Afschaffing formulier leidt niet tot ander voorschrijfgedrag

voorschrijfgedragHuisartsen moesten bij het voorschrijven van een merkgeneesmiddel waarvoor ook generieke varianten bestaan, het formulier “Medische Noodzaak” invullen. In het kader van het “Het roer gaat om” is deze verplichting begin dit jaar vervallen. Nivel heeft onderzocht of dit heeft geleid tot verandering in het voorschrijven van merkgeneesmiddelen. Dat is niet het geval.

De maatregel was indertijd ingevoerd om ervoor te zorgen dat de patiënt het middel toch vergoed kreeg van zijn zorgverzekeraar, ondanks dat er een goedkoper alternatief is. Een overbodige handeling, vond men in het kader van “Het roer gaat om”, het manifest om te komen tot minder administratie en rompslomp in de huisartsenzorg. Er kan ook op een eenvoudiger manier aangegeven worden dat het gaat om medische noodzaak.  Een compleet formulier invullen zag men als een te grote administratieve belasting. Daarom is het sinds 1 januari jl. voldoende als de huisartsen alleen op het recept aangeven dat het gaat om medische noodzaak. Vermelding op het recept volstaat om de zorgverzekeraar het merkgeneesmiddel te laten vergoeden.

Geen verandering
Het lijkt een logisch aanpassing, waar niemand moeilijk over doet. Toch vond men het noodzakelijk om te kijken of door deze vereenvoudigde handeling huisartsen niet ineens meer merkgeneesmiddelen gaan uitschrijven. En wat blijkt? Huisartsen hebben hun voorschrijfgedrag niet veranderd. Je kunt je ook afvragen waarom ze dat zouden doen, maar dat is nu ook daadwerkelijk aangetoond. De onderzoekers hebben gekeken naar het voorschrijfgedrag van een cholesterolverlager, maagzuurremmers en bloeddrukverlagers. Middelen waarvan in slechts 5% een merkgeneesmiddel wordt voorgeschreven en dat is dus zo gebleven. Ook in de ADHD-medicatie is het voorschrijven van merkgeneesmiddelen niet toegenomen. Maar…., zo zegt het Nivel: “Het verlichten van de administratieve lasten voor huisartsen heeft niet geleid tot veranderingen in de geleverde zorg. De analyses zijn wel kort na de verandering in het beleid uitgevoerd. Op de lange termijn kan nog wel een verandering plaatsvinden”. Is deze veronderstelling reden voor een volgend onderzoek?

Onder redactie van Gerda van Beek

 

 

Bredere toepassing nieuwe glucoseverlagende middelen in zicht, ook in de eerste lijn

“Begin niet te snel met insuline in verband met het dominant worden van overgewicht onder de bevolking”, is het advies aan huisartsen van prof. dr. Cees Tack, hoogleraar interne geneeskunde, in het bijzonder diabetologie, aan het Radboudumc in Nijmegen. De nieuwe generatie bloedglucoseverlagende middelen – GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers – krijgt volgens hem een steeds prominentere rol in de geneeskunde. Niet alleen binnen de diabetologie, maar ook binnen de cardiologie en nefrologie krijgen deze middelen steeds meer ingang. Zes vragen over GLP-1-agonisten en SGLT-2-remmers. 1. Wat is de op dit moment de plaats van GLP-1- agonisten en SGLT-2-remmers bij de behandeling van diabetes? “De praktijk is lerende. Op dit moment worden zowel de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 uit 2018 en de NIV-richtlijn Farmacotherapie bij Diabetes Mellitus type 2 voor de tweede lijn, herzien”, geeft hoogleraar interne geneeskunde/diabetologie prof. dr. Cees Tack aan. De herziening van de NHG-Standaard wordt ergens in…

Halveer de doses voor vrouwen

“Willen we vrouwelijke patiënten therapietrouw krijgen, dan moeten apothekers en huisartsen maatwerk leveren,” aldus Janneke Wittekoek.

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.