Subsidie Longfonds voor COPD-onderzoek

copdHet Longfonds geeft aan het Maastricht UMC+ en het UMC Groningen anderhalf miljoen euro subsidie voor twee COPD-onderzoeksprojecten. Het betreft onderzoek naar herstel van schade aan het longweefsel en een methode om meer ruimte te geven aan resterend goed functionerend longweefsel. 

COPD is een ongeneeslijke longziekte, veelal veroorzaakt door roken. Patiënten met COPD hebben last van kortademigheid, hoesten en vermoeidheid. Dit wordt veroorzaakt door een ontsteking en schade aan luchtwegen en longblaasjes. Deze schade kan niet worden hersteld met de huidige geneesmiddelen. Ook al is men gestopt met roken, toch worden de klachten na verloop van tijd vaak erger. De belangrijkste uitdaging is om verdere beschadiging van luchtwegen en longblaasjes tegen te gaan, en zoveel als mogelijk beschadiging te herstellen.

Weefselherstel

Het menselijk lichaam is normaal gesproken in staat veel schade aan weefsel zelf te herstellen. Om dat herstelvermogen te bevorderen, zijn er veel wetenschappelijke ontwikkelingen in het toepassen van stamcellen en groeifactoren. Deze behandelingen lijken echter in het geval van COPD niet voldoende te functioneren. In internationaal verband wordt dat bijzondere fenomeen onderzocht. Het onderzoek is gebaseerd op aanwijzingen dat de signaaloverdracht in stamcellen van de longen wordt verstoord door ontsteking en zuurstofradicalen, zodat helende groeifactoren geen effect meer hebben. Het doel is om vanuit deze kennis nieuwe aanknopingspunten te vinden om longweefselherstel bij COPD te stimuleren. Voor dit project wordt er samengewerkt in een team van farmacologen, pathologen, (stam)celbiologen en longartsen van het Maastricht UMC+, het UMC Groningen, the University of Vermont en the University of Colorado.

Longvolumeverkleining

Het tweede onderzoek is gericht op een nieuwe behandeloptie die binnenkort als standaardbehandeling beschikbaar zal komen. Voor patiënten met ernstige COPD helpen de huidige behandelmethodes vaak onvoldoende tegen de kortademigheid. Er bestaan wel mogelijkheden zoals een longvolume-verkleinende operatie of zelfs longtransplantatie, maar deze hebben erg veel bijwerkingen en worden niet vaak toegepast. ‘Bronchoscopische longvolumereductie’ met   zogenoemde ‘éénrichtingsventielen’ is een nieuwe behandelmethode voor patiënten met zeer ernstige COPD. Daarbij kan met behulp van een flexibele slang (scoop) via de luchtwegen een ventiel worden aangebracht op de meest aangedane plek in de longen. Daarmee wordt het aangedane weefsel afgesloten, zuigt het geen lucht meer aan met de adembeweging en ontplooit het niet meer. Zo ontstaat er meer ruimte in de borstkas voor het resterende, nog wel functionerende longweefsel. Deze behandeling heeft een zeer goed effect op de longfunctie, inspanningsvermogen en kwaliteit van leven. Omdat de ventielbehandeling nog erg nieuw is, is er nog veel onderzoek nodig. Dit onderzoek is   een samenwerking tussen onderzoeksgroepen in UMC Groningen, Radboudumc,   CIRO+ in Horn en Maastricht UMC+.

Bron:  Maastricht UMC+

Medicamenteus stappenplan toegevoegd in vereenvoudigde standaard

NHG-Standaard COPD geheel herzien Met een zekere regelmaat wordt de NHG-Standaard COPD herzien. In 2015 en ook in 2019 verscheen in Farma-Magazine een artikel over de herzieningen die in die jaren verschenen. De KNMP publiceerde in 2014 de richtlijn COPD en de Long Alliantie Nederland in 2016 een herziening van de Zorgstandaard COPD. Onlangs is de NHG-Standaard COPD opnieuw en geheel herzien. Dit alles betekent dat de wereld van onderzoek en zorg voor mensen met COPD voortdurend in beweging is en dat nieuwe inzichten snel hun weg vinden naar de dagelijkse praktijk. Wat zijn nu de belangrijkste veranderingen die in deze herziening van de NHG-Standaard van april 2021 zijn aangebracht? Heel kort samengevat: de verdeling van de ziektelast van 3 naar 2 niveaus, een nieuw medicamenteus stappenplan en een herzien advies betreffende verwijzing naar de fysiotherapeut. Voorts heeft de NHG een bijpassend Programma voor Individuele Nascholing (PIN COPD) gemaakt en…

Psychiater Gigi van de Loo-Neus: ‘Te snel voorschrijven ADHD-medicatie is een valkuil’

Zorgvuldige diagnostiek belangrijk bij ADHD “Huisartsen en apothekers mogen, net als andere voorschrijvers, nog alerter zijn op onterechte uitgiftes van ADHD-medicatie”, zegt kinder- en jeugdpsychiater Gigi van de Loo. “Schrijf ADHD-medicatie niet te snel voor, maar controleer eerst of de patiënt thuis nog medicatie op voorraad heeft. Studenten komen erg makkelijk aan methylfenidaat.” “Medicatie voor ADHD kan behalve door daarin gespecialiseerde psychiaters ook worden voorgeschreven door een huisarts die ervaren is in de behandeling van ADHD of een daarin gespecialiseerde praktijkondersteuner. Een valkuil is dat men deze medicatie te makkelijk voorschrijft, wat misbruik in de hand werkt”, zegt Gigi van de Loo-Neus. Zij is kinder- en jeugdpsychiater bij Karakter en manager behandelzaken van de TOPGGz gecertificeerde zorglijn Neurobiologische Ontwikkelingsstoornissen (ASS-ADHD) binnen het Universitair Centrum in Nijmegen. Ze was betrokken bij de Zorgstandaard ADHD die in 2019 uitkwam en ze geeft huisartsen en praktijkondersteuners trainingen in het voorschrijven en controleren van…

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.