Zus & zo

In ‘Drijfveren’ spreken we met apothekers en huisartsen over hun vak, ambities en keuzes die ze maken. Oftewel: ‘Wat bezielt uw collega?’ In deze editie spreken we met Pauline Baggen, apotheker bij Apotheek Panacee Grubbenvorst en Monique Baggen, huisarts bij Huisartsenpraktijk Grubbenvorst.

Apotheker Pauline Baggen (65) en huisarts Monique Baggen (62) zitten aan de koffie. Geen ongebruikelijk tafereel aangezien ze al jaren samenwerken. Monique en Pauline groeiden op in een gezin met zeven kinderen. Hun vader was een typische dorpshuisarts met een apotheek aan huis die door moeder werd gerund. Jaren later zetten zij deze traditie voort. Een gesprek tussen twee zussen waarin humor en ernst dichtbij elkaar liggen en wederzijdse waardering de boventoon voert. Monique: “Door de nauwe samenwerking met de apotheek wordt de zorg van de huisartsenpraktijk compleet. Wij krijgen enorm veel steun van de apotheek waardoor wij stevig staan en desgewenst ook out of the box durven en kunnen handelen. Dit vertrouwen is goud waard en daarmee zeg ik niets te veel.”

Hoe was het vroeger aan de keukentafel bij de familie Baggen?

Pauline: “De huisartsenpraktijk en de apotheek waren vroeger aan huis gevestigd, dus er kwamen veel mensen aan de deur. Wij mochten in de apotheek vaak meehelpen om capsules te vullen en zalfjes te mixen. Dat vonden we magisch. Verder was het leven gestructureerd, dat moest ook wel met zo’n groot gezin.”

Monique: “Pap was ontzettend enthousiast over zijn werk. Zonder namen te noemen, vertelde hij erover en wij vonden het prachtig om te horen. Zijn verhalen waren heroïsch en indrukwekkend. Never a dull day at work.”

In hoeverre hebben deze verhalen invloed gehad op jullie beroepskeuze?

Monique: “Ik was vroeger nogal verlegen en vroeg me af of geneeskunde bij mij zou passen. Redelijk impulsief heb ik me ingeschreven en eenmaal ingeloot was ik vanaf de eerste dag verkocht. Analytisch ‘puzzelen’ en onderzoeken waarom iemand ziek is zonder dat een patiënt verdwijnt in een onpersoonlijk medisch circuit. Heerlijk. Daar komt het menselijk contact bij dat ik dagelijks heb, de warmte en dankbaarheid die ik regelmatig ervaar. Ik heb 35 jaar geleden de praktijk van mijn vader overgenomen en het is nog steeds mijn ding.”

Paulien lacht: “Ik wilde absoluut geen arts worden. Misschien vanwege de onzekerheid waar je dan mee te maken hebt. Je stelt een diagnose terwijl er iets anders aan de hand kan zijn. Als apotheker zit je aan de ‘veilige’ kant want de (voorlopige) diagnose is gesteld door een arts. Ik ben heel precies, gestructureerd, nauwkeurig en degelijk. Competenties die passen bij een apotheker. Ik ben gelukkig als alles op rolletjes loopt, als ik vooruit kan plannen en structuur kan aanbrengen. Ik was vroeger al de regelnicht van de familie.”

Jullie lopen allebei al een tijdje mee in de zorg. Welke wijze lessen hebben jullie getrokken?

Monique: “Er zijn er veel maar een daarvan is dat artsen hun grenzen moeten aangeven. De voelsprieten die ik op dat gebied inmiddels heb ik ontwikkeld, moet ik respecteren. Een andere les is dat ik mijn kennis en kunde gerust kan relativeren. Dat maakt me misschien wel kwetsbaar maar toch durf ik nu wat minder stellig te zijn. Wat twintig jaar geleden als waarheid gold, is nu obsoleet. Er zijn vele wegen die naar Rome leiden. ”
Pauline: “Dat heb ik ook moeten leren. Richtlijnen veranderen en protocollen zijn niet heilig. Ze vormen een uitgangspunt maar als een patiënt om zijn moverende reden het anders wil, kan ik richtlijnen inmiddels loslaten. Shared Decision Making past in deze tijd. Ziet een patiënt een behandeling niet zitten, gaat het niet werken en gaan we op zoek naar andere mogelijkheden. Wederzijds vertrouwen is de essentie van een goede behandelrelatie.”

Kijkend naar de toekomst, welke ontwikkelingen in de zorg zijn wenselijk?

Pauline: “Ik hoop en verwacht dat ontschotting tussen apothekers, huisartsen en andere zorgprofessionals zal toenemen en dat er (nog) meer samenwerking zal komen. Daarnaast is het wenselijk dat patiëntgegevens toegankelijker worden zodat er een efficiëntieslag plaatsvindt. Er wordt zoveel dubbel gedaan. Zeker gezien de beperkte beschikbaarheid van personeel in de zorg is dat hard nodig.”

Monique: “Ik denk dat het tijd wordt om na te denken over de optimale grootte van praktijken. Ik zie het steeds vaker om me heen: grote, drukbezette praktijken met wachtlijsten waar niet probleem- maar klachtgeoriënteerd wordt gewerkt. Snel een consult en hup de volgende. Voor een goede diagnose heb je tijd, overzicht en inzicht nodig. Een kleine praktijk waarin je patiënten persoonlijk kent, werkt zoveel fijner.”

We gaan naar buiten om een foto te maken. De huisartsenpraktijk en de apotheek liggen in het centrum van het dorp naast het beeld van de plaggenhouwer. De naam: ‘plaggenhouwer’ stamt af van het ontginnen van het veen oftewel ‘plag’. De personen die dit werk deden werden destijds plaggenhouwers genoemd. Nu is het de bijnaam van de inwoners van Grubbenvorst.

Daar staan ze dan: drie plaggenhouwers en twee vrouwen die samen één passie delen: hun vak!