Onderzoek gepast gebruik weesmiddelen leidt tot lagere zorgkosten

Onderzoek naar een beter gebruik van weesgeneesmiddelen, onafhankelijk van de farmaceutische industrie, kan leiden tot fors lagere zorgkosten. Zo heeft het afwijken van de behandelrichtlijn van het weesgeneesmiddel eculizumab voor patiënten met de zeldzame ernstige nierziekte aHUS 17 miljoen euro aan zorgkosten bespaard.

De dosis bij eculizumab kon bij patiënten omlaag. Dit bleek uit onderzoek van arts-onderzoeker Kioa Wijnsma van het Radboudumc. De resultaten van haar onderzoek maken de weg vrij voor meer onderzoek naar kostenbesparingen bij dure geneesmiddelen voor zeldzame ziekten.

Afwijken van voorschrift fabrikant
Eculizumab is een zeer effectief geneesmiddel, maar ook een van de duurste ter wereld. Volgens de producent moet het middel levenslang elke twee weken worden gegeven, waardoor de kosten oplopen tot 500.000 euro per patiënt per jaar. Wijnsma ontdekte bij patiënten die volgens het voorschrift van de fabrikant werden behandeld met eculizumab, dat de spiegels in het bloed zeven keer zo hoog waren als nodig. De dosis kon dus omlaag. Drastisch omlaag zelfs, zo bleek uit een kleinschalig onderzoek onder 20 patiënten. Bij 17 van hen kon de behandeling helemaal worden gestopt. De andere 3 patiënten kregen een lagere dosis. Bij 5 patiënten kwam de aHUS na verloop van tijd weer terug, waarna de behandeling weer opgepakt en daarna opnieuw kon worden gestaakt. Na het aanpassen van de Nederlandse richtlijn in 2016 volgens de inzichten van Wijnsma, is ruim 17 miljoen euro aan zorgkosten bespaard.

Voorbeeld voor beter gebruik weesgeneesmiddelen
De resultaten van het onderzoek beperken zich niet alleen tot eculizumab. Volgens Wijnsma kan haar onderzoek als voorbeeld dienen voor onderzoek naar een beter gebruik van meer weesgeneesmiddelen, onafhankelijk van de farmaceutische industrie: “Samenwerking tussen patiëntenorganisaties en medisch specialisten maakt het mogelijk om een uniek en aangepast behandelschema op te stellen en samen te evalueren aan de hand van een landelijke studie.”

Optimale dosering bespaart veel leed
ZN is positief over aangetoonde besparing. Ab Klink lid van de Raad van Bestuur VGZ en lid ZN-bestuur benadrukt het belang van het onderzoek van Wijnsma. “Wat me het belangrijkste lijkt, is dat met een optimale dosering veel leed kan worden bespaard. Dit medicijn heeft -soms zelfs ingrijpende- bijwerkingen. Dit onderzoek laat zien dat we de zorg beter kunnen maken voor de patiënt, de kosten kunnen verminderen en dus ‘dure medicijnen’ beschikbaar houden voor de mensen die het nodig hebben.”

Promotie
Kioa Wijnsma van het Radboudumc is op 8 maart jl. gepromoveerd. Zorgverzekeraars Nederland (ZN) heeft het onderzoek gefinancierd.

 

Bron: ZN en Radboudumc

 

Bredere toepassing nieuwe glucoseverlagende middelen in zicht, ook in de eerste lijn

“Begin niet te snel met insuline in verband met het dominant worden van overgewicht onder de bevolking”, is het advies aan huisartsen van prof. dr. Cees Tack, hoogleraar interne geneeskunde, in het bijzonder diabetologie, aan het Radboudumc in Nijmegen. De nieuwe generatie bloedglucoseverlagende middelen – GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers – krijgt volgens hem een steeds prominentere rol in de geneeskunde. Niet alleen binnen de diabetologie, maar ook binnen de cardiologie en nefrologie krijgen deze middelen steeds meer ingang. Zes vragen over GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers. 1. Wat is de op dit moment de plaats van GLP-1- agonisten en SGLT-2-remmers bij de behandeling van diabetes? “De praktijk is lerende. Op dit moment worden zowel de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 uit 2018 en de NIV-richtlijn Farmacotherapie bij Diabetes Mellitus type 2 voor de tweede lijn, herzien”, geeft hoogleraar interne geneeskunde/diabetologie prof. dr. Cees Tack aan. De herziening van de NHG-Standaard wordt ergens in…

Halveer de doses voor vrouwen

“Willen we vrouwelijke patiënten therapietrouw krijgen, dan moeten apothekers en huisartsen maatwerk leveren,” aldus Janneke Wittekoek.

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.