voor een actueel medicatieoverzicht kan krijgen.
  6. Verificatie van het medicatieoverzicht voorafgaand aan de behandeling kan zowel bij de openbare apotheek als in het ziekenhuis plaatsvinden. Kern is dat wie verifieert ook declareert.
  7. Wijzigingen in de medicatie op de poliklinieken worden doorgegeven aan de apotheker, die dit vervolgens verwerkt in zijn AIS en communiceert naar de huisarts.
  8. Bij ontslag uit het ziekenhuis wordt de medicatie gecontroleerd en gereed gemaakt voor thuisgebruik. Het ziekenhuis heeft de verantwoordelijkheid deze wijzigingen door te geven aan de apotheek van de patiënt die dit vervolgens verwerkt in zijn AIS en aan de huisarts laat weten. Het ontslaggesprek/de verificatie in het ziekenhuis wordt bij voorkeur gedaan door een farmaceutisch geschoold medewerker.

Leeftijd en kwetsbaarheid belangrijke aandachtspunten bij start behandeling DM2

Bij de start van de behandeling van een patiënt met diabetes mellitus type II is het zaak rekening te houden met diens leeftijd en kwetsbaarheid. Onderzoek laat zien dat dit onvoldoende is gebeurd nadat de richtlijnen op dit punt zijn gewijzigd en dit kan zowel voor oudere als voor jongere patiënten nadelige gevolgen hebben. Het zou dus meerwaarde hebben als bij richtlijnontwikkeling ook meteen werk zou worden gemaakt van tools die de praktische implementatie ervan faciliteren. De aanbeveling in richtlijnen is duidelijk: als de huisarts de behandeling van een patiënt met diabetes mellitus type II start, dient hij de HbA1c-streefwaarde af te stemmen op de leeftijd en kwetsbaarheid van de patiënt. Onduidelijk is welke gevolgen dit heeft voor de HbA1c waarde, waarbij medicamenteuze behandeling wordt gestart. In de praktijk bleek er nauwelijks sprake te zijn van verschillen op basis van leeftijd of kwetsbaarheid in de jaren nadat deze aanbeveling in…

Therapietrouw cruciaal voor goed effect immunotherapie

Vooral berk is verantwoordelijk voor klachten bij boompollenallergie Jarenlang was er voor patiënten met boompollenallergie alleen immunotherapie in injectievorm beschikbaar. Sinds vorig jaar is er ook immunotherapie in tabletvorm beschikbaar voor deze allergie. Belangrijk voor huisartsen is om tijdig te verwijzen naar de allergoloog en om bij toedienen van immunotherapie-injecties de patiënt het eerste half uur in de gaten te houden voor eventuele systemische reacties. In Nederland is het de berk die de meeste klachten geeft als het gaat om boompollenallergie, vertelt Rik Rösken, internist allergoloog-immunoloog in het Zaans Medisch Centrum in Zaandam. “Naar schatting is 23-30% van de Nederlanders gevoelig voor inhalatieallergenen, maar er zijn geen recente gegevens bekend over de verdeling van boom-, gras-, en overige allergenen binnen de groep patiënten die gevoelig is voor inhalatieallergenen. Boomsoorten die in Nederland vooral verantwoordelijk zijn voor klinische relevante sensibilisatie zijn de berk, de hazelaar en de els.” Deze bomen, behorend…

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.
  • Nadat u op verzend klikt ontvangt u een bevestigingsmail in uw mailbox.