Meteen naar de inhoud

“Veel meer denken vanuit brede perspectief van patiënt en burger”

Portretfoto (kleur) Ruben Wenselaar

De organisatie van de eerste lijn moet op de schop, met het Integraal Zorgakkoord (IZA) als onderlegger. Ruben Wenselaar: “De bestaande processen moeten we niet een beetje aanpassen. Nee, het moet fundamenteel anders.” Verder kan volgens de nieuwe InEen-voorzitter een deel van de medische hulpmiddelen terug naar de apotheek en huisarts.

De stap van zorgverzekeraar Menzis naar de eerste lijn is voor Ruben Wenselaar een logische. Bij InEen zullen ze in ieder geval blij met hem zijn als opvolger van Martin Bontje. Alle kennis van organisatie en financiering van de zorg die Wenselaar heeft opgebouwd als onder meer voorzitter van de Raad van Bestuur bij Menzis neemt hij mee naar de vereniging die het cement in de eerste lijn wil zijn. InEen ondersteunt gezondheidscentra, zorggroepen, huisartsenposten en regionale ondersteuningsstructuren (ROS’en). Samenwerking met de nulde-, eerste- en tweede lijn, het sociaal domein, bestuurders en beslissers is volgens InEen de sleutel tot een succesvolle transitie.

“Zetten de betrokken partijen geen stappen, dan komt de regie op de transitie elders te liggen”

Ondanks het relatief prille voorzitterschap is zijn analyse helder: de eerste lijn is versnipperd, ontbeert slagkracht om gelijkwaardig samen te werken met spelers in de regio en in de wijk. En samenwerking is cruciaal in tijden van minder personeel, meer patiënten en in ieder geval niet meer geld. “We moeten met minder zorgverleners meer zorg bieden. Slimmer organiseren van de eerstelijnszorg is dan nodig.”

Waarom ben je voorzitter van InEen geworden?
“Verbeteren van de organisatie van de eerste lijn is noodzakelijk. Daar ben ik echt van overtuigd. Misschien dat de transitie nog wel sneller moet dan we nu denken. Komt dan de vraag op je pad om voorzitter te worden van de organisatie die de eerste lijn meer in positie kan brengen, dan wil ik met mijn kennis en ervaring een bijdrage leveren aan die verandering. Met InEen kunnen en moeten we in een hoger tempo de verandering van de eerste lijn realiseren. Tegelijkertijd moeten we zorgen dat de professionele autonomie van de zorgverlener behouden blijft. Dat betekent aan de ene kant zorgen voor minder regelgeving en koesteren van de professionele vrijheid van de zorgprofessional en aan de andere kant rekening houden met toenemende vergrijzing, tekorten op de arbeidsmarkt, versneld digitaliseren, oppakken van problemen rondom huisvesting van zorgverleners en stimuleren van samenwerking in de regio. De uitdaging is om die totale verandering met elkaar te organiseren. En ja, daar zit spanning op.”

Wat is je grootste uitdaging?
“De druk op de zorg is onhoudbaar. De urgentie is hoog, heel hoog. Bij voortzetting van het huidige beleid zal de druk op de zorgverlener verder toenemen. Of het nu gaat om een huisarts of apotheker, de specialist in het ziekenhuis of de verpleegkundige in de wijk – die druk wordt overal gevoeld. Met improvisatie en betrokkenheid houden zorgverleners de boel nu overeind. Maar dat is niet houdbaar. In het IZA wordt dit erkend. De gedachte achter IZA is niet nieuw. De discussie over hoe de zorg anders te organiseren loopt natuurlijk al een aantal jaren. Samenwerken gebeurt al langer. Om zo te voorkomen dat er een te groot beslag wordt gelegd op die zorg, om de zorg beter te organiseren en om de verbinding met welzijn tot stand te brengen. Uniek is nu dat het om een integraal zorgakkoord gaat. Een akkoord dat we sámen moeten uitvoeren. Daarin speelt de eerste lijn een centrale rol.”

Ondertussen hebben huisartsen onder het IZA geen handtekening gezet.
“Als het ontbreken van een handtekening te maken heeft met een gebrek aan vertrouwen dan vind ik dat heel erg jammer. Dat onderlinge wantrouwen is door de jaren heen ontstaan. Wat verloren is gegaan, moet stap voor stap weer terugkeren. Wat is nodig om met elkaar ervoor te zorgen dat het vertrouwen terugkomt? Want we hebben elkaar hard nodig. Zorgverzekeraars moeten hun toegevoegde waarde laten zien in het realiseren van een maatschappelijk doel. Dat vond ik als zorgverzekeraar en dat vind ik nog steeds. Laat dus in de contractering zien dat het menens is om de eerste lijn echt in positie te brengen. Dus zorgverzekeraars: meebewegen en ruimte geven aan de eerste lijn. Aan de andere kant vraag ik huisartsen om open te staan voor de positie van de zorgverzekeraar. Zorgverleners willen veranderingen toetsen op praktijkniveau. Wat betekent het voor mijn praktijk? Heel begrijpelijk als het gaat om de autonomie van de zorgprofessional. Maar sommige zaken stijgen uit boven het belang van de individuele praktijk en moeten op regionaal of nationaal niveau worden geregeld. Dan proef ik wel weerstand bij zorgverleners. Ik vind het belangrijk dat zorgverleners de handen ineen slaan als het bijvoorbeeld over digitalisering of huisvesting gaat.”

Portretfoto (kleur) Ruben Wenselaar
Fotografie: Ivo Hutten

Komen we uit die impasse?
“Partijen houden elkaar gevangen  in het web van wantrouwen. Zetten de betrokken partijen geen stappen, dan komt de regie op de transitie elders te liggen. Ik weet niet of zorgprofessionals daar blij van worden. Als je meedoet en meepraat, dan kun je ook meesturen.”

Je doelt op regionale ziekenhuizen en investeerders die met een schuin oog naar de eerste lijn kijken?
“Het niveau van zorg in Nederland is hoog en gebaseerd op solidariteit. Ook is de zorg goed bereikbaar en toegankelijk. Onze zorg is een groot goed – dat moeten we koesteren. Die transformatie gaat er hoe dan ook komen. Ik hoop oprecht dat de zorg in staat is die transformatie vanuit eigen kracht te realiseren. Gebeurt dat niet, dan springen ‘buitenstaanders’ wel in dat gat. Denk aan regionale ziekenhuizen, ketenorganisaties zoals bij apotheken en tandartsen is gebeurd en buitenlandse investeerders die aan de poorten rammelen. Die zijn bijvoorbeeld in staat om een enorme boost te geven aan digitalisering van de zorg. Op zich hoeft dat niet slecht te zijn voor burger of patiënt. Wel kan het leiden tot minder samenwerking en afstemming met de bestaande aanbieders of wachtlijsten voor bepaalde patiënten doordat bepaalde regio’s commercieel minder aantrekkelijk zijn. Willen we dat? Maar het is nog niet te laat voor de eerste lijn om zelf de vereiste stappen te zetten.”

Integraal samenwerken is een ingewikkeld onderwerp.
“Dat is inderdaad ingewikkeld. Daar ligt voor mij de grote uitdaging. Zo moeten we goed kijken of bestaande processen in de zorg voor patiënten chronische ziekten nog wel kloppen. Ik denk dat het goed kan zijn om terug te gaan naar de tekentafel en om die processen goed tegen het licht te houden vanuit het perspectief van Passende Zorg, dat het uitgangspunt is van het IZA.”

Wenselaar vraagt zich af of de chronische zorg wel zo optimaal is georganiseerd als we denken. De vraag stellen is ’m ook beantwoorden. “Kijk bijvoorbeeld naar de organisatie van de zorg bij hartfalen, diabetes en obesitas. Jarenlang hebben we de term substitutie gebruikt om de zorg uit het ziekenhuis naar die eerste lijn te krijgen. Maar moeten we in plaats van denken vanuit substitutie niet veel meer denken vanuit het brede perspectief van patiënt en burger? We moeten veel meer aandacht hebben voor burgers in bepaalde risicogroepen die de bewuste aandoening nog niet hebben. Meer focus dus op het voorkomen van de zorgvraag. Problemen met wonen, leefstijl en schulden zijn indicatoren dat er iets aan de hand kan zijn. De eerste lijn zal dus moeten schakelen met het sociaal domein en met de ggz. De bestaande processen moeten we niet een beetje aanpassen. Nee, het moet fundamenteel anders.”

Hoe kijk je aan tegen de rol van de apothekers?
“Patiënten met complexe zorgvragen doen sneller een beroep op de eerste lijn. Ook op de apotheker. De apotheker kan meer betrokken zijn bij het maken van samenwerkingsafspraken dan nu gebeurt. Apothekers zijn immers specialist op het gebied van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen. Het IZA roept niet voor niets op tot betere inzet van de apotheker en het apotheekteam.”

Terwijl medische hulpmiddelen juist uit de apotheek verdwijnen.
“Op grote schaal inkopen van medische hulpmiddelen leidt tot meer doelmatigheid. Willen we de kosten van de zorg beheersbaar maken, dan is aanbesteden en landelijk inkopen van medische hulpmiddelen een logische reflex. Die reflex kan ertoe leiden dat de zorgverzekeraar alleen door de bril van doelmatigheid kijkt. Dat leidt tot frustratie bij huisarts, apotheker én patiënt. Het kan ook anders. Huisarts, apotheker en zorgverzekeraar zouden gezamenlijk moeten beoordelen voor welke medische hulpmiddelen de rol van de zorgprofessional van meerwaarde is. Haal vervolgens die specifieke groep medische hulpmiddelen uit de landelijke inkoop en breng ze terug naar de apotheek en huisarts.

Wanneer is je voorzitterschap geslaagd?
“Als het onderling vertrouwen is  gegroeid en we regionaal professioneler samenwerken – ook met gemeente en sociaal domein. En dat allemaal dienend aan de zorg voor de patiënt.”

Portretfoto (kleur) Ruben Wenselaar
Fotografie: Ivo Hutten

R. Wenselaar studeerde economie en belastingrecht aan Tilburg University. Hij was onder meer consultant bij PwC en bekleedde diverse management- en directiefuncties bij onder meer DAF en Cadans. In 2002 werd hij directievoorzitter van zorgverzekeraar Amicon. Vanaf 2004 werkt hij bij Menzis onder meer als voorzitter van de Raad van Bestuur.

Niels van Haarlem, journalist

Dit artikel verscheen eerder in FarmaMagazine november 2022.

Lees meer artikelen? Schrijf u in voor de tweewekelijkse FarmaMagazine nieuwsbrief!

Subsidie ZonMw voor verbeteren van hooikoortsverwachting

Hooikoorts beperkt het dagelijks functioneren van vele Nederlanders. ZonMw subsidieert een onderzoeksproject dat onder meer de ontwikkeling van een betrouwbare pollenverwachting als doel heeft. Daarmee kan hun gerelateerde ziektelast worden verlaagd.

Portretfoto (kleur) Sandra Kooij

Verhoogd risico op multimorbiditeit bij ADHD

Bij therapieresistente patiënten met chronische lichamelijke aandoeningen zouden huisartsen moeten nagaan of er sprake is van ADHD”, betoogt prof. dr. Sandra Kooij. ADHD resulteert namelijk in een verhoogd risico op een hele waslijst aan somatische ziekten. Ook hebben patiënten met deze stoornis relatief vaak een verstoord slaapritme.

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.

We gaan vertrouwelijk om met je gegevens

Mis nooit meer het belangrijkste eerstelijns nieuws!

Elke twee weken in 10 minuten op de hoogte van het laatste nieuws en trends in de eerstelijns zorg.

We gaan vertrouwelijk om met je gegevens